← Nederland

Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland van 24 oktober 1995, nr. 95-901256, tot het instellen van een ligplaatsverbod (ankeren en meren) op

Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland van 24 oktober 1995, nr. 95-901256, tot het instellen van een ligplaatsverbod (ankeren en meren) op het Noordhollandsch Kanaal en tot het bepalen van de locaties welke van het ligplaats­ verbod zijn uitgezonderdGedeputeerde Staten van Noord-Holland; overwegende, dat per 1 juni 1995 het beheer en onderhoud van het Noordhollandsch Kanaal is over­ gegaan van het Rijk naar de provincie; dat hun college (gedeputeerde staten) met ingang van genoemde datum van rechtswege het bevoegd gezag in de zin van de Scheep­ vaartverkeerswet (nautisch beheerder) van het Noordhollandsch Kanaal is; dat het in het belang van: het verzekeren van een veilig en vlot verloop van het scheepvaartverkeer, het in stand houden van de scheepvaart­ weg en het voorkomen of beperken van schade door de scheepvaart aan de oevers en waterkeringen en het voorkomen van schade aan landschappelijke en natuur­ wetenschappelijke waarden wenselijk dan wel noodzakelijk is om het innemen van ligplaats (ankeren of meren) op het Noordhollandsch Kanaal te verbieden; dat hun college ingevolge het Besluit administratieve bepalingen scheepvaart­ verkeer bevoegd is een daartoe strekkend verkeersbesluit te nemen; dat het aanbeveling verdient om ter aan­ duiding van het verbod gebruik te maken van verkeerstekens A 5 van bijlage 7 van het Binnenvaartpolitiereglement; dat van het ligplaatsverbod in beginsel een door hun college te verlenen ontheffing mogelijk is; dat het voorts in het belang van de scheep­ vaart wenselijk/noodzakelijk is het ligplaats nemen op een aantal locaties langs de oevers van het Noordhollandsch Kanaal expliciet toe te staan; dat de locaties die voor het innemen van ligplaats in aanmerking komen ten tijde van het beheer van het Noordhollandsch Kanaal door het Rijk reeds als zodanig zijn aan­ geduid (aanwijzingstekens categorie E.5 en E.7 van bijlage 7 van het Binnenvaartpolitie­ reglement); dat er geen aanleiding bestaat om in het door het Rijk tot 1 juni gevoerde ligplaatsbeleid ten principale verandering te brengen; gelet op de Scheepvaartverkeerswet, het Binnenvaartpolitiereglement en het Besluit administratieve bepalingen scheepvaart­ verkeer; besluiten: door plaatsing van verbodstekens A.5 van bijlage 7 van het Binnenvaartpolitie­ reglement het ligplaats nemen (ankeren en meren) op het Noordhollandsch Kanaal te verbieden; met gebruik making van aanwijzings­ tekens categorie E.5 en E.7 van bijlage 7 van het Binnenvaartpolitiereglement het onder I genoemde verbod voor een aantal daarvoor in aanmerking komende locaties langs de oevers van het Noordhollandsch Kanaal op te heffen, onder de bepaling dat - behoudens toestemming van de bevoegde autoriteit - een schip, een drijvend voorwerp en een drijvende inrichting: niet langer dan 3 x 24 uur ligplaats mogen nemen, niet aan herstelwerkzaamheden mogen worden onderworpen, niet mogen worden geladen, gelost of ontgast en niet binnen 12 uur nadat de onder a bedoelde periode is beëindigd opnieuw ligplaats mogen innemen; te bepalen dat waar nodig ter aanvulling of verduidelijking van de tekens bedoeld onder I en II bijkomende tekens (hoofd­ stuk F van bijlage 7 van het Binnenvaart­ politiereglement) kunnen worden geplaatst. Haarlem, 24 oktober 1995. Gedeputeerde Staten voornoemd,J.A. van Kemenade, voorzitter.C.J.N. Versteden, griffier.Uitgegeven op 24 november 1995.De Griffier der Staten van Noord-Holland.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.