← Nederland

Subsidieverordening gemeentelijke monumenten 2009 (Weesp)

Subsidieverordening gemeentelijke monumenten 2009Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder:Voorzover niet genoemd in de Monumentenverordening Weesp 2006 Bouwhistorisch onderzoek:In een schriftelijk rapportage vastgelegd onderzoek naar de bouwgeschiedenis en bouwhistorisch waarden van een gemeentelijk monument, bedoeld als onderbouwing voor de aanwijzing van een object als beschermd gemeentelijk monument of als toetsingskader voor de werkzaamheden met het oog op de instandhouding van een gemeentelijk monument; Eigenaar: Onder eigenaar wordt verstaan degene die het recht van eigendom heeft, alsmede: - degene die het recht van erfpacht heeft;- de houder van het recht op opstal;- de gerechtigde tot een appartementsrecht Gemeentelijk monument:Een object dat is opgenomen in de monumentenlijst als bedoeld in monumentenverordening Weesp 2006; Instandhoudingskosten:De kosten voor restauratie- en/of onderhoudswerkzaamheden, die noodzakelijk zijn voor het herstel of de instandhouding van (de monumentale waarden van) een gemeentelijk monument. Monumentwacht Noord-Holland:De stichting Monumentenwacht Noord-Holland is in 1977 opgericht en is aangesloten bij de Federatie Monumentenwacht Nederland. Zij stelt zich ten doel om het verval van cultuurhistorische bouwwerken in Noord-Holland te voorkomen door het nemen en bevorderen van preventieve maatregelen, zonder daarbij winst te beogen. Raad:De raad van de gemeente Weesp. Subsidie:Subsidie als bedoeld in artikel 4:21 Awb, inhoudende de aanspraak op financiële middelen door een bestuursorgaan verstrekt met het ook op bepaalde activiteiten van de aanvrager. Artikel2Grondslagen en doelstelling 1Op grond van deze verordening kunnen burgermeester en wethouders subsidie beschikbaar stellen voor het instandhouden van gemeentelijke monumenten. 2De subsidiabele kosten van de werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 2.1 worden bepaald aan de hand van beoordeling op noodzakelijkheid, soberheid, en doelmatigheid 3De subsidie wordt berekend over de subsidiabele instandhoudingskosten met uitzondering van de kosten waarvoor op grond van enige andere regeling of verzekering een bijdrage in de kosten kan worden verkregen. 4De subsidie wordt verleend aan de eigenaar van het object waaraan de voorzieningen worden getroffen 5De Algemene subsidieverordening 2008 van de gemeente Weesp is van toepassing op het verstrekken van subsidies in gevolge deze verordening, behalve voor zover bij of krachtens deze verordening op enig punt van het gestelde bij of krachtens de Algemene subsidieverordening 2008 wordt afgeweken. Artikel3Toezicht en controle 1Burgermeester en wethouders zijn bevoegd personen aan te wijzen die zijn belast met het toezicht op de naleving van de krachtens deze subsidieverordening gestelde verplichtingen. 2De eigenaar is verplicht om aan door burgermeester en wethouders aangewezen personen toegang tot het monument waarvoor subsidie is verleend, te verlenen, en inzage te geven in alle op het werk betrekking hebbende stukken. Hoofdstuk2Uitvoering subsidieverordening Artikel4Beleidsregels Burgermeester en wethouders zijn bevoegd beleidsregels vast te stellen voor zover zij bevoegd zijn te besluiten op grond van deze verordening respectievelijk andere subsidieverordeningen. Artikel5Subsidieplafond 1De raad stelt jaarlijks in zijn begroting de hoogte van het subsidieplafond voor het volgende jaar vast. 2Burgermeester en wethouders zijn bevoegd het in lid 1 van dit artikel bedoelde subsidieplafond verder onder te verdelen. Hoofdstuk3De subsidieaanvraag Artikel6Subsidieaanvraag 1Een eigenaar dient de aanvraag om subsidie en een omschrijving van de werkzaamheden waarvoor subsidie wordt gevraagd, in bij burgermeester en wethouders. 2Een omschrijving van de werkzaamheden bestaat uit: Een recent rapport, niet ouder dan 3 jaar, van de Monumentenwacht Noord-Holland of een ander onafhankelijke instantie met een beschrijving van de bouwtechnische staat van het monument waarin de gebreken van het object nauwkeurig vermeld staan; Tekeningen van de bestaande toestand en de nieuwe toestand waardoor in ruimtelijke zin duidelijkheid ontstaat over de plannen, waar nodig voorzien van beeldmateriaal; Een op de beschrijving gebaseerd bestek of werkomschrijving per onderdeel van de toe te passen constructies, materialen, afwerkingen en kleuren alsmede van de wijze van verwerking hiervan; Een naar mensuren en materialen uitgesplitste en gespecificeerde begroting van de kosten. De begroting mag niet ouder zijn dan twee jaar en omvat alle kosten van de restauratie.; De naam en het adres van de voor de uitvoering verantwoordelijke onderneming; Naar het oordeel van het college: een rapport betreffende de bouwhistorische opname dan wel een bouwhistorisch onderzoek; Naar het oordeel van het college: een rapport betreffende een archeologisch onderzoek. Artikel7Subsidie 1De subsidie op basis van de kosten van voorzieningen zoals bedoeld in artikel 2, lid 1 bedraagt 30% van de door burgermeester en wethouders vastgestelde subsidiabele kosten, tot een maximum van € 10.000,

  1. 2De subsidie op basis van de kosten van voorzieningen zoals bedoeld in artikel 2, bedraagt minimaal € 1000,
  2. 3In bijzondere gevallen kunnen burgermeester en wethouders afwijken van de in lid 1 en lid 2 bepaalde percentage en bedragen. Hoofdstuk4Subsidieverlening Artikel8Subsidieverlening 1Burgermeester en wethouders besluiten tot subsidieverlening op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. 2Bij de beslissing op aanvragen om subsidie houden burgermeester en wethouders in elk geval rekening met: De monumentale waarde van het object; De bouwtechnische en uiterlijke staat van het monument, mede in relatie tot zijn omgeving; Het huidige en het toekomstige gebruik van het monument; De wijze van exploitatie van het monument. 3Voordat burgermeester en wethouders een beslissing nemen op een subsidie aanvraag, vragen zij advies aan de Welstands- en Monumentencommissie Weesp. 4De Welstands- en Monumentencommissie Weesp adviseert binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag om subsidie. 5Burgermeesters en wethouders beslissen op een aanvraag om subsidie binnen 8 weken nadat de Welstands- en Monumentencommissie advies heeft uitgebracht. 6In de subsidietoekenning worden de hoogte van de subsidie en eventuele aanvullende voorwaarden vermeld. Artikel9Begrotingsvoorbehoud en subsidieplafond 1Overeenkomstig artikel 4:34 van de Awb kan verlening van subsidie, voor zover subsidie wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, geschieden onder voorwaarden dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld. Artikel10Weigeringsgronden 1Overeenkomstig de in artikel 4:35 lid 1 van de Awb genoemde gevallen wordt geen subsidie verleend indien een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de activiteiten niet of niet geheel zullen plaatsvinden.
  3. Overeenkomstig de in artikel 4:35 lid 2 van de Awb genoemde gevallen kan subsidieverlening voorts worden geweigerd indien de aanvrager:a. in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid, ofb. failliet is verklaard of aan hem surseance van betaling is verleend of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend. 3Naast de in de lid 1 en 2 van dit artikel genoemde gevallen wordt de subsidie eveneens geweigerd indien: met de werkzaamheden is begonnen voordat een besluit tot verlening op de aanvraag is genomen; de kosten van restauratie voortvloeien uit schade waartegen verzekering mogelijk is; voor de te treffen voorzieningen een monumentenvergunning is vereist en deze nog niet is verleend; met het treffen van de voorzieningen het belang van de monumentenzorg niet of in onvoldoende mate wordt gediend; de kosten van de voorzieningen, gebaseerd op uitvoering van derden, minder bedragen dan € 1000,- ; de werkzaamheden niet volgens de Leidraad en uitvoeringsvoorschriften bij herstel en restauratiewerkzaamheden aan monumenten worden uitgevoerd; de kosten van de te treffen voorzieningen niet in redelijke verhouding staan tot het te bereiken resultaat; voor de te treffen voorzieningen ten behoeve van de instandhouding binnen een termijn van 3 jaar voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag wordt ingediend, subsidie is verleend; Verlening van subsidie geschiedt uitsluitend indien het subsidieplafond nog niet is bereikt. 4In bijzondere gevallen kan het college afwijken van het bepaalde in het derde lid onder a, e en g. Artikel11Termijn aanvang en beëindiging werkzaamheden 1De eigenaar is verplicht om zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen zes maanden na verlenen van de subsidie, te beginnen met de uitvoering van de werkzaamheden. Als niet aan deze verplichting is voldaan, komt de subsidie te vervallen. 2De eigenaar moet, met gebruikmaking van een daartoe door burgermeester en wethouders beschikbaar gesteld formulier, twee weken voor aanvang van de werkzaam heden hiervan melding maken. 3De werkzaamheden moeten uiterlijk binnen vierentwintig maanden na verlenen van de subsidie zijn voltooid. Als niet aan deze verplichting is voldaan, komt de subsidie te vervallen. 4Burgermeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen afwijken van het bepaalde in lid 1 en 3 van dit artikel en kunnen daarnaast in het belang van het monument aanvullende voorwaarden verbinden aan het verlenen van subsidie. Hoofdstuk5Gereedmelding en subsidievaststelling Artikel12Gereedmelding en subsidievaststelling 1De definitieve vaststelling van de subsidie vindt plaats nadat: De in de aanvraag opgenomen werkzaamheden bij burgermeester en wethouders zijn gereed gemeld, gecontroleerd en akkoord bevonden; Een overzicht is overlegd van de getroffen voorzieningen en de daarop betrekking hebbende rekeningen en betalingsbewijzen. 2De hoogte van de definitieve subsidie is in principe gelijk aan de verleende subsidie, tenzij de werkelijke instandhoudingskosten hoger of lager zijn dan geraamd, dan wel er sprake is van meer- of minderwerk. 3Indien er sprake is van meerwerk dient de aanvrager vóór aanvang van de betreffende werkzaamheden, hiervoor goedkeuring te vragen aan burgermeester en wethouders. 4Het besluit tot subsidievaststelling wordt binnen acht weken na indiening van de gereedmelding, zoals bedoeld in lid 1 genomen. Artikel13Uitbetaling van de subsidie 1De subsidie wordt uitbetaald binnen 8 weken na de definitieve vaststelling. 2Uitbetaling van de subsidie geschiedt op een door de aanvrager op te geven bank-of girorekening. Artikel14Intrekking en terugvordering van subsidie In geval van niet-naleving van de krachtens deze verordening gestelde voorwaarden kunnen burgermeester en wethouders besluiten tot geheel of gedeeltelijk intrekken of terugvorderen van de subsidie. Hoofdstuk6Overgangs- en slotbepalingen Artikel15Onvoorziene gevallen Burgermeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen van deze verordening. Artikel16Overgangsbepaling Aanvragen die zijn ingediend voordat deze verordening in werking treedt worden afgehandeld op basis van de regels die gelden op het moment van de ontvangst van de aanvraag. Artikel17Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag van het raadsbesluit. Bij de inwerkingtreding van deze verordening vervalt de Subsidieverordening stadsvernieuwing
  4. Artikel18Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als “Subsidieverordening Gemeentelijke Monumenten Weesp 2009” Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 25 juni 2009,de raad voornoemd, mw. M. Walrave, B. Horseling,griffier voorzitter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.