Beleidsregel Bibob gemeente Bergeijk 2025Het doel van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet Bibob) is het waarborgen van de integriteit van het bestuursorgaan en het voorkomen van onbewust faciliteren van criminele activiteiten. Op basis van de uitkomsten van dit Bibob-onderzoek kunnen bijvoorbeeld vergunningen of subsidies worden geweigerd of ingetrokken of kan de gemeente besluiten geen opdracht te verlenen aan een partij of geen vastgoedtransactie aan te gaan. De Wet Bibob geeft de gemeente Bergeijk hierbij eigen beleidsruimte bij de besluitvorming omtrent het toepassen van de uit deze wet voortvloeiende bevoegdheden. Uitgaande van bovengenoemd doel zijn hieronder de beleidsuitgangspunten geformuleerd van gevallen waarin een Bibob-onderzoek wordt uitgevoerd. Burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk, gelet op de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob); besluiten: De beleidsregel Bibob gemeente Bergeijk 2025 vast te stellen. Beleidsregel Bibob gemeente Bergeijk 2025 Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel1.1 Begripsbepalingen De begripsbepalingen uit paragraaf 1.1 van de Wet Bibob zijn van overeenkomstige toepassing op deze beleidsregel. In deze beleidsregel wordt verstaan onder: Aanbesteding: de procedure voor het zoeken van een opdrachtnemer voor het uitvoeren van een overheidsopdracht door middel van een selectieprocedure waarbij marktpartijen kunnen meedingen naar de kans op gunning van een overheidsopdracht; Aanbestedingsbesluit: de algemene maatregel van bestuur met betrekking tot de regeling van enkele onderwerpen van de Aanbestedingswet 2012; Bestuursorgaan: de burgemeester onderscheidenlijk het college van burgemeester en wethouders; Bibob-onderzoek: de wijze waarop de gemeente Bergeijk in beginsel toepassing geeft aan artikel 7a van de Wet Bibob, waarbij onderzoek wordt gedaan naar feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 3, eerste tot en met zesde lid, en artikel 9, tweede en derde lid van de Wet Bibob; Beursgenoteerde bedrijven: Bedrijven die zijn genoteerd aan een Nederlandse beurs; Bibob-vragenformulier: een formulier gebaseerd op de regeling als bedoeld in artikel 7a lid 5 van de Wet Bibob; College: College van Burgemeester en Wethouders; De Wet Bibob: de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob); De gemeente: de gemeente Bergeijk; Gebruiksoppervlakte: de gebruiksoppervlakte (GO) van een ruimte of van een groep van ruimten is de oppervlakte van alle bouwlagen en alle gebruiksfuncties, gemeten op vloerniveau, tussen de opgaande scheidingsconstructies, die de desbetreffende ruimte of groep van ruimten onthullen. Bij de bepaling van de GO worden niet meegerekend: de oppervlakte van delen van vloeren, waarboven de netto-hoogte kleiner is dan 1,5 m, met uitzondering van vloeren onder trappen, hellingbanen e.d.; een liftschacht; een trapgat, schalmgat of vide, indien de oppervlakte daarvan groter is dan of gelijk is aan 4 m2; een vrijstaande bouwconstructie (niet zijnde een trap) indien de horizontale doorsnede daarvan groter is dan of gelijk is aan 0,5 m2; een leidingschacht, indien de horizontale doorsnede daarvan groter is dan of gelijk is aan 0,5 m2; een dragende binnenwand. Het RIEC: het Regionaal informatie- en expertisecentrum; het regionaal samenwerkingsverband zoals bedoeld in artikel 28 lid 2 onder d van de Wet; Landelijk Bureau Bibob (verder LBB): het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur zoals bedoeld in artikel 8 van de Wet; Milieubelastende activiteit: de activiteit zoals bedoeld in de bijlage van artikel 1.1 Omgevingswet; Omgevingsplanactiviteit: de activiteit zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet; Overheid: rechtspersonen die krachtens publiekrecht zijn ingesteld; Partij: de natuurlijke persoon of bestuurders (in de vorm van natuurlijk persoon) van een rechtspersoon: die inschrijver of gegadigde is bij een bieding; waarmee de gemeente voornemens is een Overheidsopdracht of transactie aan te gaan; waarmee de gemeente onderhandelt over het aangaan van een Overheidsopdracht of transactie, of; waarmee de gemeente een Overheidsopdracht of transactie heeft; Semi-overheid: rechtspersonen die met enig openbaar gezag zijn bekleed voor zover de aanvraag om een beschikking wordt ingediend in de uitoefening van hun publiekrechtelijke bevoegdheden. Waar in deze beleidsregel “de gemeente” wordt genoemd, wordt hiermee zowel het bestuursorgaan als -wanneer van toepassing- de rechtspersoon met een overheidstaak bedoeld. Hoofdstuk 2 APV en bijzondere wetten Artikel2.1 Bibob-onderzoek bij een aanvraag voor een vergunning Een Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij een aanvraag voor een: Alcoholwetvergunning op grond van art. 3 Alcoholwet. Wijziging van de leidinggevende op het aanhangsel bij de Alcoholwetvergunning wanneer het een wijziging van de bestuurders van een horecabedrijf betreft (artikel 30a Alcoholwet). Wijziging van de dagleidinggevende op het aanhangsel bij de Alcoholwetvergunning wanneer het een wijziging van de bestuurders van een horecabedrijf betreft (artikel 30b Alcoholwet). Exploitatievergunningen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening. Vergunning huisvesting arbeidsmigranten. Evenementenvergunning: In het geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene Plaatselijke Verordening voor zover het organiseren van evenementen voor een vechtsportgala’s met betrekking tot vecht- dan wel zelfverdedigingsporten in al hun varianten. Voor andere evenementen zoals bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene Plaatselijke verordening blijft de toepassing van de Bibob-toets beperkt tot de bij afzonderlijk besluit van de burgemeester aangewezen evenementenvergunningen. Aanwezigheidsvergunning kansspelautomaat (artikel 30b Wet op de kansspelen). Artikel2.2 Uitzonderingen Wanneer een alcoholwetvergunning of een exploitatievergunning wordt aangevraagd voor een slijtersbedrijf of door een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet vindt er in beginsel geen Bibob-onderzoek plaats. Wanneer sprake is van een de zogenaamde paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet (waaronder stichting en verengingen op het gebied van sport- en welzijn), waarvan de horeca-inrichting in eigen beheer van de rechtspersoon is en niet is verpacht aan derde, vindt in beginsel geen Bibob-onderzoek plaats. Wanneer aan de Alcoholwetvergunning of exploitatievergunning een wijziging wordt bijgeschreven omtrent de wijziging van of toevoeging van een terras en/of ruimte behorende bij een inrichting, vindt er in beginsel geen Bibob-onderzoek plaats. Hoofdstuk 3 Omgevingswet bouwactiviteit en omgevingsplanactiviteit Artikel3.1 Bibob-onderzoek bij aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit en omgevingsplanactiviteit Een Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit (artikel 5.1 lid 2 onder a van de Omgevingswet) of een aanvraag voor een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit (artikel 5.1 lid 1 onder a van de Omgevingswet) als zij vallen onder één van de onderstaande gevallen: Oppervlakte: Er is sprake van een aanvraag omgevingsvergunning bouwactiviteit of een aanvraag voor een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit met een bruto gebruiksoppervlakte van meer dan het volgende aantal m2 per gebruiksfunctie: Bijeenkomstfunctie, gezondheidsfunctie, logiesfunctie, onderwijsfunctie, celfunctie, kantoorfunctie, sportfunctie, winkelfunctie of woonfunctie → 550 m2. Industriefunctie (niet agrarisch) → 1000 m2. Industriefunctie (agragrisch) → 2500 m2. Cumulatief op zaakniveau → 750 m2. Overige gebruiksfunctie → 850 m2. Risico-categorieën: Er is sprake van een aanvraag omgevingsvergunning bouwactiviteit of een aanvraag voor een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit waarbij sprake is van een of meerdere risicocategorieën zoals aangegeven in bijlage 1 van deze Beleidsregel en met een bruto gebruiksoppervlakte gelijk aan of tussen het volgende aantal m2 per gebruiksfunctie: Bijeenkomstfunctie, gezondheidsfunctie, logiesfunctie, onderwijsfunctie, celfunctie, kantoorfunctie, sportfunctie, winkelfunctie of woonfunctie → 55 - 550 m2. Industriefunctie (niet agrarisch) → 100 - 1100 m2. Industriefunctie (agragrisch) → 250 - 2500 m2. Cumulatief op zaakniveau → 75 - 750 m2. Overige gebruiksfunctie → 85 - 850 m2. Risicogebied: Er is sprake van een aanvraag omgevingsvergunning bouwactiviteit of een aanvraag voor een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit waarbij het een locatie betreft die gelegen is in een door het college respectievelijk de burgemeester bij afzonderlijk besluit aangewezen risicogebied zoals bepaald in bijlage 2 van deze Beleidsregel en met een bruto gebruiksoppervlakte gelijk aan of tussen het aantal m2 per gebruiksfunctie zoals opgenomen in artikel 3.1 onder ‘b Risico-categorieën’ van deze Beleidsregel. Artikel 3.2 Bibob-onderzoek bij bijzondere gevallen Een Bibob-onderzoek kan plaatsvinden bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit (artikel 5.1 lid 2 onder a van de Omgevingswet) of een aanvraag voor een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit (artikel 5.1 lid 1 onder a van de Omgevingswet) als zij vallen onder één van de onderstaande gevallen: Cumulatie: Indien sprake is van een 4e aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit of voor een omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit in het tijdsvlak van twee jaar van dezelfde aanvrager en/of betrokkene, indien de aanvraag een bruto gebruiksoppervlakte heeft met meer dan het volgende aantal m2 per gebruiksfunctie: Bijeenkomstfunctie, gezondheidsfunctie, logiesfunctie, onderwijsfunctie, celfunctie, kantoorfunctie, sportfunctie, winkelfunctie of woonfunctie → 55 m2. Industriefunctie (niet agrarisch) → 100 m2. Industriefunctie (agragrisch) → 250 m2. Cumulatief op zaakniveau → 75 m2. Overige gebruiksfunctie → 85 m2. Illegaal gestarte bouwactiviteiten: In het geval reeds is begonnen met de realisatie van een vergunningplichtig bouwwerk, zonder dat daarvoor de vereiste vergunning is aangevraagd en met een bruto gebruiksoppervlakte gelijk aan of tussen het aantal m2 per gebruiksfunctie zoals opgenomen in artikel 3.1 onder ‘b Risico-categorieën’ van deze Beleidsregel. Artikel 3.3 Uitzonderingen Bij een aanvraag als bedoeld in artikel 3.1 en 3.2 vindt in beginsel geen Bibob-onderzoek plaats in het geval dat de aanvraag afkomstig is van: Een overheidsinstantie. Een semi-overheidsinstantie. Een toegelaten woningcorporatie, waarmee wordt bedoeld dat de woningcorporatie is toegelaten door de Minister van Volkshuisvesting conform artikel 19 van de Woningwet. (Rechts-) personen die bouwactiviteiten namens of in opdracht van een toegelaten woningcorporatie verrichten én worden gefinancierd uit de eigen middelen van de toegelaten woningcorporatie. Beursgenoteerd bedrijf. Hoofdstuk 4 Omgevingsactiviteit Milieu Artikel 4.1 Bibob-onderzoek bij een aanvraag voor een milieubelastende activiteit (MBA) Een Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning milieubelastende activiteit (artikelen 5.1, lid 2, sub b Omgevingswet) waarbij sprake is van een of meerdere risicocategorieën genoemd in bijlage 1 en/of vallen binnen een in bijlage 2 genoemd risicogebied. Artikel 4.2 Uitzonderingen Bij een aanvraag of een reeds verleende omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit vindt in beginsel geen Bibob-onderzoek plaats in het geval dat de aanvraag afkomstig is van: Een overheidsinstantie. Een semi-overheidsinstantie. Beursgenoteerd bedrijf. Hoofdstuk 5 Bibob-onderzoek bij reeds verleende vergunningen Artikel 5.1 Bibob-onderzoek bij verleende vergunningen Een Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij alle verleende vergunningen waarop deze Beleidsregel van toepassing is, indien: Er sprake is van ambtelijke informatie en/of informatie afkomstig van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC. Er door het LBB een zogenaamde tip wordt gegeven als bedoeld in art. 11 van de wet Bibob. Er sprake is van een bericht op grond van artikel 11a van de Wet Bibob. Er een tip van de officier van justitie, een tip van een ander bestuursorgaan dat of een rechtspersoon met een overheidstaak die bevoegd is tot toepassing van deze Wet, als bedoeld in artikel 26 van de Wet is ontvangen. Er sprake is van een melding als bedoeld in artikel 5.37 van de Omgevingswet en de activiteit(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.