Participatieverordening OverijsselHoofdstuk1.Algemene bepalingen Artikel1.Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: Participatie: de provincie betrekt inwoners, groepen, organisaties en andere overheden (belanghebbenden) bij het voorbereiden, uitvoeren en evalueren van het provinciale beleid en projecten; inwoners, groepen, organisaties en andere overheden (belanghebbenden) nemen het initiatief om de provincie en ook andere belanghebbenden te betrekken bij hun maatschappelijke initiatieven. Uitdaagrecht: het recht van individuen, groepen, organisaties en andere overheden (belanghebbenden) om een verzoek in te dienen bij het bevoegde bestuursorgaan om de feitelijke uitvoering van een provinciale taak over te nemen. Artikel2.Reikwijdte van de verordening 1.Deze verordening regelt de betrokkenheid van inwoners, groepen, organisaties en andere overheden (belanghebbenden) bij de ontwikkeling – mede omvattend de voorbereiding, uitvoering en evaluatie – van het provinciale beleid en projecten en de rol van het college van Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten van Overijssel in deze processen. De verordening is daarnaast van toepassing op de manier waarop de provincie reageert of ondersteuning biedt aan initiatieven vanuit de samenleving. 2.Deze verordening is niet van toepassing indien het onderwerp al is geregeld in andere al dan niet provinciale regelingen. Hoofdstuk2.Participatie Artikel3.Toepassen van participatie 1.Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden of participatie wordt toegepast en op welke manier. Het bestuursorgaan houdt zich daarbij aan het participatiebeleid, zoals genoemd in artikel 4 van deze verordening. 2.Er is geen participatie mogelijk: ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen; als participatie bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten; als sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft; inzake de vaststelling van de begroting, de tarieven voor provinciale dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk 9 van de Provinciewet; als de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat participatie niet kan worden afgewacht; als het belang van participatie niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de provincie voor kwetsbare groepen in de samenleving. Artikel4Participatiebeleid Ter uitvoering van deze verordening stellen Provinciale Staten participatiebeleid (Participatievisie en -werkwijze) vast. Hoofdstuk3.Uitdaagrecht Artikel5.Toepassen van uitdaagrecht 1.Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen provinciale taken of hierop uitdaagrecht kan worden toegepast. Bij dit besluit houdt het bestuursorgaan zich aan het participatiebeleid, zoals genoemd in artikel 4 van deze verordening. 2.Overname van de uitvoering van een provinciale taak is in ieder geval niet mogelijk: als het een lopend uitvoeringstraject of een ondergeschikte aanpassing daarvan betreft; als het uitdaagrecht bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten; als er sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft; inzake de begroting, de tarieven voor provinciale dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk 9 van de Provinciewet; als de kosten van de uitvoering van de taak boven de Europese drempelwaarde uitkomen; als de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat het benutten van het uitdaagrecht niet kan worden afgewacht; als het belang van het uitdaagrecht niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de provincie voor kwetsbare groepen in de samenleving. Artikel6.Procedure uitdaagrecht 1.In een verzoek tot het uitdaagrecht geeft verzoeker in ieder geval aan: Welke taak de verzoeker van de provincie wil overnemen; Hoe de verzoeker deze taak beter gaat uitvoeren; Wat de kennis en ervaring van de verzoeker zijn; Welke andere personen willen meedoen aan het overnemen van de taak; Wat het resultaat is van het participatieproces met andere belanghebbenden; Hoe hoog de verzoeker denkt dat de kosten van de uitvoering van de taak zullen zijn; Hoe de verzoeker met de provincie wil samenwerken of welke hulp hij nodig heeft; Hoe de verzoeker de kwaliteit en de uitvoering van de taak op de langere termijn wil verzekeren. 2.Het bestuursorgaan beslist binnen 8 weken op het verzoek. Hoofdstuk4.Slot- en overgangsbepalingen Artikel7 Dit besluit treedt in werking zes weken na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst. Artikel8 De Inspraakverordening provincie Overijssel 2005 wordt met ingang van het in artikel 7 bedoelde tijdstip ingetrokken. Artikel9 Als voor de inwerkingtreding van dit besluit is besloten om voor een besluit inspraak te verlenen, dan gelden voor dat besluit de bepalingen van de Inspraakverordening provincie Overijssel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.