← Nederland

Nota parkeernormen Heiloo 2025 (Heiloo)

Nota parkeernormen Heiloo 20251.Uitgangspunten en leeswijzer 1.1.Inleiding De Nota parkeernormen Heiloo 2025 is het uitgangspunt voor de berekening van de parkeervraag voor een bouwplan en vervult een rol in het ruimtelijk toetsingskader voor nieuwbouw-, verbouw en transformatieontwikkelingen (situaties waarbij een gebouw of perceel een andere functie krijgt waardoor de parkeervraag verandert). Aan de hand van deze nota wordt het aantal parkeerplaatsen voor auto’s bepaald dat aangelegd en in stand gehouden moet worden. Aan te leggen parkeerplaatsen moeten voldoen aan kwalitatieve eisen die de bruikbaarheid van de parkeerplaatsen waarborgen. In deze nota zijn ook fietsparkeernormen opgenomen. Fietsen zijn een belangrijk (lokaal) vervoermiddel dat ook bij de verschillende bestemmingen moet kunnen worden geparkeerd. 1.2.Waarom een nieuwe nota parkeernormen? De nu geldende Nota Parkeernormen Heiloo stamt uit 2022. Heiloo volgt in haar parkeernormenbeleid de wetenschappelijke lijn van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW). Deze heeft in respectievelijk 2023 en 2024 nieuwe parkeerkerncijfers voor fietsen en auto’s gepubliceerd. In deze nieuwe kencijfers is een meer verfijnde verzameling categorieën opgenomen, deze stellen de gemeente in staat om beter rekening te houden met de specifieke vraag die voortkomt uit verschillende (woon)functies. Er is momenteel spraken van een grote woningbouwopgave in de gemeente, met deze nieuwe nota parkeernormen wil de gemeente Heiloo beter voorbereid zijn op toekomstige parkeerbehoefte die hieruit voor zal komen. Deze nota is een actualisering van de nota Parkeernormen 2022 Gemeente Heiloo. Er is geen nieuw beleid ontwikkeld. De aanpassingen in deze nota ten opzichte van de nota parkeernormen uit 2022 beperken zich tot actualisering van de parkeernormen, aanwezigheidspercentages en ruimtelijke gebruikscategorieën. 1.3.Beïnvloeden en benutten van het gebruik van parkeerplaatsen Zonder maatregelen om te sturen op autogebruik en autobezit is er sprake van vraagvolgend parkeerbeleid in de gemeente Heiloo. Alleen rondom winkelcentrum ’t Loo, het Raadhuisplein en het station van de NS liggen parkeerreguleringsgebieden in de vorm van blauwe zones. Nabij de scholen aan de Molenweg is het parkeren ook gereguleerd (zie bijlage 2). Hiermee wordt voorkomen dat op drukke dagen werknemers en andere langparkeerders gebruik kunnen maken van de daar bestaande parkeerplaatsen en blijft er parkeerruimte voor bewoners en andere gewenste (kort)parkeerders beschikbaar. In deze nota wordt geen andere keuze gemaakt m.b.t. de noodzaak van parkeerregulering (blauwe zones), vergunningsgebieden en andere maatregelen waardoor het parkeergedrag van bewoners en andere gebruikers van de openbare ruimte in Heiloo zou kunnen veranderen en het wellicht mogelijk is om andere (lagere-) parkeernormen te hanteren. 1.4.Uitgangspunten Bij het vaststellen van de parkeernormen heeft de gemeente de volgende uitgangspunten gehanteerd: In iedere nieuwbouw- of transformatieontwikkeling is sprake van een bepaalde behoefte aan parkeerplaatsen. Aan de hand van deze nota parkeernormen wordt de omvang van deze behoefte bepaald. Nieuwbouw- en transformatieontwikkelingen mogen niet leiden tot een verhoging van de parkeerdruk in de openbare ruimte waardoor bewoners hun auto niet meer kunnen parkeren. De gemeente Heiloo streeft naar een flexibel parkeernormenbeleid. Deze flexibiliteit uit zich in de wijze waarop de parkeernormen worden toegepast en niet in de hoogte van de parkeernormen. Bedachte parkeeroplossingen leiden niet tot parkeeroverlast in de toekomst. 1.5.Leeswijzer In hoofdstuk 2 is het juridisch kader opgenomen waarbinnen deze nota parkeernormen acteert. Hierin zijn onder andere de afwijkingsbevoegdheid en de overgangsregeling opgenomen. In het hierop volgende hoofdstuk 3, wordt ingegaan op de parkeernormen voor auto’s. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het toepassingskader dat op deze nota van toepassing is. In hoofdstuk 5 zijn de parkeernormen voor fietsen opgenomen. In hoofdstuk 6 tot slot wordt ingegaan op toekomstbestendige parkeeroplossingen. Bijlage 1 Gebiedsindeling Bijlage 2 Overzicht gebieden met parkeerregulering Bijlage 3 Autoparkeernormen Bijlage 4 Aanwezigheidspercentages Bijlage 5 Berekeningsaantallen private parkeerplaatsen Bijlage 6 Fietsparkeernormen 2.Juridisch kader 2.1.De parkeernorm, parkeerbalans en de parkeereis 2.1.1.Parkeernorm Een parkeernorm is een getal dat aangeeft hoeveel parkeerplaatsen benodigd zijn per 100 vierkante meter oppervlakte of per eenheid. Op basis van deze parkeernormen wordt een parkeerbalans opgesteld. In een parkeerbalans wordt ook rekening gehouden met de aanwezigheid van doelgroepen en andere functies in een gebied (dubbelgebruik). 2.1.2.Parkeerbalans Uit de parkeerbalans volgt een parkeerbehoefte. Deze behoefte dient te worden gefaciliteerd. Op hoofdlijnen kunnen hiervoor drie capaciteitsvormen worden aangewend. Parkeren op eigen terrein; Parkeren in private parkeervoorzieningen; Parkeren in openbare parkeervoorzieningen (in de openbare ruimte of in parkeergarages). 2.1.3.Parkeereis De parkeereis is in feite het resultaat van de parkeerbalans, in combinatie met de capaciteits-vormen (ook in aantallen) waarmee de parkeerbehoefte wordt gefaciliteerd. Een voorbeeld van een parkeereis is opgenomen in het onderstaande kader. Voorbeeld parkeereis Normatieve parkeerbehoefte: 50 parkeerplaatsen Capaciteitsvormen: Parkeren op eigen terrein: 20 parkeerplaatsen Parkeren in private voorzieningen: 20 parkeerplaatsen Parkeren in openbare parkeervoorzieningen: 10 parkeerplaatsen 2.2.Bestaande en nieuwe bestemmingsplannen Deze Nota parkeernormen Heiloo 2025 heeft een relatie met het bestemmingsplan “Parapluplan Parkeren” van de gemeente Heiloo (hier verder aangegeven als bestemmingsplan Parkeren). In het bestemmingsplan parkeren is een verwijzing opgenomen naar het “Parkeerbeleidsplan Heiloo 2010” en eventuele toekomstige wijzigingen (art. 3.1). Genoemd bestemmingsplan geldt voor de gehele gemeente en is volgens artikel 2 aanvullend op alle bestemmingsplannen, inclusief uitwerkingsplannen en wijzigingsplannen in de gemeente Heiloo, welke ten tijde van de ter inzage legging van dit bestemmingsplan in werking waren. 2.3.Afwijkingsbevoegdheid In artikel 4;84 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is de inherente afwijkingsbevoegdheid opgenomen waarover een bestuursorgaan beschikt. Omdat deze afwijkingsbevoegdheid alleen van toepassing is op situaties waarin één of meerdere belanghebbenden door toepassing van het beleid onevenredig worden benadeeld, bevat het bestemmingsplan Parkeren een separate afwijkingsbevoegdheid van de algemene regel dat er voldoende parkeergelegenheid moet worden gerealiseerd bij een bouwwerk (artikel 3.2). 2.4.Overgangsregeling Indien een aanvrager voor inwerkingtreding van de Nota Parkeernormen Heiloo 2025 een schriftelijke aanvraag voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning heeft ingediend, dan zijn op deze aanvraag de parkeernormen uit de nota “Parkeernormen 2022 Gemeente Heiloo” van toepassing. Vallen echter de gestelde normen in de Nota Parkeernormen Heiloo 2025 lager uit, dan geldt deze nota. 3.De parkeernormen Als basis voor haar autoparkeernormen kiest de gemeente Heiloo voor de meest recente parkeerkencijfers van het CROW. Deze kencijfers zijn opgenomen in “Parkeerkerncijfers 2024”, uitgebracht door het CROW in juni 2024. Om de CROW parkeerkencijfers te vertalen naar parkeernormen zijn een aantal stappen doorlopen. Dit hoofdstuk gaat in op deze stappen. 3.1.Stedelijkheidsgraad en gebiedsindeling De gemeente Heiloo is een “matig stedelijke” gemeente volgens de door het CBS gebruikte indeling naar stedelijkheidsgraad. Dit betekent dat het gemiddelde aantal adressen per vierkante kilometer tussen de 1000 en 1500 adressen / km2 ligt. In de voorgaande nota viel de gemeente Heiloo nog in de categorie “weinig stedelijk” maar door de realisatie van nieuwe woonwijken (o.a. Milko – terrein, Zandzoom) is het aantal adressen toegenomen, terwijl de oppervlakte van de gemeente gelijk is gebleven. De stedelijkheidsgraad is een van de indelingscriteria bij de parkeerkencijfers van het CROW. Naast de bovenstaande stedelijkheidsgraden wordt de gemeente Heiloo onderverdeeld in een aantal verschillende gebieden. De autoafhankelijk in deze gebieden verschilt. In ieder van deze gebieden gelden daarom andere parkeernormen. Centrum; Schil; Rest bebouwde kom; Buiten gebied. In bijlage 1 is een overzicht van deze gebieden opgenomen. 3.2.Verantwoording parkeernormen Naast stedelijkheidsgraad, bevatten de CROW parkeerkencijfers bandbreedtes. Deze bandbreedtes zijn: minimum, gemiddeld en maximum. Hoewel de gemeente Heiloo een aantal gebieden kent met parkeerregulering is ervoor gekozen om voor de hele gemeente uit te gaan van het gemiddelde van de bandbreedte. De gebieden met parkeerregulering zijn te klein om zonder parkeeroverlast in naastgelegen gebieden, een andere parkeernorm toe te kunnen passen. In de volgende tabel staat de bandbreedte per gebied. De verantwoording van de gebiedsindeling is toegepast op basis van de CROW -kencijfers. Gebied Ligging Bandbreedte 1. Centrum Centrum Gemiddeld 2. Schil Schil Gemiddeld 3. Rest bebouwde kom Rest bebouwde kom Gemiddeld 4. Buitengebied Buitengebied Gemiddeld 3.3.Parkeernormen voor verschillende functies In bijlage 3 zijn voor een groot aantal functies autoparkeernormen opgenomen. Indien een functie niet in deze bijlage is opgenomen, wordt een parkeernorm gebruikt van een zo veel mogelijk vergelijkbare functie. Woonfuncties De gemeente Heiloo maakt in deze nota onderscheid tussen verschillende woonfuncties. Het kan voorkomen dat voor een te realiseren woonfunctie geen parkeernorm is opgenomen. In dit geval dient de parkeernorm te worden gehanteerd die geldt voor de meest vergelijkbare woonfunctie. Op het moment dat dit op bezwaren stuit, worden initiatiefnemers verzocht contact op te nemen met de gemeente. Voor het bepalen van de parkeernorm is ervoor gekozen om uit te gaan van de grootte van de woning en niet van de in de CROW-normen aangehouden indeling in goedkope - , middel dure – en dure woningen om duidelijk te zijn naar initiatiefnemers en geen onduidelijkheden te krijgen over het exacte prijsniveau van een woning. Overzicht woonfuncties3 Koopwoningen Koop, huis, vrijstaand Koop, huis, twee-onder-een-kap Koop, huis, tussen/hoek Koop, appartement, > 100m2 Koop, appartement, 75 – 100m2 Koop, appartement, < 75m2 Huurwoningen Huur, huis vrije sector Huur, huis sociale huur Huur, appartement, vrije sector, >100m2 Huur, appartement, vrije sector, 75 – 100m2 Huur, appartement, vrije sector, <75m2 Huur, appartement, sociale huur, >100m2 Huur, appartement, sociale huur 75 – 100m2 Huur, appartement, sociale huur, <75m2 Huur, appartement, vrije sector of sociale huur, <30m2 Kamerverhuur en zorgwoningen Kamerverhuur, niet-studenten, zelfstandig Kamerverhuur, studenten, niet-zelfstandig Aanleunwoning en serviceflat Kleine eenpersoonswoning (tiny house, meestal grondgebonden) Bezoekersdeel woningen De parkeernorm voor woningen bestaat uit een bewonersdeel en een bezoekersdeel. De norm voor bezoekers verschilt per gebied. Voor het bezoekersdeel van de parkeernorm voor woningen geldt dat deze ook daadwerkelijk door bezoekers kan worden gebruikt en niet op een afgesloten deel van het terrein of in een parkeergarage liggen waar bezoekers geen toegang hebben. Gebied Bezoekersnorm 1. Centrum 0,1 2. Schil 0,1 3. Rest bebouwde kom 0,15 4. Buitengebied 0,2 Overige functies In bijlage 2 zijn voor een groot aantal functies parkeernormen opgenomen. Onder andere voor winkelfuncties, gezondheidsfuncties en onderwijsfuncties. In de berekeningswijze zijn parkeernormen voor dit soort functies vaak gebaseerd op bijpassende eenheden. De parkeernorm voor een huisartsenpraktijk gaat bijvoorbeeld uit van het aantal behandelkamers. Bezoekersdeel overige functies Voor deze functies is geen apart bezoekersaandeel in deze nota opgenomen. Het toepassen van het bezoekersaandeel in de parkeernorm van de CROW-kencijfers leidt vaak tot hele kleine aantallen parkeerplaatsen voor bezoekers of parkeerplaatsen voor personeel. Uitgangspunt is daarom dat alle parkeerplaatsen door zowel personeel als bezoekers kan worden gebruikt. 3.4.Kwalitatieve eisen parkeervoorzieningen Bij het beoordelen of een parkeervoorziening voldoende bruikbaar is hanteert de gemeente voor parkeerplaatsen in de openbare ruimte de richtlijnen van het CROW zoals die onder meer in het ASVV zijn opgenomen. Parkeergarages en parkeerplaatsen op eigen terrein moeten voldoen aan de voorschriften van het NEN 2443. Naast de bovenstaande fysieke eisen moeten parkeerplaatsen toegankelijk zijn voor de doelgroep waarvoor ze bestemd zijn. Dit wil zeggen dat bijvoorbeeld parkeerplaatsen voor bezoekers bereikbaar moeten zijn voor deze bezoekers 4.Het toepassingskader De gemeente Heiloo heeft een bepaalde werkwijze voor ogen op basis waarvan de parkeernormen worden toegepast. Deze werkwijze wordt het toepassingskader genoemd. 4.1Van parkeernorm naar parkeereis In de bovenstaande figuur is het toepassingskader schematisch weergegeven. Dit schema wordt in de volgende paragraaf toegelicht. In het schema is onderscheid gemaakt tussen de parkeervraag en het parkeeraanbod. 4.2Bepaling parkeervraag Stap 1: normatieve parkeerbehoefte De normatieve parkeerbehoefte vormt het uitgangspunt voor de bepaling van het aantal parkeerplaatsen dat benodigd is. Hiertoe levert de initiatiefnemer een parkeerbalans aan. Om de normatieve parkeerbehoefte te berekenen dient voor iedere te realiseren functie de berekening: functie * parkeernorm te worden uitgevoerd. Stap 2: mobiliteitscorrectie In nieuwbouw- of transformatieontwikkelingen kan sprake zijn van afwijkende omstandigheden die ertoe leiden dat de toepassing van de parkeernorm(

  1. en)die in deze nota zijn opgenomen, naar verwachting leiden tot een overschot aan parkeerplaatsen. Wanneer hier sprake van is, kan door een initiatiefnemer een mobiliteitscorrectie worden onderbouwd. In het onderstaande kader wordt verder ingegaan op de mobiliteitscorrectie. Hierbij worden ook enkele voorbeelden van mobiliteitscorrecties beschreven. Mobiliteitscorrectie De mobiliteitscorrectie biedt initiatiefnemers de mogelijkheid om een onderbouwde correctie te doen op de te hanteren parkeernormen. Aan een mobiliteitscorrectie kunnen verschillende argumenten ten grondslag liggen. Enkele voorbeelden zijn: De ontwikkellocatie is gelegen op een locatie waar de aanwezigheid van OV-verbindingen leidt tot een lagere parkeerbehoefte; De inzet van deelmobiliteit (deelauto’s, deelfietsen) leidt tot een verlaging van de behoefte aan parkeerplaatsen; De initiatiefnemer kan aantoonbaar maken dat de ruimtelijke ontwikkeling niet tot een verhoging van de parkeerbehoefte zal leiden Toepassingskader mobiliteitscorrectie In het onderstaande schema is de werkwijze opgenomen die de gemeente hanteert bij het toepassen van een mobiliteitscorrectie. Zoals uit het schema blijkt moet aan een mobiliteitscorrectie altijd een onderbouwing ten grondslag liggen. Indien deze onderbouwing beschikbaar is, kan de parkeerbehoefte met max. 20% worden gecorrigeerd. Het gecorrigeerde gedeelte van de parkeerbehoefte dient echter voor 100% te zijn opgenomen als ruimtelijke reservering. Een ruimtelijke reservering kan bestaan uit fysiek ruimte reserveren of bijvoorbeeld door in de nabije omgeving van de ontwikkellocatie parkeerplaatsen kopen of huren (of de mogelijkheid hiertoe). De ruimtelijke reservering vormt het terugval scenario. Blijkt een mobiliteitsconcept in de praktijk toch niet te werken dan kan met de gereserveerde ruimte deze extra parkeerbehoefte in een later stadium alsnog worden gefaciliteerd. Stap 3: vaststelling parkeerbehoefte Nadat eventuele mobiliteitscorrectie is toegepast, wordt de parkeerbehoefte vastgesteld. Dit is het aantal parkeerplaatsen dat fysiek gefaciliteerd dient te worden. Bij de vaststelling van de parkeerbehoefte is nog geen dubbelgebruik toegepast, deze berekening vindt plaats bij de bepaling van het parkeeraanbod. 4.3.Bepaling parkeeraanbod Stap 4: parkeerplaatsen eigen terrein Uitgangspunt is dat parkeren op eigen terrein, binnen het bouwplan, plaats moet vinden. De initiatiefnemer mag echter ook gebruik maken van eventueel beschikbare private parkeerplaatsen in de omgeving zoals in stap 5 is aangegeven of gebruikmaken van een afkoopregeling. Vastlegging parkeren op eigen terrein. Parkeerplaatsen die aangelegd of gebouwd worden als onderdeel van een ruimtelijke ontwikkeling dienen ook als zodanig gebruikt te worden. Als bijvoorbeeld bij woningen eigen parkeerplaatsen worden aangelegd is er geen noodzaak om van het openbare parkeerareaal gebruik te maken. De gemeente Heiloo hanteert hiervoor een zogenaamd POET1 overzicht. Ruimtelijke ontwikkelingen met eigen parkeerplaatsen worden op dit overzicht geplaatst en de betreffende gebouwen komen niet in aanmerking voor een parkeervergunning of ontheffing, ook niet als in de toekomst parkeerregulering in de omgeving wordt ingevoerd. Berekening aantal te realiseren parkeerplaatsen eigen terrein Parkeerplaatsen die niet onafhankelijk van elkaar bereikt kunnen worden, tellen niet volledig mee bij de vaststelling van het aantal parkeerplaatsen. Zie hiervoor bijlage 5. Stap 5: parkeerplaatsen privaat In de directe omgeving van een ontwikkellocatie kan, op het moment dat de geplande functies hun parkeerbehoefte genereren, (gedeeltelijk) ongebruikte private parkeercapaciteit aanwezig zijn. Als de parkeercapaciteit zoals in het bestemmingsplan Parkeren is aangegeven, binnen de acceptabele loopafstanden van de ontwikkellocatie ligt (zie tabel) kan deze worden ingezet om te voldoen aan de parkeerbehoefte van het bouwplan. Het gebruik van de private parkeerplaatsen moet voor tenminste tien jaar contractueel worden vastgelegd. Daarnaast dient de initiatiefnemer aannemelijk te maken dat parkeerders ook van de parkeerplaatsen gebruik kunnen en gaan maken. De fysieke toegankelijkheid van de parkeervoorziening speelt in dit kader een belangrijke rol. Als gebruik wordt gemaakt private parkeerplaatsen wordt deze opgenomen in het POET overzicht. Private parkeerplaatsen kunnen slechts eenmaal aan een ontwikkeling worden toegewezen. Als na de termijn van 10 jaar een op de POET-lijst – staande parkeerplaats niet (meer) beschikbaar is, is de eigenaar / gebruiker verantwoordelijk voor het vinden van een alternatief en kan de gemeente daar niet op worden aangesproken. Hoofdfunctie Acceptabele loopafstanden Wonen 100 meter (100-250 meter voor bezoekers) Winkelen 200 – 600 meter Werken 200 – 800 meter Ontspanning 100 – 600 meter Gezondheidszorg 100 meter Onderwijs 100 meter Berekening aantal te realiseren parkeerplaatsen privaat Parkeerplaatsen die niet onafhankelijk van elkaar bereikt kunnen worden, tellen niet volledig mee bij de vaststelling van het aantal parkeerplaatsen. Zie hiervoor bijlage 5. Stap 6: parkeerplaatsen openbaar De situatie kan zich voortdoen dat, wanneer stap 4 en stap 5 zijn doorlopen, nog niet voor de volledige parkeerbehoefte een oplossing is gevonden. Wanneer dit het geval is kan de initiatiefnemer een verzoek indienen om gebruik te maken van parkeermogelijkheden in de openbare ruimte. Afkoopregeling Als aangetoond kan worden dat gebruik kan worden gemaakt van al bestaande openbare parkeerplaatsen, kan het gebruik daarvan worden afgekocht tegen een laag tarief. Indien er geen parkeercapaciteit in de openbare ruimte beschikbaar is, maar is er wel een mogelijkheid om in de toekomst extra parkeerplaatsen aan te leggen, hanteert de gemeente een hoog tarief. De hoogte van de afkoopsommen worden door het college bepaald. In het kader van een afkoopregeling gedane betalingen worden toegevoegd aan het gemeentelijk parkeerfonds. Als criterium voor het gebruik van bestaande openbare parkeervoorzieningen geldt dat na afwenteling van (het resterende gedeelte van) de parkeerbehoefte, de parkeerdruk niet hoger mag zijn dan 85%. Om aan te tonen of dit wel of niet het geval is, is inzicht nodig in de bestaande parkeerdruk. De bestaande parkeerdruk dient door de initiatiefnemer inzichtelijk te worden gemaakt met behulp van een parkeertelling. Indien er door het initiatief van de aanvrager extra parkeerplaatsen in de openbare ruimte moeten worden aangelegd, honoreert de gemeente een dergelijk verzoek alleen indien hierdoor geen belangen van omwonenden worden geschaad en de aanleg van parkeerplaatsen niet in strijd is met ruimtelijk beleid, groen beleid en/of ecologisch beleid. Wanneer een initiatiefnemer van plan is om een parkeertelling uit te voeren, is het advies om allereerst contact met de gemeente op te nemen. De gemeente voert met regelmaat parkeertellingen uit. Daarnaast stelt de gemeente bepaalde eisen waar een parkeertelling aan moet voldoen (omvang onderzoeksgebied, aantal telmomenten, wijze van meten etc.). Resultaat: de parkeereis Nadat alle beschreven stappen zijn doorlopen, is bekend wat de parkeerbehoefte is die gepaard gaat met de geplande ruimtelijke ontwikkeling. Ook is bekend op welke wijze deze behoefte wordt gefaciliteerd. Bij woningen is daarbij een onderscheid gemaakt tussen parkeerplaatsen die nodig zijn om het autobezit van bewoners te faciliteren en voor de bezoekers van de bewoners. Bij alle andere functies wordt geen onderscheid gemaakt tussen vaste gebruikers en bezoekers. Het totaal aantal parkeerplaatsen dat nodig is voor de ruimtelijke ontwikkeling wordt de parkeereis genoemd. De parkeereis wordt in de omgevingsvergunning vastgelegd. 4.4.Vrijstelling bij kleinschalige ontwikkelingen Bij kleinschalige ontwikkelingen is het in het algemeen lastig om te voldoen aan de volgens deze nota te stellen parkeereis terwijl er in de praktijk geen extra parkeervraag ontstaat door de desbetreffende ontwikkeling. Het is daarom ook niet noodzakelijk om een parkeereis te stellen. Om dergelijke kleine ontwikkelingen niet onmogelijk te maken kan de gemeente deze vrij stellen van de verplichting om te voldoen aan de parkeereis. Deze vrijstelling geldt voor ontwikkelingen waarbij de parkeereis niet groter is dan 2 parkeerplaatsen en wordt alleen toegepast als er sprake is van een kleine uitbreiding van een al op de locatie uitgeoefende (bedrijfsmatige) activiteit. De vrijstelling is niet bedoeld voor woningsplitsingen. Bij het splitsen van woningen en/of nieuwe (bedrijfsmatige) activiteiten is er wel sprake van een toename van de parkeervraag. 4.5.Saldering bij functiewijziging Bij een functiewijziging blijft een gebouw staan, maar krijgt het een nieuwe functie. Ook kan bijvoorbeeld een kavel een andere bestemming krijgen waardoor de parkeervraag verandert. In veel gevallen leidde de oorspronkelijke bestemming ook tot een bepaalde parkeerbehoefte die (gedeeltelijk) in de openbare ruimte werd opgelost. De (openbare) parkeerplaatsen die in de bestaande situatie bestemd zijn om deze parkeerbehoefte te faciliteren, kunnen worden hergebruikt om de parkeerbehoefte van de nieuwe functie (gedeeltelijk) op te lossen. Dit principe heet salderen. Bij het salderen moet rekening worden gehouden met de momenten waarop een functie haar parkeerbehoefte genereert. De oude en nieuwe parkeerbehoefte wordt daarom voor ieder dagdeel gesaldeerd. Het dagdeel waarop de parkeervraag het hoogst is, wordt aangehouden als nieuwe parkeerbehoefte. Parkeerplaatsen die exclusief ter beschikking stonden van de oude functie, kunnen op alle dagdelen worden gesaldeerd. Bijlage 4 bevat de aanwezigheidspercentages per dagdeel voor de verschillende te onderscheiden functies bij salderen. Er mag uitsluitend gesaldeerd worden als de oorspronkelijke functie de afgelopen vijf jaar legaal gebruikt werd. Indien een pand of perceel langer dan 5 jaar geen of een tijdelijke functie heeft gehad, mag deze niet gesaldeerd worden. Dat geldt ook indien een pand of perceel in de afgelopen 5 jaar (gedeeltelijk) tijdelijk als parkeervoorziening is gebruikt. In de volgende figuur wordt een rekenvoorbeeld weergegeven. Rekenvoorbeeld: salderen In dit rekenvoorbeeld wordt de parkeerbehoefte van een voormalige kantoorfunctie gesaldeerd. Het gebouw krijgt een nieuwe bestemming als supermarkt. Om de beschreven werkmethode te verduidelijken, wordt voor beide functies een parkeerbehoefte van 20 parkeerplaatsen aangehouden. Omwille van de eenvoud wordt slechts voor een aantal dagdelen de maatgevende parkeerbehoefte bepaald. Ook wordt het bezoekersaandeel niet apart berekend. Uit onderstaande tabel kan worden afgeleid dat de maatgevende parkeerbehoefte van een kantoorfunctie zich op een ander moment voordoet dan bij een supermarkt. Dit resulteert erin dat ten behoeve van de nieuwe supermarkt 20 parkeerplaatsen aangelegd moeten worden. Functie Werkdag-ochtend Werkdag-middag koopavond Zaterdagmiddag Aanwezigheidspercentage kantoor 100% 100% 5% 0% Aanwezigheidspercentage supermarkt 30 % 60% 80% 100% Kantoorgebouw (oud) 20 20 1 0 Supermarkt (nieuw) 6 12 16 20 Resultaat (oud - nieuw) +14 +8 -15 -20 5.Fietsparkeernormen Naast parkeernormen voor de auto hanteert de gemeente Heiloo ook parkeernormen voor de fiets. Naast het stellen van kwantitatieve eisen in de vorm van parkeernormen, worden ook kwaliteitseisen gesteld waar nieuw aan te leggen fietsparkeerplaatsen aan moeten voldoen. Als basis voor de fietsparkeernormen kiest de gemeente Heiloo voor de meest recente fietsparkeerkencijfers van het CROW. De verdeling van de fietsparkeerplaatsen in rekken, beugels en (gereserveerde) verharde ruimte is afhankelijk van de situatie ter plaatse en de samenstelling van de te verwachten fietsen op het bouwplan. Deze wordt daarom per bouwplan in overleg met de initiatiefnemer bepaald. 5.1.Totstandkoming fietsparkeernormen De fietsparkeerkencijfers kennen, net als de autoparkeerkencijfers, gebiedsindeling (centrum, schil, rest bebouwde kom en buitengebied) en een bandbreedte De minimum bandbreedte sluit aan bij gemeenten met een laag fietsgebruik, de maximum bandbreedte bij gemeenten met een hoog fietsgebruik. Gezien het fietsgebruik, de stedelijkheidsgraad en de gemeentelijke ambitie kiest Heiloo in beginsel voor om de maximum van de bandbreedte en de kencijfers voor de schil. In die gevallen waarbij in de kencijfers van het CROW een zeer ruime bandbreedte wordt gehanteerd en de functie in het algemeen een breder verzorgingsgebied heeft dan alleen de waarin de functie ligt (bijvoorbeeld een kerk en theater), is de gemiddelde norm gehanteerd. De fietsparkeernormen zijn in bijlage 6 opgenomen. Voor woningen en appartementen zijn geen fietsparkeernormen opgenomen. Dit omdat in de bouwverordening een berging verplicht is bij woningen en deze ook gebruikt kan worden voor het stallen van fietsen. Er zijn voor huizen en appartementen wel fietsparkeernormen opgenomen voor bezoekers. Deze zijn alleen van toepassing op appartementen of woningen waar ruimte voor bezoekersfietsen op eigen grond ontbreekt. Indien een woning eigen grond heeft waarop bezoekers hun fietsen kunnen parkeren, zoals een tuin die toegankelijk is vanaf de straat, dan worden bezoekers geacht hier hun fietsen te plaatsen en zijn publieke fietsparkeerplaatsen voor deze functie niet noodzakelijk. 5.2.Kwaliteitseisen fietsparkeerplaatsen en toepassing Fietsparkeerplaatsen kennen verschillende verschijningsvormen. Ze komen voor als rekken waar fietsen in worden geschoven, rekken of beugels waar fietsen tegenaan kunnen worden geplaatst en aan vast kunnen worden gezet en in de meest eenvoudige vorm als een verhard stuk terrein waarop een fiets met een standaard kan worden neergezet. Omdat fietsen tegenwoordig in verschillende uitvoeringsvormen voorkomen, is een dergelijke variatie aan uitvoeringsvormen van fietsparkeerplaatsen ook noodzakelijk. Dit om te voorkomen dat de aangebrachte stallingsvoorzieningen niet (kunnen) worden gebruikt. Indien beugels of rekken worden geplaatst heeft de gemeente, om te voorkomen dat een fiets niet in de stalling (kan) worden neergezet of dat fietsen door het stallen kunnen worden beschadigd, een voorkeur voor fietsenrekken die voldoen aan de eisen van de stichting FietsParKeur2. Om diefstal te voorkomen heeft de gemeente een voorkeur voor stallingen met een aanbindmogelijkheid. De locatie van fietsparkeerplaatsen is, in het bijzonder bij bestemmingen met kortdurend bezoek, belangrijk. Fietsenstallingen moeten daarom zo dicht mogelijk bij de ingang worden geplaatst in het zicht van de fietsers. Ook voor fietsparkeerplaatsen is het uitgangspunt dat zij op eigen terrein binnen het bouwplan worden gerealiseerd. Als dit niet mogelijk is op eigen terrein in de nabijheid van de ingang dan kan het gebruik worden afgekocht. Indien gebruik kan worden gemaakt van bestaande fietsparkeerplaatsen binnen een redelijke afstand, dan wordt een laag tarief gehanteerd. Het is in dit geval de taak de initiatiefnemer om te motiveren waarom voor (een deel van) de parkeereis gebruik kan worden gemaakt van bestaande, al aanwezige, fietsparkeerplaatsen. Indien een initiatiefnemer gebruik wil maken van deze mogelijkheid, is het verstandig om overleg te voeren met de gemeente over de aan te leveren motivatie. Indien geen gebruik gemaakt kan worden van bestaande fietsparkeerplaatsen en er is wel een mogelijkheid om in te toekomst fietsenstallingen aan te leggen, hanteert de gemeente een hoog tarief. Voorwaarde daarbij is dat de fietsparkeerplaatsen kunnen worden gerealiseerd zonder dat de doorgang voor andere verkeersdeelnemers wordt belemmerd, er hierdoor geen belangen van omwonenden worden geschaad en de aanleg van fietsenstallingen niet in strijd is met ruimtelijk beleid, groen beleid en/of ecologisch beleid van de gemeente. De hoogte van de afkoopsommen worden door het college bepaald. In het kader van een afkoopregeling gedane betalingen worden toegevoegd aan het gemeentelijk parkeerfonds en gewaarmerkt als bedragen bedoeld voor fietsparkeerplaatsen. 6.Toekomstbestendige parkeeroplossingen Het is van belang dat alle afspraken die gemaakt worden tussen de gemeente en initiatiefnemers over de parkeeroplossing op de juiste manier worden geborgd. Zo wordt voorkomen dat ruimtelijke ontwikkelingen leiden tot parkeeroverlast in de omgeving. 6.1Van de theoretische naar een praktische oplossing Uit het in hoofdstuk 3 beschreven toepassingskader volgt een theoretische parkeeroplossing. Om te waarborgen dat deze oplossing ook in de praktijk tot de gewenste parkeersituatie leidt, wordt de theoretische parkeeroplossing vertaald naar de praktische parkeersituatie. De gemeente Heiloo legt in de omgevingsvergunning, waar noodzakelijk geacht, vast op welke wijze de beoogde parkeersituatie geborgd wordt. 6.2Vastlegging in de omgevingsvergunning: kwantitatief en kwalitatief In de omgevingsvergunning wordt opgenomen welke parkeereis toebehoort tot de te realiseren functies in een nieuwbouw- of transformatieontwikkeling. Ten aanzien van parkeren worden in ieder geval de volgende aspecten benoemd: Het aantal te realiseren parkeerplaatsen; De ligging van de parkeerlocatie(
  2. s)waar de benodigde parkeerplaatsen beschikbaar worden gesteld (op eigen terrein dan wel in de openbare ruimte). In een nadere aanwijzing kan worden ingegaan op bezoekers van bewoners. Op het moment dat ervoor wordt gekozen om deze doelgroep in een private parkeervoorziening te laten parkeren, moeten zij ook van deze voorziening gebruik kunnen maken. Een van de vragen die moet worden beantwoord is: hoe betreden bezoekers van bewoners de parkeervoorziening? In de gebruiksfase zal worden gecontroleerd of hetgeen in de omgevingsvergunning is vastgelegd ook op dezelfde manier in de praktijk is georganiseerd. Bijlage1– Overzicht stedelijke zones Bijlage2– Overzicht parkeerregulering Bijlage3Autoparkeernormen Wonen (inclusief parkeernorm bezoekers) Eenheid centrum schil Rest bebouwde kom buitengebied Koophuis, vrijstaand Woning 1,6 1,7 2,1 2,3 Koophuis, twee onder een kap Woning 1,5 1,6 2,0 2,1 Koophuis, tussen/hoek Woning 1,3 1,5 1,9 2,0 Koop, appartement, >100 m2 Woning 1,4 1,5 1,9 2,0 Koop, appartement, 75 – 100 m2 Woning 1,2 1,3 1,5 1,6 Koop, appartement, <75m2 Woning 1,1 1,2 1,5 1,5 Huur, huis, vrije sector Woning 1,1 1,3 1,5 1,6 Huur, huis, sociale huur Woning 0,9 1,0 1,3 1,3 Huur, appartement, vrije sector, >100 m2 Woning 1,1 1,3 1,5 1,5 Huur, appartement, vrije sector, 75 – 100 m2 Woning 0,8 0,9 1,2 1,2 Huur, appartement, vrije sector, <75 m2 Woning 0,7 0,8 1,1 1,1 Huur, appartement, sociale huur, >100 m2 Woning 0,8 0,9 1,2 1,2 Huur, appartement, sociale huur, 75 – 100 m2 Woning 0,7 0,8 1,1 1,1 Huur, appartement, sociale huur, <75 m2 Woning 0,6 0,7 1,0 1,0 Huur, appartement, vrije sector of sociale huur <30 m2 Woning 0,4 0,5 0,7 0,7 Kamerverhuur, niet studenten, zelfstandig Kamer 0,6 0,7 0,7 0,7 Kamerverhuur, studenten, niet zelfstandig Kamer 0,2 0,3 0,3 0,5 Aanleunwoning, serviceflat Kamer (CROW rekent per woning) 0,9 0,9 1,0 1,1 Kleine eenpersoonswoning (tiny house) Kamer 0,4 0,5 0,6 0,6 Werken Kantoor (zonder baliefunctie) Per 100m2 bvo 1,6 2,0 2,1 2,6 Commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie) Per 100m2 bvo 2,1 2,4 2,9 3,6 Bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief Per 100m2 bvo 1,6 2,0 2,4 2,4 Bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief Per 100m2 bvo 0,7 0,9 1,1 1,1 Bedrijfsverzamelgebouw Per 100m2 bvo 1,3 1,6 1,9 2,0 Opslagruimte (particulier) Per vestiging n.v.t. n.v.t. 10,0 10,0 Winkelen en boodschappen doen Buurtsupermarkt Per 100m2 bvo 1,9 2,7 3,5 n.v.t. Fullservice supermarkt Per 100m2 bvo 3,4 4,4 5,2 n.v.t. Grote supermarkt (XL)) Per 100m2 bvo 6,0 6,9 7,7 n.v.t. Groothandel specialist Per 100m2 bvo n.v.t. 5,7 5,9 n.v.t. Groothandel algemeen Per 100m2 bvo n.v.t. 6,4 6,4 n.v.t. hoofdwinkelcentrum Per 100m2 bvo 3,5 n.v.t. n.v.t. n.v.t. Buurt- en dorpscentrum Per 100m2 bvo n.v.t. 3,1 3,7 n.v.t. Wijkwinkelcentrum (klein) Per 100m2 bvo n.v.t. 3,7 4,5 n.v.t. Wijkwinkelcentrum (gemiddelde) Per 100m2 bvo n.v.t. 4,4 5,1 n.v.t. Wijkwinkelcentrum (groot) Per 100m2 bvo n.v.t. 4,8 5,7 n.v.t. Stadsdeelcentrum Per 100m2 bvo n.v.t. 5,2 6,3 n.v.t. Weekmarkt Per 100m2 bvo 0,2 0,2 0,2 n.v.t. Kringloopwinkel Per 100m2 bvo n.v.t. 1,3 1,9 2,3 Bruin- en witgoedzaken Per 100m2 bvo 4,0 5,9 7,9 9,3 Woonwarenhuis/woonwinkel (overig) Per 100m2 bvo 1,3 1,7 1,9 2,0 Woonwarenhuis (zeer groot) Per 100m2 bvo n.v.t. n.v.t. 5,1 5,2 Meubelboulevard/woonboulevard Per 100m2 bvo n.v.t. 2,1 2,4 n.v.t. Winkelboulevard Per 100m2 bvo n.v.t. 3,8 4,2 n.v.t. Outletcentrum Per 100m2 bvo n.v.t. 9,2 10,1 10,4 Bouwmarkt Per 100m2 bvo n.v.t. 1,9 2,4 2,5 Tuincentrum (inclusief buitenruimte) Per 100m2 bvo n.v.t. 2,3 2,6 2,9 Groencentrum (inclusief buitenruimte) Per 100m2 bvo n.v.t. 2,3 2,6 3,1 Sport, cultuur en ontspanning Bibliotheek Per 100m2 bvo 0,5 0,8 1,2 1,4 Bioscoop Per 100m2 bvo 3,2 8,0 11,2 13,7 Filmtheater/filmhuis Per 100m2 bvo 2,6 5,3 7,9 9,9 Theater/schouwburg Per 100m2 bvo 7,4 8,0 9,8 12,0 Musicaltheater Per 100m2 bvo 2,9 3,4 4,0 5,1 Casino Per 100m2 bvo 5,7 6,1 6,5 8,0 Bowlingcentrum Per bowlingbaan 1,6 2,3 2,8 2,8 Biljartcentrum/snookercentrum Per tafel 0,9 1,2 1,4 1,8 Dansstudio Per 100m2 bvo 1,6 3,9 5,5 7,4 Fitnessstudio/sportschool Per 100m2 bvo 1,4 3,4 4,8 6,5 Fitnesscentrum Per 100m2 bvo 1,7 4,5 6,3 7,4 Wellnesscentrum Per 100m2 bvo n.v.t. n.v.t. 9,3 10,3 Sauna/hammam Per 100m2 bvo 2,5 4,6 6,7 7,3 Sporthal Per 100m2 bvo 1,6 2,2 2,9 3,5 Sportzaal Per 100m2 bvo 1,2 2,0 2,8 3,6 Tennishal Per 100m2 bvo 0,3 0,4 0,5 0,5 Padelhal Per 100m2 bvo 0,4 0,5 0,7 0,7 Squashhal Per 100m2 bvo 1,6 2,4 2,7 3,2 Zwembad (overdekt) Per 100m2 bassin n.v.t. 10,7 11,5 13,3 Zwembad (openlucht) Per 100m2 bassin n.v.t. 10,1 12,9 15,8 Kunstijsbaan (kleiner dan 400m) Per 100m2 bvo 1,3 1,6 1,9 2,1 Kunstijsbaan

(400m)Per 100m2 bvo n.v.t. 2,3 2,6 2,8 Golfoefencentrum (pitch & put) Per centrum n.v.t. n.v.t. 51,1 56,2 Golfbaan (18 holes) Per 18 holes n.v.t. n.v.t. 96,0 118,3 Indoorspeeltuin/kinderspeelhal gemiddeld en kleiner Per 100m2 bvo 3,1 3,9 4,7 5,1 Indoorspeeltuin, groot Per 100m2 bvo 3,7 4,6 5,6 6,1 Indoorspeeltuin, zeer groot Per 100m2 bvo 3,9 4,9 5,8 6,4 Museum Per 100m2 bvo 0,6 0,8 1,1 n.v.t. Zwemparadijs Per 100m2 bvo n.v.t. n.v.t. 4,0 4,0 Sportveld Per ha, netto terrein 20,0 20,0 20,0 20,0 Stadion Per zitplaats 0,1 0,1 0,1 n.v.t. Ski- en snowboardhal Per 100m2 sneeuw n.v.t. n.v.t. 2,6 n.v.t. Jachthaven Per ligplaats 0,6 0,6 0,6 0,6 Kinderboerderij (stadsboerderij) Per boerderij 3,1 3,9 4,7 5,1 Manege (paardenhouderij) Per box n.v.t. n.v.t. n.v.t. 0,4 Dierenpark Per ha, netto terrein 8,0 8,0 8,0 8,0 Attractie- en pretpark Per ha, netto terrein n.v.t. n.v.t. 8,0 8,0 Plantentuin (botanische tuin) Per gemiddelde tuin n.v.t. 7,5 10,5 13,5 Volkstuin Per 10 tuinen n.v.t. 1,3 1,4 1,5 Horeca Camping (kampeerterrein) Per standplaats n.v.t. n.v.t. n.v.t. 1,2 Bungalowpark (huisjescomplex) Per bungalow n.v.t. n.v.t. 1,7 2,1 1* hotel Per 10 kamers 0,4 0,8 2,4 4,5 2* hotel Per 10 kamers 1,4 2,3 4,1 6,3 3* hotel Per 10 kamers 2,1 3,3 5,0 6,8 4* hotel Per 10 kamers 3,4 5,1 7,2 9,0 5* hotel Per 10 kamers 5,3 7,9 10,6 12,6 Discotheek Per 100m2 bvo 6,9 13,9 20,8 20,8 Café/bar/cafetaria Per 100m2 bvo 5,0 5,0 6,0 n.v.t. Restaurant Per 100m2 bvo 5,0 5,0 6,0 8,0 Evenementenhal/beursgebouw/congresgebouw Per 100m2 bvo 5,5 6,5 8,5 n.v.t. Gezondheid Huisartsenpraktijk (-centrum) Per behandelkamer 2,1 2,5 3,0 3,3 Apotheek Per apotheek 2,3 2,8 3,2 n.v.t. Fysiotherapiepraktijk (-centrum) Per behandelkamer 1,3 1,5 1,8 2,0 Consultatiebureau Per behandelkamer 1,4 1,6 1,9 2,2 Consultatiebureau voor ouderen Per behandelkamer 1,3 1,6 1,9 2,2 Tandartsenpraktijk Per behandelkamer 1,6 2,0 2,4 2,7 Ziekenhuis Per 100m2 bvo 1,4 1,6 1,7 2,0 Crematorium Per gelijke plechtigheid n.v.t. n.v.t. 30,1 30,1 Begraafplaats Per gelijke plechtigheid n.v.t. n.v.t. 31,6 31,6 Penitentiaire inrichting Per 10 cellen 1,7 2,2 3,3 3,7 Religiegebouw Per zitplaats 0,2 0,2 0,2 n.v.t. Verpleeg- en verzorgingstehuis Per wooneenheid 0,6 0,6 0,6 n.v.t. Gezondheidscentrum Per behandelkamer 1,6 1,9 2,2 2,5 Onderwijs Kinderdagverblijf (crèche) Per 100m2 bvo 1,0 1,2 1,4 1,5 Basisschool Per leslokaal 0,8 0,8 0,8 0,8 Middelbare school Per 100 leerlingen 3,7 4,5 4,9 4,9 ROC Per 100 leerlingen 4,7 5,4 5,8 5,9 Hogeschool Per 100 leerlingen 9,3 10,0 10,7 10,9 Universiteit Per 100 leerlingen 13,2 15,2 16,5 16,8 Avondonderwijs of vrijetijdsonderwijs Per 100 leerlingen 4,5 5,6 6,8 10,5 Bijlage4- Aanwezigheidspercentages auto Werkdag ochtend Werkdag middag Werkdag avond werkdagnacht Koop avond Vrijdag middag Vrijdag avond zaterdagmiddag Zaterdag avond Zondag middag woningen bewoners 60 60 90 100 80 70 70 75 80 75 woningen bezoekers 40 50 75 0 70 60 100 100 100 90 kantoor/bedrijven 100 100 5 0 5 60 0 0 0 0 commerciële dienstverlening 100 100 5 0 75 100 5 0 0 0 detailhandel 30 60 10 0 75 60 60 100 0 60 grootschalige detailhandel 30 60 70 0 80 60 70 100 0 3) 0 4) supermarkt 50 60 40 0 80 80 80 100 40 60 sportfuncties binnen 50 50 100 0 100 40 100 100 100 75 sportfuncties buiten 25 25 50 0 50 25 50 100 25 100 bioscoop/theater/podium/enzovoort 5 40 50 0 50 40 100 40 100 40 sociaal medisch: arts/therapeut/consultatiebureau 100 100 10 0 10 75 0 0 0 0 verpleeghuis/verzorgingstehuis 100 100 50 25 50 100 50 100 100 100 ziekenhuis: patiënten inclusief bezoekers 100 100 40 5 40 100 40 40 40 40 ziekenhuis medewerkers 100 100 40 10 40 100 40 20 20 20 restaurant 30 40 80 0 80 60 90 70 100 40 dagonderwijs 100 100 0 0 0 100 0 0 0 0 avondonderwijs 0 0 100 0 100 0 100 0 0 0 Bijlage5– Berekeningsaantallen private parkeerplaatsen auto parkeervoorziening theoretisch aantal berekeningsaantal Enkele oprit (minimaal 5 meter) 1 1 Lange oprit (minimaal 10 meter) 2 1,3 Lange oprit (minimaal 15 meter) 3 2,3 Dubbele oprit (breedte minimaal 4,5 meter) 2 2 Garage 1 0,5 Bijlage6– fietsparkeernormen Functie Eenheid Parkeernorm Wonen Appartement en woning zonder ruimte voor stalling op eigen grond, bezoekers Per woning 0,5 Werken Kantoor (personeel) Per 100 m² bvo 3,5 Kantoor met balie (bezoekers) Per balie 8,0 Winkelen en boodschappen doen Winkelcentrum Per 100 m² bvo 4,0 Supermarkt Per 100 m² bvo 4,3 Bouwmarkt Per 100 m² bvo 0,4 Tuincentrum Per 100 m² bvo 0,4 Fastfoodrestaurant Per locatie 21,5 Restaurant (eenvoudig) Per 100 m² bvo 20,0 Restaurant (luxe) Per 100 m² bvo 4,0 Café Per 100 m² bvo 10 Onderwijsvoorzieningen Basisschool <250 leerlingen (leerlingen) Per leslokaal 12,5 Basisschool 250 – 500 leerlingen (leerlingen) Per leslokaal 14,5 Basisschool >500 leerlingen Per leslokaal 18 Basisschool (medewerkers) Per 10 leerlingen 0,7 Middelbare school (leerlingen) Per 100 m² bvo 16,0 Middelbare school (medewerkers) Per 100 m² bvo 0,9 ROC (leerlingen) Per 100 m² bvo 14,0 ROC (medewerkers) Per 100 m² bvo 1,0 Zorgvoorzieningen en maatschappelijke voorzieningen Apotheek (bezoekers) Per locatie 10,0 Apotheek (medewerkers) Per locatie 7,0 Begraafplaats/crematorium Per gelijktijdige plechtigheid 8,0 Gezondheidscentrum (bezoekers) Per 100 m² bvo 3,0 Gezondheidscentrum (medewerkers) Per 100 m² bvo 0,7 Religiegebouw Per 100 zitplaatsen 41,0 Ziekenhuis (bezoekers) Per 100 m² bvo 0,6 Ziekenhuis (medewerkers) Per 100 m² bvo 0,8 Sport, cultuur en ontspanning Bibliotheek Per 100 m² bvo 5,0 Bioscoop Per 100 m² bvo 7,0 Fitness Per 100 m² bvo 5,8 Museum Per 100 m² bvo 1,4 Sporthal Per 100 m² bvo 3,9 Sportveld Per ha. netto terrein 57,5 Sportzaal Per 100 m² bvo 6,2 Stadion Per 100 zitplaatsen 14,0 Stedelijk evenement Per 100 bezoekers 34,0 Theater Per 100 zitplaatsen 33,0 Zwembad (openlucht) Per 100 m² bassin 43,0 Zwembad (overdekt) Per 100 m² bassin 32,0 1 Parkeren Op Eigen Terrein; dit is een overzicht waarin is aangegeven hoeveel parkeerplaatsen binnen een bouwplan zijn gerealiseerd, of er plaatsen voor het bouwplan buiten het bouwplan zijn gerealiseerd en waar deze zijn gesitueerd. 2 Stichting fietsparkeur, NieuwegeinQA

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.