Verordening op de heffing en invordering van marktgeld Stede Broec 2025 De raad van de gemeente Stede Broec; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 19 november 2024; gelet op de artikel 216 en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b van de Gemeentewet; gelet op de Marktverordening van de gemeente Stede Broec; b e s l u i t : vast te stellen de: Verordening op de heffing en invordering van marktgeld Stede Broec 2025 Artikel1Aard van de belasting en belastbaar feit Onder de naam ‘marktgeld’ worden rechten geheven voor het gebruik van de aangewezen stand- of grondplaats, overeenkomstig de bestemming ervan en/ of het genot van door of vanwege de gemeente verstrekte diensten. Artikel2Belastingplicht Het recht, als bedoeld in artikel 1, wordt geheven van degenen, aan wie een stand- of grondplaats is toegewezen, dan wel van degenen die een standplaats heeft ingenomen. Artikel3Maatstaf van heffing Het recht, als bedoeld in artikel 1, wordt geheven naar de grondbreedte van de stand- of grondplaats in strekkende meters met een minimum van vier meter. Artikel4Grondslag en belastingtarieven Grondslag voor de berekening van het recht voor een standplaats is: het aantal lengte meters dat met de standplaats wordt ingenomen; Het tarief bedraagt voor het innemen van een vaste stand- of grondplaats tijdens de weekmarkt per strekkende meter: per marktdag of een gedeelte daarvan binnen een kalenderkwartaal € 1,90 Het tarief bedraagt voor het innemen van een dagplaats tijdens de weekmarkt per strekkende meter: Per marktdag of gedeelte daarvan € 3,55 Artikel5Wijze van heffing Het recht wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel6Belastingtijdvak Het belastingtijdvak is gelijk aan de aaneengesloten periode gedurende welke het belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan Artikel7Aangifte 1.De in artikel 2 genoemde belastingplichtige is verplicht wanneer hij een standplaats inneemt hiervan terstond aangifte te doen op door burgemeester en wethouders aan te geven wijzen en plaatsen. 2.Bij het opnieuw innemen van een standplaats, na afloop van de termijn waarvoor marktgelden zijn voldaan, ontstaat opnieuw de aangifteplicht. 3.Het model voor het uitnodigen tot het doen van aangifte wordt vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. Artikel8Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden Betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 5: mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na de dagtekening van de kennisgeving. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel9Teruggaaf Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van het marktgeld wordt verleend op schriftelijke aanvraag, als bedoeld in artikel 242 van de Gemeentewet, indien het verschuldigde marktgeld voor een kalenderkwartaal is voldaan en het innemen van een stand- of grondplaats wordt beëindigd vóór het verstrijken van de termijn waarvoor het marktgeld is voldaan. Terugbetaling vindt plaats voor zoveel ongebruikte marktdagen, als er na schriftelijke opzegging van de stand- of grondplaats nog resteren. Artikel10Kwijtschelding Bij invordering van marktgeld wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Overgangsrecht De “Verordening marktgeld Stede Broec 2024” van 14 december 2023, wordt ingetrokken met ingang de in artikel 12, het tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel12Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2025. Artikel13Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening marktgeld Stede Broec 2025”. Aldus besloten door de raad van de gemeente Stede Broec in zijn openbare vergadering van 12 december 2024.De raad voornoemd, de griffier, D.A. Langedijk de voorzitter, R.A.P. Wortelboer
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.