Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting Meerssen 2025De Raad van de gemeente Meerssen; Gelezen het voorstel van het college de dato 1 oktober 2024 strekkende tot vaststelling van een nieuwe verordening toeristenbelasting; Gelet op artikel 224 van de Gemeentewet: B E S L U I T: Vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting Meerssen
- Artikel1Belastbaar feit Onder de naam “toeristenbelasting” wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. Artikel2Belastingplicht 1.Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel
- 2.De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel
- 3.Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel
- Artikel3Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 4 van de Wet toetreding zorgaanbieders; van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers. Van degene die, op de dag waarop de eerste overnachting plaatsvindt, nog niet de leeftijd van zes jaren heeft bereikt. Artikel4Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingtijdvak. Artikel5Belastingtarief Het tarief bedraagt € 1,90 per persoon per overnachting. Artikel6Belastingtijdvak Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderkwartaal. Artikel7Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel7aMinimum aanslag. 1.Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. 2.Voor de toepassing van het vorige lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag. Artikel8Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede een maand later. 2.Betaling van de termijnen zoals bedoeld in het eerste lid is mogelijk via automatische incasso, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van de Uitvoeringsregeling automatische incasso van de Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW). 3.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in dit artikel gestelde termijnen. Artikel9Aanmeldingsplicht; aangifte 1.De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het dagelijks bestuur van de BsGW aangewezen ambtenaar belast met de heffing en invordering van de gemeentelijke belasting als bedoeld in artikel 232, vierde lid onderdelen a en b, van de Gemeentewet. 2.De belastingplichtige doet aangifte van het aantal overnachtingen bij de heffingsambtenaar middels een aan hem uit te reiken aangiftebiljet. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen wort de aangifte binnen twee weken na het uitnodigen daartoe gedaan. Artikel10Elektronische aangifte Het uitnodigen tot het doen van aangifte kan naast de op de in artikel 237, eerste lid, van de Gemeentewet aangegeven wijze geschieden door het uitreiken, toezenden of elektronisch verzenden van een aangiftebrief waaruit blijkt de wijze van het doen van elektronische aangifte, een omschrijving van de gevraagde gegevens of bescheiden en de termijn waarbinnen aangifte moet worden gedaan. In dat geval geschiedt, in afwijking van de in artikel 237, tweede lid, van de Gemeentewet aangegeven wijze, de aangifte langs elektronische weg door het inleveren of toezenden van de gevraagde gegevens of bescheiden via de digitale voorziening ‘Digitale aangifte toeristenbelasting’ van de BsGW. Artikel11Overgangsrecht De “Verordening toeristenbelasting Meerssen 2021” vastgesteld bij raadsbesluit van 10 december 2020, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel12Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Artikel13Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening toeristenbelasting Meerssen 2025”. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Meerssen van 12 december 2024.DE RAAD VOORNOEMD,De voorzitter,De griffier,