Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting gemeente Coevorden 2025De raad van de gemeente Coevorden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, bijlagenr. 1974; gelet op artikel 223 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting gemeente Coevorden 2025 (Verordening forensenbelasting Coevorden 2025) Artikel1Definitie Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning: een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet. Artikel2Belastbaar feit en belastingplicht 1.Onder de naam 'forensenbelasting' wordt een directe belasting geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. 2.Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Artikel3Vrijstellingen Niet belastingplichtig is degene, die voor tijdelijke waarneming van een openbare betrekking of het bijwonen van de vergaderingen van een algemeen vertegenwoordigend lichaam, waarvan hij het lidmaatschap bekleedt of op last of bevel van de overheid, buiten de gemeente van zijn hoofdverblijf verblijft. Artikel4Maatstaf van heffing 1.De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen, zoals die voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld. 2.In afwijking van het eerste lid wordt de belasting geheven naar de waarde, als de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet Waardering Onroerende Zaken. 3.In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde. 4.De vaststelling van de waarde, zoals bedoeld in het tweede en derde lid gebeurt overeen-komstig artikel 220 tot en met 220d van de Gemeentewet. Artikel 16, onderdeel e, van de Wet Waardering Onroerende Zaken wordt hierbij niet toegepast. Artikel5Belastingtarief De belasting bedraagt bij een waarde van: € 120.000,-- of minder: € 364,75; meer dan € 120.000,-- : € 437,38 Artikel6Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld De belasting is verschuldigd op het moment dat de gemeubileerde woning meer dan 90 dagen in het belastingjaar beschikbaar is gehouden als bedoeld in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.