Beleidskader Ruimte voor Ruimte Gemeente EmmenH1 Inleiding 1.1.Aanleiding Het landelijke gebied is volop in beweging. De agrarische sector heeft de afgelopen jaren een schaalvergroting doorgemaakt. Door de vergroting van bepaalde bedrijven, worden bedrijfseconomisch minder interessante bedrijfslocaties beëindigd. Door wettelijke opgaven vanuit natuur, klimaat, water en bodem zullen het aantal actieve agrarische bedrijven de komende jaren naar verwachting verder afnemen. Anderzijds wordt het landelijke gebied steeds meer gezien als een aantrekkelijk gebied om te wonen. Om voldoende ontwikkelingsmogelijkheden voor landbouw en natuur te bieden en daarnaast het landschap te beschermen, wordt er echter tot op heden terughoudend omgegaan met het toevoegen van woningen aan het landelijke gebied. Eén van de mogelijkheden waarmee woningbouw in het landelijke gebied wel kan worden gerealiseerd is de provinciale “Ruimte voor Ruimte” (RvR) regeling. Op basis van de RvR regeling is het mogelijk om in ruil voor de sloop van voormalige (agrarische) bedrijfsbebouwing één of meerdere nieuwe woningen (compensatiewoningen) te ontwikkelen. Agrarische ondernemers ontvangen bij verkoop van een woningbouwkavel/woning zo een financiële compensatie voor de kosten van het slopen van stallen, schuren of overige (agrarische) bedrijfsbebouwing. Op deze manier wordt het landelijke gebied ontdaan van leegstaande en verouderde bedrijfsbebouwing en wordt verval en/of oneigenlijk gebruik van gebouwen voorkomen. Per 15 februari 2024 heeft de provincie Drenthe de RvR regeling in de Provinciale Omgevingsverordening (POV) aangepast en de toepassing op een aantal onderdelen verruimd. Bij de gemeentelijke uitvoering van de vernieuwde regeling wordt aangelopen tegen een aantal aspecten die om verduidelijking vragen, voor zowel initiatiefnemers als de gemeentelijke organisatie. Dit beleidskader geeft deze verduidelijking. 1.2.Uitgangspunten 1.2.1.Plangebied Het beleidskader “Ruimte voor Ruimte gemeente Emmen” heeft betrekking op de gehele gemeente Emmen, waarbij de concrete toepassing met name zal plaatsvinden binnen het landelijke gebied. 1.2.2.Doel Het beleidskader heeft meerdere doelen: Verduidelijking bieden aan initiatiefnemers en overige betrokkenen in de toepassing van de provinciale RvR regeling binnen de gemeente Emmen Het leveren van een bijdrage aan de transitie van het landelijk gebied, in de vorm van sociaal maatschappelijk perspectief voor vrijkomende bedrijfslocaties, een bijdrage aan de woningbouwopgave en het behoud van ontwikkelperspectief binnen gebieden met de hoofdfunctie landbouw Waarborging/versterking van ruimtelijke kwaliteit bij toepassing van de regeling Oog voor lokale omstandigheden bij ontwikkelingen Een beperking in procedures en kosten voor initiatiefnemers, voor zover mogelijk 1.3.Status Binnen het beleidskader “Ruimte voor Ruimte gemeente Emmen” geeft het college invulling aan de gemeentelijke uitwerking en uitvoering van de provinciale Ruimte voor Ruimte (RvR) regeling, zoals bepaald in de Provinciale Omgevingsverordening (POV, versie 2024). Na vaststelling door het college kunnen op basis van het beleidskader omgevingsvergunningen worden beoordeeld. De inhoud van het beleidskader wordt benut bij het aanpassen van het gemeentelijke Omgevingsplan. 1.4.Leeswijzer Hoofdstuk 2 biedt inzicht in de relevante beleidsmatige kaders. Hoofdstuk 3 benoemt de aspecten die om gemeentelijke verduidelijking vragen met direct daaraan verbonden de gemeentelijke werkwijze. H2 Beleidskader 2.1.Gemeente Emmen 2.2.1.Strategienota Emmen In 2021 is de Strategienota Emmen vastgesteld. Hierin worden de gemeentelijke ambities voor de middellange termijn beschreven. Uit de strategienota wordt onder andere duidelijk dat Emmen inzet op (lichte) groei van de bevolking, meer diversiteit in leeftijdsgroepen en opleidingsniveaus en versterking van de brede welvaart. Aan toekomstige inwoners wordt een divers aanbod van woningtypen geboden. Concreet worden er zes ambities verwoord, waarbij de ambities 1 en 5 het onderwerp van dit beleidskader direct raken: Wij creëren meer ruimte voor de natuur, zijn voorbereid op klimaatverandering en verbinden wonen, werken en de natuur met elkaar. We behoren tot de top 10 van de groenste gemeenten van Nederland. Wij worden CO2 neutraal en faciliteren duurzame energieproductie. In Emmen kan iedereen meedoen aan het maatschappelijk leven en heeft daarin gelijke kansen. Wij focussen hierbij op kinderen, jongeren en hun ouders, zodat de jeugd het beter krijgt dan generaties voor hen. De ondersteuning die wij inwoners geven, werkt voor hen en is betaalbaar. Wij vernieuwen daarom de werking van de sociale infrastructuur. Emmen groeit economisch en in aantal inwoners en verstevigt haar positie als regiokern met goede verbindingen en voorzieningen. We zorgen voor een aantrekkelijke, duurzame en veilige woon- en leefomgeving. Wij behoren tot de landelijke top van groene, slimme en innovatieve industriekernen, met zorg en recreatie en toerisme als belangrijke economische pijlers en een bijpassend onderwijsaanbod. 2.1.1.Woonvisie 2022-2030 BuitengeWoon Thuis in Emmen De Woonvisie is de doorvertaling van de Strategienota op het gebied van wonen. In de Woonvisie wordt aangegeven dat door de stijgende vraag naar landelijk wonen, de gemeente het aantal bouwmogelijkheden binnen het landelijk gebied wil uitbreiden. Dit sluit aan bij de uitkomsten uit het woningmarktonderzoek. De vraag ligt tussen de 100 en 150 woningen in het totale landelijk gebied tot 2030. Gezocht wordt hierbij naar mogelijkheden verspreid over de hele gemeente. Tevens wordt in de Woonvisie aangegeven dat de provincie Drenthe het bevoegde gezag is ten aanzien van het bouwen van woningen in het buitengebied. In het buitengebied wordt op dit moment ruimte geboden voor een aantal ontwikkelingen. De ‘RvR regeling’ wordt hierin benoemd. Naar verwachting passen concrete verzoeken om RvR tot 2030 binnen de reservering uit de Woonvisie. 2.1.2.Omgevingsplan Emmen Een concreet verzoek om RvR is in strijd met het omgevingsplan. Het omgevingsplan voorziet niet in een binnenplanse afwijkingsregeling voor het toepassen van de regeling. In de toelichting van het omgevingsplan (het voormalige bestemmingsplan Buitengebied) wordt de reden hiervan toegelicht: Specifieke situaties vragen planologisch maatwerk. Ontwikkelingen zijn tot op heden altijd via individuele planologische procedure geregeld. De toelichting verder aan dat binnen het buitengebied de provinciale RvR regeling wordt toegepast. In elke specifieke situatie dient bij de bouw van een ‘compensatiewoning’ sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing. 2.1.3.Welstandsnota Voor het bouwen van woningen is een omgevingsvergunning vereist. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt getoetst aan de geldende welstandeisen. De welstandeisen zijn thans opgenomen in de gemeentelijke Welstandsnota (vastgesteld 30 juni 2016). Deze nota maakt deel uit van tijdelijke deel van het Omgevingsplan. Afhankelijk van een specifieke locatie geldt een welstandsniveau en wordt getoetst op daaraan verbonden welstandscriteria. 2.3.Provincie Drenthe 2.2.1Omgevingsvisie Drenthe Binnen de Omgevingsvisie Drenthe (vastgesteld 2022) is het ruimtelijk-economische beleid voor de provincie Drenthe tot 2020 vastgelegd. De provincie streeft naar een zorgvuldige afweging tussen ontwikkelingen en ruimtelijke kwaliteit. Kernkwaliteiten De kernkwaliteiten zijn de kwaliteiten die bijdragen aan de identiteit en aantrekkelijkheid van Drenthe. Het provinciaal belang is het behouden en, waar mogelijk, ontwikkelen van de kernkwaliteiten. De kernkwaliteiten zijn landschap, natuur, cultuurhistorie, archeologie, aardkundig erfgoed en rust (stilte en duisternis). Zorgvuldig ruimtegebruik De provincie koerst op zuinig en zorgvuldig gebruik van de ruimte. Veel ingrepen in de ruimte hebben gevolgen voor de langere termijn en beperken ontwikkelingsmogelijkheden in de toekomst. Het zorgvuldig gebruiken van de ruimte is van provinciaal belang Robuuste systemen en multifunctionele gebieden Het is van provinciaal belang dat nieuwe ontwikkelingen geen significant effect hebben op het functioneren van de hoofdfuncties natuur, landbouw, water en de sociaaleconomische functies wonen, werken, energie, recreatie en toerisme, bodem en ondergrond en mobiliteit. De provincie streeft naar ontwikkelingen die bijdragen aan de robuustheid van de systemen. In de multifunctionele gebieden wordt gestuurd op economische ontwikkeling van het landelijk gebied mét behoud en, zo mogelijk ontwikkeling, van de kernkwaliteiten. Robuust sociaaleconomisch systeem In het landelijk gebied willen de provincie voldoende ontwikkelingsmogelijkheden bieden voor landbouw, recreatie en toerisme. Het regionale economische vestigingsklimaat is van provinciaal belang. Robuust landbouwsysteem Het is van provinciaal belang dat de landbouw in de provincie voldoende ontwikkelingsmogelijkheden heeft. Ruimtelijke kwaliteit De ruimtelijke kwaliteit wordt door de provincie bepaald door het behoud/versterken van kernkwaliteiten, het zorgvuldig gebruikmaken van ruimte en het waarborgen van de kwaliteit van milieu en de leefomgeving. Wonen De provincie streeft naar aantrekkelijke, gevarieerde en leefbare woonmilieus die voorzien in de woonvraag. Gemeenten werken hun aandeel in het woonaanbod en de woonmilieus uit in gemeentelijke structuurvisies of woonplannen. Rekening wordt gehouden met de huidige kernenstructuur en de behoefte aan verschillende woonmilieus. De provincie biedt ruimte voor woningbouw ter vervanging van landschapsontsierende (voormalige) agrarische bedrijfsgebouwen met de ruimte-voor-ruimteregeling. Het beleid hiervoor is vertaald in de Provinciale Omgevingsverordening. Bij eventuele aantasting van de kernkwaliteiten streven we naar compensatie. In overleg met gemeenten en andere partners geven we hier in individuele situaties verder invulling aan Actualisatie Omgevingsvisie Drenthe De provincie is inmiddels gestart met de voorbereiding op een actualisatie van de Omgevingsvisie Drenthe. Vaststelling zal naar verwachting plaatsvinden in 2025. 2.2.2Provinciale Omgevingsverordening Drenthe (POV) De POV is juridische vertaling van de Omgevingsvisie Drenthe. In 2023 is de POV op het onderdeel RvR herzien. Belangrijke verschillen ten opzichte van de oude regeling: Niet alleen voormalige agrarische bebouwing komt in aanmerking maar ook andere bedrijfsmatige en maatschappelijke bebouwing. Het maximum aantal ‘compensatiewoningen’ dat kan worden gerealiseerd is verhoogd van 2 naar 6. Voor 1 woning moet minimaal (ongewijzigd) 750 m2 aan bebouwing worden gesloopt, voor 2 woningen (ongewijzigd) 2000 m2. Hierna volgt een staffeling, waar telkens voor de extra sloop van 1000 m2 aan bebouwing een extra woning kan worden gerealiseerd met een maximum tot 6. Salderen (sloop op meerdere locaties) blijft hierbij mogelijk. Er is een afwijkingsregeling van de hoofdregel (zie onder punt 2) opgenomen, voor de realisatie van maximaal 4 kleinere woningen met een totale gezamenlijke oppervlakte van maximaal 500 m2 in ruil voor de sloop van 2000 m2 aan bebouwing. Doel van deze regeling is het inspelen op de vraag naar kleinere, betaalbare woningen en/of alternatieve woonvormen. In artikel 3.15 van de POV (versie 2024) wordt de RvR regeling beschreven: Ruimte-voor-ruimte regeling Een ruimtelijk plan voor een gebied gelegen buiten bestaand stedelijk gebied, kan voorzien in een ruimte-voor-ruimte-regeling als in dat gebied bedrijfsmatige of maatschappelijke bebouwing aanwezig is die de oorspronkelijk functie is verloren, mits: de sloopnorm voor 1 compensatiewoning ten minste 750 m² en ten minste 2.000 m² voor maximaal 2 compensatiewoningen aan bedrijfsbebouwing bedraagt; onverminderd het bepaalde in sub a bedraagt de sloopnorm voor 3 compensatiewoningen ten minste 3000 m² en ten minste 4000 m² voor 4 compensatiewoningen en ten minste 5000 m² voor 5 compensatiewoningen. In afwijking van het bepaalde in sub b bedraagt de sloopnorm 6 compensatiewoningen wanneer meer dan 6000 m² wordt gesloopt. In afwijking van het bepaalde in lid 1 kan een ruimtelijk plan voorzien in ten hoogste 4 woningen bij een sloopnorm van 2000 m², voor zover de totale oppervlakte van alle woningen tezamen niet meer bedraagt dan 500 m². De ruimte-voor-ruimte regeling wordt vormgegeven met inachtneming van het volgende: toepassing van de regeling is alleen mogelijk voor bebouwing die op 1 januari 2014 al aanwezig was; in het ruimtelijk plan mag de mogelijkheid worden geboden tot het samenvoegen van bebouwing op meerdere percelen (saldering) om te kunnen komen tot de sloopnorm; Bij het realiseren van drie of meer woningen als bedoeld in lid 1 en 2 toont het ruimtelijk plan aan dat de aantallen en doelgroep passen binnen de gemeentelijke woonvisie of Omgevingsvisie, uitvoeringsprogramma’s en prestatie afspraken; randvoorwaarden voor inpassing, omvang, inhoud en uiterlijk van de compensatiewoning worden vastgelegd; en de randvoorwaarde dat bouw van een compensatiewoning niet plaatsvindt in gebieden die op kaart D3 (Natuurnetwerk Nederland) en/of kaart D11 (Beekdal en bergingsgebied) zijn aangeduid, tenzij de oorspronkelijke bebouwing wordt verwijderd in de betreffende gebieden. 2.4.Conclusie beleidsanalyse De gewijzigde provinciale RvR regeling uit de POV biedt ruimere mogelijkheden De gemeente Emmen benadert de toepassing van de provinciale regeling positief RvR ontwikkelingen kunnen een bijdrage leveren aan de uitvoering van het gemeentelijke woonbeleid Bij concrete ontwikkelingen dient zorgvuldig te worden omgegaan met belangen van andere (hoofd)functies, met name landbouw, cultuurhistorie en landschap. Ruimtelijke kwaliteitsverbetering en een zorgvuldig ruimtegebruik zijn vertrekpunten bij concrete ontwikkelingen. H3 Gemeentelijke uitvoeringsaspecten bij toepassing Ruimte voor Ruimte Diverse aspecten uit de provinciale Ruimte voor Ruimte (RvR) regeling uit de Provinciale Omgevingsverordening (POV) vragen om gemeentelijke uitwerking, om zo de uiteindelijke toepassing te concretiseren en te verbeteren. Aanvragen kunnen vervolgens efficiënter worden behandeld. In dit hoofdstuk worden de betreffende aspecten nader toegelicht. 3.1Plangebied 3.1.1.Mogelijkheden van toepassing RvR regeling binnen stedelijk gebied Provincies bepalen het beleid voor ruimtelijke ontwikkelingen binnen landelijk gebied. Binnen stedelijk gebied zijn gemeenten hiervoor verantwoordelijk, waarbij rekening dient te worden gehouden met de benoemde kernkwaliteiten uit de POV, zoals archeologie, cultuurhistorie, aardkundige waarden en landschap (specifiek dorpsrand). Het onderscheid tussen landelijk en stedelijk gebied wordt in de POV bepaald. De stad Emmen, de dorpen en veel lintbebouwingen maken deel uit van stedelijk gebied. Al deze gebieden kennen echter vanuit hun historische ontwikkeling voormalige agrarische bedrijfslocaties, niet-agrarische bedrijfslocaties en maatschappelijk vastgoed. Uit het oogpunt van ruimtelijke kwaliteitsverbetering wordt in stedelijk gebied de inhoud van de provinciale RvR regeling voor voormalige agrarische bebouwing één op één doorgezet, met uitzondering van de beschermde dorpsgezichten Westersebos, Oostersebos en Westenesch (zie 3.1.2). De herontwikkelings-mogelijkheden van overige bebouwing binnen stedelijk gebied (niet-agrarische of maatschappelijke bebouwing) vraagt per concreet geval een specifieke gemeentelijke afweging. De algemene inzet van de RvR regeling voor deze categorieën bebouwing binnen stedelijk gebied is dan ook niet aan de orde. Het is niet mogelijk om de sloop van bebouwing binnen stedelijk gebied in te zetten voor de bouw van compensatiewoning(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.