Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Ooststellingwerf 2024Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ooststellingwerf; gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening 2018 gemeente Ooststellingwerf; besluit: vast te stellen de Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Ooststellingwerf Artikel1Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ooststellingwerf; doe-het-zelf: het door de aanvrager zelf uitvoeren van isolatiemaatregelen eigenaar-bewoner: eigenaar en bewoner van een woning, die als zodanig is ingeschreven in de basisregistratie personen van de gemeente Ooststellingwerf en de woning als hoofdverblijf heeft; energielabel: energielabel voor gebouwen conform NTA8800, opgesteld door een vakbekwaam EnergiePrestatie-Adviseur of het door de rijksoverheid verstrekte voorlopige energielabel; ISDE: Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing; slecht geïsoleerde bouwdelen: bouwdelen die niet voldoen aan de isolatie-eisen als opgenomen in Bijlage 1 van deze regeling; slecht geïsoleerde woning: woning met energielabel D, E, F of G of een vergelijkbare energetische staat; woning: woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet, waaronder tevens wordt begrepen een appartement, en als zodanig bewoond is geweest alvorens een renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd; WOZ-waarde: waarde van de woning, op een vaste waarde peildatum, zoals bedoeld in de Wet Waardering Onroerende Zaken. Artikel2Doel van de regeling Deze regeling heeft tot doel het verbeteren van de isolatiegraad van slecht geïsoleerde woningen van eigenaar-bewoners. Artikel3Subsidiabele activiteiten 1.Het college kan eenmalig per woning een subsidie verlenen aan een eigenaar, voor het zelfstandig uitvoeren of het laten uitvoeren van: isolerende maatregelen zoals opgenomen in de ISDE: Isolatiemaatregelen woningeigenaren; een energiezuinige ventilatiemaatregel die voor de eerste keer wordt aangelegd. Het gaat om een systeem voor een CO2 gestuurde ventilatie of een systeem voor balansventilatie met warmteterugwinning met een rendement van ten minste 90%. Deze maatregel komt alleen voor subsidie in aanmerking als deze wordt gecombineerd met minimaal één isolerende maatregel uit onderdeel a. 2.In afwijking van het eerste lid gelden voor doe-het-zelf geen minimale eisen met betrekking tot te isoleren oppervlakten en isolatiewaarden zoals opgenomen in de ISDE: Isolatiemaatregelen woningeigenaren. Artikel4Aanvraagperiode Een aanvraag voor subsidie dient te worden ontvangen in de periode van 1 juni 2024 tot en met 31 augustus
- Artikel5De aanvraag 1.Het college verstrekt slechts subsidie indien de aanvraag is ingediend bij Duurzaam Bouwloket, via de website https://www.duurzaambouwloket.nl/ooststellingwerf-isolatiesubsidie of via de door het college ter beschikking gestelde aanvraagformulieren. 2.Een aanvraag gaat vergezeld van de in het aanvraagformulier aangegeven bescheiden. Artikel6Weigeringsgronden Onverminderd artikel 9 van de Asv, wordt subsidie in ieder geval geweigerd indien: de aanvraag naar het oordeel van het college niet of onvoldoende voldoet aan de in artikel 2 genoemde doelstelling van de regeling of een of meerdere van de in artikel 7 bedoelde toetsingscriteria; voor de woning op het moment van ontvangst van de aanvraag reeds subsidie is verstrekt op grond van deze regeling; de activiteiten gericht zijn op uitbreiding of nieuwbouw; de activiteiten zijn uitgevoerd voor 1 juni 2024; de aanvraag is ontvangen buiten de in artikel 4 genoemde termijn; de activiteiten waarvoor een aanvraag wordt gedaan zijn in strijd met bestaande wet- en regelgeving; de activiteiten naar het oordeel van het college financieel of praktisch onuitvoerbaar zijn. Artikel7Toetsingscriteria Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende criteria: de aanvrager is eigenaar-bewoner; de woning heeft een WOZ-waarde van niet meer dan € 429.300 op peildatum 1 januari 2022; de activiteiten waarvoor een aanvraag wordt gedaan, richten zich op het verbeteren van de bestaande thermische schil en voldoen aan de criteria die genoemd zijn in de ISDE: Isolatiemaatregelen woningeigenaren; de aanvraag heeft betrekking op: een slecht geïsoleerde woning; of een woning met minimaal twee slecht geïsoleerde bouwdelen. Artikel8Subsidiabele kosten Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie, komen voor subsidie in aanmerking alle kosten die rechtstreeks toe te rekenen zijn aan de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel
- Artikel9Subsidiehoogte De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste 100% van de subsidiabele kosten, tot een maximum van €2.177,- per aanvraag. Artikel10Niet-subsidiabele kosten Niet voor subsidie in aanmerking komen: kosten ten behoeve van het opstellen van de aanvraag; kosten ten behoeve van een technisch woningadvies; kosten ten behoeve van een ecologisch onderzoek; kosten die uit anderen hoofde worden gesubsidieerd; verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten. Artikel11Subsidieplafond 1.Het subsidieplafond voor activiteiten zoals bedoeld onder artikel 3, eerste lid, bedraagt €3.652.
- 2.Het subsidieplafond voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 3, tweede lid, bedraagt €86.928 Artikel12Verdeelsystematiek 1.Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen, waarbij het moment waarop de aanvraag volledig is, geldt als moment van binnenkomst. 2.Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op hetzelfde moment zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel13Verplichtingen van de subsidieontvanger 1.De subsidieontvanger is verplicht: de gesubsidieerde activiteiten binnen 12 maanden na subsidieverlening uit te voeren; onverminderd onderdeel a, de gesubsidieerde activiteiten uiterlijk op 31 december 2027 uitgevoerd te hebben; originele facturen en andere bewijsstukken ten minste 5 jaren te bewaren na vaststelling van de subsidie; medewerking te verlenen aan steekproefsgewijze controles, al dan niet ter plaatse, door of vanwege het college tot maximaal 6 maanden na definitieve vaststelling. 2.De in het eerste lid, onderdeel a, genoemde termijn kan op verzoek van de subsidieontvanger eenmaal verlengd worden, indien deze aantoont dat de gesubsidieerde activiteit niet binnen 12 maanden na subsidieverlening uitgevoerd kan worden. Er vindt geen verlenging plaats tot een datum na 31 december
- Artikel14Verlening en vaststelling Na ontvangst van het verzoek tot vaststelling wordt de subsidie aan de hand van de aangeleverde bewijsstukken vastgesteld op de werkelijk gemaakte subsidiabele kosten. Artikel15Prestatieverantwoording 1.De subsidieontvanger dient binnen acht weken na uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten een verzoek tot vaststelling in. 2.In afwijking van het eerste lid, wordt de subsidie voor activiteiten die reeds zijn uitgevoerd, direct vastgesteld zonder voorafgaande verlening. De vaststelling vindt plaats op basis van de in het derde lid en vierde lid bedoelde bewijsstukken, die bij de aanvraag worden overgelegd 3.Het verzoek tot vaststelling bevat in ieder geval de facturen van de uitgevoerde activiteiten. 4.Indien de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 3 door de subsidieontvanger zelf zijn uitgevoerd, bevat het verzoek tot vaststelling aankoopbewijzen van de gebruikte materialen en beeldmateriaal van de uitgevoerde activiteiten, voorzien van een datum. Artikel16Hardheidsclausule Het college kan de bepalingen gesteld bij of krachtens deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing, gelet op de doelstelling van deze subsidieregeling, naar haar oordeel leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Artikel17Inwerkingtreding 1.Deze subsidieregeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst. 2.Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2028, met dien verstande dat zij blijft gelden voor aanvragen die voor die datum zijn ontvangen. Artikel18Citeertitel Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie gemeente Ooststellingwerf
- Aldus vastgesteld op 18-03-2025Burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf,De gemeentesecretaris a.i., de burgemeester, Bijlage1Energiebesparende maatregelen eigenaar Type Maatregel Criterium 1 dakisolatie dan wel zolder- of vlieringvloerisolatie, waarbij: ten minste 20 vierkante meter van de oppervlakte van het bestaande dak in de bestaande thermische schil dan wel, indien de zolder of vliering onverwarmd is, van ten minste 20 vierkante meter van de oppervlakte van de bestaande zolder- of vlieringvloer, wordt geïsoleerd; het isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft; en het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen. 2 gevelisolatie, waarbij: ten minste 10 vierkante meter van de oppervlakte van de binnen- of buitengevel van de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd; en het isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft. 3 glas-, kozijnpaneel- of deurisolatie in de bestaande thermische schil door het vervangen van ten minste 8 vierkante meter van de oppervlakte, of raamoppervlakte indien een maatregel is aangebracht na 31 december 2022, van: glas, kozijnpanelen of deuren door HR++ glas, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen of nieuwe isolerende deuren met een Ud-waarde van ten hoogste 1,5 W/m2K; of glas, kozijnpanelen of deuren door triple-glas, in combinatie met een nieuw isolerend kozijn met een Uf-waarde van ten hoogste 1,5 W/ m2K, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen of nieuwe isolerende deuren met een Ud-waarde van ten hoogste 1,0 W/m2K. 4 spouwmuurisolatie, waarbij: ten minste 10 vierkante meter van de oppervlakte van bestaande spouwmuren in de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd; het isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 1,1 m2K/W heeft; en het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen. 5 vloer- dan wel bodemisolatie, waarbij: ten minste 20 vierkante meter van de oppervlakte van de bestaande vloer of de bestaande bodem in de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd; het isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft; en het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen. Bijlage2Isolatie-eisen bouwdelen Bouwdelen zijn slecht geïsoleerd… Aanpakken bij Type Indicatie dikte of Rc of U-waarde 1 Dak Hellend/plat dak Bij geen, slechte en matige isolatie Minder dan 9cm aanwezig / een Rc ≤ 2,0 2 Zolder-/ vlieringvloerisolatie Wanneer er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is (als alternatief voor dakisolatie, alleen toe te passen bij een onverwarmde zolderen gesloten vlieringluik of gesloten toegangsdeur) Rc ≤ 0,5 3 Gevel Wanneer er geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig is Rc ≤ 1,1 4 Vloer-/bodemisolatie Wanneer er geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig is. Minder dan 5 cm aanwezig, Rc ≤ 1,3 5 Glas Bij enkel glas, oud dubbelglas en HR glas. Vanaf het jaar 2000 staat het type glas vaak ook vermeld op het metaal tussen de glaslagen. HR+, HR++, triple-glas en vacuümglas is beglazing die wel voldoet Ug waarde ≥ 1,6 Bron: toelichting bij Artikel 1 uit de regeling, Staatscourant 3877, p.29-30