Verordening lijkbezorgingsrechten Voorst 2025DE RAAD VAN DE GEMEENTE VOORST; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 5 november 2024, nummer 577141; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; B E S L U I T: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten
- Artikel1Begripsomschrijvingen De definities uit de Wet op de lijkbezorging en de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Voorst 2010 (hierna: beheersverordening) zijn van overeenkomstige toepassing op wat in deze verordening is bepaald. Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door of vanwege de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Artikel3Belastingplicht Belastingplichtig is de aanvrager of de persoon voor wie de aanvraag is gedaan wel voor wie de dienst wordt verricht of van de persoon die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Vrijstellingen De rechten worden niet geheven voor het opgraven van een lijk, een asbus, of een urn op rechterlijk gezag. Artikel5Maatstaf van heffing en belastingtarief De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel6Wijze van heffing De rechten worden geheven bij wege van aanslag, met dien verstande dat per belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd. Artikel7Ontstaan van de belastingschuld De rechten zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel8Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de eerste maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, als het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dat € 50,-, maar minder is dan € 10.000,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het belastingjaar waarin de aanslagen worden opgelegd overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste drie en ten hoogste tien bedraagt. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel9Overdracht bevoegdheden Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen: van zuiver redactionele aard zijn; een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant; een en ander voor zover met deze wijzigingen niet al bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden. Artikel10Overgangsrecht De Verordening lijkbezorgingsrechten Voorst 2024 van 18 december 2023 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel11Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
- De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Artikel13Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening lijkbezorgingsrechten Voorst
- Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 16 december 2024.Ita Joosten, griffierPaula Jorritsma-Verkade, burgemeesterTarieventabel behorende bij de Verordening lijkbezorgingsrechten Voorst 2025 Hoofdstuk1 Verlenen van rechten 1.1 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een particulier graf of particulier urnengraf wordt geheven: 1.1.1 voor een periode van tien jaar € 714,00 1.1.2 voor een periode van twintig jaar € 1.428,00 1.1.3 voor een periode van dertig jaar € 2.256,00 1.1.4 voor een periode van veertig jaar € 3.146,00 1.2 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een particuliere urnennis wordt geheven: 1.2.1 voor een periode van tien jaar € 714,00 1.2.2 voor een periode van twintig jaar € 1.428,00 1.2.3 voor een periode van dertig jaar € 2.256,00 1.2.4 voor een periode van veertig jaar € 3.146,00 1.3 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een particulier graf of een particulier urnengraf, als het graf wordt uitgegeven in afwijking van het bepaalde in artikel 13, eerste lid, van de beheersverordening, wordt geheven: 1.3.1 voor een periode van tien jaar € 1.402,00 1.3.2 voor een periode van twintig jaar € 2.864,00 1.3.3 voor een periode van dertig jaar € 4.414,00 1.3.4 voor een periode van veertig jaar € 6.169,00 1.4 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een particuliere urnennis, als de urnennis wordt uitgegeven in afwijking van het bepaalde in artikel 13, eerste lid, van de beheersverordening, wordt geheven: 1.4.1 voor een periode van tien jaar € 1.402,00 1.4.2 voor een periode van twintig jaar € 2.864,00 1.4.3 voor een periode van dertig jaar € 4.414,00 1.4.4 voor een periode van veertig jaar € 6.169,00 Hoofdstuk2 Verlengen van rechten 2.1 Voor het verlengen van een recht, als bedoeld in Hoofdstuk 1 wordt geheven: 2.1.1 voor een periode van tien jaar € 716,00 2.1.2 voor een periode van twintig jaar € 1.465,00 Hoofdstuk3 Begraven, bijzetten en verstrooien 3.1 Voor het begraven van een lijk van een 3.1.1 persoon van zes jaar of ouder wordt geheven € 1.565,00 3.1.2 kind jonger dan zes jaar wordt geheven € 783,00 3.2 Voor het bijzetten van een asbus of urn wordt geheven € 394,00 3.3 Voor het verstrooien van as van een overledene wordt geheven € 271,00 3.4 Voor het begraven, het bijzetten van een asbus of urn dan wel voor het verstrooien van as van een overledene op andere tijden dan vermeld in artikel 10, eerste lid, van de beheersverordening, worden de rechten, bedoeld onder 3.1, 3.2 en 3.3, verhoogd met € 512,00 Hoofdstuk4 Vergunning en registratie 4.1 Voor het verlenen van een vergunning voor: 4.1.1 het opgraven van een lijk, een asbus of een urn al dan niet ter overbrenging naar een ander graf op dezelfde begraafplaats of naar een andere begraafplaats, wordt geheven € 522,00 4.1.2 het hebben van een grafbedekking wordt geheven € 225,00 4.1.3 het aanbrengen van een grafkelder, wordt geheven € 225,00 4.2 Voor het laten graveren en aanbrengen van een naam/gedenkplaatje op de afdekplaat van een particuliere urnennis, wordt geheven € 225,00 4.3 Voor het inschrijven en overschrijven van het recht op een particulier graf, als bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de beheersverordening wordt geheven € 61,00 4.4 Voor het verwijderen en opnieuw plaatsen van een gedenkteken in verband met een bijzetting wordt geheven € 225,00 4.5 Voor het openen en weer dichtmaken van een grafkelder in verband met een bijzetting wordt geheven € 225,00 Behoort bij het raadsbesluit van 16 december 2024 Ita Joosten, griffier Toelichting Verordening lijkbezorgingsrechten Voorst 2025 Hieronder zijn de wijzigingen ten opzichte van de verordening 2024 toegelicht. Artikel 1 Definities Hierin zijn de bepalingen uit de Wet op de lijkbezorging en de beheersverordening van overeenkomstige toepassing verklaard. Dat vergroot de consistentie. Artikel 8 Termijnen van betaling De mogelijkheid om in meer termijnen via automatische incasso is toegevoegd. Gelet op de grootte van de bedragen bestaat in de praktijk vaak wel behoefte aan gespreide betaling. Dat vroeg tot nu toe maatwerk in het invorderingstraject. Voor de termijnen is aangesloten bij de bepalingen in de OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Tarieventabel De tarieventabel is nu onderverdeeld in hoofdstukken. Dat maakt het zoeken binnen de tabel makkelijker. De tarieven voor uitsluitende rechten voor particuliere graven en particuliere urnengraven waren identiek. Die zijn nu in één bepaling opgenomen. Voor het verstrooien van as was niet voor alle situaties een bepaling opgenomen. Nu is het mogelijk om voor elke verstrooiing op de begraafplaats te heffen. Hetzelfde geldt voor de verhoging bij afwijkende tijden. Die was ook niet in alle situaties van verstrooien toepasbaar. Dat is nu hersteld. De bepaling voor het verkrijgen van een vergunning voor een gedenkteken is gewijzigd in voor het hebben van grafbedekking. Daarmee sluit deze aan bij de beheersverordening. Voor het lichten en wederopstellen van gedenktekens is geen vergunning nodig. Daar was wel een tarief voor opgenomen. Het gaat om het feitelijke verwijderen en opnieuw plaatsen van een gedenkteken in verband met een bijzetting. De formulering is daarop aangepast. Toegevoegd is een bepaling voor het openen en weer dichtmaken van een grafkelder in verband met een bijzetting.