Beleidsregel exploitatievergunning horeca gemeente Zutphen 2025De burgemeester van de gemeente Zutphen, gelet op artikel(en) 2:27 tot en met 2:34 van de Algemene Plaatselijke Verordening Zutphen 2011 en 11:1 van de Verordening fysieke leefomgeving gemeente Zutphen; gelet op titel 4:3 van de Algemene wet bestuursrecht; b e s l u i t : vast te stellen de Beleidsregel exploitatievergunning horeca gemeente Zutphen 2025 Paragraaf1Algemeen Artikel1Begripsomschrijvingen Deze beleidsregel verstaat onder: APV: de geldende Algemene plaatselijke verordening Zutphen; avondzaak: horecabedrijf waarvan de hoofdfunctie bestaat uit het snel serveren of bereiden van al dan niet in de openbare inrichting bereide kleine maaltijden of kleine etenswaren en waar in hoofdzaak alcoholvrije drank wordt verstrekt, zoals snackbars, cafetaria’s, fritures, broodjeszaken, automatieken, shoarmazaken en daarmee gelijk te stellen inrichtingen, die zich qua exploitatie richten op de reguliere horeca; Binnenstad Zutphen: het gebied dat begrensd wordt door en inclusief Stationsplein, Nieuwstad, Rijkenhage, Berkelsingel, Graaf Ottosingel, Spittaalstraat, Martinetsingel, IJsselkade en alle straten die daarbinnen vallen; coffeeshop: horecabedrijf waar uitsluitend alcoholvrije drank wordt verstrekt en waar handel in en gebruik van softdrugs plaatsvindt; dagzaak: horecabedrijf waarvan de hoofdfunctie bestaat uit het snel serveren en/ of verstrekken van al dan niet in de openbare inrichting bereide kleine maaltijden of kleine etenswaren en waar uitsluitend of in hoofdzaak alcoholvrije drank wordt verstrekt, zoals snackbars, lunchrooms, tearooms, croissanterieën, koffiehuizen, theehuizen, espressobars, ijssalons en andere daarmee gelijk te stellen inrichtingen, die zich qua exploitatie richten op winkelactiviteiten; horecabedrijf: openbare inrichting, zoals bedoeld in artikel 2:27, aanhef en onder a. van de APV; hotel, zaalaccommodatie: een openbare inrichting dat in hoofdzaak bestaat uit het verstrekken van nachtverblijf, zaalaccommodatie ten behoeve van congres, studie, vergaderingen e.d., waarbij het verstrekken van voedsel en drank daaraan ondergeschikt is; ondersteunende horeca: een horeca-activiteit die plaats vindt in een detailhandelsvestiging en hier qua ligging functioneel gerelateerd en ondersteunend aan is en qua openingstijden gelijk is met de betreffende detailhandelsvestiging; restaurant, eetcafé: een horecabedrijf waarvan de hoofdfunctie bestaat uit het verstrekken van in de openbare inrichting bereide en in hoofdzaak complete maaltijden voor gebruik ter plaatse, zoals restaurants, bistro’s, grillrooms en andere daarmee gelijk te stellen inrichtingen; sociëteit, sportkantine: een horecabedrijf dat in hoofdzaak bestaat uit het gelegenheid bieden voor verblijf op sociaal, cultureel, educatief of sportief gebied en waar het verstrekken van voedsel en drank daaraan ondergeschikt is; terras: een terras, als bedoeld in artikel 2:27, aanhef en onder b. van de APV. Paragraaf2Categorieën horecabedrijven Artikel2Categorieën horecabedrijven, openbare inrichtingen 1.Bij de volgende categorieën horecabedrijven moet de exploitant op grond van artikel 2:28, eerste lid van de APV over een exploitatievergunning horeca beschikken: avondzaak; café en/ of bar, bodega en andere daarmee gelijk te stellen horecabedrijven; coffeeshop; dagzaak; discotheek, bardancing, café met dansgelegenheid, nachtclub en andere daarmee gelijk te stellen horecabedrijven; hotel, zaalaccommodatie; ondersteunende horeca bij detailhandel voor zover dit betreft activiteiten die zich vooral richten op het afhalen en bezorgen van voedsel en drank; restaurant, eetcafé; sociëteit, sportkantine. 2.Bij de volgende openbare inrichtingen hoeft de exploitant niet over een exploitatievergunning horeca te beschikken, mits de horeca activiteiten van ondergeschikte betekenis zijn: openbare inrichting in een bedrijfsrestaurant en museum; openbare inrichting in een instelling bestemd voor de openbare dienst, dan wel in een onderwijsinstelling; openbare inrichting in een rouwcentrum; openbare inrichting in een ziekenhuis, bejaardencentrum en verpleeg- of verzorgingshuis; kerk en kerkelijke instelling, voor zover consumpties worden verkregen voor of na de kerkdienst en/ of aan de kerk gerelateerde activiteiten; kleinschalige bed & breakfast (niet meer dan 2 kamers en/ of maximaal 4 personen); sport- en dansschool, voor zover er geen activiteiten worden georganiseerd waaraan een zelfstandige betekenis kan worden toegekend; sauna en/ of zonnecentrum; openbare inrichting in prostitutiebedrijf; ondersteunende horeca bij detailhandel voor zover de activiteiten zich richten op het ter plaatse nuttigen van voedsel en drank. 3.Als er sprake is van het verstrekken van alcoholhoudende drank moet de exploitant van een openbare inrichting over een vergunning op grond van de Alcoholwet beschikken. Paragraaf3Algemene bepalingen Artikel3Aanvraag 1.Een exploitatievergunning horeca wordt bij de burgemeester aangevraagd bij: het vestigen van een nieuw horecabedrijf; de overname van een bestaand horecabedrijf; bij een wijziging in de exploitatie of ondernemingsvorm van het horecabedrijf. 2.Een aanvraag moet via de website van de gemeente worden ingediend door middel van het daartoe door de burgemeester vastgestelde (digitale) aanvraagformulier. 3.Een Bibob beoordeling maakt onderdeel uit van elke aanvraag. 4.Bij de aanvraag moeten de navolgende stukken worden overgelegd: een geldig legitimatiebewijs van alle in de aanvraag vermelde personen; een nauwkeurige plattegrond van het horecabedrijf; een verklaring omtrent gedrag (maximaal drie maanden oud) met het screeningsprofiel ‘exploitatievergunning’ van alle leidinggevenden; door beide partijen ondertekende arbeidsovereenkomsten van alle leidinggevenden die in loondienst zijn; een volledig en naar waarheid ingevuld Bibob vragenformulier, inclusief alle in het vragenformulier gevraagde stukken; als de aanvraag tevens een terras omvat: een inrichtingstekening van het beoogde terras en foto’s van het terrasmeubilair; eventuele andere gegevens of bescheiden, die nodig zijn voor de beoordeling van de aanvraag en waarover de aanvrager redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. 5.Voor alcohol schenkende horecabedrijven is het niet nodig om een verklaring omtrent gedrag aan te leveren, als tegelijk met de aanvraag exploitatievergunning horeca ook een aanvraag vergunning op grond van de Alcoholwet wordt ingediend. Artikel4Publicatie, indienen zienswijze 1.De burgemeester publiceert een aanvraag zo spoedig mogelijk na ontvangst via het digitale Gemeenteblad. 2.De aanvraag ligt gedurende twee weken ter inzage. Binnen deze periode kan een belanghebbende zijn zienswijze kenbaar maken. Artikel5Advies Bij een aanvraag exploitatievergunning voor een horecabedrijf, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder b., c. en e., vraagt de burgemeester advies aan de politie. Artikel6Beslistermijn 1.De burgemeester beslist binnen 8 weken na de dag waarop de aanvraag is ontvangen. 2.De termijn als bedoeld in het eerste lid kan verdaagd en opgeschort worden overeenkomstig de bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht. Artikel7Geldigheidsduur vergunning 1.De burgemeester verleent een exploitatievergunning horeca voor onbepaalde tijd. 2.In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, kan de burgemeester een exploitatievergunning horeca voor bepaalde tijd verlenen, als daartoe dringende redenen aanwezig zijn vanwege de openbare orde of de woon- en leefsituatie in de omgeving van het horecabedrijf. Artikel8Persoonsgebonden vergunning Een exploitatievergunning horeca is persoonsgebonden en daarom niet overdraagbaar. Artikel9Weigeringsgronden 1.De burgemeester weigert de vergunning als zich één van de weigeringsgronden, zoals vermeld in artikel 2:28 van de APV, voordoet. 2.De burgemeester weigert de vergunning voorts als: de aanvrager geen verklaring omtrent gedrag over heeft gelegd, zoals bedoeld in artikel 3, vierde lid, onder c., tenzij het bepaalde in artikel 3, vijfde lid zich voordoet; er ernstig gevaar bestaat dat de beschikking mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, of er ernstig gevaar bestaat dat de beschikking mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. Artikel10Voorschriften en/ of beperkingen in de vergunning 1.De burgemeester verbindt aan de exploitatievergunning horeca de hieronder vermelde voorschriften en/ of beperkingen: de vergunning moet op verzoek van politie en/ of toezichthouders direct getoond kunnen worden; de vergunning is persoonlijk en niet overdraagbaar; gedurende de tijd dat het horecabedrijf geopend is, moet altijd een persoon aanwezig zijn die in de vergunning als leidinggevende staat vermeld; het is verboden in de openbare inrichting drugs aanwezig te hebben, te gebruiken of te verkopen; aanwijzingen gegeven door politie, brandweer en/ of toezichthouders moeten direct worden opgevolgd; als er horecaportiers, toezichthoudend of ander beveiligingspersoneel in dienst zijn/ is, dan moeten deze voldoen aan de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus; de exploitatie van het horecabedrijf heeft geen onevenredige invloed op de woon- of leefsituatie of de openbare orde en veiligheid in de omgeving van het horecabedrijf; de exploitant is verplicht de orde binnen het horecabedrijf te handhaven en in de directe omgeving van het horecabedrijf hinder en vervuiling, veroorzaakt door komende of vertrekkende bezoekers, te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. 2.Als daartoe naar het oordeel van de burgemeester aanleiding bestaat, kan hij aan de exploitatievergunning horeca andere voorschriften en/ of beperkingen verbinden. 3.In de exploitatievergunning horeca worden eveneens voorschriften opgenomen over de sluitingstijden van het horecabedrijf en een eventueel bij het horecabedrijf behorend terras. Artikel11Wijziging of intrekking vergunning 1.De exploitant is verplicht een wijziging in de exploitatie of ondernemingsvorm binnen één maand aan de burgemeester door te geven. 2.In afwijking van het eerste lid is het voor een exploitant die beschikt over een vergunning op grond van de Alcoholwet niet nodig om bij wijziging van de leidinggevende een gewijzigde exploitatievergunning horeca aan te vragen. 3.Naast de in artikel 1.6 van de APV vermelde intrekkingsgronden, is de burgemeester bevoegd om een vergunning tijdelijk of definitief in te trekken (en dus de exploitatie van het horecabedrijf tijdelijk of definitief te doen staken) als: de voorschriften en/ of beperkingen van de exploitatievergunning horeca niet worden nageleefd, en/ of er sprake is van aan het horecabedrijf te relateren ontoelaatbare aantasting van de woon- en leefsituatie, openbare orde, zedelijkheid en / of gezondheid, en/ of als er ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, en/ of als er ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. 4.Bij een besluit tot tijdelijke of definitieve intrekking relateert en motiveert de burgemeester de tijdsduur van de intrekking aan de aard en ernst van de geconstateerde overtreding(en). Paragraaf4Openingstijden Artikel12Openingstijden 1.Een horecabedrijf mag geopend zijn van 07.00 uur tot 01.00 uur. 2.De burgemeester is op grond van artikel 2:29, tweede lid van de APV bevoegd in een vergunningsvoorschrift andere openingstijden, als vermeld in het eerste lid, op te nemen. Artikel13In aanmerking komende horecabedrijven 1.De volgende categorieën horecabedrijven komen in aanmerking voor verruimde openingstijden: avondzaak (broodjeszaak); café en/ of bar, bodega en andere daarmee gelijk te stellen horecabedrijven; discotheek, bardancing, café met dansgelegenheid, nachtclub en daarmee gelijk te stellen horecabedrijven. 2.De volgende categorieën horecabedrijven komen niet in aanmerking voor verruimde openingstijden: coffeeshop; dagzaak; detailhandel met ondersteunende horeca, en sportkantine, buurthuis of clubhuis en andere para-commerciële rechtspersonen. Artikel14Verruimde openingstijden en voorwaarden 1.Voor een avondzaak (broodjeszaak) gelden de volgende openingstijden en voorwaarden: maandag tot en met vrijdag: 07.00 uur – 02.30 uur; zaterdag en zondag: 07.00 uur – 04.00 uur; een kwartier voor sluitingstijd worden geen nieuwe bestellingen meer opgenomen, wordt er geen nieuw publiek meer toegelaten en worden de deuren gesloten (eenrichtingsverkeer); op de sluitingstijd is geen publiek meer aanwezig en zijn de deuren, alsmede eventuele loketten gesloten. 2.Voor een café en/ of bar, bodega en andere daarmee gelijk te stellen horecabedrijven gelden de volgende openingstijden en voorwaarden: maandag tot en met vrijdag: 07.00 uur – 01.30 uur; zaterdag en zondag: 07.00 uur – 03.30 uur; op zaterdag en zondag wordt er vanaf 02.00 uur geen nieuw publiek meer toegelaten (eenrichtingsverkeer); een half uur voor sluitingstijd wordt de muziek op halve sterkte gezet; een kwartier voor sluitingstijd wordt geen muziek meer ten gehore gebracht en geen drank meer verkocht, en op de sluitingstijd is er geen publiek meer aanwezig. 3.Voor een discotheek, bardancing, café met dansgelegenheid, nachtclub en daarmee gelijk te stellen horecabedrijven gelden de volgende openingstijden en voorwaarden: maandag tot en met vrijdag: 07.00 uur – 02.30 uur; zaterdag en zondag: 07.00 uur – 03.30 uur; op zaterdag en zondag wordt er vanaf 02.30 uur geen nieuw publiek meer toegelaten (eenrichtingsverkeer); een half uur voor sluitingstijd wordt de muziek op halve sterkte gezet; een kwartier voor sluitingstijd wordt geen muziek meer ten gehore gebracht en geen drank meer verkocht, en op de sluitingstijd is er geen publiek meer aanwezig. 4.De exploitant is verplicht de openingstijden en de daaraan gekoppelde specifieke voorschriften en/ of beperkingen kenbaar te maken, zowel in de inrichting als op een van buiten voor het publiek zichtbare plaats. Artikel15Voorwaarden verruimde openingstijden 1.Een horecabedrijf als bedoeld in artikel 13, eerste lid komt alleen in aanmerking voor een vergunning voor verruimde openingstijden als het: huis- en gedragsregels hanteert en deze voor iedere bezoeker kenbaar zijn; deelneemt aan het systeem van Collectieve Horecaontzeggingen, waarmee een horecaondernemer een notoire overlastgever de toegang tot zijn horecabedrijf kan ontzeggen, en gebruik maakt van gekwalificeerde portiers aan de deur. 2.Voor horecabedrijven met een capaciteit kleiner dan 100 bezoekers of een vloeroppervlakte kleiner dan 50 m² kan de burgemeester een uitzondering maken op de verplichting om gebruik te maken van gekwalificeerde portiers aan de deur. Artikel16Voorschriften en/ of beperkingen vergunning verruimde openingstijden 1.De burgemeester verbindt aan de vergunning voor verruimde openingstijden de volgende algemene voorschriften en/ of beperkingen: aan politie en toezichthouders moet ongehinderd toegang tot de openbare inrichting worden gegeven; de exploitant moet ervoor zorgen dat bezoekers binnen en buiten het horecabedrijf niet zodanig rumoer maken dat omwonenden daardoor worden gehinderd en/ of in hun nachtrust worden gestoord; het deurbeleid en de huis- en gedragsregels zijn transparant en eenduidig, niet discriminerend en voor iedere bezoeker kenbaar; de exploitant neemt deel aan het systeem van Collectieve Horecaontzeggingen en past dit toe; de exploitant maakt vanaf het tijdstip van 01.00 uur gebruik van gekwalificeerde portiers aan de deur; de exploitant draagt er zorg voor dat de directe omgeving van zijn horecabedrijf schoon is; de exploitant is verplicht om maatregelen te treffen om te voorkomen dat de gemeente en/ of anderen schade lijdt/ lijden als gevolg van het gebruik van deze vergunning; de vergunning ontheft de exploitant en de andere betrokkenen niet van de wettelijke aansprakelijkheid voor ongevallen en de aansprakelijkheid voor de naleving van wettelijke voorschriften. 2.De burgemeester verbindt het voorschrift over de inzet van gekwalificeerde portiers niet aan een vergunning waarvoor de uitzonderingsgrond voor de portiersverplichting geldt. Artikel17Zomertijd/ wintertijd In de nacht van zaterdag op zondag waarin de zomer- respectievelijk de wintertijd wordt ingevoerd, wordt voor de toepassing van deze regeling de tijd aangehouden al zou de zomer- respectievelijk wintertijd niet zijn ingegaan. Artikel18Incidentele vergunning latere sluitingstijd 1.Bij bijzondere dagen of evenementen kan de burgemeester incidenteel vergunning verlenen voor latere sluitingstijden. 2.Onder bijzondere dagen vallen in ieder geval Nieuwjaarsdag, Koningsdag (Koningsnacht) en de nacht volgend op Tweede Kerstdag. Paragraaf5Terrassen Artikel19In aanmerking komende horecabedrijven Voor de exploitatie van een terras komen in aanmerking de horecabedrijven in de categorieën, zoals vermeld in artikel 2, eerste lid, met uitzondering van coffeeshops. Artikel20Toiletvoorziening Voor horecabedrijven die een terras willen exploiteren geldt dat zij over een toiletvoorziening moeten beschikken voor bezoekers van het terras. Artikel21Situering en omvang terras 1.Een terras is mogelijk als dit terras direct grenst aan de gevel van het horecabedrijf en het terras niet breder is dan de gevel van het horecabedrijf waar het bij hoort, zodat er duidelijke binding is met het horecabedrijf en de exploitant voldoende toezicht kan houden op het terras. 2.Een terras mag in geen geval gevaar opleveren voor een doelmatig en veilig gebruik van de weg. (Voetgangers)verkeer mag niet gehinderd worden door terrasmeubilair. Hierbij gelden de volgende algemene uitgangspunten: terrassen op de rijbaan zijn niet toegestaan; terrassen op trottoirs zijn toegestaan als er tenminste 1,5 meter vrij blijft voor voetgangers en rolstoelgebruikers; terrassen in het voetgangersgebied zijn toegestaan als er voor de hulpverleningsdiensten een minimale doorrijdbreedte (vrij van obstakels) blijft gehandhaafd van 4 meter en er geen belemmeringen zijn wat betreft hoogte door bijvoorbeeld zonwering of overkapping; vluchtroutes en toegangen tot panden mogen niet worden geblokkeerd. Daarvoor moet een looppad van 1,5 meter vrij blijven van obstakels. Artikel22Terrasuitbreiding 1.Naast een terras voor de gevel van het horecabedrijf kan ook een overterras worden gerealiseerd of een terras voor de gevel van een naastgelegen (aangrenzend) gebouw. 2.Van een overterras is sprake wanneer (een deel van) het terras gelegen is in de openbare ruimte, niet direct grenzend aan de gevel van het horecabedrijf. 3.Voor de uitbreiding van het terras (een overterras of een terras voor een naast gelegen (aangrenzend) gebouw) geldt: een overterras is recht tegenover de gevel van het gebouw gelegen waarin het horecabedrijf is gevestigd, zodat er voldoende binding blijft bestaan met het horecabedrijf en de exploitant ook voldoende toezicht kan uitoefenen; een overterras wordt alleen toegestaan als sprake is van een autovrije situatie, dit in verband met de veiligheid van het bedienend personeel en de terrasbezoekers; de exploitant moet voor de uitbreiding van zijn terras schriftelijke toestemming hebben van de eigenaar/ gebruiker van het gebouw waar voor hij een terras wil realiseren. Hierbij kunnen beide partijen eventueel specifieke afspraken maken (bijvoorbeeld alleen terras op bepaalde dagen en/ of tijden, voor de gehele of een deel van de gevel het gebouw), die in de vergunning worden opgenomen; uitbreiding van het terras voor woningen (op de begane grond) is niet toegestaan; terrassen op een binnenplaats en/ of achtererf zijn niet toegestaan; uitbreiding met een terras kan enkel en alleen tijdens het terrasseizoen van 1 april tot en met 31 oktober van enig kalenderjaar. 4.Als een exploitant een aanvraag doet voor een terras dat niet past binnen de hierboven vermelde uitgangspunten, beoordeelt de burgemeester per situatie óf en hoe vergunning verleend kan worden. 5.De burgemeester kan afwijken van het in het derde lid bepaalde, voor zover het een terras is gelegen op gemeentegrond. Artikel23Terrastekening 1.De omvang van het terras wordt aangegeven op een tekening die onderdeel uitmaakt van de exploitatievergunning horeca. 2.De grenzen van het terras worden daarnaast, waar mogelijk, in het wegdek aangegeven door middel van rvs-punaises of hoekstenen. 3.Overschrijding van deze grenzen bij de opstelling van het terrasmeubilair is niet toegestaan. 4.De rvs-punaises of hoekstenen worden door of in opdracht van de gemeente aangebracht. Het verwijderen of verplaatsen hiervan, anders dan door of in opdracht van de gemeente, is niet toegestaan. Artikel24Openingstijden terrassen Terrassen in de Binnenstad Zutphen mogen in de periode van 1 april tot en met 31 oktober van enig kalenderjaar in de nacht van vrijdag op zaterdag en in de nacht van zaterdag op zondag geopend blijven tot 01.00 uur. Artikel25Inrichting terras en terrasmeubilair 1.De criteria voor terrasmeubilair zijn beschreven in de Regeling ter beoordeling van aanvragen op grond van artikel 2 van de Verordening Stads- en Landschapsschoon, aanvragen op grond van artikel 2.10 van de Algemene Plaatselijke Verordening Zutphen en aanvragen op grond van de Bouwverordening Zutphen. 2.Het terrasmeubilair moet telkens na sluitingstijd op een dusdanige manier op de terraslocatie gezekerd/ afgedekt worden dat van het terras geen gebruik meer gemaakt kan worden. 3.Het terrasmeubilair mag worden opgeslagen bij de gevel van het gebouw mits goed beveiligd. 4.De toegang tot het gebouw mag hierbij niet belemmerd worden. 5.De opslag van het terrasmeubilair geschiedt voor eigen rekening en risico. 6.Gasflessen in terrasverwarmers mogen na sluiten van het terras niet in de openbare ruimte worden opgeslagen. Artikel26Bijzondere situaties 1.Tijdens de wekelijkse markt op donderdagochtend is het exploiteren van een terras op het marktterrein niet toegestaan. Een aanpandig terras op de stoep kan tijdens deze marktdagen worden gebruikt. 2.Een terras en de terraslocatie voor zover gelegen op het marktterrein, als bedoeld in het eerste lid, moeten op woensdag na sluitingstijd worden opgeruimd, zodat de opbouw van de markt op de donderdagochtend niet wordt gehinderd. 3.Tijdens de wekelijkse markt op zaterdag is het exploiteren van een terras op de Zaadmarkt en het gedeelte van de Houtmarkt, waar marktkramen worden geplaatst, niet toegestaan. Een aanpandig terras op de stoep kan tijdens deze marktdagen worden gebruikt. 4.Een terras en de terraslocatie op de Zaadmarkt en het gedeelte van de Houtmarkt, als bedoeld in het derde lid, moeten op vrijdag na sluitingstijd worden opgeruimd, zodat de opbouw van de markt op de zaterdagochtend niet wordt gehinderd. 5.Als de locatie waarop het terras geëxploiteerd wordt, is aangewezen als of is gelegen binnen het evenemententerrein op grond van een evenementenvergunning, wordt de inrichting van de terraslocatie gedurende dat evenement bepaald door de evenementenvergunning. Artikel27Terrassen bij ondersteunende horeca 1.Een terras bij ondersteunende horeca is alleen toegestaan direct voor de gevel van het gebouw waarin de detailhandel is gevestigd. 2.Overterrassen zijn niet toegestaan. 3.Het terras beslaat maximaal de breedte van de gevel van het gebouw waarin de detailhandel en de daarmee verbonden ondersteunende horeca is gevestigd. 4.De diepte van het terras is maximaal 1,20 meter, gemeten vanuit de gevel van het gebouw. 5.Er zijn maximaal 3 tafels en maximaal 6 stoelen toegestaan. 6.Een terras bij ondersteunende horeca is niet toegestaan in een binnenplaats en/ of achtererf. Paragraaf6Overige bepalingen Artikel28Handhaving 1.Bij overtreding van het bij of krachtens de APV en deze beleidsregel bepaalde en de daarbij gegeven voorschriften en/ of beperkingen, treedt de burgemeester op volgens de bij deze beleidsregel behorende Bijlage 1 Handhavingsarrangement exploitatievergunningen horeca. 2.Als er sprake is van ernstige incidenten en/ of verstoringen van de openbare orde of de woon- en leefsituatie, kan de burgemeester in afwijking van het in het eerste lid bepaalde direct tot toepassing van artikel 2:30 APV besluiten of de exploitatievergunning horeca intrekken. Artikel29Afwijkingsbevoegdheid Bij bijzondere omstandigheden, waaronder onder meer die gevallen die niet zijn voorzien ten tijde van het vaststellen van deze beleidsregel, kan de burgemeester van deze beleidsregel afwijken. Artikel30Intrekking oude regeling De Beleidsregel Notitie Exploitatievergunning Algemene plaatselijke verordening gemeente Zutphen Herziening 2010, wordt ingetrokken. Artikel31Inwerkingtreding Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na de datum van bekendmaking. Artikel32Citeertitel Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel exploitatievergunning horeca gemeente Zutphen 2025. Aldus besloten op 11 februari 2025.De burgemeester,Bijlage1Handhavingsarrangement exploitatievergunningen horeca Overtreding 1e constatering 2e constatering 3e constatering Geen exploitatievergunning Het exploiteren van een horecabedrijf zonder geldige exploitatievergunning (Art. 2:28, lid 1 APV) Aanspreken Mondeling waarschuwen: overtreding opheffen Opstellen PV van bevindingen Waarschuwingsbrief Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Last onder dwangsom van € 10.000,- ineens. Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Brief verbeuren van de dwangsom. Leidinggevende niet aanwezig Leidinggevende op de vergunning is niet aanwezig (als er geen Alcoholwetvergunning is verleend). Aanspreken Mondeling waarschuwen: overtreding opheffen Opstellen PV van bevindingen Waarschuwingsbrief Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Last onder dwangsom van € 800,00 per keer met een maximum van € 2.400,00. Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Verbeuren van de dwangsom. Vervolg stappen nader te bepalen: Intrekken vergunning Niet naleven voorschriften terras terras niet binnen de afmetingen Aanspreken Mondeling waarschuwen: overtreding opheffen Opstellen PV van bevindingen Waarschuwingsbrief Aanspreken Uitschrijven bekeuring. Feitcode: F101 - € 260,00. Opstellen PV van bevindingen Last onder dwangsom van € 400,00 per keer met een maximum van € 1.200,00. Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Verbeuren van de dwangsom Niet naleven van de terrastijden Aanspreken Mondeling waarschuwen: overtreding opheffen Opstellen PV van bevindingen Waarschuwingsbrief Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Last onder dwangsom van € 400,00 per keer met een maximum van € 1.200,00. Aanspreken overtreders Opstellen PV van bevindingen Verbeuren van de dwangsom Vervolg stappen nader te bepalen: Intrekken vergunning Open zijn na sluitingstijd Aanspreken Mondeling waarschuwen en zaak laten sluiten. Indien nodig met behulp van de politie Opstellen PV van bevindingen Waarschuwingsbrief Aanspreken Uitschrijven bekeuring Feitcode: F105a - F105b, categorie 8- € 300,00 Opstellen PV van bevindingen Last onder dwangsom van € 400,00 per keer met een maximum van € 1.200,00. Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Verbeuren van de dwangsom Niet naleven voorschriften ontheffing sluitingstijd Gebruik maken gekwalificeerde portiers aan de deur de exploitant moet ervoor zorgen dat bezoekers binnen en buiten het horecabedrijf niet zodanig rumoer maken dat omwonenden daardoor worden gehinderd of in hun nachtrust worden gestoord Aanspreken Mondeling waarschuwen: overtreding opheffen Opstellen PV van bevindingen Waarschuwingsbrief Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Er volgt een last onder dwangsom van € 400,00 per keer met een maximum van € 1.200,00 Aanspreken Opstellen PV van bevindingen Verbeuren van de dwangsom Vervolg stappen nader te bepalen: Aanvullende voorschriften Gedeeltelijke intrekking vergunning (onderdeel sluitingstijd) Toelichting Algemene toelichting Op grond van artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening Zutphen 2011 (hierna te noemen: APV) heeft de burgemeester de bevoegdheid een vergunning te verlenen voor het exploiteren van een horecabedrijf in de gemeente Zutphen. Het doel van deze beleidsregel is het geven van invulling bij de uitoefening van deze bevoegdheid. Omdat de burgemeester bij het uitoefenen van zijn bevoegdheid enige beleidsvrijheid en beoordelingsvrijheid heeft, is het van belang zoveel mogelijk vast te leggen hoe de burgemeester omgaat met de aan hem toegekende bevoegdheid. Deze beleidsregel is een actualisatie van de Notitie Exploitatievergunning Algemene plaatselijke verordening gemeente Zutphen Herziening 2010. De notitie is na het vaststellen een aantal keren aangepast. Onder andere voor wat betreft de regels voor terrassen (in 2020) en de regels voor sluitingstijden (in 2023). De aanleiding om destijds de exploitatievergunning in de APV op te nemen is vooral gelegen in de gedachte dat er daarmee mogelijkheden zijn om overlast van horecabedrijven zoveel als mogelijk te beperken. Bij de verlening van een exploitatievergunning wordt onder andere gekeken naar de aard van de inrichting, de mogelijk te verwachten overlast, het karakter van de omgeving, de (justitiële) achtergrond van de exploitant en eventueel eerdere (tijdelijke) sluitingen. De invloed op de omgeving kan worden uitgeoefend door het opnemen van voorschriften en/ of beperkingen. Hierdoor heeft de burgemeester, als niet wordt voldaan aan de vergunningvoorschriften en/ of -beperkingen, eerder de mogelijkheid een horecabedrijf tijdelijk of definitief te sluiten. Daarnaast biedt het systeem van de exploitatievergunning de mogelijkheid voor de burgemeester om de vergunning tijdelijk of definitief in te trekken (en dus de exploitatie tijdelijk of definitief te doen staken) wanneer er sprake is van aan de inrichting te relateren aantasting van het woon- en leefklimaat, de openbare orde, de veiligheid en de zedelijkheid. De wens om invloed uit te kunnen oefenen op de omgeving en bij geconstateerde overlast te kunnen handhaven is nog steeds actueel gelet op de (terugkerende) klachten van omwonenden over overlast van horecabedrijven en uitgaanspubliek. Wijzigingen in de beleidsregel Deze beleidsregel is een actualisatie van de Notitie Exploitatievergunning gemeente Zutphen Herziening 2010. Behalve enkele tekstuele aanpassingen zijn de recente beleidswijzigingen over terrassen
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.