/akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR735642 /join/id/stop/work_006 /akn/nl/act/gm1525/2025/omgevingsvisieA /join/id/stop/work_019 2025-02-19 2025-02-19 /akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR735642/nld@2025-02-20 /join/id/proces/gm1525/2025/1_17_nieuweregeling 2025-02-20 2025-02-20 /akn/nl/act/gm1525/2025/omgevingsvisieA/nld@17 /akn/nl/act/gm1525/2025/omgevingsvisieA /akn/nl/act/gm1525/2025/omgevingsvisieA/nld@17 /join/id/stop/work_019 v1 Omgevingsvisie gemeente Teylingen Een florerende toekomst voor Teylingen Een florerende toekomst voor Teylingen Voorwoord Voor u ligt de Omgevingsvisie Teylingen, ‘Een florerende toekomst voor Teylingen’. Het is een aantrekkelijk document geworden, dankzij de waardevolle input van inwoners, ondernemers, overheden en maatschappelijke organisaties. Hartelijk dank daarvoor! We hebben goede gesprekken gevoerd met enthousiaste en betrokken inwoners tijdens (digitale) bijeenkomsten, maar ook in persoonlijke gesprekken met een kop koffie midden in de centra van Voorhout, Warmond en Sassenheim. Teylingen is een prachtige gemeente om te wonen, werken en recreëren. Drie heel eigen kernen gelegen in een rijk divers landschap met een hoge recreatieve, toeristische en economische waarde en potentie. De Teylingers zijn betrokken en wonen hier graag. Zo’n gemeente willen we natuurlijk blijven, maar om te blijven wie je bent moet je ook veranderen en vernieuwen. We zoeken steeds de balans tussen het versterken van onze bijzondere kwaliteiten en het ontwikkelen en innoveren van onze gemeente. De uitdagingen van deze tijd zijn enorm. Denk aan het bouwen van voldoende betaalbare woningen in de gemeente, het op peil houden van het voorzieningenniveau binnen de gemeente, het aantrekkelijk maken van de dorpscentra en de grote opgaven op het gebied van energietransitie en klimaatadaptatie. De Omgevingsvisie werkt de verschillende opgaven voor de fysieke leefomgeving thematisch en gebiedsgericht uit en plaatst die in een integraal afwegingskader in de vorm van de ‘Bloem van Teylingen’. Wij zijn ervan overtuigd dat wij de opgaven als inwoners, ondernemers en gemeente met elkaar goed aan kunnen vanuit de Teylinger mentaliteit van aanpakken en samenwerken. De volgende stap is om deze omgevingsvisie daadwerkelijk tot leven te brengen. Dat doen we graag met elkaar. De gemeente staat daarom van harte open voor initiatieven die hieraan bijdragen. Op die manier geven we samen vorm aan het ontwikkelen van de (fysieke) leefomgeving en zorgen we voor een florerende toekomst voor Teylingen. Het ontwerp van de omgevingsvisie heeft zes weken ter inzage gelegen. Verschillende bewoners en organisaties hebben hun zienswijze op de visie gegeven. Waar mogelijk hebben we die input verwerkt. Bedankt voor deze bijdragen! De gemeenteraad heeft de Omgevingsvisie op 12 december vastgesteld, inclusief reactie op de zienswijze en een aantal amendementen. In deze versie vindt u die allemaal terug. We kijken er naar uit om samen uitvoering te geven aan deze Omgevingsvisie! Names College van Burgemeester en wethouders, Marlies Volten Leeswijzer Hoofdstuk 1 beschrijft de aanleiding voor het opstellen van deze omgevingsvisie. De inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt kort toegelicht, waarna het participatieproces wordt beschreven. Ook wordt de landelijke, regionale en lokale context waarbinnen de omgevingsvisie is opgesteld beschreven en hebben we aandacht voor het schaalniveau van de omgevingsvisie Teylingen. Hoofdstuk 2 beschrijft de kracht van Teylingen: haar identiteit en kernkwaliteiten. Hoofdstuk 3 koppelt en beschrijft de ambities van de gemeente en de negen centrale opgaven aan de hand van de ‘Bloem van Teylingen’. Hoofdstuk 4 betreft een integraal visiebeeld. Ook zijn de opgaven en uitdagingen per deelgebied in een gebiedsgerichte uitwerking uitgewerkt en geprioriteerd ten opzichte van elkaar. Hoofdstuk 5 laat zien hoe de Omgevingsvisie Teylingen 2040 te gebruiken is. We benoemen hier de samenhang met andere Omgevingswetinstrumenten en maken een koppeling met de uitvoering van de omgevingsvisie. We benoemen ook de rolverdeling en de belangrijke samenwerking met de regio. Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Wat is de Omgevingsvisie Teylingen? Aanleiding Deze omgevingsvisie is een verplicht instrument onder de Omgevingswet (inwerkingtreding 2024). Deze wet bundelt 26 bestaande wetten voor onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Het doel is dat hierdoor meer snelheid, flexibiliteit en samenhang komt in de ruimtelijke ontwikkeling. De omgevingsvisie is een belangrijke stap bij de invoering van de wet in de gemeente Teylingen. De Omgevingsvisie Teylingen vervangt de structuurvisie Teylingen uit
(2021)De Duin- en Bollenstreek is een hoogwaardig en prettig woon- en leefgebied met een landelijk karakter tussen de metropoolregio’s Amsterdam/Schiphol, en Den Haag en Rotterdam. De regio kenmerkt zich door haar aantrekkelijke kustplaatsen en duinen, de typische (door de mens gevormde) Hollandse landschappen, de innovatieve bollenteelt en de Duurzame Greenport, de cultuurhistorie en recreatieve mogelijkheden (Keukenhof, Limes, trekvaarten en plassen, landgoederen, et cetera) en doordat het er goed wonen en werken is. De regio presenteert de volgende regionale opgaven: a. Prettige leefomgeving en vitale dorpskernen: De leefomgeving die we met elkaar willen realiseren in onze regio moet altijd ondersteunend zijn aan het geluk, de gezondheid en de veiligheid van onze inwoners. De woon-, werk- en leefgebieden nodigen uit tot gezond gedrag en de natuur en het open landschap is altijd dichtbij. b. Open ruimte: We willen de identiteit van de Duin- en Bollenstreek versterken met behoud van natuur, een open cultuurlandschap met een transitie naar een duurzame bollenteelt en landbouw met meer biodiversiteit en aandacht voor klimaatadaptatie. Een ruim recreatief routenetwerk verbindt de woon-, werk- en leefgebieden met de recreatiegebieden en natuurlijke landschappen. c. Grote woningbouwopgave: We kiezen ervoor om het woningaanbod kwalitatief en kwantitatief te laten meegroeien met de vraag. Tot 2030 zijn de woningbouwlocaties benoemd. Ook daarna vangen we een groot deel van de regionale woningbouwopgave op in het gebied rond de Oude Rijn. Daarnaast anticiperen we op de grootschalige verstedelijking aan de overkant van de Ringvaart. Bij de overige dorpskernen is op kleine schaal ruimte om in de lokale behoefte voor wonen/werken te voorzien. d. Economie: Onze economie rust in sterke mate op de onderdelen recreatie en toerisme, de zorgsector, bollenteelt en handel, space, lifescience en health en het mkb. We vergroten economische draagkracht door het vergroten van de werkgelegenheid in nabijheid, het inzetten op de nieuwe economie en het verkleinen van uitgaande pendel. We stimuleren een innovatieve (nieuwe) economie en werkgelegenheid (functiemenging en zzp-ers) met bijbehorende netwerken. e. Energietransitie: Alle gemeenten zetten zich in om energiebesparingen te realiseren. Daarnaast werken we aan de opwek, vervoer- en opslag en het gebruik van schone energiebronnen zoals windenergie, zonne-energie, aquaen geothermie. Kosten/baten/draagvlak overwegingen en energie-infra dicht bij de eindgebruiker zijn daarbij belangrijke aandachtspunten. Windturbines en zonnevelden realiseren we in principe langs de bestaande en nieuwe infrastructuren, mits het cultuurlandschap zoveel mogelijk bewaard blijft. f. Klimaatadaptatie: Binnen de streek wordt (grootschalige) waterberging gerealiseerd om hevige regenval op te vangen. Hierbij verzilveren we meekoppelkansen met andere functies als natuur, recreatie, energie en mobiliteit. We treffen maatregelen om bodemdaling te voorkomen, zorgen voor voldoende groen in bebouwd gebied en we zorgen voor adequate kustversterking. g. Bereikbaarheid en mobiliteit: We starten het proces om samen met Provincie en Rijk structurele oplossingen te kunnen realiseren die randvoorwaardelijk zijn om de genoemde ambities te kunnen realiseren. Het onderhouden en uitbouwen van de noord-zuidverbindingen, het aanleggen van hoogwaardige oostwest verbindingen voor (H)OV en nieuwe weginfrastructuur aan de zuidkant van de streek, krijgt veel aandacht. Het realiseren van mobiliteitshubs kan als schakel tussen de (vervoers)systemen dienen om ketenmobiliteit te bevorderen, met gebruik van slimme mobiliteit. Voor de Placemat Strategische Agenda Ruimte Duin- en Bollenstreek klik hier. Aan de strategische agenda is ook een Uitvoeringsprogramma Duin- en Bollenstreek en een Economische Agenda Duin- en Bollenstreek gekoppeld. Belangrijke prioriteiten hierin zijn op een aantal onderdelen benoemd in de omgevingsvisie Teylingen. Regionaal - Regionale Omgevingsagenda 2040 Holland Rijnland De Duin- en Bollenstreek is als ‘subregio’ onderdeel van de grotere regio Holland Rijnland. In dat verband is Teylingen onderdeel van de Regionale Omgevingsagenda 2040 Holland Rijnland (ROA; zie het kader hieronder), de Regionale Energiestrategie (RES 1.0) en de Regionale Mobiliteitsstrategie. Hierin zijn op regionaal niveau strategische keuzes tot 2040 gemaakt die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zoals leefbaarheid, wonen, werken, mobiliteit, natuur en landschap, economie en toerisme, klimaat en energie. De Regionale Omgevingsagenda 2040 (ROA) bespreekt hoe op integrale wijze alle ruimtevragende functies een plek kunnen krijgen in de regio of waar keuzes gemaakt moeten worden. Hieronder staan eerst kort de belangrijkste kwaliteiten (de ‘vele gezichten’) weergegeven en vervolgens de keuzes voor de toekomst, zoals die staan beschreven in de omgevingsagenda. Een regio met vele gezichten De gevarieerde economie met topsectoren in de regio biedt kansen voor verdere regiobrede vernieuwing. Met onder meer het Bio Science Park, Unmanned Valley, de Greenports, een krachtig en sterk mkb, als ook een universiteit en verschillende hbo- en mbo-instellingen hebben we hiervoor in de regio Holland Rijnland de kennis, kunde en kwaliteiten in huis. Wat wordt bedacht, kan ook worden gemaakt. En we hebben nog ruimte voor vestiging van nieuwe bedrijven. Het spoor Brussel-Rotterdam-Amsterdam, autosnelwegen A4, A44, N11 en A12 én goede mogelijkheden voor (duurzaam) containervervoer, maakt onze regio goed verbonden met zowel noord, zuid áls oost. Station Leiden Centraal vormt het centrale ov-knooppunt en verbindt de regio met de wereld om ons heen. Zee, strand, duinen, strandwallen en -vlakten, landgoederen en bloembollenvelden, Hollandse plassen, droogmakerijen en veenweidegebieden in het Groene Hart, aaneengeregen door de Oude Rijn, maken Holland Rijnland aantrekkelijk om te leven, te recreëren en te bezoeken en dat alles in het meest verstedelijkte deel van het land. Dit brede palet aan kwaliteiten en mogelijkheden willen we koesteren én voorbereiden op de grote (transformatie) opgaven van de toekomst. Samen keuzes maken voor de toekomst De verschillende ruimtevragende activiteiten in Holland Rijnland zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dat leidt tot de integrale hoofdopgave: zoeken naar balans. We nemen daarbij in de regio onze verantwoordelijkheid voor nu én in de toekomst. We werken samen aan een sterke, gezonde en toekomstbestendige regio. We bouwen in regionaal verband de topsectoren Life Science, Space en Health uit en ontwikkelen nationaal en internationaal opererende kennisclusters tot centers of excellence. Hier sluiten we het breed mkb op aan, zo werken we aan een sterke kenniseconomie en complementaire bedrijvigheid. In combinatie met versterking van de economie is passende huisvesting noodzakelijk, zeker gezien de huidige wooncrisis, daarom realiseren we binnen Holland Rijnland flinke woningbouwaantallen. Binnen een ecologisch raamwerk worden de functies wonen en werken gecombineerd met (nieuwe) natuur en water. Woningbouw levert zo een bijdrage aan biodiversiteit, klimaatbestendige inrichting en groene en gezonde steden. We kiezen voor geconcentreerde verstedelijking om het landschap te sparen en programmeren woningbouw zoveel mogelijk in de nabijheid van hoogwaardig openbaar vervoer. Investeringen in infrastructuur voor verschillende vormen van mobiliteit en in de energievoorziening zijn nodig om de condities voor deze groei op orde te brengen. Vanuit onze afspraken in het Klimaatakkoord en de uitwerking in de Regionale Energiestrategie (RES 1.0) creëren we voldoende plekken om duurzame energie op te wekken. De Greenports en agrarische bedrijven zijn een belangrijk onderdeel van onze economie en maken samen het landschap. We zoeken naar een balans tussen deze sectoren en natuurlijke processen die beide worden beïnvloed door de klimaatverandering. Dat vraagt om een toekomstperspectief voor ons landschap. En daarbij betrekken we onze partners in het groen, maar nadrukkelijk ook in de blauwe sector (zoals het Hoogheemraadschap). We houden de lange termijn steeds in het vizier: we respecteren bestaande afspraken en zoeken tegelijkertijd voor de middellange en lange termijn naar aanvullende oplossingen. Zo een aanvulling is de introductie van de as Katwijk-Leiden-Alphen aan den Rijn als drager voor duurzame verstedelijking in Holland Rijnland. Dat betekent dat we inzetten op beperkte extra woningbouw in of nabij de overige kernen. Hierbij is wel van belang dat de kernen vitaal blijven. Beperkte extra woningbouw is mogelijk, primair voor de lokale behoefte. Rondom de vitale en veelkleurige kernen is voldoende natuur en water dichtbij huis. Dat maakt onze regio tot een prettig leef- en vestigingsgebied, aantrekkelijk voor recreatie en toerisme. Onze groengebieden koesteren én beschermen we. Tegelijkertijd zijn we ons ervan bewust dat het landgebruik zoals we dat nu kennen onder druk staat door de klimaatverandering. Dit hangt ook sterk samen met de beschikbaarheid en het gebruik van water. Andere teelt moet in de toekomst wellicht mogelijk zijn. Zo zou bijvoorbeeld bollenteelt plaats kunnen maken voor biobased gewassen die nodig zijn voor de bouw en die bijdragen aan verlaging van de CO2 uitstoot. Parallel aan de nadere uitwerking van een integrale verstedelijkingsstrategie voor Holland Rijnland willen we daarom toewerken naar een nadere uitwerking van een regionale landschapsstrategie, als toekomstperspectief voor het landschap: ‘de kracht van rust en ruimte’. Met de Regionale Omgevingsagenda zetten we met de regio een stip op de horizon. Zo levert Holland Rijnland een bijdrage aan nationaal en provinciaal beleid en bestaande afspraken over verstedelijking, economie en mobiliteit, met als doel een sterke en gezonde toekomstbestendige regio. Beeld: Posad Maxwan Schaalniveau omgevingsvisie De omgevingsvisie gaat over verschillende schaalniveaus. Het is in hoofdzaak een verhaal op gemeentelijk niveau, dat past binnen de grotere perspectieven van Nederland en van de Duin- en Bollenstreek. Maar we dalen ook nog af naar een koers per deelgebied om de gemaakte keuzes concreet te maken en uitgangspunten scherp te krijgen. Het gaat dan om de woongebieden van Sassenheim, Voorhout en Warmond, de centrumgebieden van die drie kernen, de aanwezige bedrijventerreinen, de Kagerplassen en omgeving, de bollenvelden, de graslanden en het veenweidegebied. De omgevingsvisie is nadrukkelijk geen inrichtingsplan of blauwdruk. Daarom zoeken we in de omgevingsvisie niet het niveau van ‘de stoeptegel’ op, maar hebben we het over de strategische ambities (waar willen we naartoe), opgaven (wat moeten we daarvoor doen) en keuzes (hoe gaan we dat voor elkaar krijgen) op hoofdlijnen. We leggen in deze omgevingsvisie ook een relatie met andere relevante beleidsdocumenten, zoals de Strategische Agenda van de Duin- en Bollenstreek, de Regionale Energie Strategie, het gemeentelijke Woonprogramma, de Mobiliteitsvisie, de Maatschappelijke Agenda en de Centrumvisies en Centrumplannen. Daardoor kan het wel zijn dat sommige thema’s, en/of deelgebieden net iets concreter zijn uitgewerkt dan anderen. Sommige van de bestaande beleidsstukken gaan namelijk al gedetailleerd in op bepaalde thema’s, waarbij ander beleid dat minder doet of nog in de maak is. We hebben daarom de keuze gemaakt om waar mogelijk ambities juist al op een concreet detailniveau te beschrijven. Hiermee zetten we een duidelijke stip op de horizon. Ook is het postief bij het opstellen van regels in het omgevingsplan. Bovendien zijn bewoners, ondernemers en organisaties zo beter op de hoogte van wat zij van de gemeente kunnen verwachten. In het vervolg zal de omgevingsvisie ook met regelmaat worden geactualiseerd en daarmee op bepaalde punten scherper en concreter worden. Hoofdstuk 2 De identiteit van Teylingen 2.1 De identiteit, kernkwaliteiten en waarden De identiteit en kernkwaliteiten van de gemeente Teylingen lopen als ‘rode draad’ door de omgevingsvisie. We willen de lijnen uit het verleden verrijken en doortrekken naar de toekomst. De kernkwaliteiten vormen daarmee de kern (zie onderstaande afbeelding) voor de gemeentebrede koers en het afwegingskader, dat helpt bij zowel het maken van beleidskeuzes, als bij het afwegen van initiatieven. De beleidskeuzes, uitvoeringsgerichte stappen en initiatieven kunnen door de jaren heen wisselen, maar de identiteit en kernkwaliteiten blijven als het goed is min of meer gelijk. Hiermee bieden we een solide basis voor de ontwikkeling van onze mooie gemeente. In dit hoofdstuk beschrijven we daarom de identiteit van Teylingen in het hier en nu. Teylingen kent nu al vele kwaliteiten. Een belangrijk doel van deze omgevingsvisie is namelijk om de al bestaande kwaliteiten van Teylingen in de toekomst te behouden en zoveel mogelijk te versterken. We starten dan ook niet op ‘nul’. De identiteit van Teylingen kenmerkt zich door de volgende kernkwaliteiten en -waarden: 2.2 Een beknopte ontstaansgeschiedenis van de gemeente Teylingen Ontstaan op oude strandwallen De kuststrook waaraan de gemeente Teylingen ligt, behoort tot de oudst bewoonde delen van Holland. Vanaf zo’n 5.000 jaar geleden zijn in dit gebied strandwallen ontstaan door inwerking van de zee, waarbij jongere strandwallen gevormd werden ten westen van de oudere. De kernen Sassenheim, Voorhout en Warmond zijn ontstaan op de oude strandwallen, toen de kust dus meer naar het oosten lag dan tegenwoordig. Deze ontwikkeling van strandwallen duurde tot in de Romeinse Tijd. Als gevolg van zandwinning, uitbreiding van steden en dorpen en grondbewerking voor de bloembollenteelt zijn in de regio de strandwallen inmiddels geheel afgegraven. Het moerasgebied ten oosten van de oude strandwal veranderde in de loop der eeuwen in veengebied, die werden bedijkt, ingepolderd en in cultuur gebracht. Afbeelding: een kaart uit 1645 met een landschap van oude strandwallen en strandvlakten Afbeelding: oude strandwal bij Voorhout, in gebruik als akkerland. Aan weerszijden liggen de strandvlakten, in gebruik als weiland. De tijd van de ridderhofsteden Vanaf het jaar 1150 begonnen de edelen van Teylingen een voorname rol te spelen in de streek. In de 13e eeuw ontstonden een drietal ridderhofsteden rond Sassenheim: aan de zuidzijde, nabij de aftakking van de strandwal naar Warmond een kasteel van de heren van Alkemade; aan de NO-zijde, aan de oostelijke rand van de strandwal (aan de “Leede”) de ridderhofstede Ter Leede; en vlak ten noorden van het dorp lag een door een gracht omgeven volksburcht langs de westelijke rand van de strandwal. Heer Dirk van Teylingen liet deze waterburcht rond 1250 uitbouwen en versterken tot een woonburcht. Het Slot Teylingen werd een regelmatige verblijfplaats voor de Hollandse graven en gravinnen. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog werd Teylingen in brand gestoken en daarna gedeeltelijk hersteld. Nog later brandde de donjon uit en daarna verviel het kasteel tot wat we nu nog kennen als de Ruïne vanTeylingen. Afbeelding: 19e-eeuwse prent van Slot Teylingen Buitenplaatsen en de bollenteelt In de 17e eeuw raakte het binnenduingebied in trek bij rijke kooplieden en aristocraten uit Amsterdam, Haarlem, Leiden en Den Haag, die zich naast hun huis in de stad een buitenplaats konden veroorloven. Oostergeest en het Bos van Krantz (het parkbos rond Huys te Warmont) in Warmond, het Overbosch in Voorhout, en Buitenplaatsen Groot Leerust en Rusthoff in Sassenheim zijn ingericht in de Engelse landschapsstijl die in de 18e eeuw populair was en de natuur als inspiratiebron had. Na de Franse Revolutie raakten veel buitenplaatsen in verval. Het onderhoud van de landhuizen, tuinen en duinbossen was niet meer op te brengen en veel personeel werd ontslagen. De eigenaren zochten andere economische functies voor hun gronden: de bossen werden gekapt en het duinzand werd afgevoerd en gebruikt voor de aanleg van stadswijken en spoorlijnen. In de overblijvende moestuinen begonne nde tuinlieden van de buitenplaatsen voor zichzelf. Ze experimenteerden met het telen van bloembollen en het veredelen van nieuwe soorten planten en bloemen. Aanvankelijk teelde men bloembollen als bijverdienste, maar al snel bleek dat tulpen, hyacinten en narcissen uitstekend gedijen op deze zandgronden. Overal in de Bollenstreek ontstonden bedrijven die waren gespecialiseerd in de teelt en de behandeling van bloembollen. Vooral tijdens het eerste kwart van de twintigste eeuw beleefde het bloembollenvak gouden tijden. Afbeelding: Bloemistknechts en bollenarbeiders in de 20e eeuw Afbeelding: een bloembolkunstwerk in Voorhout Van industrialisatie naar moderne tijd In 1657 werd ook de Leidsevaart gegraven, die van Haarlem naar Leiden loopt en destijds een belangrijke route voor trekschuiten. Warmond ontwikkelde zich van boerendorp naar een ‘Heerlijkheid’ tot een welgesteld dorp aan de Kagerplassen. Het recreatie-eiland Koudenhoorn werd in de tachtigerjaren ingericht. Afbeelding: de Leidsevaart ter hoogte van de voormalige boerderij De Knip Voorhout begon langzaam te groeien door de aanleg van de Leidse trekvaart en de bollenteelt. In 1842 wordt ook de spoorlijn Haarlem-Leiden geopend. Het dorp Voorhout groeit al enkele decennia zeer snel, vanwege de bouw van nieuwbouwwijken, zoals Oosthout, HooghTeylingen, Hooghkamer en Nieuw Boekhorst. Sassenheim ontwikkelde zich vooral als industriegemeente én forensengemeente. Modernisering van panden en nieuwbouw zorgden voor drastische veranderingen in de bebouwing. Veel van het karakteristieke dorpsgezicht ging daarmee verloren. Vanaf de 50-erjaren is de nadruk komen te liggen op het aantrekken van lichte industrie met industrieterreinen als Jagtlust, Industriekade en Sassenheim-Zuid. De ligging direct aan de Rijksweg A44 is hierbij belangrijk geweest. De ontwikkeling als woongemeente is geleidelijk verlopen met de ontwikkeling van woonwijken zoals Postwijk, de Kagerbuurt, Wasbeek, Mennepark en Overteylingen. Sassenheim heeft zich van de 3 kernen het meest nadrukkelijk ontwikkeld tot winkelcentrum. Afbeelding: Huys te Warmont Op 1 januari 2006 is de gemeente ontstaan door samenvoeging van de voormalige gemeenten Sassenheim, Voorhout en Warmond. Teylingen kent ook drie kleine buurtschappen genaamd Klinkenberg, Oosteinde en Teijlingen. De naam van de gemeente is uiteraard afgeleid van het voormalige Slot Teylingen, nu een ruïne in de buurtschap Teijlingen. Afbeelding: luchtfoto van Warmond Afbeelding: Drie rijksmonumenten in Sassenheim: Ruïne van Teylingen, Gebr. Bergman en Monte Carlo Hoofdstuk 3 De 'Bloem van Teylingen': kernboodschap, ambities en opgaven 3.1.1 De Bloem van Teylingen: onze kernboodschap en ambities Om onze kernboodschap, ambities en opgaven met elkaar te verbinden is de Bloem van Teylingen ontwikkeld. De bloem geeft duidelijk weer hoe wij, vanuit onze kernkwaliteiten, invulling geven aan onze florerende toekomst. We geven inhoud aan onze kernboodschap en drie ambities door de komende jaren aan de slag te gaan met negen hoofdopgaven. De bloem is leidend voor ruimtelijke ontwikkelingen en nieuwe initiatieven in onze gemeente. Teylingen is een prachtige gemeente om te wonen, werken en recreëren. Drie heel eigen kernen gelegen in een rijk divers landschap met een hoge recreatieve, toeristische en (regionaal) economische waarde en potentie. De Teylingers zijn betrokken en wonen hier graag. Zo’n gemeente willen we natuurlijk blijven. Maar om te blijven wie je bent moet je ook veranderen. Teylingen wenst de eigen identiteit, bijzondere waarden, kwaliteiten en variatie in zowel kernen als landschap te behouden en waar mogelijk te versterken. We zoeken hierin steeds de balans met het versterken van onze bijzondere kwaliteiten maar ook met ontwikkelen en innoveren van onze gemeente. Voor onze volgende generaties willen we een duurzame gemeente zijn die ook gekenmerkt kan worden als een ‘Global Goal gemeente1’. Afbeelding: de 'Bloem van Teylingen' Onze kernboodschap luidt dan ook: In Teylingen zijn behoud, versterking, ontwikkeling en innovatie in balans om o pde lange termijn een florerende gemeente te zijn en blijven. Een florerende Toekomst voor Teylingen. De kernboodschap is de stamper van onze Bloem van Teylingen. Om deze belangrijke kernboodschap uit te dragen zetten we in de Omgevingsvisie Teylingen drie ambities centraal. We streven ernaar dat in de gemeente Teylingen de volgende drie ambities altijd in balans zijn: a. Goed leven met verbinding tussen mensen b. Beleefbaar en toekomstbestendig hart in de Duin- en Bollenstreek c. Werken aan een vitale en duurzame economie Deze drie ambities staan gelijk aan vormen van ecologische-, sociale- en economische duurzaamheid en komen voort uit de Triple P gedachte van duurzame ontwikkeling: People-Planet-Profit/Prosperity. De Triple P gedachte gaat er vanuit dat mensen, planeet en welvaart op een harmonieuze wijze samengebracht moeten én kunnen worden, omdat alleen dan een duurzame toekomst gerealiseerd kan worden. 1 Sinds 2020 is Teylingen een ‘Global Goal gemeente’. De Global Goals (ook wel SDG’s) zijn duurzame ontwikkelingsdoelen, vastgesteld door de Verenigde Naties. Het eerste en belangrijkste doel is: minder extreme armoede in
- 3.1.2 De Bloem van Teylingen: onze opgaven Hoe houdt Teylingen de komende jaren de drie bovenstaande ambities in balans? Teylingen heeft vele verschillende opgaven die variëren van het bouwen van woningen en aanleggen van groen/blauw tot het stimuleren van circulariteit. Deze opgaven zijn soms goed samen te realiseren. Maar soms ook niet. Alle opgaven vragen iets van de gemeente. Belangrijkste is dat zij vragen om ruimte. We willen zorgvuldig en creatief met de beschikbare ruimte omgaan, zodat we Teylingen aantrekkelijk en leefbaar houden. Meervoudig ruimtegebruik om binnen onze beperkte ruimte meerdere ambities en opgaven te vervullen, kan hierbij een belangrijke oplossingsrichting zijn. Hoe we invulling geven aan onze hoofdopgaven komt voort uit onze drie ambities. Door de verschillende opgaven met elkaar te verbinden kan een integrale oplossing (oplossing voor meerdere vraagstukken) worden gevonden en daarmee een grotere bijdrage worden geleverd aan de ambities. In de omgevingsvisie zijn negen centrale opgaven uitgewerkt die goed het brede palet aan opgaven en ambities weergeven. De negen hoofdopgaven zijn: a. Natuurlijk en groen b. Cultureel en beleefbaar c. Energieneutraal en klimaatbestendig d. Fijn wonen voor iedereen e. Sociaal en vitaal f. Veilig en leefbaar g. Ondernemend h. Recreatief en toeristisch i. Bereikbaar In de volgende paragrafen zijn de negen centrale opgaven verder uitgewerkt. Per opgave zijn de belangrijkste thema’s benoemd. De opgaven zijn verrijkt met een aantal kaarten die de huidige situatie, belangrijke plekken of lijnen, beschermingsgebieden of juist ambities beschrijven. De kaartelementen zijn gebaseerd op vastgesteld beleid of nieuwe ambities. 3.2.1 Natuurlijk en Groen Trends en ontwikkelingen Eén van de kernkwaliteiten van Teylingen is de hoge landschappelijke (waterrijke) diversiteit met haar kleurrijke bollngebied, Hollandse veenweidelandschap, prachtige recreatieve Kagerplassengebied en enkele parken, groengebieden en landgoederen. Het is zaak deze diversiteit te behouden en te versterken. Zeker met de trends en ontwikkelingen die ook voor Teylingen van belang zijn en invloed hebben op natuur en groen: Landschappelijke structuren vervagen of verdwijnen zelfs. Er komen veel (nieuwe) ruimteclaims op het landschap af. De biodiversiteit neemt af en de kwaliteit van natuur/water is er doorgaans slecht aan toe. Ruimtelijke-, water- en milieucondities zijn niet op orde voor natuurbehoud. Water en Bodem1 sturend heeft de nodige implicaties voor de leefomgeving en ondergrond. Opgaven Toekomstbestendig en toegankelijk maken van onze landschappen We zetten in op het behoud en de versterking van de diversiteit in landschappen met aandacht voor cultuurhistorie. Er ligt hier ook een relatie met een rendabel en duurzaam toekomstperspectief voor landbouw. Een klimaatrobuuste inrichting van het landschap en gevarieerde biodiversiteit heeft onze voorkeur. Qua routes zetten we in op het creëren van stevigere oost-west verbindingen, van het ene landschap naar het andere landschap. Dit draagt ook bij aan de recreatieve beleefbaarheid. Voor het veenweidegebied geldt dat de focus ligt op de beleefbaarheid van het weidse Hollandse landschap en landschapsverbetering. Met name ook het tegengaan van bodemdaling, het verbeteren van bodem-/ waterkwaliteit en het versterken van biodiversiteit onder andere ten behoeve van weidevogels. In dit kader ligt een opgave tot transitie naar een meer natuurinclusieve kringlooplandbouw en natuurontwikkeling. Het vernatten van het veenweidelandschap is een mogelijke maatregel en zou kunnen leiden tot verdere extensivering van het landgebruik. Daarnaast zetten we in op het beleefbaar maken van het landschap (onder andere behoud/versterken zichtlijnen en realiseren routes) en bieden van ruimte voor kleinschalige recreatie. Het Kagerplassengebied is aangewezen als provinciale groene buffer. De focus ligt op natuurbehoud, het verbeteren van de ecologische kwaliteit en ruimte bieden voor recreatieve ontwikkelingen op het water (bijvoorbeeld varen/zeilen etc.), onder andere op Koudenhoorn. Hierin is het zaak een goede balans te vinden om te voorkomen dat een te hoge recreatieve druk een bedreiging vormt voor de biodiversiteit. We denken daarom met aanvragers mee hoe initiatieven goed ingepast kunnen worden. Elke ontwikkeling heeft namelijk effect op landschap en biodiversiteit. Voor de strandwallen en de strandvlaktes ligt de focus op de cultuurhistorische en recreatieve waarde van de landgoederenzone en de bollenteelt als vitale economische sector. Het is van belang om het bollengebied te herstructureren (het ISG beleid is hierin leidend), ruimtelijke structuren te versterken, beeldkwaliteit te verbeteren/ verrommeling tegengaan (onder andere accentueren entrees en bermen), biodiversiteit te versterken (onder andere ecologische akkerranden en ecologische verbindingen) en duurzame innovatie in de bollensector aan te jagen. Teylingen kent al succesverhalen waar ook agrariërs als landschapsbeheerder optreden en zich richten op weidevogelbeheer. Het behoud van agrariërs in de omgeving is van groot belang. Functiemenging en verschillende vormen van landbouw zijn noodzakelijk voor de toekomst. Te denken valt aan verbouw van voedsel, gewassen voor bouwmaterialen, educatie/recreatie en verbinding met natuur en landschapsbeheer. Het wijkgroen versterken in de dorpen We hebben de ambitie om het wijkgroen in de dorpen te versterken. Dit hangt ook sterk samen met het klimaatadaptief maken van de dorpen. We hanteren 50 – 100m2 nieuw openbaar groen per nieuw te realiseren woning . Daarnaast nemen we de 3-30-300 vuistregel op als norm bij nieuwe ontwikkelingen en herstructurering (zie kader). We streven naar 3 zichtbare bomen vanuit elk huis. De 30% staat voor boomkroonbedekking van de wijk, de wijk moet voor 30% in de schaduw liggen. Binnen 300 meter vanuit huis ben je bij een park of groene verblijfsruimte. We zetten in op het creëren van een robuuste bomenstructuur en het vergroten van het boomkroonoppervlak waarbij we groengebieden verbinden. Er loopt momenteel een traject voor een groenbeheerplan gericht op behoud van groen, beheer van groen en mogelijke vervanging van groen (het groenbeheerplan is in 2022 vastgesteld en loopt tot 2031). Uitgangspunt is meer biodiversiteit en de juiste boom op de juiste plek. We betrekken inwoners en ketenpartners bij het vergroenen van de omgeving. De energietransitie knelt op sommige vlakken met de klimaat- en biodiversiteitsopgaven. Nu meer bewoners zonnepanelen op hun daken leggen, neemt ook het aantal verzoeken toe om bomen te kappen. Dit i.v.m. de schaduw die een boom kan geven op de panelen. De energietransitie zou niet moeten leiden tot het verlies van groen en natuurwaarden (met name in de centra/woonwijken). Betere bomen: kwaliteit voor kwantiteit In een gezonde samenleving spelen bomen een onmisbare rol. Ze zijn niet alleen mooi of imposant om te zien, ze zijn ook functioneel en vertegenwoordigen verschillende functies en waarden. Dit zijn ecologische, cultuurhistorische en sociale waarden. Bomen hebben ook stedenbouwkundige-, ruimtelijke en milieutechnische functies. De visie op bomen die is vastgelegd in het bomenbeleid is de volgende: ‘Kwaliteit voor kwantiteit door toepassing van de juiste boom op de juist plaats’. Het Teylingse bomenbeleid hanteert daarbij de volgende vijf uitgangspunten: a. Het bomenbestand moet vitaal en toekomstbestendig zijn en daarmee minder vatbaar voor ziekten en aantastingen. b. Het bomenbestand moet aantrekkelijk blijven en structureel in kwaliteit verbeteren. c. Het bomenbestand moet een meerwaarde geven aan de leefomgeving, de beleving en de ecologische waarde. d. Bomen moeten in hun groeiplaats duurzaam tot volle wasdom uit kunnen groeien. e. Het bomenbeleid moet draagvlak hebben bij de bewoners. Participatie gaat een steeds grotere rol spelen, ook bij boombeheer. Afbeelding: Een grote boom in het straatbeeld van Sassenheim, Beatrixstraat vanuit Tijlooststraat Verbeteren leefomgeving inheemse flora en fauna soorten Voor een gezonde en prettige leefomgeving zijn de kwaliteit en kwantiteit van groen en water in de gemeente van belang. Bij biodiversiteit gaat het om de verscheidenheid aan levensvormen (flora en fauna) op aarde, ofwel de diversiteit aan soorten die onderling in een samenhangend geheel (een ecosysteem) met elkaar en met hun omgeving verbonden zijn. Ecosystemen leveren ook producten en diensten die onmisbaar zijn voor mensen. Voorbeelden van deze ecosysteemdiensten zijn schone lucht, voorkomen van hittestress, opnemen of vastleggen van CO2, waterberging en ruimte voor ontspanning. Verlies aan biodiversiteit is dus niet alleen het verlies van (bedreigde) soorten, maar leidt ook tot een vermindering van de kwaliteit van onze leefomgeving en kan invloed hebben op onze gezondheid. Via landelijk en gemeentelijk natuurbeleid wordt geprobeerd om de natuur te beschermen en de wereldwijde afname in biodiversiteit af te remmen. Ambities voor Teylingen bestaan uit:
- behouden huidig niveau aan soorten
- verbeteren huidig niveau en
- bewustwording creëren. We hebben als doel het verbeteren van de leefomgeving voor aangewezen ambassadeursoorten en meeliftende doelsoorten, per leefgebieden en de verbindingen daartussen. Hierdoor blijft de lokale biodiversiteit behouden en wordt het verbeterd in het diverse landschap dat Teylingen rijk is. Een verbetering van het leefklimaat voor dieren en planten, heeft tevens als effect dat het leefgebied van de mens verbetert. Zowel voor de huidige als toekomstige generatie(s). Dit is overigens een langdurig proces en het kan dan ook lang duren voordat effecten zichtbaar worden. De gemeenteraad heeft in haar Raadsprogramma 2022-2026 ‘Samen maken we Teylingen’ benoemd dat zij het aantal dieren en planten in de gemeente willen vergroten. Ook is dit benoemd in het plan Duurzame Ontwikkeling Teylingen 2020-
- Hoe we de lokale biodiversiteit een impuls geven is uitgewerkt in het recent vastgestelde Programma Biodiversiteit. Het Programma gaat, binnen de dorpen en in het buitengebied, zorgen voor een vergroting van de biodiversiteit. Maatregelen om de lokale biodiversiteit te bevorderen hebben betrekking op o.a. het aanbrengen van groen dat erop is gericht om het leefgebied van specifieke faunasoorten te verbeteren, ecologisch groenbeheer, en natuurinclusief bouwen. De gemeente Teylingen zorgt zelf actief voor de verbetering van de biodiversiteit met haar partners. Ook Holland Rijnland zorgt ervoor dat er vanuit het Regionaal Groenprogramma fondsen ter beschikking worden gesteld om projecten uit te voeren die biodiversiteit vergroten. Meer leest u op https://www.teylingen.nl/biodiversiteit Regie voeren op bodem en ondergrond Voor het realiseren van diverse maatschappelijke opgaven is de bodem en de ondergrond onmisbaar. Denk daarbij aan zaken als energietransitie, woningbouw, klimaatadaptie, een gezonde en veilige leefomgeving, onder- en bovengrondse infrastructuren en verbetering van de biodiversiteit. Het gebruik van de ondergrond is ook onlosmakelijk verbonden met het gebruik van de bovengrond. Maatregelen op of in de bodem en ondergrond, die getroffen worden ten gunste van de ene opgave hebben vaak ook effect op de andere opgaven. Daarnaast hebben we de aandacht voor de omgang met nieuwe ruimteclaims, ook in de ondergrond. We beschouwen bodem en ondergrond daarom in een vroeg stadium bij gebiedsontwikkeling en planvorming en houden ook rekening met toekomstig gebruik van de ondergrond (meervoudig gebruik). Bij de toekenning van functies voor gebieden houden we rekening met de aanwezige kwaliteit van de bodem. We staan geen kwaliteitsverslechtering toe van de bodem en waar mogelijk hebben we de voorkeur voor een verbetering. We voorkomen nieuwe verontreinigingen en overige aantastingen van de bodem en saneren of beheren bestaande verontreinigingen. We zien toe op een goede balans tussen benutten en beschermen van de bodem. We staan voor het duurzaam, veilig en efficiënt benutten van de bodem. Hierbij wordt rekening gehouden met archeologische waarden in de bodem. Water en Bodem sturend Het is belangrijk om Water en Bodem sturend te laten zijn in nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. In de kamerbrief2 wordt actie door ’Water en Bodem sturend’ op onder andere de volgende aspecten concreet gemaakt: Toename van zoetwatervoorraden door het opslaan van regenwater (waterberging) Niet meer bouwen op plaatsen die later nodig zijn voor het bergen en afvoeren van water, zoals in de diepste delen van diepe polders. Het minder bedekken van de bodem (minder stenen in de stad) voor een gezondere bodem, betere omgang met hitte en minder wateroverlast. Een hoger grondwaterpeil in een aantal gebieden. Een hoger grondwaterpeil zorgt voor voldoende water bij droogte, vertraagt daling van veenbodems en vermindert hiermee de uitstoot van broeikasgassen Voldoende (schoon) water en zuiniger omgaan met drinkwater (minder verbruik). Waterkwaliteit door o.a. gebruik van gewasbeschermingsmiddelen Afbeelding: Veenweide in de Boterhuispolder Zorgplichten water De gemeentelijke watertaken komen voort uit drie zorgplichten, te weten afvalwater, hemelwater en grondwater. De gemeentelijke zorgplichten hebben inhoudelijk een sterke samenhang met de zorgplichten voor het zuiveren van afvalwater en die voor het regionaal watersysteem van de waterbeheerder, in dit geval Hoogheemraadschap van Rijnland. Zorgplicht afvalwater De gemeente is verantwoordelijk voor aanleg en beheer van openbare vuilwaterriolen (of gelijkwaardige voorzieningen) binnen de bebouwde kom en transport van het afvalwater naar een zuiveringtechnisch werk (bijvoorbeeld de RWZI). Bij de invulling van de zorgplicht afvalwater in de gemeentelijke omgevingsvisie wordt onderscheid gemaakt tussen de bebouwde kom en het buitengebied en tussen huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater. Zorgplicht hemelwater De gemeente is verantwoordelijk voor inzameling van afstromend hemelwater van percelen waarvan de eigenaren niet zelf kunnen voorzien in afvoer naar oppervlaktewater of bodem. Als de gemeente hemelwater inzamelt, is ze ook verantwoordelijk voor de verdere omgang, inclusief de lozing op oppervlaktewater of in de bodem. De gemeente kan het zowel gescheiden van als gemengd met afvalwater inzamelen. De gekozen route bepaalt de betrokkenheid van de waterbeheerder. Het waterschap kan betrokken zijn als beheerder van de ontvangende zuivering of van het ontvangende oppervlaktewater, soms van beide. Zorgplicht grondwater De gemeente is verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen in de openbare ruimte om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstanden voor de aan die grond gegeven bestemming zo veel mogelijk te voorkomen. Althans, voor zover de maatregelen doelmatig zijn en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoren. Vaak zal het gaan om het aanbieden van inzamelvoorzieningen voor overtollig grondwater. Als de gemeente inzamelt, is ze ook verantwoordelijk voor de verdere omgang met het grondwater. Ook is de gemeente aanspreekpunt bij grondwaterproblemen: zij heeft de regie bij het onderzoeken van oorzaken en oplossingen. Het algemene uitgangspunt dat de gemeente hanteert, is dat eigenaren van gebouwen en percelen zelf verantwoordelijk zijn voor de verwerking van overtollig grondwater, tenzij dit in het belang van de leefbaarheid of volksgezondheid niet haalbaar en niet doelmatig is. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt naar gebiedstypen. Dat geldt dus ook voor de gemeente zelf als gebouw- en perceeleigenaar. Bij nieuwbouw dient rekening te worden gehouden met de grondwaterstand, zodat er bij deze nieuwbouw geen nadelige gevolgen ontstaan, maar er ook niet wordt afgewenteld op de omgeving. Zorgplicht drinkwater Naast de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater heeft de gemeente net als de andere overheden een zorgplicht drinkwater. Deze zorgplicht heeft inhoudelijk een sterke samenhang met de zorgplichten voor het zuiveren van afvalwater en die voor het regionaal watersysteem van de waterbeheerder. De provincie is leidend in de bescherming van grondwater dat bestemd is voor de openbare drinkwatervoorziening. De gemeente volgt het beleid dat hiervoor in de provinciale omgevingsvisie wordt opgenomen. Waar nodig neemt de gemeente regels op in het omgevingsplan om de kwaliteit van het grondwater in grondwaterbeschermingsgebieden te beschermen. Onder de zorgplicht valt ook het beschermen van de infrastructuur die nodig is voor de levering van drinkwater aan inwoners. 1 'Water en bodem sturend’ wil zeggen dat het bodem-watersysteem een doorslaggevende rol speelt bij de inrichting van Nederland. Daardoor is ons land beter bestand tegen klimaatverandering en voorkomen we nog meer druk op de biodiversiteit. Zie ook laatste opgave ‘Water en Bodem sturend’. 2 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/11/25/water-en-bodem-sturend 3.2.2 Cultureel en beleefbaar Trends en ontwikkelingen Teylingen is trots op haar identiteit, de verhalen die hier te vertellen zijn, al het mooie erfgoed, monumenten en de cultuurhistorie. Teylingen wil deze waarden beschermen en versterken. Daarbij houden we rekening met de volgende trends en ontwikkelingen: Herwaardering van cultuurhistorische objecten en historische verhalen van het dorp. Er komt meer focus te liggen op beleving van cultuur(historie) in het landschap. Cultuurhistorische structuren vervagen of verdwijnen zelfs. Opgaven Versterken van cultuurhistorie en erfgoed We versterken erfgoed (materieel en immaterieel; bovengronds en ondergronds) als onderdeel van de Teylingse identiteit, verhaal en cultuur. Het verhaal van de bollenteelt is al heel sterk, maar het verhaal van kastelen, landgoederen, boerderijen, Trekvaart en de Kagerplassen mag ook zeker verteld worden. Hierin mag er ook aandacht zijn voor de ontstaansgeschiedenis van de drie dorpen. Dit doen we door het promoten van culturele activiteiten in alle drie de dorpen en het ‘levend houden’ van verhalen, gebruiken en tradities. We gebruiken de identiteit ook om ‘het verhaal van de toekomst’ vorm te geven en de geschiedenis door te geven. Daarin zoeken we de balans tussen behoud en ontwikkeling. Voorbeelden van Teylings immaterieel erfgoed zijn: Bollen en bloemen Gras en koeien Plassen, vaarten, sloten Tuinen en parken Religie Overige gebruiken en tradities We profileren het erfgoed in haar omgeving – gebruiken, zichtbaar en beleefbaar maken – en het eventueel zelfs recreatief in te zetten. Het project van de ruïne van Teylingen is hiervan een goed voorbeeld. Daarnaast is het ook belangrijk om ruimte te bieden aan passende herbestemming en herontwikkeling van erfgoed. Op die wijze kan erfgoed behouden blijven. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de karakteristieke bollenschuren in het bollengebied. Dit vraagt om maatwerk en actief meedenken vanuit de gemeente. De ruïne van Teylingen beter beleefbaar maken Het behouden van gebouwd erfgoed en andere zichtbare dragers, inclusief de richtlijnen voor welstand zijn dynamisch bij ruimtelijke ontwikkelingen. Kortom, het belang van erfgoedwaarde en de bijdrage aan de identiteit en aantrekkelijkheid van de leefomgeving aan de ene kant en de economische waarde die eraan hangt aan de andere kant vragen om goede afwegingen. Particuliere eigenaren en beheerders, erfgoedexperts en de overheid hebben hierbij een belangrijke rol. Onder gebouwd erfgoed en zichtbare dragers vallen onder andere: Rijks- en gemeentelijke monumenten, zoals kerken en historische woonhuizen, traditionele karakteristieke bollenschuren, boerderijen, molens en eendenkooi; Rijksbeschermd dorpsgezicht (Warmond); Beeldbepalende objecten in de dorpen, woonhuizen; Beeldbepalende objecten in het landschap, zoals bollenschuren en boerderijen. Ook landschappelijke zichtlijnen zijn belangrijk om te bewaken; Groene en blauwe elementen, zoals beschermende bomen(rijen), historische parken en vijvers, landgoed- en kasteelbiotopen (inclusief woonhuis, buitenplaats, toegangshekken, orangerie, etcetera); Monumenten in het Rijksbeschermd dorpsgezicht van Warmond Rijksmonumenten en het Rijksbeschermd dorpsgezicht Warmond genieten een wettelijke bescherming. Gemeentelijke monumenten worden beschermd door een gemeentelijke verordening. De gemeente legt beeldbepalende objecten vast in het omgevingsplan en gebruikt hiervoor drie criteria (cultuurhistorische-, architectonische- en situationele waarde), zodat ingezet kan worden op behoud van het exterieur en als het kan vergunningsvrij gebouwd kan worden. Aandachtspunt is dat het behoud van gebouwd erfgoed ook een spanningsveld met zich meebrengt. Onder andere op het gebied van woningbouw/- transformatie, de verduurzaming van gebouwen (denk aan onder andere het plaatsen van zonnepanelen) en recreatieve ontwikkelingen. Dit vraagt telkens om maatwerk. Beschermen en benutten archeologie We beschermen archeologische terreinen, monumenten en gebieden met een archeologische verwachting in het omgevingsplan. Hiervoor wordt de gemeentelijke archeologische verwachtingen- en beleidskaart gebruikt. Daarnaast benutten we kansen om archeologie zichtbaar te maken in de omgeving. We blijven hiervoor graag samenwerken met lokale organisaties en vrijwilligers 3.2.3 Energieneutraal en Klimaatbestendig Trends en ontwikkelingen We staan voor de opgave om in 2050 klimaatbestendig en klimaatneutraal te zijn, zodat ook de generaties na ons prettig kunnen leven in Teylingen. Daarvoor moeten we inspelen op de volgende trends en ontwikkelingen: Gebouwen moeten van ‘het aardgas af’ en aangesloten worden op een beschikbare duurzame warmtebron. Opgave tot realiseren duurzame energieopwekking in het landschap, dit neemt groot ruimtebeslag in. Energienetwerk loopt tegen grenzen van capaciteit aan, uitbreiding van het netwerk is noodzakelijk. Door klimaatverandering krijgen we steeds meer te maken met extreem weer (wateroverlast en hittestress). Actuele kaarten met betrekking tot klimaatadaptatie en knelpunten zijn te vinden op https://hltsamen.klimaatmonitor.net/. Het is steeds lastiger de zoetwaterbeschikbaarheid en drinkwaterbeschikbaarheid te blijven garanderen. Bij het plaatsen of vervangen van groen (bomen of anders) streven we ernaar om te kiezen voor volwassen robuust groen om de leefomgeving direct een impuls te geven. Opgaven Naar een energieneutraal Teylingen Teylingen moet de komende periode verder werken aan een duurzame toekomst en aan het uitvoeren van zowel de lokale energiestrategie als de transitievisie warmte. Hierbij is samenwerking met de inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en Energiecoöperatie Teylingen essentieel. Alleen samen kan Teylingen de ambities waarmaken. Dit werken we uit langs vijf sporen van de lokale energiestrategie: a. Zelf het goede voorbeeld geven als gemeentelijke organisatie; b. Stimuleer energiebesparing en pas hybride warmtepompen toe; c. Faciliteer de groei van elektrische verkeer en duurzame mobiliteit; d. Stimuleer de ontwikkeling van zonnepanelen en zonnecollectoren op daken; e. Nader onderzoek opwekking elektriciteit met wind en zon langsinfrastructuur en in het buitengebied. Ontwikkelingen in de energietransitie volgen elkaar snel op en we houden oog voor de actualiteit. We blijven tijdig evalueren en waar nodig sturen we bij. Bestaande wijken worden pas aardgasvrij als er betrouwbare en betaalbare alternatieve warmtebronnen zijn. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zetten we in op ENG in plaats van BENG of wellicht zelfs energie-leverend. Energiebesparing We stimuleren en faciliteren energiebesparing en verminderen de CO2- uitstoot bij: woningen, onder andere isoleren en gedragsverandering (doel is 15% besparing in 2030, ten opzichte van 2014). De betaalbaarheid voor individuele huishoudens voor het verduurzamen (isoleren, zonnepanelen op dak, warmtepomp) van woningen is een aandachtspunt. (teelt)bedrijven, onder andere efficiëntere technieken en circulariteit; duurzame mobiliteit, met in de eerste plaats actieve mobiliteit, daarna inzet openbaar vervoer en elektrisch rijden. Actieve mobiliteit bevordert naast energiebesparing ook de fysieke en mentale gezondheid van onze inwoners. Opwekking duurzame energie In Holland Rijnland verband is besloten dat de regio in 2050 energieneutraal is door 80% van de gebruikte energie in eigen regio op te wekken en 20% te importeren. Voor de opwek van duurzame energie is het van belang om te zoeken naar passende locaties vanuit het elektriciteits-netwerk, de ruimtelijke kwaliteit en het draagvlak. Er is overeenstemming over de volgorde waarop wij in Teylingen willen toewerken naar meer duurzame elektriciteit. Beginnend bij kleinschalige opwek rondom huis en werk, en toewerkend naar grootschalige duurzame opwek op daken. We zien de volgende prioritering: a. Zonnepanelen op daken, groot- en kleinschalig; b. ZonPV-velden langs infrastructuur; c. Kleinschalige windturbines Prioritering duurzame elektriciteitsopwekking (Lokale energiestrategieTeylingen) In de RES 1.
- Rijnland zijn diverse zoekgebieden aangewezen voor windturbines en zonnevelden, naast het benutten van (grote) daken van woningen en bedrijfsgebouwen voor zonnepanelen. In de LES 1.
- zijn deze zoekgebieden verder verfijnd. (Extra) kansen liggen bij infrastructurele knooppunten, het gebruik van de randen van de dorpen en restruimtes. Op dit moment zien we geen kansen voor zonneweides in het buitengebied en de Roodemolenpolder. Mocht dit in de toekomst veranderen, dan kan dit opnieuw worden onderzocht. Natura2000-, NNN-gebieden, kroonjuweel Kagerplassengebied en eersteklas bollengronden zijn uitgesloten. De gemeente staat in principe positief tegenover de realisatie van kleinschalige duurzame energieopwekking in de vorm van kleinschalige wind- turbines bij zowel bij agrariërs als bedrijven. Hier zal een beleidskader voor worden opgesteld. Warmtetransitie In de bebouwde kommen liggen mogelijkheden voor zowel collectieve warmtenetten of warmte- en koude opslag, als individuele oplossingen in de vorm van een (hybride) warmtepomp. Voor (delen van) Voorhout en Sassenheim lijkt een warmtenet met geothermie als belangrijkste warmtebron kansrijk. Voor Warmond lijkt opwek door aquathermie een optie. In het buitengebied ligt de focus op enkele individuele warmteoplossingen, waaronder een (hybride) warmtepomp. Ook een combinatie van verschillende warmtebronnen kan een optie zijn. We onderschrijven de mogelijke risico’s van geothermie en hier zullen we bij de onderzoeken naar aardwarmte rekening mee houden. De TransitieVisie Warmte is leidend als plan. De TransitieVisie Warmte van Teylingen is momenteel nog vrij abstract. Die wensen we in de toekomst concreter te maken. Wat wel vaststaat is dat we een aantal straten zullen openbreken, dat als we inzetten op all-electric ook transformatorhuisjes in de openbare ruimte geplaatst moeten worden en dat warmtenetten vragen om nieuwe kabels en leidingen. Dit is dus een aardige ruimteclaim. Momenteel verkennen de Bollenstreekgemeenten, de woningcorporaties en initiatiefnemer Aardwarmte Rijnland de mogelijkheden voor de winning van aardwarmte. De vooruitzichten over de haalbaarheid zijn positief en medio 2025 zal hierover meer duidelijk worden. De verwachting is dat de uitrol van aardwarmte in de Bollenstreek grote invloed zal hebben op de keuze voor startwijken. Infrastructuur Inpassing van vervoer en opslag van de duurzame energie leidt ertoe dat het huidige energienetwerk verzwaard of uitgebreid moet worden. Het opslaan van energie in thuisaccu’s of buurtbatterijen heeft daarbij de aandacht. De ruimtelijke (on)mogelijkheden, zoals bijvoorbeeld ruimte in de ondergrond, kosten en veiligheid zijn hierin een aandachtspunt. We hebben aandacht voor de risico’s van straling door bijvoorbeeld zendmasten en hoogspanning. De gemeente onderzoekt ook de mogelijkheden van duurzaam gas via het bestaande gasnetwerk. Naar een klimaatadaptief Teylingen Klimaatadaptatie is gericht op het verkleinen en beheersbaar houden van de effecten van klimaatverandering. Klimaatadaptatie is nodig en zonder ambitie en energie is er vroeg of laat een probleem. Dat betekent ook dat we inzetten op investeren in klimaatadaptieve maatregelen. We gebruiken nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en ontwikkelingen in bestaande woonwijken om aan klimaatadaptatie te werken. Meer ruimte voor groen en waterbergingsmogelijkheden in de dorpen en in het landschap bieden de gewenste verkoeling, waterbuffers en opslag van CO
- Bovendien draagt het bij aan versterking van de biodiversiteit. We nemen extra maatregelen voor bijvoorbeeld hemelwaterafvoer. Dit hemelwater houden we vast tot in ieder geval 20 mm. Hittestress is een integraal onderdeel bij inrichtingsopgaven. Afbeelding: We reserveren voldoende ruimte voor onze waterbergingsopgave bij nieuwbouw Teylingen werkt de klimaatadaptatiestrategie verder uit in het Programma Water en Klimaatadaptatie. Aandachtspunten/-gebieden in de gemeente zijn: Droogte, verzilting en extreme neerslag in de bollenteeltgebieden (zandgronden). In de diepere polders is het risico op overstroming en verzilting groter, maar ze bieden juist ook kansen voor waterberging. Te hoge en te lage grondwaterstanden, die schade veroorzaken aan landschap, gebouwen en infrastructuur. Met name in de lokale veenbodems bestaat het risico op bodemdaling die schade veroorzaakt. Meer druk op de boezemwaterlopen – Trekvaart, Ringvaart en Kagerplassen – door de sterkere variatie in aan- en afvoer. Tijdens een zeer warme (droge) periode bovendien risico op verminderde (drink)water en kwaliteit daarvan. Extreme buien kunnen zorgen voor wateroverlast in de dorpskernen – aandachtspunten: secundaire infrastructuur en lagere, verharde gebieden met weinig oppervlaktewater in de dorpen (weinig bergingsruimte). Zeer warme perioden kunnen zorgen voor extreme hitte in de dorpskernen – aandachtspunten: verharde gebieden, zoals winkelcentra en bedrijventerrein en ook de functionaliteit van bruggen. Na het doorlopen van stresstesten heeft Teylingen zich gericht op het opstellen van Straatplaten voor zes deelgebieden die klimaatadaptief ingericht kunnen worden (d.w.z. voorkomen van wateroverlast, hitte en droogte). Blauwe lens Door het hoogheemraadschap van Rijnland worden de verschillende opgaven op het gebied van water onderkend. In ‘De Blauwe Lens: toekomstperspectieven voor een klimaatbestendige ruimtelijke inrichting’ schetst het hoogheemraadschap toekomstperspectieven voor een klimaatbestendige ruimtelijke inrichting, waarbij vooruitgeblikt wordt naar 2200 en de verschillende scenario’s over de opwarming van de aarde en de zeespiegelstijging. Uit de drie toekomstperspectieven die naar aanleiding daarvan worden geschetst blijkt dat op langere termijn het watersysteem steeds meer leidend wordt voor andere opgaven. Wegzakkende grondwaterstanden en de gevolgen van een opwarmend klimaat kunnen steeds moeilijker met technologische oplossingen worden gemitigeerd. Het hoogheemraadschap stelt daarom dat de omgeving zich steeds meer zal moeten gaan voegen naar de randvoorwaarden voortkomend vanuit het watersysteem. De Blauwe Lens wordt nader toegespitst in subregionale uitwerkingen en zijn voor een deel vastgelegd in het Waterbeheerprogramma 6 (WBP6). In de Blauwe lens wordt gewerkt vanuit water en bodem, wat zich heeft vertaald naar een indeling in landschapselementen. Deze landschapselementen Zand (duinen, bollengebied), Steen (bebouwd gebied), Zout (kleigebieden) en Veen gebruiken wij ook in de Blauwe lens op de Duin- & Bollenstreek. De ambities gemeentebreed voor bodem/water enklimaatadaptatie zijn: Waterrobuuste inrichting: Rijnland wil dat hevige neerslag nu en in de toekomst geen schade veroorzaakt in en aan gebouwen, wegen, voorzieningen, natuur en landbouw. Rijnland wil dat de gevallen neerslag zoveel als mogelijk wordt vastgehouden en/of geborgen voor nuttig gebruik (van steen naar spons), en dat de gevolgen van overstromingen worden beperkt/voorkomen door een duurzame ruimtelijke inrichting van het gebied. Voor vitale en kwetsbare functies, zoals ziekenhuizen, gelden aanvullende (beschermde) eisen. Droogtebestendige inrichting: Rijnland wil dat langdurige droogte niet of slechts beperkt leidt tot schade aan bebouwing, wegen, natuur, landbouw en vitale en kwetsbare functies. Daarom moeten de verwachte grondwaterstanden en de zoetwaterbeschikbaarheid sturend zijn voor de inrichting van het gebied. Natuurinclusieve inrichting: Rijnland wil dat de inrichting van ons watersysteem minimaal aan de wettelijke vereisten voldoet (met name de Kaderrichtlijn Water). Een natuurinclusieve inrichting moet leiden tot verbetering van de waterkwaliteit en de biodiversiteit. Dan draagt de inrichting van gebieden (en groenblauwe verbindingen tussen gebieden) bij aan een gezonde leefomgeving, aan water robuustheid, verkoeling en aan behoud of ontwikkeling van natuurwaarden, landschap en cultuurhistorie. 3.2.4 Fijn wonen voor Iedereen Trends en ontwikkelingen Teylingen staat voor een aantal uitdagingen rond de woonopgave. De bevolking van Nederland verandert de komende 30 jaar flink. Uit onderzoek blijkt dat de belangrijkste demografische wijziging in Teylingen een toenemend aantal ouderen en één- en twee persoonshuishoudens betreft. De woningnood is ook voor Teylingen een grote opgave. De claims op de ruimte in Teylingen nemen toe en dat vraagt om innovatieve en creatieve oplossingen, ook binnen de bestaande woningvoorraad. Als gevolg van het tekort aan woningen zijn de huur- en koopprijzen flink gestegen. Ook de stijging van de bouwkosten levert hieraan een bijdrage. Het gevolg daarvan is dat veel inwoners niet of nauwelijks meer een geschikte woning kunnen vinden en dat het voor ontwikkelaars steeds lastiger wordt om betaalbare (huur en koop)woningen te realiseren. Starters kunnen hierdoor geen woning vinden en de doorstroming vanuit sociale huur stagneert. Om fijn wonen voor iedereen te realiseren, houden we rekening met de volgende trends en ontwikkelingen: Huishoudens worden kleiner, en er behoefte is aan kleinere woningen. Vergrijzing en ontgroening van de bevolking – er zijn relatief meer ouderen. Beleid is gericht op langer zelfstandig thuis wonen (wonen met zorg). Woningmarkt staat onder druk, er is een flinke woningbouwopgave in aankomende jaren. Toename van tijdelijke woonvormen. Opgaven Meer woningen bouwen De woningbouwopgave voor Teylingen betreft tussen de periode 2018 en 2030 zo’n 2.030 woningen waarvan er 1.800 in de planning zijn. Na 2030 groeit de behoefte nog eens met 700 woningen. De juiste woning op de juiste plaats Op de korte termijn worden in Teylingen een flink aantal bouwlocaties ontwikkeld, waaronder de Waaier in Warmond, Bloementuin en Langeveld in Sassenheim en de uitbreidingslocatie Nieuw Boekhorst in Voorhout. Het heeft de voorkeur om het buitengebied zoveel mogelijk te ontzien. De focus ligt op diverse inbreidings-en herstructureringslocaties. Voor de vraag naar woonruimte zijn hoogbouw en compacter bouwen eventueel een optie
- Het streven is binnen 2 jaar een standpunt in te nemen over hoogbouw. We zien met name ook kansen op knooppuntlocaties zoals bij Station Voorhout. Onderzocht wordt met welke dichtheden hier woningen gerealiseerd kunnen worden. Er zijn landschappelijke grenzen aan verdere groei in Sassenheim en Warmond. In algemene zin is de infrastructuur een aandachtspunt en tevens een bottleneck voor verdere woningbouwontwikkelingen. De weginfrastructuur in Teylingen staat al onder druk en de parkeerbehoefte is groot ondanks nieuwe infrastructurele maatregelen. Daarom is recentelijk een herziening van het parkeerbeleid vastgesteld waarin nieuwe parkeernormen zijn opgenomen op basis van onderzoek. Verder zijn er mogelijkheden voor woningsplitsing van bestaande woningen mits dit niet leidt tot negatieve neveneffecten en bijvoorbeeld ook past in de parkeerbalans. In de centra gaan we in gesprek met eigenaren van leegstaande winkels buiten het kernwinkelgebied en panden over herbestemming. Op braakliggende terreinen waarop (permanente) woningbouw is voorzien, maar de ontwikkeling en bouw nog op zich laat wachten verkent Teylingen kansen voor tijdelijke (flex)woningen voor jongeren en spoedzoekers. Zo mogelijk worden leegstaande gebouwen, waaronder scholen, kantoor- en bedrijfspanden, omgebouwd tot betaalbare woningen. We sluiten aan op de ambities van het recent vastgestelde Regionale Woonprogramma Holland-Rijnland. De plannen voeren we uit binnen het Woonprogramma van de gemeente Teylingen, met regie op de woningmarkt door bijvoorbeeld het anti-speculatiebeding en zelfbewoningsplicht. We brengen doorstroming verder op gang door de verhuisketen te verlengen. We gaan hierover actief in gesprek met onze partners (denk aan woningcorporatie Stek, Holland Rijnland, ontwikkelaars en onze buurgemeenten). Plek bieden aan verschillende woonvormen en doelgroepen Wij staan voor de opgave om voldoende betaalbare- en passende woningen te doen realiseren voor de diverse doelgroepen in onze gemeente. We zetten in beginsel in op de facilitering van de sociale huursector (min. 30%) en middeldure huur en betaalbare koopwoningen (min. 35%). Daarnaast maken we ook andere woonvormen mogelijk. Dit zijn kleinere woningen/appartementen voor 1/2-persoons huishoudens (specifiek voor jongeren en starters) en ook levensloopbestendige woningen en (geclusterde) woonzorgconcepten dichtbij voorzieningen voor ouderen. Dit is goed voor de doorstroming. We staan open voor andere manieren van bouwen en tijdelijke-, geclusterde- en flexwoonvormen. Voorbeelden hiervan zijn “tiny houses”, tijdelijke woonunits en knarrenhofjes. We staan niet alleen open voor het Knarrenhof® van Stichting Knarrenhof maar ook voor andere kleinschalige woonvormen, bijv. het ‘Thuishuis’ voor alleenstaande ouderen 60+, die niet alleen willen wonen. Ook faciliteren we woonmogelijkheden voor specifieke doelgroepen in Teylingen, zoals arbeidsmigranten. Momenteel is de huisvesting van arbeidsmigranten vooral georganiseerd door vormen van logiesverblijf. Een betere bescherming tegen negatieve milieubelasting is gewenst. Ook voor arbeidsmigranten moet sprake zijn van een gezonde en veilige leefomgeving. Verder heeft huisvesting voor andere doelgroepen zoals spoedzoekers of vluchtelingen de aandacht. Ook realiseren we woningen met de focus op uitstromers uit intramurale voorzieningen zoals de Maatschappelijke Opvang, Beschermd wonen en de Jeugdzorg. Dit zijn (beschutte) woonomgevingen met mogelijkheden voor zorg en begeleiding. We handhaven het aantal woonboten, een toename is niet gewenst. We voegen in samenwerking met de gemeenten Hillegom, Lisse en Noordwijk 12 woonwagenstandplaatsen toe in deze subregio. Afbeelding: "Fijn wonen in een appartementencomplex in het Vivaldipark Voorhout Bouwen van energiezuinige en klimaatbestendige woningen Het veranderende klimaat vraagt om energiebesparing, duurzaam bouwen en vergroenen van de leefomgeving. We zetten in op de verdere verduurzaming van de bestaande woningvoorraad. We doen dit o.a. door het isoleren van woningen te stimuleren. Uiteindelijk streven we naar energieneutrale wijken. Bij nieuwe ontwikkelingen is BENG2 het minimum, maar waar mogelijk willen we volledig energieneutrale wijken realiseren door middel van een wijkgerichte aanpak.Betaalbaarheid is hierbij een aandachtspunt. Inwoners die een bijdrage willen leveren aan het verduurzamen van woningen, maar dit niet zelf kunnen financieren, worden hierin ondersteund. De wijken van de toekomst zijn klimaatbestendig- en adaptief met voldoende groen en waterbergingsmogelijkheden en gericht op het tegengaan van hittestress (bijvoorbeeld door zonwering in gebouwen). Bij nieuwbouwprojecten ligt de focus op klimaatadaptief, circulair en natuurinclusief. We hanteren hierbij onze eigen Methode Duurzame Gebiedsontwikkeling. We zetten in op het verder vergroenen van de woonomgeving (denk aan het planten van meer bomen en het stimuleren van inwoners om hun eigen tuinen te vergroenen in plaats van te verstenen). Meer over onze ambities op het gebied van energieneutraal Teylingen en klimaatadaptief Teylingen leest u in 3.2.3 Energieneutraal en Klimaatbestendig. 1 Een groot deel van de partijen steunt het initiatief om hoogbouw mee te nemen in de bouwmogelijkheden. Daartoe moet worden bepaald wat onder hoogbouw wordt verstaan (raadsprogramma Teylingen). 3.2.5 Sociaal en Vitaal Trends en ontwikkelingen De komende jaren verandert de demografie van Nederland, en ook die van Teylingen. Door de toenemende vergrijzing zijn er relatief meer ouderen, en relatief minder jongeren. Dat zorgt ervoor dat er ook veranderingen nodig zijn om Teylingen vitaal en sociaal te houden. Er is landelijk en gemeentelijk een steeds bredere kijk op gezondheidszorg, waarbij steeds meer aandacht komt voor algemeen welzijn en leefstijl. Dat betekent dat er een grote focus komt op het bevorderen van een gezonde leefstijl die preventief werkt. Daarbij wordt ingezet op bijvoorbeeld niet roken, verminderen van overgewicht, meer bewegen, minder alcohol- en drugsgebruik en programma’s Kansrijke Start (Stevig ouderschap en Nu Niet Zwanger), Welzijn op Recept (ook door JGZ), armoede, laaggeletterdheid en eenzaamheid. Cruciaal daarbij is aandacht voor beweging en een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving. Hier liggen sterke raakvlakken met de fysieke leefomgeving. Het beleid is ook steeds meer gericht op het langer zelfstandig thuis wonen, waardoor zorg aan huis geleverd wordt. De samenleving individualiseert steeds sterker. Enerzijds leidt dit tot meer vrijheid om te zijn wie je wilt zijn, anderzijds leidt het ook tot polarisatie (een toename van tegenstellingen). We zien tot slot in Nederland een toename van eenzaamheid bij zowel ouderen als jongeren. Positief is dat de sociale cohesie in Teylingen goed is en dat er relatief weinig eenzaamheid lijkt te zijn. Dit willen we graag zo houden. Voor ons als gemeente ligt er een belangrijke taak om contact tussen inwoners van jong tot oud te faciliteren en te stimuleren. Opgaven Een gezonde leefstijl bevorderen in een gezonde leefomgeving De Maatschappelijke Agenda legt meer de focus op een gezonde leefstijl die preventief werkt. Drie ambities uit de Maatschappelijk Agenda hebben een direct raakvlak met de fysieke leefomgeving: 3: ‘zorg voor elkaar’; 5: ‘opgroeien’ en 6: ‘thuis wonen’. Als gemeente vinden we het belangrijk om ‘gezondheid’ mee te nemen in elke afweging bij ruimtelijk beleid. Specifiek focussen we dan op het stimuleren van gezond gedrag, het bevorderen van zelfredzaamheid van inwoners, en van positieve gezondheid. Inwoners worden actief gevraagd om waar mogelijk mee te doen in de samenleving en op eigen kracht te zoeken naar hulp. We hebben speciale aandacht voor jongeren, ouderen en kwetsbare mensen en bieden hen ruimte en begeleiding waar nodig. We creëren bij beleidsontwikkeling meer verbinding tussen het fysieke en het sociale beleidsdomein. Daarbij willen we inwoners meer betrekken bij de planvorming en projecten en we brengen in kaart wat de specifieke behoeften zijn ten aanzien van de fysieke leefomgeving. Want in Teylingen staan inwoners centraal Gezondheidsachterstanden verkleinen Vanaf 2024 passen we gezondheidsbevordering via de leefomgeving met voorrang toe in wijken en buurten met gezondheidsachterstanden. Op termijn ontwikkelen we in alle wijken en buurten een leefomgeving die een gezonde leefstijl mogelijk en gemakkelijk maakt. We spelen in op eventuele kansen door herinrichting vanwege bouwopgaves, de energietransitie en klimaatverandering. Gezonde en leefbare wijken realiseren We willen in onze gemeente gezonde en leefbare wijken met een aantrekkelijke openbare ruimte. Herstructureringsprojecten bieden kansen om dit op te pakken. We leggen dan focus op het creëren van ontmoetingsplekken en hebben ook specifieke aandacht voor (het tegengaan van) eenzaamheid. Het is belangrijk om de maatschappelijke meerwaarde mee te wegen in de beoordeling van ruimtelijke initiatieven. Bij uitbreidingslocaties voor wonen is het belangrijk om te zorgen voor voldoende voorzieningen, wijkdiensten, activiteiten en wederom plekken waar ontmoeting gestimuleerd word. In gezonde en leefbare wijken zorgen we ook voor voldoende groen dat welzijn stimuleert (meer hierover leest u in H3.2.1 Natuurlijk en Groen). We nemen maatregelen om meer rookvrije omgevingen te realiseren. Roken is de meest ziekmakende factor waaraan de omgeving bijdraagt. Bovendien helpt een rookvrije omgeving kinderen om niet te beginnen met roken. Om in 2040 een rookvrije generatie te hebben, zoals gesteld in het Nationaal Preventieakkoord, moeten de kinderen van nu in een rookvrije omgeving kunnen opgroeien. Eind 2025 dienen volgens datzelfde akkoord alle sportlocaties, speeltuinen, zwembaden en kinderboerderijen rookvrij te zijn. We hebben de ambitie om (op termijn) alle kind- en zorgomgevingen rookvrij te verklaren. Gemeente Teylingen zet in op een gezonde voedselomgeving en we hanteren de volgende ambities: We streven naar een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag, een omgeving die mensen stimuleert tot meer bewegen, ontmoeten en gezonder eten. We streven naar een straat- en wijkbeeld waarin gezonde voeding de norm is en zichtbaar in de buitenruimte. We stimuleren een meer lokaal geproduceerd, gezond en duurzaam voedingsaanbod Functies/locaties (denk aan scholen, sportverenigingen, speeltuinen) waar veel kinderen komen en de nabije omgeving hebben een gezonde voedselomgeving. Vanuit de Omgevingswet ligt er een duidelijke relatie om ook de fysieke gezondheid vanuit de fysieke leefomgeving te verbeteren. We zoeken bij het opstellen van omgevingsplan naar de juiste balans om enerzijds ongewenste milieueffecten vanuit geluidshinder, luchtvervuiling, geurhinder, omgevingsveiligheid, trilling, lichtvervuiling, etc. te verlagen en anderzijds voldoende bedrijfseconomische activiteiten mogelijk te blijven maken. Een volwaardige ambitiebepaling milieu op hoofdlijnen zal plaatsvinden in de 2.0 versie van de Omgevingsvisie Teylingen. Afbeelding: Park met ontmoetingsruimte en plek om te spelen in Voorhout, omgeving Componistenlaan Passende voorzieningen aanbieden Het voorzieningenniveau is in 2040 op orde (sport, zorg, detailhandel, onderwijs, welzijn en cultuur) en groeit mee met het aantal inwoners. Indien wenselijk stellen we hier een separate rekentool, handreiking of beleidsregels voor op. Maatschappelijke voorzieningen hebben een andere functie per wijk en houden we daarom gespreid. Dit geldt bijvoorbeeld voor de buurtkamers en buurtcentra. De bereikbaarheid richting de dorpscentra heeft de aandacht. Waar mogelijk zetten we bij nieuwbouw en renovaties in op multifunctionele accommodaties. Sportterreinen, scholen en kinderdagverblijven zijn multifunctionele locaties waar ook buurtfuncties aan zijn gekoppeld. We maken ontmoetingsclusters met onderwijs, opvang en gezondheid. Teylingen beweegt: op weg naar duurzame ruimte voor sport en beweging In Teylingen zorgen we voor een duurzame sportinfrastructuur met voldoende sportaccommodaties. Bewegen in de buitenruimte is ook mogelijk. De openbare ruimte is beweegvriendelijk ingericht, zodat sporten en bewegen hier vanzelfsprekend is. Dit onder andere door het verbinden van groene gebieden binnen en buiten de stad en het bieden van voldoende ruimte om het vrije buitenspelen te bevorderen. Bijvoorbeeld door het openbaar toegankelijk maken van sportparken. Bestaande sportaccommodaties worden beter en voor meerdere doeleinden benut waardoor lokale sportverenigingen makkelijker een maatschappelijke rol kunnen vervullen. Op sportverenigingen streven we naar rookvrije sportparken, alcoholhandhaving, gezonde kantines, Positieve Gezondheid implementeren bij verenigingen, en een positieve sportcultuur (plezier in het sporten). Iedereen kan meedoen, en bij de inrichting van sportaccommodaties wordt rekening gehouden met mindervaliden. In Teylingen zien we dat overgewicht en stress onder inwoners toenemen. Bewegen kan een belangrijke rol spelen in het verminderen van zowel overgewicht als stress. Door de (openbare) ruimte zo in te richten dat die bewegen, sporten en spelen op een informele en natuurlijke manier stimuleert, kunnen we gezonder gedrag stimuleren. Het is extra belangrijk om de jeugd gezond op te laten groeien. Daarom zorgen we voor voldoende aantrekkelijke en natuurlijke speelplekken. Ook willen we meer ruimte maken voor bewegen en ontspannen in het groen, onder andere door goede fiets- en wandelroutes te realiseren. Dit nodigt uit tot een kort ‘ommetje’ in de directe omgeving, maar ook om een langere wandel- of fietstocht te maken. Deze plannen gaan hand in hand met het verbeteren van mogelijkheden tot recreatie en toerisme. Ook op straat in de wijken komt er voldoende ruimte voor langzaam verkeer (en reserveren we minder ruimte voor de auto). Op deze manier houden we de openbare ruimte en voorzieningen goed toegankelijk. Ook voor mensen met een beperking. Afbeelding: Speelbos Koudenhoorn nodigt kinderen uit tot beweging Vitaal ouder worden in Teylingen We creëren een leefomgeving die ouderen verleidt tot een gezonde leefstijl. De openbare ruimte kan een grote invloed hebben op de beslissing van ouderen om wel of niet naar buiten te gaan. Een toegankelijke en uitnodigende fysieke leefomgeving heeft ook een belangrijke sociale functie. Het wordt makkelijker om elkaar te ontmoeten, ouderen vergroten hun sociale netwerk en belangrijke voorzieningen blijven bereikbaar. Passende woonzorgconcepten aanbieden We zoeken naar mogelijkheden voor passende woonzorgconcepten voor zorgbehoevenden. We richten ons met name op plekken die dichtbij voorzieningen liggen, zodat zorgbehoevenden hier gemakkelijk gebruik van kunnen maken. Dit bevordert ook de sociale cohesie. Maatschappelijke voorzieningen bevinden zich op passende locaties in buurt-/ wijkcentra zo dicht mogelijk bij de inwoner. Een clustering van functies is hierbij van belang. Inwoners kunnen elkaar ontmoeten op deze plekken, maar ook in de aantrekkelijk vormgegeven openbare ruimte. De sociale cohesie in Teylingen is goed en dat willen we natuurlijk graag ook in de toekomst zo houden en verder verbeteren. 3.2.6 Veilig en Leefbaar Trends en ontwikkelingen Het belang van een veilige en leefbare leefomgeving krijgt steeds meer aandacht. Door deze aandacht wordt Nederland objectief steeds veiliger, maar de subjectieve veiligheid (het gevoel van veiligheid) neemt juist af. Ook is er landelijk een toename te zien van ondermijnende activiteiten, met name in het buitengebied en op bedrijventerreinen. Opgaven Zorgen voor balans tussen leefbaarheid, levendigheid en veiligheid Als gemeente vinden we een veilige en leefbare woon-, werk- en leefomgeving natuurlijk van groot belang. We zorgen dan ook voor een goede balans tussen leefbaarheid, levendigheid en veiligheid en bieden ruimte voor horeca en evenementen, onderwijs en sport. We geven uitvoering aan het Integraal veiligheidsbeleid, waarbij de prioriteit ligt bij georganiseerde ondermijnende criminaliteit, digitale veiligheid, jeugd en veiligheid, zorg en veiligheid en verkeersveiligheid Sociaal veilige inrichting verzorgen We zorgen voor goede straatverlichting en goede zichtlijnen ten behoeve van de veiligheid ’s nachts. Ook goed onderhoud en beheer van de openbare ruimte leveren een bijdrage aan (het gevoel van) veiligheid. In de stationsgebieden wordt regelmatig overlast van jongeren en zwerfafval gemeld. We gaan hier meer toezicht houden om deze overlast te verminderen en zorgen voor passende voorzieningen op andere plekken in Teylingen. Veilige mobiliteit Het toezicht en de handhaving bij verkeersoverlast, zoals fout parkeren en te hard rijden wordt verscherpt. Op die manier wordt het verkeer veiliger en daarmee ook toegankelijker voor kwetsbare bewoners. We zorgen ook voor verkeersveiligere spoorwegovergangen, zowel in de centra als in de buitengebieden. Onze wegen en voorzieningen zijn ten alle tijden toegankelijk voor hulpdiensten. Afwegen milieubelasting en omgevingsveiligheid We wegen constant af welk niveau van milieubelasting aanvaardbaar is op gevoelige gebouwen zoals woningen. Aan de ene kant willen we graag functies mengen, aan de andere kant moet de leefbaarheid worden gegarandeerd. De omgevingsvisie moet een kapstok bieden voor de milieuregels in het omgevingsplan. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de omgang met omgevingsveiligheid, geur en geluid van overlastgevende bedrijvigheid op bedrijventerreinen (zware/milieubelastende industrie/bedrijven) en in het buitengebied (bijvoorbeeld intensieve veehouderijen of het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen). Specifieke gebieden die aandacht vereisen zijn de bedrijventerreinen in Sassenheim en het Veenweidegebied. Bij ruimtelijke ontwikkelingen in de buurt van weg- en spoorverkeer en ook de ondergrondse hogedrukaardgasleidingen hebben we extra aandacht voor de aspecten geluid en omgevingsveiligheid. Onze inwoners ervaren soms geluidsoverlast van weg- en spoorverkeer. Bij ruimtelijke maatregelen zal een afweging gemaakt worden van mogelijke maatregelen om de geluidoverlast te voorkomen dan wel zoveel mogelijk te beperken. Deze maatregelen kunnen bestaan uit maatregelen aan de bron (bijv. aanpassen snelheid, wegdek, verkeersintensiteit), in het gebied tussen de bron en de ontvanger (bijv. geluidscherm) en bij de ontvanger (bijvoorbeeld de woning). Denk hierbij aan (dove) gevelmaatregelen. Ook kan bij het ontwerp van een woning of een nieuwe woonwijk geluid meegenomen worden door rekening te houden met de aanwezige geluidbelasting van verkeer, bedrijvigheid en andere geluidbronnen). Ook worden gevaarlijke stoffen over deze (spoor)wegen vervoerd. We blijven in overleg met relevante partijen om dit zo veilig mogelijk te laten plaatsvinden. Voor gemeente Teylingen gelden op dit moment de standaard geurgrenswaarden voor de veehouderij. Deze waarden zijn ook als standaardwaarden opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving en in de Bruidsschat. Lokaal (bij ruimtelijke knelpunten) kunnen afwijkende grenswaarden worden vastgelegd. Een volwaardige ambitiebepaling milieu op hoofdlijnen zal plaatsvinden in de 2.0 versie van de Omgevingsvisie Teylingen. Afbeelding: Risicobronnen gemeente Teylingen Afbeelding: Risicobronnen gmeente Teylingen met risicocontouren en aandachtsgebieden Omgevingswet Schiphol en leefbaarheid De nabijheid van Schiphol blijft een aandachtspunt wanneer het gaat om de mogelijkheden voor ruimtelijke ontwikkelingen door de aanvliegroutes naar de luchthaven en de gezondheid van onze inwoners. Op het moment heeft 1/3e van de volwassenen in Teylingen last van slaapverstoring. Daarom is het nemen van maatregelen tegen de overlast van groot belang. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet ligt er een kans gerichter te sturen op gezondheid. Tegelijkertijd wordt het gebied waar rekening gehouden moet worden met de gevolgen van het luchtvaartverkeer van en naar Schiphol groter. Vanaf 1 januari 2024 gelden er namelijk nieuwe geluidscontouren rondom Schiphol, de nieuwe contour 48Lden. De nieuwe contour en maatregelen maken nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk extra complex. Hierdoor kunnen planologische mogelijkheden in de toekomst worden beperkt. We hebben rekening te houden met mogelijke geluidshinder bij het realiseren van woningen binnen de 48Lden-contour. De gemeente Teylingen trekt hierin op met buurgemeenten om enerzijds overlast en de gevolgen voor de gezondheid te beperken en anderzijds de woningbouwmogelijkheden in de regio niet op slot te zetten. 3.2.7 Ondernemend Trends en ontwikkelingen In het kader van het tegengaan van klimaatverandering wordt gewerkt aan een transitie naar een circulaire economie, waarin materialen worden hergebruikt en efficiëntere productieprocessen plaatsvinden. Parallel digitaliseren de samenleving en de economie. Dit is zeer zichtbaar in de opkomst van online winkelen, robotisering en artificiële intelligentie. Ook is de landbouw in transitie naar duurzamere vormen van bedrijfsvoering. Dit geldt voor Teylingen speciaal in de bollenteelt, waar gewerkt wordt/ moet worden aan een gezonde bodem en de waterkwaliteit. Door de digitalisering verandert er veel bij de teelt en de handelsbedrijven. Het Nationaal Programma Landelijk Gebied (met provinciale uitwerkingen) wordt op dit moment opgesteld. Verder is voor Teylingen relevant dat de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG) is geëvalueerd en wordt herijkt. Deze ontwikkelingen op beleidsniveau hebben effect op de uitwerking van het thema landbouw in dit hoofdstuk in de nabije toekomst. Binnen de bedrijventerreinen verandert er ook veel, doordat flexibel en digitaal werken zorgt voor een andere kantoorvraag en ruimtevraag. De eisen aan bedrijventerreinen veranderen mee. Er is een grotere focus op duurzaamheid, maar ook op verblijfskwaliteit. Bedrijventerreinen zijn steeds minder plekken waar men alleen werkt, tegelijkertijd moeten de belangen van de logistiek gewaarborgd blijven. Wat betreft de kernen speelt een tegenstrijdige ontwikkeling. Enerzijds krimpt de detailhandel in deze dorpen, aan de andere kant is er een steeds grotere roep om ‘lokaal’ te kopen. Er is tegelijkertijd ook een groeiende interesse in recreatief winkelen in combinatie met belevingseconomie (horeca, recreatie, activiteiten) in centra, waar steeds meer functies worden gemengd. Opgaven Regionale ambities Vanuit de regio Duin- en Bollenstreek liggen er diverse ambities. De centrale doelstelling vanuit de regio is het creëren van meer banen, grotere bekendheid van de streek als merk en het behouden en versterken van het karakteristieke open landschap. De vernieuwing van de traditionele sectoren van de bollenteelt (Greenport) en het toerisme is een belangrijke ambitie voor de regio. Daarnaast het stimuleren van de ontplooiing van twee nieuwe en zeer kansrijke sectoren: de zorg en innovatieve bedrijvigheid. Binnen de regio Duin- en Bollenstreek werken we dan ook samen aan een duurzame Greenport, zodat de bollenteelt een toonaangevende, duurzame wereldleider blijft op het gebied van bollen- en bloemenkennis. We herstructureren hiervoor het bollengebied in combinatie met een landschapsverbetering en duurzaam grond- en waterbeheer, onder andere door een afname van het gebruik van (chemische) gewasbeschermingsmiddelen. Belangrijk is om nieuwe ontwikkelingen inzichtelijk te maken om dit te kunnen faciliteren en reguleren. We hebben extra aandacht voor de omgang met stoppende bedrijven. We streven naar een goede balans tussen bedrijvigheid en gevoelige functies, zoals wonen in de brede zin. Daarbij hebben we ook aandacht voor landschapswaarden, toenemende behoefte aan huisvesting van werknemers, en een gezonde leefomgeving. We faciliteren daarnaast de transitie naar een meer natuurinclusieve kringlooplandbouw. Deze vorm van landbouw vraagt om meer ruimte door de minder intensieve landbouwmethoden. Dit speelt met name in het veenweidelandschap (veeteelt). Hiervoor is nog geen beleid geformuleerd en daar gaan we als gemeente in samenwerking met de regio en de gebiedspartners mee aan de slag. Beleid op dit vlak zal ook vorm krijgen in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied van de provincie Zuid-Holland. Daarnaast versterken we gezamenlijk onze positie als kennisintensieve maakregio tussen de metropolen op de gebieden van Space, Unmanned Valley en Flower Science. Tot slot werken we aan gezond toerisme binnen onze regio. Het karakteristieke en open landschap van de Bollenstreek blijft behouden. Het huidige ISG-beleid kent ongewenste neveneffecten. Teylingen onderstreept als initiatiefnemer het belang van deelname aan de regionale herijking ISG. Gemeente Teylingen trekt nauw op met de vier andere betrokken gemeenten. Zolang het traject van de herijking loopt wordt terughoudend omgegaan met (principe)verzoeken voor nieuwe greenportwoningen. Ook wordt er gedurende deze discussie voor onrendabele (bollen)percelen een apart afwegingskader voor handhaving ontwikkeld en vastgesteld, als tijdelijke aanvulling op het nu bestaande beleid. Afbeelding: Karakteristieke landschap Bollenstreek Daarnaast onderschrijft gemeente Teylingen de ambities en doelstellingen uit de agenda van Holland Rijnland (H1.3 Context Omgevingsvisie Teylingen?) De inhoud van deze agenda komt voor een groot deel overeen met de ambities van de Duin- en Bollenstreek, omdat deze onderdeel uitmaakt van Holland Rijnland. Er wordt opnieuw benadrukt dat de Greenports en agrarische bedrijven een belangrijk onderdeel zijn van onze economie en dat deze samen het landschap maken. We zoeken naar een balans tussen deze sectoren en natuurlijke processen die beide worden beïnvloed door de klimaatverandering. Ook wordt benadrukt dat er binnen de regio nog ruimte is om de eerder genoemde sectoren te versterken en uit te breiden. Gemeentelijke ambities Teylingen waardeert de vele ondernemers die in Teylingen gevestigd zijn. Beleid op het gebied van bedrijvigheid (maar ook de herstructurering en revitalisering hiervan) wordt in afstemming met de regio opgesteld. Specifieke aandacht gaat uit naar profilering (wel/geen functiemening toestaan op bedrijventerreinen, afwegingen van welke typen bedrijvigheid waar passend zijn etc.). Effectrapportage Nieuwe Bedrijvigheid Bij nieuwe vestiging van bedrijvigheid is er aandacht voor de aantrekkende werking die deze bedrijvigheid heeft op arbeidsmigranten en voor het tegengaan van uitbuiting van arbeidsmigranten. In dit kader zal de gemeente Teylingen in navolging van de commissie Roemer en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) een effectrapportage nieuwe bedrijvigheid opstellen en betrekken bij de besluitvorming over nieuwe bedrijvigheid, zodat nieuwe bedrijven/ondernemingen die de inzet van veel arbeidsmigranten vergen, maar economisch weinig toevoegen, kunnen worden geweerd. In Teylingen is er beperkte maar gevarieerde uitbreidingsruimte voor bedrijvigheid. Voor het gebied Veerpolder ligt de focus op ‘leisure’, als aanvulling op de huidige toeristische sector in de gemeente. Met leisure bedoelen we hier watergebonden voorzieningen en bedrijvigheid die goed aansluit op de ligging van het bedrijventerrein Veerpolder aan het water. Anderzijds betreft het recreatieve voorzieningen, niet zijnde detailhandel, op het gebied van sport, wellness en amusement die niet goed in woonwijken of het dorpscentrum inpasbaar zijn. De gemeente werkt verder samen met Noordwijk aan een bedrijventerreinenstrategie en regionaal zijn er afspraken over kantoren. Teylingen heeft geen ambitie om nieuwe kantoorlocaties aan te wijzen. De balans tussen het milieu en bedrijvigheid blijft steeds een aandachtspunt, waarbij de gezondheid van onze inwoners en het beschermen van de omgeving steeds een grote rol speelt. In onze gemeente is sprake van intensief ruimtegebruik, maar daar mag de ruimtelijke kwaliteit echter niet onder lijden. We willen daarom verdozing van het landschap voorkomen. We zoeken regionaal naar mogelijkheden om meer te intensiveren of hogere bebouwing toe te staan. Duurzaamheid bij nieuwe ontwikkelingen op bedrijventerreinen is erg belangrijk. We willen dat deze ontwikkelingen zo veel mogelijk energieneutraal, circulair en klimaatadaptief zijn. Dat betekent dat we willen inzetten op het realiseren van energieopwekking op bedrijventerreinen, en waar mogelijk ook op een groene, klimaatrobuuste (openbare) ruimte. Afbeelding: Bedrijventerrein in Sassenheim We willen onze centrumgebieden herinrichten tot levendige verblijfsgebieden. Daarom richten we ons op een kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte, door hier meer eenheid in te creëren. Ook is terughoudendheid in uitbreiding van het aanbod aan detailhandel nodig. Uitgangspunt is concentratie van detailhandel in de winkelgebieden. We zien liever meer kwaliteit dan kwantiteit en zoeken naar een compleet en passend aanbod bij de behoefte in de verschillende centra. De groei van Voorhout is daarbij een aandachtspunt, want ook hier moet deze opgave uiteindelijk goed landen. Voorhout blijft dan ook een boodschappencentrum+ behouden, dat wordt aangevuld met horecafuncties. Het winkelcentrum Oosthoutplein blijft een klein boodschappencentrum waarin ook ruimte is voor een sociaal-maatschappelijke functie in de wijk. In Warmond zetten we in op een klein boodschappencentrum, aangevuld met toeristisch-recreatieve detailhandel en horeca. Sassenheim blijft het hoofdwinkelcentrum, gericht op boodschappen, maar ook op niet-dagelijkse winkels, en met een breed aanbod aan horeca. Afbeelding: Centrumgebieden worden levendige verblijfsgebieden 3.2.8 Recreatief en Toeristisch Trends en ontwikkelingen Dag- en korte verblijfsrecreatie en andere vormen van toerisme zijn in Nederland nog altijd aan het toenemen. Niet alleen voor bezoekers van verder weg, ook Teylingers en bewoners van buurgemeenten bezoeken onze gemeente graag. Sinds de Coronapandemie recreëren steeds meer mensen in de eigen omgeving. We zien dit onder andere in de toenemende populariteit van natuur- en buiten-/wateractiviteiten. We merken dat in onze gemeente vooral in het Kagerplassengebied. Dit legt steeds meer druk op natuurgebieden en de biodiversiteit. Een balans vinden tussen toerisme en natuur blijft dan ook een uitdaging. Tot slot ligt er steeds meer nadruk op ‘beleven’. Bezoekers zijn op zoek naar vermaak in specifieke thema’s. De toeristische en recreatieve sector gaat daarom steeds sterker deel uit maken van de belevingseconomie. Opgaven Verspreiden jaarronde recreatie We willen de recreatieve mogelijkheden voor onze inwoners én voor toeristen verbeteren in alle drie de dorpen (en niet alleen in Warmond) en in het buitengebied. We focussen op kleinschalige, duurzame recreatie die jaarrond plaats vindt in samenhang met de rest van de regio. Het aanbod aan trekpleisters is ruim en divers. Van de ruïne van Teylingen tot de bollenvelden; en van de landgoederen tot de Kagerplassen. We willen de beleefbaarheid en de bereikbaarheid van deze trekpleisters versterken en verbeteren om zo ook kwetsbare gebieden elders in de gemeente te ontzien. We hanteren hierbij een 'ja, mits' houding om positief naar nieuwe mogelijkheden te kijken. De uitdaging ligt vooral om het toerisme te versterken in de periode van oktober tot en met maart. Om toeristen langer vast te houden willen we verblijfsmogelijkheden ontwikkelen of versterken door revitalisering van recreatieparken en het bieden van ontwikkelingsruimte voor kampeerterreinen en campings. Dit zal, afhankelijk van de locatie, steeds maatwerk zijn. We stimuleren kleinschalige dagrecreatie, recreatieve voorzieningen en medegebruik van bestaande voorzieningen. Te denken valt aan bijvoorbeeld kleinschalige horeca, speelplekken, workshopruimtes, tentoonstellingen etc. Recreatie en erfgoed dichter bij huis brengen Voor onze inwoners is het ook belangrijk om te zorgen voor voldoende recreatie dicht bij huis. We creëren ommetjes en struinpaden langs onze diverse natuur en erfgoed. Ook werken we aan het behoud en de bescherming van het cultureel erfgoed in onze gemeente en het zichtbaar maken hiervan. Op die manier komen onze inwoners en toeristen er meer mee in aanraking (zie ook H3.2.2 Cultureel en beleefbaar). Een concreet voorbeeld hiervan is het verbeteren van de beleefbaarheid van de ruïne van Teylingen. De ruïne en omliggende gronden worden ontwikkeld als jaarrond recreatieve trekpleister voor de inwoners, regionale recreant en nationale toerist. De ruïne van Teylingen is op afspraak geopend voor rondleidingen, partijen en groepsuitjes. Een ander voorbeeld is het plan voor het Boekenburgerbos. We gaan hier werken aan een herontwikkeling van de omgeving ten behoeve van de ruimtelijke kwaliteit en (recreatieve) voorzieningen. In relatie tot recreatie dichtbijhuis kijken we ook naar nieuwe mogelijkheden voor recreatie eiland Koudenhoorn in Warmond. Denk bijvoorbeeld aan het uitbreiden van het aantal kleinschalige evenementen, zoals een zomerfair. Afbeelding: Recreatie aan de Kagerplassen Versterken en verbeteren recreatie en recreatieve routes in het Kagerplassengebied en buitengebied We werken in Teylingen aan een uitbreiding van het routenetwerk voor fietsers, wandelaars en de pleziervaart, met aansluiting op het regionale netwerk. Een concreet voorbeeld hiervan is het gerealiseerde ‘Rondje Kaag’. De Kagerplassen met verblijfsrecreatie, dagrecreatie en waterrecreatie vormt een belangrijke trekker in de regio. Dit willen we behouden waar mogelijk verder uitbouwen. Daarbij bewaken we wel altijd de leefbaarheid, de natuurwaarden en de waterkwaliteit. Warmond aan de Kaag, de Kagerplassen en buitengebied en het eiland Koudenhoorn zijn aantrekkelijke (watersport)gebieden voor dagen watertoeristen én onze eigen inwoners. Ook voor de bezoeker op het ‘land’ heeft water en waterrecreatie een grote aantrekkingskracht. Goede water-land verbindingen zoals zit- en overnachtingsplekken langs het water zijn belangrijk. Dit heeft onze aandacht. Ommetjesvaren en overnachten op en aan het water zien we als ontwikkelkans. Nieuwe en bestaande verblijfsrecreatie initiatieven moeten passen bij de identiteit van ons gebied. We gaan de mogelijkheden voor verblijven en routes op en aan het water vergroten. Dit doen we door samenwerking te zoeken met onder andere Kansen voor Warmond en het Hollandse Utrechtse Plassenberaad. We gaan onderzoeken of en waar mogelijkheden gecreëerd kunnen worden om woonschepen en innovatieve concepten voor recreatief gebruik te ontwikkelen. Voor deze nieuwe recreatieve woonschepen / concepten gelden nadere voorwaarden qua inpasbaarheid, beeldkwaliteit en maximale afmetingen. Nieuwe bungalowparken (huisjesterreinen) zijn niet toegestaan. Wel zien we mogelijkheden voor tijdelijke ‘pop-up’ campings. Hiervoor gelden dezelfde voorwaarden als voor permanente terreinen, met uitzondering van de bebouwing. Alleen tijdelijke units voor beheer en voorzieningen zijn toegestaan. Wij juichen kwaliteits- en vitaliteitsverbetering van de huidige camping terreinen en het gebied als geheel toe. Elke vorm van kwaliteitsverbetering staan we in principe toe, met uitzondering van het toevoegen van permanente bewoning. We zien kans voor schaalvergroting van de bestaande parken, waarbij parken gaan samenwerken of worden samengevoegd. We werken mee aan de verbetering van de bereikbaarheid op en naar de terreinen. Ook andere initiatieven die bijdragen aan versterking van de vitaliteit en kwaliteit van de bestaande parken zijn wenselijk. Rondom de Roodemolenpolder is recent een recreatief ommetje gerealiseerd. Verder wordt hier gewerkt aan de versterking van agrarisch gebruik inclusief natuurbeheer. Balans vinden tussen recreatie & toerisme en natuur, landschap, cultuur en leefbaarheid dorpskernen De investeringen in recreatie en toerisme mogen niet ten koste gaan van de landschappelijke kwaliteit en de natuur- en cultuurhistorische waarden. Deze willen we namelijk behouden voor onze huidige en toekomstige generaties. Ontwikkelingen mogen geen afbreuk doen aan cultuurlandschappen en flora en fauna. Ook moet bij het doen van voornoemde investeringen oog zijn voor de leefbaarheid van de drie dorpskernen (met name Warmond). Bij de verdere uitwerking van deze omgevingsvisie en eventuele plannen zal steeds gezocht moeten worden naar een juiste balans. 3.2.9 Bereikbaar Trends en ontwikkelingen Doordat de bevolking en de economie blijven groeien en sterk geconcentreerd blijft in de Randstad, is er steeds meer congestie op hoofdwegen en grote knooppunten in de Randstad. In Teylingen merken we dat door sluipverkeer dat op lokale wegen naar snellere routes zoekt. Dit zorgt bij onze inwoners voor overlast. De mobiliteitssector is verder bezig met een ingrijpende transitie. De elektrificatie van voertuigen zorgt voor uitdaging als het gaat om laadinfrastructuur. Er komt daarnaast steeds meer nadruk op HOV-systemen met OVknooppunten en innovatieve, slimme nieuwe concepten die daar bij komen kijken. Hier liggen kansen voor bijvoorbeeld verduurzaming door slimme deelautosystemen. Het belang van actieve mobiliteit zoals fiets- en voetverkeer zien we terug in een toename van ruimte voor deze vervoersmiddelen in het straatbeeld. Op de landelijke wegen in onze gemeente wordt het ook drukker. Hier zijn het vooral steeds grotere landbouwvoertuigen en (recreatief) fietsverkeer die ruimte innemen. Opgaven We hanteren de centrale uitgangspunten uit de mobiliteitsvisie voor een goede bereikbaarheid De focus welke vastligt in bestaand beleid ligt op de komende drie punten: a. Prettig wonen en bewegen voor iedereen: Dit houdt in dat het verkeer veilig is en dat mobiliteit toegankelijk is voor iedereen. Daarnaast is er ruimte voor recreatie. We bereiken dit door te zorgen voor goede en veilige inrichting van straten voor alle soorten verkeer. b. Goede bereikbaarheid voor een ondernemend Teylingen.: We geven prioriteit aan lopen, fietsen en (hoogwaardig) openbaarvervoer. c. Duurzame mobiliteit voor een duurzame toekomst: Stimuleren fietsen en lopen, inzet op Mobility as a Service en deelmobiliteit en ruimte voor elektrisch rijden. Verbeteren van de leefbaarheid We verbeteren de leefbaarheid in algemene zin en staan geen verslechtering van de huidige situatie toe. Als wegbeheerder kan de gemeente invloed uitoefenen op de gezonde leefomgeving. Teylingen heeft de ambitie om de impact van infrastructuur te reduceren door te onderzoeken met welke mogelijke maatregelen we de impact van verkeer kunnen verminderen? Denk hierbij aan het toepassen van stiller wegdek, lagere snelheden, en andere verkeerscirculaties etc. Het is verder belangrijk om mobiliteitsvraagstukken in samenhang te zien met de forse woningbouwopgave. Een toename van verkeersbewegingen/parkeren door toevoeging van woningen blijft een aandachtspunt. Per ontwikkeling zal dit zorgvuldig moeten worden ingepast. Aanpakken infrastructurele knelpunten De komende jaren zetten we als gemeente in op het versterken van de al bestaande infrastructuur. Dit betekent investeringen en aandacht voor zowel het autoverkeer, als het Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV). Er liggen belangrijke uitdagingen in het in goede banen leiden van het auto- en vrachtverkeer in de (noordelijke) Duin- en Bollenstreek. We gaan de infrastructurele knelpunten aanpakken, ten behoeve van de veiligheid en de leefbaarheid. In het Uitvoeringsprogramma van de Strategische Agenda Duin- en Bollenstreek is de ‘Knoop Sassenheim’ in de A44 als één van de zes prioriteitsgebieden aangewezen. Ook werken we aan een betere ontsluiting van de N444 en N
- Er is ook een kwaliteitsverbetering van de N444 benodigd (met name de aansluiting op de A44) om de congestie aan de aan de zuidkant te verminderen. In dat kader wordt de Corridorstudie Ruimte en Mobiliteit Zuidelijke Duin en Bollenstreek uitgevoerd. We zoeken daarnaast naar mogelijkheden om de toenemende oost-west pendel beter te faciliteren, zodat de overlast van de N208 afneemt. Cruciaal in het aanpakken van lokale knelpunten is ook de realisatie van de Noordelijke Randweg Voorhout geweest, om zo sluipverkeer tegen te gaan. De Noordelijke Randweg zorgt voor een verbetering van de leefbaarheid en verkeersveiligheid in het centrum van Voorhout (Herenstraat) en voor een betere bereikbaarheid van Teylingen en de regio voor auto, fiets en openbaar vervoer. Tot slot werken we aan de lokale weginrichting, zodat deze overal overeenkomt met de categorisering van de wegen. Doorgaand verkeer in de kernen wordt verminderd. Daarnaast wordt de maximumsnelheid in de bebouwde kom in beginsel 30km per uur en worden wegen ook als zodanig ingericht. De focus ligt op duurzame mobiliteit en kansen voor openbaar vervoer/fiets om de verkeersknelpunten (waaronder de Van Pallandtlaan in Sassenheim en de Oosthoutlaan in Voorhout) te ontlasten en verkeersveiliger te maken. Dit alles conform het mobiliteitsplan. Iedereen moet zich veilig en zonder hinder kunnen verplaatsen, de begaanbaarheid en toegankelijkheid van buurten en straten is hiervoor essentieel. Inzetten op actieve mobiliteit We zetten niet alleen in op het verbeteren van het autoverkeer. Er moet namelijk ook meer ruimte en voorrang komen voor langzaam verkeer. Actieve mobiliteit, zoals fietsen en lopen moet lonen, zodat meer mensen deze gezonde vormen van mobiliteit verkiezen boven de auto. We gaan dit doen door te investeren in goede, lokale fietspaden, die samen een aane