Verordening (hierna APV) is het verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben. Het college kan volgens artikel 5:18a lid 1 APV regels stellen terzake van deze vergunning. Deze regels hebben als doel: het scheppen van duidelijke procedurele en inhoudelijke kaders; het aanwijzen van locaties zodat standplaatsen worden gereguleerd; het bieden van transparantie en helderheid naar ondernemers en bewoners; het in overeenstemming brengen van de regels met de Europese en landelijke wet- en regelgeving. B e s l u i t vast te stellen: Reglement Standplaatsen Hendrik-Ido-Ambacht 2025 Hoofdstuk1.Definities Artikel1.Definities 1.In dit reglement wordt verstaan onder: APV: de geldende Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. Awb: Algemene wet bestuursrecht. Standplaats: het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten aan te bieden, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel, zijnde niet op een markt. Vaste standplaats: een door de gemeente aangewezen standplaats die gedurende het gehele jaar voor maximaal twee dagen per week mag worden ingenomen. Tijdelijke standplaats: een door de gemeente aangewezen standplaats die slechts gedurende een periode van 3 maanden per jaar wordt ingenomen voor de verkoop van bijvoorbeeld seizoensgebonden waren en goederen. Incidentele standplaats: een door de gemeente aangewezen standplaats die maximaal 6 dagen per kalenderjaar door dezelfde vergunninghouder wordt ingenomen. Vergunning: de vergunning om een standplaats in te nemen als bedoeld in artikel 5:18 van de APV; Evenementen: elke voor publiek toegankelijk verrichting van vermaak volgens artikel 2:24 van de APV. Gegadigden: iemand die geïnteresseerd is in een standplaats en daarvoor meent in aanmerking te komen. Belanghebbende: iemand wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Hoofdstuk2.Standplaatslocaties Artikel2.Standplaatslocaties [Vervallen] Hoofdstuk3.Vergunningaanvraag Artikel3.Vereisten vergunningaanvraag 1.De vergunning kan alleen worden aangevraagd door een natuurlijke persoon. 2.De aanvraag voor de vergunning bestaat in ieder geval uit: een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier; een uittreksel van de Kamer van Koophandel als sprake is van een commerciële standplaats; een kopie van de verzekeringspolis voor wettelijke aansprakelijkheid; een kopie van een geldig identiteitsbewijs; een schriftelijke toestemming van de eigenaar als de standplaats zal worden ingenomen op particulier terrein; als sprake is van een incidentele standplaats moet een situatietekening aangeleverd worden waarop de standplaats is ingetekend op de locatie. Artikel4.Procedure lotingsysteem 1.Als een locatie voor een vaste standplaats of tijdelijke standplaats vrijkomt, hanteert het college een lotingsysteem en wordt voor de vergunningaanvraag voor de locatie de mogelijkheid tot inschrijving openbaar bekendgemaakt. 2.Na sluiting van de inschrijving worden de aanvragen beoordeeld op het voldoen aan de procedurele vereisten, zoals genoemd in artikel 3, tweede lid. De aanvragen die hier niet aan voldoen, komen niet in aanmerking voor deelname aan de loting. De betrokken aanvragers worden hiervan in kennis gesteld. 3.De aanvragers die wel een volledige aanvraag als bedoeld in het tweede lid hebben gedaan, ontvangen uiterlijk één week na sluiting van de inschrijving een brief waarin de datum en plaats van de loting wordt genoemd. 4.De loting vindt plaats in aanwezigheid van twee medewerkers van de gemeente en wordt vastgelegd in een verslag. 5.De getrokken aanvragen komen in volgorde van de uitkomst van de loting in aanmerking voor een inhoudelijke beoordeling, en bij een positieve uitkomst van deze beoordeling, voor verlening van de vergunning. 6.De aanvragen die resteren nadat de vergunning is verleend, worden geweigerd. Hoofdstuk4.Innemen standplaats en vervanging Artikel5.Persoonlijk innemen standplaats 1.De vergunninghouder neemt de op de vergunning vermelde standplaats persoonlijk voor de gehele duur van de dag in; 2.De vergunninghouder neemt zijn op de vaste-standplaatsvergunning vermelde standplaats ten minste eenmaal per twee weken in, behoudens een door het college verleende ontheffing; 3.In geval van vakantie, ziekte of bijzondere omstandigheden kan de vergunninghouder met de goedkeuring van het college zich laten vervangen zoals nader omschreven in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.