← Nederland

Subsidieregeling Klimaat Adaptatie Maatregelen gemeente Dalfsen 2025 (Dalfsen)

Subsidieregeling Klimaat Adaptatie Maatregelen gemeente Dalfsen 2025Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dalfsen; Gelet op: Titel 4.

  1. van de Algemene wet bestuursrecht; en Algemene subsidieverordening gemeente Dalfsen overwegende: dat het college bevoegd is nadere regels te stellen dan wel specifieke nadere regelingen vast te stellen; dat het gewenst is klimaatadaptatie maatregelen te stimuleren; BESLUITEN: Vast te stellen de Subsidieregeling klimaat adaptatie maatregelen gemeente Dalfsen 2025: Paragraaf1Algemene bepalingen Artikel1.1Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: afkoppelen: hemelwater van een dakoppervlak aangesloten op het gemengd rioolstelsel via fysieke ingrepen loskoppelen; Asv: Algemene subsidieverordening gemeente Dalfsen 2022; Awb: Algemene wet bestuursrecht; BAG: Basisregistraties Adressen en Gebouwen; bestaand pand: pand dat is opgeleverd voor 1 januari 2025; collectief: collectief bestaande uit minimaal drie verschillende natuurlijke personen of rechtspersonen die eigenaar of gebruiker zijn van verschillende panden, waarvan één als penvoerder namens dit collectief optreedt. Aan een collectief worden gelijkgesteld: inwonersinitiatief, onderwijsinstelling en woningbouwcorporatie; college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dalfsen; dakoppervlak: horizontale projectie van een overdekking van een gebouw of een onderdeel daarvan; gebruik hemelwater: buffering en filtering van hemelwater ten behoeve van laagwaardig gebruik ter vervanging van drinkwater, niet zijnde voor gebruik van consumptiedoeleinden; gemengde riolering: riolering in de openbare ruimte voor de gecombineerde inzameling en afvoer van afvalwater en hemelwater naar de rioolwaterzuivering; groen dak: dak bestaande uit minimaal drie lagen, zijnde: een wortelkerende laag, een substraatlaag en een vegetatielaag als onderdeel van de dakconstructie, hoofdzakelijk bestaand uit levende planten, zeer traag groeiend en sterk ‘zelfvoorzienend’; groengevel: klimconstructie bevestigd aan een gevel voorzien van klimplanten in de vast grond; hemelwater: water dat uit de hemel valt zoals regen, sneeuw, hagel en dauw; hemelwaterriolering: riolering in de openbare ruimte alleen bestemd voor de inzameling en afvoer van hemelwater; inheemse soort: soort die van nature in een bepaald gebied voorkomt; infiltratie: het op eigen terrein infiltreren van hemelwater in de bodem; ontstenen: verwijderen van verharding in de vorm van asfalt, beton, steen of ander slecht waterdoorlatend materiaal; openbare ruimte: ruimte tussen de particuliere kavels die in bezit is van de overheid en die voor iedereen vrij toegankelijk is; oppervlaktewater: water dat zich boven de grond bevindt: het water in rivieren, sloten, kanalen, meren en dergelijke; pand: gebouw inclusief aanbouw, uitbouw en bijgebouwen, alle met bijbehorend erf, tuin, terrein en ondergrond en opgenomen in de BAG en legaal gebouwd; vergroenen: aanbrengen van een vruchtbare bodem, welke voorzien wordt van beplanting als gras, planten, struiken of bomen; Artikel1.2Toepasselijkheid Asv 2022 De Asv 2022 is van toepassing, tenzij daarvan in deze subsidieregeling nadrukkelijk wordt afgeweken. Artikel1.3Doel subsidie Het doel van de regeling is om inwoners en organisaties te stimuleren zelf klimaatadaptatie- en biodiversiteitsversterkende maatregelen te treffen op/bij een pand. Artikel1.4Subsidiabele activiteiten Het college verstrekt subsidie voor de volgende activiteiten: het planten van bomen - PB; het ontstenen in combinatie met vergroenen - OV; het aanleggen van een groen dak - GD; het afkoppelen zonder voorziening voor infiltratie - AZ; het aanleggen van een voorziening voor infiltratie voor afgekoppeld hemelwater - BI; het plaatsen van een voorziening voor regenwateropslag - RW; het aanleggen van een voorziening voor afgekoppeld hemelwater >250m2 - AH; het aanleggen van een installatie voor gebruik van hemelwater - IH; het aanleggen van een groengevel - GG; het aanleggen van een groene geveltuin - GT; het plaatsen van een groene erfafscheiding – GE; klimaatadaptief inrichten van schoolpleinen; Artikel1.5Aanvrager Subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met k, wordt verstrekt aan een eigenaar, huurder of pachter van een pand of een collectief. Subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onder l, wordt uitsluitend verstrekt aan een collectief. Artikel1.6Algemene criteria Om voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4 in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende algemene criteria: Een subsidie als bedoeld in artikel 1.4, sub a tot en met l, wordt slechts verstrekt als de activiteit plaatsvindt op of bij het pand van de aanvrager. Artikel1.7Algemene weigeringsgronden In aanvulling op artikel 9 van de Asv wordt subsidie geweigerd als: voor de activiteit, bedoeld in artikel 1.4, al subsidie is verstrekt voor het pand; de activiteit betrekking heeft op herstel, reparatie of uitbreiding. Artikel1.8Verplichtingen In aanvulling op hoofdstuk 4 van de Asv wordt aan de subsidie de volgende verplichting(en) verbonden: ontwerp, aanleg of installatie zijn deugdelijk uitgevoerd; de activiteit voldoet aan de geldende wet- en regelgeving; de aanvrager dient de activiteit deugdelijk te onderhouden; Artikel1.9Subsidieplafond en verdeelregels Het college stelt jaarlijks het subsidieplafond vast. Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen, waarbij de datum waarop de aanvraag volledig is, geldt als datum van binnenkomst. Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel1.10Subsidiabele kosten Voor subsidie komen de redelijk gemaakte kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 1.
  2. Niet tot de subsidiabele kosten behoren: de kosten gerelateerd aan het indienen van de subsidieaanvraag; BTW welke kan worden teruggevorderd of op enigerlei wijze kan worden gecompenseerd. de kosten die verband houden met de aanvraag van de benodigde vergunningen voor de uitvoering of gemoeid met de aangebrachte voorziening. Artikel1.11Aanvraag en aanvraagtermijn De aanvraag wordt, in afwijking van artikel 7 van de Asv, ingediend binnen zes maanden na afronding van de activiteit. De aanvraag wordt ingediend op een door het college vastgesteld aanvraagformulier. In afwijking van [OF] aanvulling op artikel 6 van Asv overlegt de aanvrager bij aanvraag: een factuur of aankoopbewijs, waaruit de subsidiabele activiteit blijkt, tenzij er sprake is van een activiteit waarbij geen materialen zijn gekocht; minimaal twee foto’s, waarbij één foto de situatie voor en één foto de situatie na het realiseren van de subsidiabele activiteit laat zien. als deze is vereist voor de uitvoering van de activiteit de voor de realisatie van de activiteit benodigde vergunning; schriftelijke toestemming van de eigenaar als de aanvrager een huurder of pachter is of toestemming van de gemeente als het om de openbare ruimte gaat; schriftelijke toestemming van de buren als er sprake is van een activiteit welke plaatsvindt op een erfscheiding. Indien sprake is van een aanvraag door een collectief: een schriftelijke akkoordverklaring van de medeaanvragers Artikel1.12Beslissing op aanvraag Het college neemt binnen acht weken na de ontvangst van de aanvraag een beslissing. Het college kan deze termijn, in afwijking van artikel 8 van de Asv, eenmalig met vier weken verlengen. Overeenkomstig artikel 16 van de Asv wordt een subsidie direct vastgesteld. Paragraaf2het planten van bomen - PB Artikel2.1Specifieke criteria Om in aanmerking te komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onder a, gelden de volgende specifieke criteria: de aangeplante boom is een inheemse soort;; de stamomtrek (gemeten op 1 m hoogte bij aanschaf) is minimaal 12 cm de oppervlakte van onbebouwde ruimte dient in verhouding te zijn tot de boomgrootte, als volwassen boom, overeenkomstig de volgende uitgangspunten: bij een oppervlakte tot 50 m2 geldt een boomgrootte tot zes meter; bij een oppervlakte tussen de 50 m2 en 200 m2 geldt een boomgrootte tussen de zes en twaalf meter; bij een oppervlakte van meer dan 200 m2 geldt een boomgrootte vanaf twaalf meter. Artikel2.2Weigeringsgrond Subsidie wordt geweigerd als de boom binnen 2 meter van de erfgrens is geplant. Artikel2.3Hoogte subsidie De subsidie voor het plaatsen van bomen bedraagt € 35,- per boom met een maximum van €
  3. Bij een aanvraag door een collectief, als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  4. Paragraaf3Het ontstenen in combinatie met vergroenen - OV Artikel3.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel b, gelden de volgende criteria: de activiteit vindt plaats op of bij een bestaand pand; de aangeplante grassen, planten of struiken zijn een inheemse soort; er is sprake van minimaal 5 m2 ontstenen in combinatie met vergroenen. Artikel3.2Hoogte subsidie De subsidie bedraagt maximaal 100 % van de subsidiabele kosten met een maximum van € 5,- per m2 verwijderde verharding tot een maximum van €
  5. Bij een aanvraag door een collectief, als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  6. Paragraaf4Het aanleggen van een groen dak - GD Artikel4.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel c, gelden de volgende criteria: de activiteit wordt uitgevoerd op een bestaand pand; de aangeplante vegetatie bestaat voor minimaal 75% uit inheemse soorten. Artikel4.2Hoogte subsidie De subsidie bedraagt € 20,- per m2 aangelegd groen dak met een maximum van € 2.000,- subsidie per pand. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  7. Paragraaf5Het afkoppelen zonder voorziening voor berging/infiltratie - AZ Artikel5.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel d, gelden de volgende specifieke criteria: de activiteit wordt uitgevoerd bij een bestaand pand; bij infiltratie op eigen perceel moet er sprake zijn van voldoende niet afgedekte bodem die geschikt is voor infiltratie van regenwater, of moet het afgekoppelde hemelwater kunnen worden geloosd op het hemelwaterriool of het oppervlaktewater. Artikel5.2Hoogte subsidie De subsidie voor het afkoppelen zonder voorziening voor berging of infiltratie bedraagt per pand € 60,-. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  8. Paragraaf6Het aanleggen van een voorziening voor berging of infiltratie voor afgekoppeld hemelwater - BI Artikel6.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel e, gelden de volgende specifieke criteria: de activiteit wordt uitgevoerd bij een bestaand pand; in het geval het een voorziening voor berging betreft heeft deze een minimale capaciteit van 20 liter per afgekoppelde m2 dakoppervlak; in het geval het een voorziening voor infiltratie betreft is de infiltratiecapaciteit van de bodem groot genoeg om het afstromende water te verwerken. Artikel6.2Weigeringsgrond Subsidie wordt geweigerd indien er sprake is van afgekoppelde dakoppervlak van meer dan 250 m
  9. Artikel6.3Hoogte subsidie De subsidie bedraagt € 200,- per m3 verwijderde grond ten behoeve van de realisatie van de activiteit middels maaiveldverlaging, met een maximum van €
  10. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  11. Paragraaf7Het plaatsen van een voorziening voor regenwateropslag (regenton, -schutting of – zuil) - RW Artikel7.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel f van deze regeling, gelden in aanvulling op artikel 1.6 en artikel 1.7 van deze regeling de volgende specifieke criteria: de activiteit wordt uitgevoerd bij een bestaand pand; de regenwateropslag heeft een minimale capaciteit van 100 liter; Artikel7.2Hoogte subsidie De subsidie voor het plaatsen van een regenwateropslag bedraagt, met een maximum van twee voorzieningen voor regenwateropslag: € 25,- per voorziening bij een opvangcapaciteit van 100 tot 200 liter. € 50,- per voorziening bij een opvangcapaciteit boven de 200 liter. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2 is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  12. Paragraaf8Het aanleggen van een voorziening voor afgekoppeld hemelwater >250m2 - AH Artikel8.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel g, gelden de volgende criteria: de voorziening wordt aangelegd bij een bestaand pand; de voorziening heeft een minimale berging van 20 liter per afgekoppelde m2 op privaat terrein; in de huidige situatie wordt hemelwater afgevoerd via de gemengde riolering; deze subsidie is niet stapelbaar met voorziening e, in artikel 1.
  13. Artikel8.2Weigeringsgrond Subsidie wordt geweigerd indien er sprake is van afgekoppelde dakoppervlak van minder dan 250 m
  14. Artikel8.3Hoogte subsidie De subsidie bedraagt €6,- per m2 afgekoppeld dakoppervlak, met een maximum van € 10.
  15. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  16. Paragraaf9Het aanleggen van een installatie voor gebruik van hemelwater - IH Artikel9.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel h, gelden de volgende criteria: de installatie, bestaande uit filters, pomp en waterverdeling is voldoende bereikbaar voor onderhoud en inspectie.; de activiteit heeft een minimale capaciteit van 1000 liter. Artikel9.2Hoogte subsidie De subsidie bedraagt €100,- per 1000 liter gebufferd hemelwater, met een maximum van € 600,-. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  17. Paragraaf10Het aanleggen van een groengevel - GG Artikel10.1Specifieke criteria en verplichtingen Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel i, gelden de volgende specifieke criteria: de aanleg vindt plaats in de vaste grond bij een bestaand pand; de beplanting is een inheemse soort. Artikel10.2Weigeringsgrond Subsidie wordt geweigerd als de activiteit plaats vindt in de openbare ruimte. Artikel10.3Hoogte subsidie De subsidie bedraagt 100 % van de subsidiabele kosten met een maximum van € 30,- per m2 klimconstructie, tot maximaal € 2.
  18. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  19. Paragraaf11Het aanleggen van een groene geveltuin - GT Artikel11.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel j, gelden de volgende specifieke criteria: de groene geveltuin wordt gerealiseerd grenzend aan een bestaand pand; de geveltuin wordt gerealiseerd in de openbare ruimte; de beplanting is een inheemse soort; toestemming van de gemeente voor aanbrengen van deze voorziening is vereist. Artikel11.2Weigeringsgrond Subsidie wordt geweigerd indien de activiteit plaatsvindt op private grond. Artikel11.3Hoogte subsidie De subsidie voor het aanleggen van groene geveltuin bedraagt € 50,- per pand. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  20. Paragraaf12Het plaatsen van groene erfafscheiding - GE Artikel12.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie voor de voorziening als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel k, gelden de volgende specifieke criteria: de groene erfafscheiding wordt gerealiseerd bij een bestaand pand; het gaat om erfafscheiding van inheemse soorten. Artikel12.2Hoogte subsidie De subsidie bedraagt 25% van de subsidiabele kosten met een maximum bedrag van € 500,- per pand. Bij een aanvraag door een collectief als bedoeld in artikel 1.5, lid 2, is de subsidie 25% hoger dan het bedrag in lid
  21. Paragraaf13Het klimaatadaptief inrichten van schoolpleinen Artikel13.1Specifieke criteria Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in artikel 1.4, onderdeel l gelden de volgende specifieke criteria: de activiteit vindt plaats bij een bestaand pand; de activiteit betreft een combinatie van twee of meer activiteiten als bedoeld in 1.4; onder a tot en met k. Artikel13.2Weigeringsgrond Subsidie wordt (deels) geweigerd als de aanvraag betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met k waarvoor aan aanvrager al subsidie is verleend. Artikel13.3Hoogte subsidie De subsidie bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 10.000,- Paragraaf15Slotbepalingen Artikel15.1Onvoorziene gevallen en hardheidsclausule In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college. Het college kan in bijzondere omstandigheden afwijken van het bepaalde in deze regeling indien onverkorte toepassing zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard. Artikel15.2Inwerkingtreding en citeertitel Deze regeling treedt in werking op 1 april
  22. Deze regeling wordt aangehaald als ‘Subsidieregeling klimaat adaptatie maatregelen gemeente Dalfsen 2025’. Aldus besloten door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dalfsen in haar vergadering van 25 februari 2025.Het college voornoemd,de burgemeester de gemeentesecretarisH. Jager H.J. van der WoudeBijlage: Bomenlijst klimaatsubsidie Nederlandse bomennaam Wetenschappelijke bomennaam Grootte Acacia Robinia pseudoacacia 1e Berk (ruwe-/ zachte- / goud-/ zwarte-) Betula (pendula/ pubescens/ nigra) 1e Beuk (bruine- / hop-) Fagus sylvatica / Ostrya carpinifolia 1e Eik (winter-/ zomer-/ mos-) Quercus (petraea/ robur/ cerris) 1e Els (zwarte-/ witte-/ hartbladige-) Alnus (glutinosa/ incana/ cordata) 1e Es Fraxinus excelsior 1e Esdoorn (gewone-/ rode-) Acer (pseudoplatanus / rubrum) 1e Grove den Pinus sylvestris 1e Iep (gewone-/ steel-/ fladder-) Ulmus (laevis) 1e Kastanje (tamme-) Castanea (sativa) 1e Kaukasische vleugelnoot Pterocarya fraxinifolia 1e Linde (winter-/ zomer/ keizer-/ zilver-) Tilia (cordata / platyphyllos/ × europaea/ tomentosa) 1e Meidoorn (eenstijlige) Crataegus (monogyna) 1e Paardenkastanje (rode-/ witte-/ dubbelbloemige-) Aesculus (× carnea/ hippocastanum ('Baumannii')) 1e Populier (zwarte-/ ratel-) Populus (nigra/ tremula) 1e Tulpenboom Liriodendron tulipifera 1e Walnoot/ okkernoot Juglans regia 1e Gele Valse Christusdoorn Gleditsia triacanthos 'Sunburst' 2e Hulst Ilex aquifolium 2e Kers (sier-/ winterbloeiende-) Prunus (serrulata/ subhirtella 'Autumnalis') 2e Meidoorn (tweestijlige) Crataegus (laevigata) 2e Moerbei Morus 2e Peer (alle soorten) Pyrus 2e Trompetboom Catalpa bignonioides 2e Veldesdoorn Acer (campestre) 2e Wilg (kraak- / amandel-) Salix (fragilis/ triandra) 2e Appel (alle soorten) Malus 3e Judasboom Cercis siliquastrum 3e Kardinaalsmuts Euonymus europaeus 3e Pruim Prunus (domestica) 3e Sporkehout/Vuilboom Rhamnus frangula 3e Vlier Sambucus (nigra) 3e Wilde mispel Mespilus germanica 3e Wilg (schiet-/ goorde/ bos-/ grauwe- / kat-) Salix (alba/ aurita/ caprea/ cinerea/ viminalis) 3e

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.