← Nederland

Besluit van de eilandsraad van het openbaar lichaam Sint Eustatius 10.07.2025 no. 07 tot vaststelling van de Eilandsverordening inzake de toekenning v

Besluit van de eilandsraad van het openbaar lichaam Sint Eustatius 10.07.2025 no. 07 tot vaststelling van de Eilandsverordening inzake de toekenning van bevoegdheid aan de Gezaghebber van Sint Eustatius om te besluiten tot het gebruik van camerabewaking (Eilandsverordening camerabewaking Sint Eustatius)De eilandsraad van Sint Eustatius, Gelezen het voorstel van het bestuurscollege; Gelet op artikelen 136 en 156 van de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba; Overwegende dat het wenselijk is om regels vast te stellen inzake de bevoegdheid van de Gezaghebber om te besluiten tot het gebruik van camerabewaking op Sint Eustatius; Besluit: Tot het vaststellen van het onderhavige Eilandsverordening camerabewaking Sint Eustatius Inhoudende: Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Definities In deze eilandsverordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: De Wet: de Wet openbare lichamen Bonaire Sint Eustatius en Saba Gezaghebber: de gezaghebber van het openbare lichaam Sint Eustatius Openbare plaats: plaats die krachtens bestemming of vast gebruik openstaat voor het publiek Hoofdstuk2Bevoegdheid van de Gezaghebber Artikel2Cameratoezicht op openbare plaatsen 1.De Gezaghebber kan overeenkomstig artikel 156 van de Wet besluiten tot plaatsing van camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats. 2.De Gezaghebber heeft die bevoegdheid eveneens ten aanzien van de volgende andere plaatsen: Openbare wegen, zoals: Concordiaweg (Ernest van Putten Youth Center & Lion’s Den); Theodore A.M. Pandt Road (tegenover het luchthaventerrein en de geldautomaat); Dr. H.A. Korthalsweg (kruising met Charles A. Woodley Road / The Sandy Road); Kruising Dr. H.A. Korthalsweg / Mansionweg; Kruising Paramiraweg / Weg naar Jeems; Kruising Weg naar Jeems / The Sandy Road. Parkeerterreinen op Sint Eustatius, die voor iedereen toegankelijk zijn, zoals: Cornelis van Zanten Road (parkeerterrein tegenover de luchthaven, naast Lion’s Den); Concordiaweg (parkeerterrein bij de Brandweerkazerne). Gebieden rondom het havengebouw, zoals: Oranjebaai Weg (Bay Area). Diverse legale en illegale stortplaatsen voor groen- en bouwafval, zoals: STUCO Zonnepark; Lynch Fair Play; Big Stone; White Wall. Hoofdstuk3Slotbepalingen Artikel3Inwerkingtreding Deze eilandsverordening treedt in werking na afkondiging. Artikel4Aanhalingstitel Deze eilandsverordening wordt aangehaald als Eilandsverordening camerabewaking Sint Eustatius. Aldus besloten in de openbare vergadering van het Eilandsraad Sint Eustatius van 10 juli 2025,de voorzitter, Mw. M.A.U. Francis de eilandgriffier,Mw. M. Robins-SpannerMemorie van toelichting Artikel 2 Cameratoezicht op openbare plaatsen Op grond van artikel 156 van de Wet kan de raad aan de gezaghebber bij verordening de bevoegdheid verlenen tot het uitvoeren van cameratoezicht op openbare plaatsen in het belang van de handhaving van de openbare orde. De raad kan daarbij bepalen tot welke openbare plaatsen de bevoegdheid zich uitstrekt en voor welke duur de inzet van camera’s ten hoogste mag geschieden. Volgens de wetgever is hierdoor de toekenning van de bevoegdheid tot de inzet van camera’s met democratische waarborgen omkleed. Het besluit van de gezaghebber tot plaatsing van camera’s op een openbare plaats is een besluit van al-gemene strekking waartegen bezwaar en beroep openstaat. Het kan voorkomen dat beelden worden gemaakt van personen die een pand binnengaan of verlaten. De eigenaren van dergelijke panden zijn aan te merken als belanghebbenden in de zin van de Awb Wet administratieve rechtspraak BES, artikel 7, evenals bijvoorbeeld degenen die in zo’n pand werken of wonen (huurders) of anderszins regelmatige bezoekers van zo’n pand zijn. Niet alleen toezicht met vaste camera’s is mogelijk, maar ook met mobiele camera’s. De reden is met name dat vaste camera’s in de praktijk vaak niet adequaat bleken bij het bestrijden van zich snel en ge-makkelijk verplaatsende criminaliteit, hinder en vandalisme. In de MvT bij de wijziging van de Gemeente-wet waarmee dit mogelijk werd (Kamerstukken II 2012/13, 33 582, nr. 3) geeft de regering aan dat uit gesprekken met vertegenwoordigers uit de bestuurlijke, justitiële en politiële praktijk, waaronder ge-meenten, bleek dat toezicht met vaste camera’s soms tekort schiet: “Bij aanhoudende en zich verplaatsen-de overlast kan gedacht worden aan overlast veroorzaakt door hangjongeren, door drugsgebruikers en drugsdealers, door straatrovers en zakkenrollers en door personen die vernielingen aanrichten in de publie-ke ruimte. […] Diverse recentelijk verschenen gemeentelijke evaluatierapporten over cameratoezicht in de publieke ruimte erkennen de tendens dat overlast zich verplaatst en dat bij verplaatsingseffecten vast came-ratoezicht als toezichtinstrument tekort schiet”. De regering benadrukt verder dat camera’s alleen kunnen worden ingezet ter handhaving van de open-bare orde, maar dat dit niet wil zeggen dat er op voorhand al sprake moet zijn van een verstoring van de openbare orde of een concrete dreiging daarvan: “Onder handhaving van de openbare orde door de bur-gemeester valt immers ook de algemene bestuurlijke voorkoming van strafbare feiten die invloed hebben op de orde en rust in de gemeentelijke samenleving”. Doel van het cameratoezicht Gemeentelijk cameratoezicht op grond van artikel 156 van de Wet mag uitsluitend plaatsvinden voor het handhaven van de openbare orde. Dit begrip omvat ook de algemene bestuurlijke voorkoming van straf-bare feiten die invloed hebben op de orde en rust in de gemeentelijke samenleving. Dit hoofddoel laat onverlet dat deze vorm van cameratoezicht ook subdoelen mag dienen. Zo biedt dit artikel ook de moge-lijkheid om de opgenomen beelden te gebruiken voor de opsporing en vervolging van strafbare feiten. Daarnaast mogen camera’s worden gebruikt om de politie en andere hulpdiensten efficiënter en effectie-ver in te zetten. De preventieve werking van cameratoezicht vergroot bovendien hun veiligheid. Kenbaarheid In artikel 156 van de Wet is vastgelegd dat het gebruik van camera’s kenbaar moet zijn. Burgers moeten in elk geval in kennis worden gesteld van de mogelijkheid dat zij op beelden kunnen voorkomen zodra zij het gebied betreden dat valt binnen het bereik van de camera’s. Aan het kenbaarheidsvereiste moet niet alleen worden voldaan als er beelden worden vastgelegd, maar ook als sprake is van monitoring en er dus geen opnames worden gemaakt. Door het goed zichtbaar plaatsen van borden, waarop wordt aan-geven dat in het betrokken gebied sprake is van cameratoezicht, kan het publiek op deze mogelijkheid worden geattendeerd. Overigens houdt het kenbaarheidsvereiste niet in dat camera’s altijd zichtbaar moeten zijn of dat de burgers op de hoogte moeten worden gesteld van de precieze opnametijden. Niet-kenbare toepassing van cameratoezicht op voor het publiek toegankelijke plaatsen is strafbaar gesteld. De raad heeft op grond van artikel 156 van de Wet de bevoegdheid om ook andere plaatsen, die zonder enige vorm van beperking publiek toegankelijk zijn, aan te wijzen als openbare plaats en zo onder de reikwijdte van de wet te brengen. Het gaat dan om plaatsen, zoals parkeerterreinen, die vanwege het doel-gebonden verblijf niet onder de definitie van openbare plaats (uit de Wet openbare manifestaties) vallen. De wetgever heeft hiermee beoogd dat gemeenten snel kunnen inspelen op gebleken lokale be-hoeften. Het uitgangspunt blijft te allen tijde dat het cameratoezicht noodzakelijk moet zijn met het oog op de handhaving van de openbare orde.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.