Uitvoeringsregeling van 3 juli 2007, houdende regels betreffende de subsidiëring van activiteiten op het terrein van cultuur, taal en onderwijs (Uitvoeringsregeling projectsubsidies cultuur, taal en onderwijs), laatstelijk gewijzigd op 19 maart 2013. Gedeputeerde staten van Fryslân gelet op de Algemene wet bestuursrecht, de Algemene subsidieverordening provincie Fryslân 2006 en de Subsidieverordening cultuur, taal en onderwijs besluiten als volgt: Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsbepalingen In deze uitvoeringsregeling wordt verstaan onder: de commissie: de adviescommissie Cultuur als bedoeld in artikel 4; podiumkunsten: toneel, dans, muziek, kleinkunst, theater en daarmee naar het oordeel van gedeputeerde staten gelijk te stellen cultuuruitingen; amateurkoor: een koor dat bestaat uit leden die zonder financiële vergoeding zingen; mediaproductie: film- en videoproductie en daarmee naar het oordeel van gedeputeerde staten gelijk te stellen uitingen met een cultureel doel, bestemd voor vertoning aan publiek in de provincie Fryslân; de Friese taal: Fries, alsmede Bildts en Stellingwerfs, tenzij anders is bepaald. onderwijskundige kwaliteit: de kwaliteit van belangrijke aspecten van het onderwijs binnen een school, zoals de kwaliteit van de leraren, de directeur, de methoden, de zorg voor zwakke leerlingen, de leerling-prestaties en het contact met de ouders. didactisch handelen: bij het didactisch handelen van de leraar gaat het er om dat de leraar met respect met zijn leerlingen omgaat, leerlingen actief betrekt bij de les en ze aanzet tot zelfstandig denken, de gedragsregels in de klas goed handhaaft, zaken duidelijk uitlegt, zorgt voor een taakgerichte werksfeer en rekening houdt met verschillende onderwijsbehoeften van leerlingen. onderwijskundig leiderschap: de systematische manier waarop de directeur leiding geeft aan de leraren met betrekking tot het verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs op de school. ouderbetrokkenheid: de manier waarop de school de ouders betrekt bij allerlei activiteiten op de school en de manier waarop de school de ouders stimuleert om thuis met hun eigen kinderen activiteiten te doen om de ontwikkeling van hun kinderen te stimuleren. integraal taalbeleid: taalbeleid waarbij tenminste het Nederlands en het Fries en mogelijk een derde vreemde taal als instructietaal bij andere vakken worden ingezet. taalbeleidsplan: een door de directie vastgesteld plan waarin de school zijn visie op de ontwikkeling van talen bij de leerlingen uiteenzet. Op basis van deze visie worden doelstellingen geformuleerd en geeft de school aan hoe men deze doelstellingen wil bereiken en op welke wijze wordt vastgesteld of de doelen zijn bereikt. In het plan wordt ook speciale aandacht besteed aan het leerstofaanbod voor de talen en de bevordering van de deskundigheid op dit terrein bij de leraren van de school. longitudinale leerlijn: het onderwijsprogramma voor een bepaald vak of een combinatie van vakken dat gekenmerkt wordt door een logische opbouw voor een groot aantal op elkaar volgende leerjaren. brede school: één of meer scholen die structureel samenwerken met ketenpartners, zoals jeugdzorg, maatschappelijk werk of bibliotheek, om leerlingen systematisch en sluitend te kunnen begeleiden in hun ontwikkeling. meertaligheid : het gebruik van het Fries en ten minste één andere taal. Artikel 2 Algemene subsidieverordening van toepassing 1 Op subsidieverstrekking op grond van deze uitvoeringsregeling is de Algemene subsidieverordening provincie Fryslân 2006 van toepassing. 2 Op grond van deze uitvoeringsregeling wordt geen subsidie verstrekt: voor dezelfde of in hoofdzaak dezelfde voortdurende activiteiten, als bedoeld in art. 4:51 van de Algemene wet bestuursrecht. voor een activiteit waarvoor een periodieke subsidie is verstrekt als bedoeld in hoofdstuk 2 van de Algemene subsidieverordening provincie Fryslân 2006. voor een activiteit die naar het oordeel van gedeputeerde staten overwegend een politiek of commercieel karakter heeft. 3 Voor dezelfde activiteit wordt uitsluitend op basis van één paragraaf subsidie verstrekt. Artikel 3 Subsidiabele kosten Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 2 worden als projectkosten uitsluitend in aanmerking genomen de rechtstreeks aan de uitvoering van de activiteit toe te rekenen, na het indienen van de aanvraag door de subsidieontvanger gemaakte en betaalde kosten. Voor de vaststelling van de subsidiabele kosten wordt een post onvoorzien niet in aanmerking genomen. Niet bestede middelen kunnen worden teruggevorderd. Artikel 4 Adviescommissie Cultuur 1 Gedeputeerde staten stellen een adviescommissie Cultuur in. 2 De commissie heeft tot taak gedeputeerde staten desgevraagd te adviseren over het verstrekken van subsidies op grond van deze uitvoeringsregeling. 3 Bij de benoeming van de leden van de commissie wordt rekening gehouden met de thema’s waar deze regeling betrekking op heeft. 4 Gedeputeerde staten stellen voor de commissie een reglement vast. 5 Indien toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in het tweede lid beslissen gedeputeerde staten binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag, tenzij anders is bepaald. Artikel 5 Niet doelgerichte verplichting Gedeputeerde staten kunnen bij de subsidieverlening de verplichting opleggen dat de subsidieontvanger, op een door gedeputeerde staten te bepalen wijze, te kennen geeft dat de activiteit (mede) tot stand is gekomen met subsidie van de provincie Fryslân. Hoofdstuk 2 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen Paragraaf 2.1.1 Professionele producties podiumkunsten Artikel 6 Subsidiabele activiteit 1 Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor het geheel van voorbereidende werkzaamheden voor het tot stand brengen van professionele producties op het gebied van podiumkunsten, teneinde te bevorderen dat er een gedifferentieerd aanbod in Fryslân tot stand komt, de opdracht tot het maken van een professionele compositie daaronder begrepen. 2 Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor producties waarvan de uitvoering overwegend in de provincie Fryslân is voorzien. Artikel 7 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag voor een uitvoering in de eerste helft van een kalenderjaar moet uiterlijk 1 april, voorafgaande aan dat jaar, zijn ingediend. Een aanvraag voor een uitvoering in de tweede helft van een kalenderjaar moet uiterlijk 1 september, voorafgaande aan dat jaar, zijn ingediend. 2 Gedeputeerde staten stellen de aanvragen voor advies in handen van de commissie en beslissen, onverminderd het bepaalde in artikel 8, vijfde lid, op basis van rangschikking als volgt: uiterlijk 1 juli op aanvragen die zijn ingediend ten behoeve van uitvoeringen in eerste helft van het kalenderjaar; uiterlijk 1 december op aanvragen die zijn ingediend ten behoeve van uitvoeringen in de tweede helft van het kalenderjaar. Artikel 8 Toetsingscriteria 2 De commissie rangschikt de aanvragen waarover zij positief adviseert zodanig dat een aanvraag hoger gerangschikt wordt naarmate die meer voldoet aan de in het eerste lid genoemde criteria. Ten behoeve van de rangschikking wegen de in het eerste lid genoemde criteria even zwaar. 3 Bij gelijke geschiktheid genieten eerst Friestalige uitvoeringen en daarna uitvoeringen die in Fryslân worden gemaakt de voorkeur. 4 Gedeputeerde staten verdelen het beschikbare bedrag in de volgorde van de rangschikking. Gedeputeerde staten kunnen gemotiveerd van het advies van de commissie afwijken. 5 In afwijking van het bepaalde in het tweede, derde en vierde lid, blijft een rangschikking achterwege indien het bedrag van de te verlenen subsidies van de voor subsidieverlening in aanmerking komende aanvragen lager is dan het subsidieplafond. In dat geval adviseert de commissie gedeputeerde staten over de vraag of de aanvragen in voldoende mate voldoen aan de in het eerste lid genoemde criteria. Artikel 9 Subsidiabele kosten 1 Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de naar het oordeel van gedeputeerde staten in redelijkheid te maken kosten van voorbereiding voordat een productie gereed is om uitgevoerd te kunnen worden. Niet subsidiabel zijn de uitvoeringskosten en de exploitatie- en investeringskosten van de producent. 2 Voor niet-Friestalige producties bedraagt de subsidie ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 25.000,-. Voor Friestalige producties bedraagt de subsidie ten hoogste 75% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 25.000,-. Paragraaf 2.1.2 Theater en muziek Artikel 10 Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor het uitkopen van een voor het publiek toegankelijke uitvoering van podiumkunsten. Artikel 11 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan uitsluitend worden ingediend door uitkooporganisaties, waaronder worden begrepen culturele centra. 2 Uitkooporganisaties worden onderscheiden in categorie A en categorie B organisaties. Tot categorie A behoren uitkooporganisaties met een totale zaalcapaciteit waar geprogrammeerd wordt tot en met 375 plaatsen. Tot categorie B behoren de overige uitkooporganisaties. 3 Een aanvraag voor een uitvoering in de eerste helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar hieraan voorafgaand. Een aanvraag voor de tweede helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 mei van dat kalenderjaar. 4 Onverminderd het bepaalde in artikel 13 kan een aanvrager per helft van een kalenderjaar één aanvraag indienen. Een aanvraag kan betrekking hebben op meerdere uitvoeringen. 5 Gedeputeerde staten stellen voor iedere helft van een kalenderjaar een subsidieplafond vast. Per in het tweede lid genoemde categorie stellen gedeputeerde staten een deelplafond vast. 6 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 7 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. 8 Per kalenderjaar is een bedrag van € 12.000,- gereserveerd voor subsidieaanvragen door Tryater. Artikel 12 Toetsingscriteria Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag voldoen aan de volgende criteria: er is naar het oordeel van gedeputeerde staten sprake van een professionele opzet; de inkomsten uit entreegelden moeten volgens de begroting tenminste 25% van de uitkoopsom bedragen; de accommodatie moet naar het oordeel van gedeputeerde staten in voldoende mate geschikt zijn voor de betreffende uitvoering. Artikel 13 Subsidiabele kosten De subsidie bedraagt 30% van de uitkoopsom, met een maximum van € 4.000,- per kalenderjaar per uitkooporganisatie. Paragraaf 2.1.3 Koorbegeleiding Artikel 14 Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor: het incidenteel begeleiden van amateurkoren door een professioneel muziekensemble; een repetitie met het orkest, leidende tot een concert. Artikel 15 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 2 Een aanvraag voor een uitvoering of repetitie in de eerste helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar hieraan voorafgaand. Een aanvraag voor de tweede helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 mei van dat kalenderjaar. 3 Gedeputeerde staten stellen voor iedere helft van het kalenderjaar een subsidieplafond vast. 4 Subsidie wordt aangevraagd middels een door gedeputeerde staten vastgesteld aanvraagformulier. 5 Aan dezelfde aanvrager wordt per kalenderjaar ten hoogste eenmaal subsidie verstrekt. 6 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 7 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 16 Toetsingscriteria Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag voldoen aan de volgende criteria: bij een aanvraag als bedoeld in artikel 14 onder a moet het muziekensemble ten minste bestaan uit tien personen en voorts voor acht-tiende deel bestaan uit musici die musiceren en een erkende muziekopleiding hebben voltooid; de uitvoering moet binnen de provincie Fryslân plaatsvinden; de dirigent moet een erkende muziekopleiding hebben voltooid. Artikel 17 Subsidiabele kosten Voor begeleiding van het concert door een muziekensemble bedraagt de subsidie ten hoogste 30% van de werkelijke kosten, met een maximum van € 2.500,-. Voor een repetitie met het orkest bedraagt de subsidie ten hoogste de werkelijke kosten, met een maximum van € 500,-. Paragraaf 2.1.4 Friestalig toneel Artikel 18 Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor: het schrijven van oorspronkelijk Friestalig toneel door auteurs die beroepsmatig op dit gebied actief zijn; het vertalen van een toneelstuk in de Friese taal. Artikel 19 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan uitsluitend worden ingediend door potentiële opdrachtgevers van schrijfopdrachten voor toneelstukken. 2 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de in artikel 18 bedoelde activiteit plaatsvindt. 3 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 4 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 20 Toetsingscriteria 1 Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag voldoen aan de volgende criteria: de aanvrager moet aantonen dat het stuk wordt afgenomen door een toneelvereniging en zal worden uitgevoerd in de provincie Fryslân; het oorspronkelijk stuk moet aantoonbaar door een professionele auteur zijn geschreven of de vertaling moet aantoonbaar worden uitgevoerd door een professionele vertaler. 2 Per aanvrager worden per kalenderjaar maximaal 2 aanvragen in behandeling genomen. Artikel 21 Subsidiabele kosten Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de naar het oordeel van gedeputeerde staten in redelijkheid te maken kosten voor het schrijven van oorspronkelijk Friestalig toneel met een maximum van € 2000,- en voor het vertalen van een toneelstuk in het Fries met een maximum van € 1500,-. Paragraaf 2.1.5 Iepenloftspullen Artikel 21a Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor de productie van een Iepenloftspul: een regelmatig terugkerende (muziek)theaterproductie die in de zomerperiode wordt georganiseerd en met medewerking vanuit de lokale gemeenschap tot stand komt. Artikel 21b Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan uitsluitend worden ingediend door het bestuur van een Iepenloftspul, dat is aangesloten bij Stichting Keunstwurk. Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de in artikel 21a bedoelde activiteit plaatsvindt. 2 Aan dezelfde aanvrager wordt per kalenderjaar ten hoogste eenmaal subsidie verstrekt. 3 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 4 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 21c Toetsingscriteria Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag naar het oordeel van gedeputeerde staten voldoen aan de volgende criteria: de uitvoerenden zijn niet-professionele cultuurmakers en er vindt coaching en begeleiding plaats door professionals. Artikel 21d Subsidiabele kosten 1 De subsidie bedraagt ten hoogste € 5.000,-. 2 Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen: de kosten voor het gebruik van de locatie; voorbereidingskosten; rechtstreekse productiekosten en de kosten voor kennisoverdracht zoals bedoeld in artikel 21e. Artikel 21e Verplichtingen Gedeputeerde staten kunnen bij de subsidieverlening de verplichting opleggen dat de subsidieontvanger zorg draagt voor kennisoverdracht op het gebied van regie, spel, dramaturgie of vormgeving. Titel 2 .2 Thema Culturele evenementen Gereserveerd Paragraaf 2.3.1 Mediaproducties Artikel 22 Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor het vervaardigen van een professionele mediaproductie die uitgaat van een dramaproductie in de Friese taal. Artikel 23 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de in artikel 22 bedoelde activiteit plaatsvindt, uitsluitend door een non-profitorganisatie. 2 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 3 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 24 Toetsingscriteria Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag voldoen aan de volgende criteria: de professionaliteit van de aanvrager moet voldoende blijken uit een professionele opleiding op het gebied van mediaproducties dan wel uit eerdere producties; de productie moet zijn gericht op de provincie Fryslân; de Friese taal dient in de productie een belangrijke rol te spelen; het totale tekort waarover, na aftrek van de overige inkomsten, een bijdrage wordt gevraagd mag niet meer bedragen dan € 25.000,-. Artikel 25 Subsidiabele kosten Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de werkelijke kosten voor het realiseren van de mediaproductie en de kosten voor publiciteit, met een maximum van € 10.000,-. Artikel 26 Verplichtingen Aan de subsidieverlening worden in elk geval de volgende verplichtingen verbonden: de mediaproductie is voor roulatie in de provincie Fryslân beschikbaar; van de mediaproductie wordt één exemplaar om niet beschikbaar gesteld aan het Fries Filmarchief; in de aftiteling moet worden vermeld dat de mediaproductie mede tot stand is gekomen met subsidie van de provincie Fryslân. Paragraaf 2.4.1 Uitgeven van Friestalige literatuur Artikel 27 Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor het uitgeven van: een papieren literair boek in de Friese taal; een digitaal literair boek in de Friese taal; een auditief literair boek in de Friese taal. Artikel 28 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag voor een uitgave in de eerste helft van een kalenderjaar kan vanaf 1 november van het jaar hieraan voorafgaand worden ingediend. Een aanvraag voor een uitgave in de tweede helft van een kalenderjaar kan vanaf 1 mei van dat kalenderjaar worden ingediend. 2 Gedeputeerde staten stellen voor iedere helft van het kalenderjaar een subsidieplafond vast. 3 Een aanvraag kan worden ingediend door een uitgever die bij een brancheorganisatie is aangesloten en die zich houdt aan het modelcontract van de Groep Algemene Uitgevers en de Vereniging van Letterkundigen of een modelcontract dat hierop is gebaseerd. 4 Een aanvraag kan eveneens worden ingediend door een rechtspersoon die een of meerdere boeken uitgeeft, uitsluitend in de streektalen Bildts of Stellingwerfs. 5 Subsidie wordt aangevraagd middels een door gedeputeerde staten vastgesteld aanvraagformulier. 6 Een aanvrager kan subsidie aanvragen voor maximaal 6 verschillende boektitels per halfjaarlijkse aanvraagperiode zoals bedoeld in het eerste lid 7 Gedeputeerde Staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 8 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 29 Toetsingscriteria Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag voldoen aan de volgende criteria: een boektitel waarvoor subsidie wordt aangevraagd mag nog niet eerder in de aangevraagde vorm zijn uitgegeven; voor uitgave van een boektitel als bedoeld in artikel 27, onderdeel a geldt als minimum oplage voor: fictie en non-fictie boeken: 500 exemplaren; verhalenbundels, kinder- en jeugdboeken: 500 exemplaren; gedichtenbundels: 250 exemplaren. Artikel 30 Subsidiabele kosten 1 De subsidie bedraagt een door gedeputeerde staten vast te stellen basisbedrag en een bedrag per letterteken, zoals vermeld op het aanvraagformulier als bedoeld in artikel 28 lid 5, met een maximum van € 2.000,- per boektitel. Illustraties worden omgerekend in lettertekens, waarbij onderscheid wordt gemaakt in zwart-wit en kleuren respectievelijk originele en niet-originele illustraties. 2 Geen subsidie wordt verstrekt voor non-fictieboeken, tenzij een aanvrager subsidie aanvraagt voor 6 boeken, dan mag maximaal één titel non-fictie zijn. 3 De hoogte van de subsidie kan worden aangepast om te voldoen aan Europeesrechtelijke bepalingen voor staatssteun. Artikel 31 Verplichtingen 1 Aan de subsidieverlening wordt in elk geval de verplichting verbonden dat de subsidieontvanger: bij de aanvraag tot vaststelling van de subsidie één exemplaar van het boektitel overlegt en opgave doet van de werkelijke productiekosten van het boek en het aantal daarin gebruikte letters en lettertekens; na twee jaren na de uitgave van het boek aan gedeputeerde staten opgave doet van het aantal verkochte exemplaren. 2 Aan subsidieverlening voor een boektitel als bedoeld in artikel 27, onderdelen a en c wordt de aanvullende verplichting verbonden dat het boek binnen een jaar na de datum van de subsidieverlening in de handel is gebracht en het boek te verkrijgen is bij boekhandels die zijn aangesloten bij de Koninklijke Boekverkopersbond. 3 Aan subsidieverlening voor een boektitel als bedoeld in artikel 27, onderdeel b wordt de aanvullende verplichting verbonden dat de boektitel op een algemeen toegankelijke plaats op internet verkrijgbaar is. Paragraaf 2.4.2 Activiteiten Friese literatuur Artikel 32 Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor: het organiseren van literaire manifestaties, studiedagen en projecten ter promotie van het Friese boek; begeleiding van debutanten bij het schrijven van Friestalige manuscripten. Artikel 33 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag voor een activiteit zoals bedoeld in artikel 32 die plaatsvindt in de eerste helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar hieraan voorafgaand. Een aanvraag voor de tweede helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 mei van dat kalenderjaar. 2 Gedeputeerde staten stellen voor iedere helft van het kalenderjaar een subsidieplafond vast. 3 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 4 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 34 Toetsingscriteria 1 Om voor subsidie in aanmerking te komen moet de activiteit naar het oordeel van gedeputeerde staten professioneel van opzet zijn. 2 Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag als bedoeld in artikel 32 onder b., onverminderd het bepaalde in het eerste lid, voldoen aan de volgende criteria: de begeleiding komt ten goede van een debutant, de begeleiding leidt van een concept tot een volwaardig manuscript en er is aantoonbaar uitzicht op publicatie van het manuscript. 3 Onverminderd het bepaalde in het eerste lid geldt voor schoolvoorstellingen dat deze moeten zijn opgenomen in een schoolwerkplan. Artikel 35 Subsidiabele kosten 1 Voor een activiteit als bedoeld in artikel 32 onder a worden als subsidiabele kosten in aanmerking genomen de naar het oordeel van gedeputeerde staten in redelijkheid te maken kosten voor het organiseren van de activiteit, reis- en verblijfkosten daaronder niet begrepen. De subsidie bedraagt ten hoogste 75% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 2.250,-. 2 Voor een activiteit als bedoeld in artikel 32 onder b worden als subsidiabele kosten in aanmerking genomen de naar het oordeel van gedeputeerde staten in redelijkheid te maken kosten voor het uitvoeren van de activiteit. Niet subsidiabel zijn de kosten die verband houden met de voorbereiding van de activiteit en de overheadkosten van de subsidieontvanger. De subsidie bedraagt ten hoogste 75% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 750,-. Paragraaf 2.4.3 Vertalingen Artikel 36 Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor het vertalen van Friestalige literatuur. Het bepaalde in artikel 1 onder e is niet van toepassing. Artikel 37 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de in artikel 36 bedoelde activiteit plaatsvindt door potentiële opdrachtgevers van vertaalopdrachten. 2 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 3 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 38 Toetsingscriteria Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag voldoen aan de volgende criteria: de brontekst dient in het Fries te zijn gesteld; bij de aanvraag moet worden aangetoond dat het werk wordt gepubliceerd; de vertaling moet worden uitgevoerd door een vertaler die is aangesloten bij het Nederlands Genootschap van Vertalers Artikel 39 Subsidiabele kosten Het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden vastgesteld bedraagt 50% van de naar het oordeel van gedeputeerde staten in redelijkheid te maken kosten voor het vertalen, met een maximum van € 2.000,-. Paragraaf 2.5.1 Bevorderen Fries taalgebruik Artikel 40 Subsidiabele activiteiten Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor activiteiten: die de zichtbaarheid en het gebruik van de Friese taal in de Friese samenleving aantoonbaar vergroten; die betrekking hebben op toepassing van de Friese taal en de implementatie van een taalmodule op een bestaande of nieuwe website; die betrekking hebben op toepassing van de Friese taal in de ontwikkeling van oorspronkelijk Friestalige games, met een typisch Fries onderwerp. Artikel 41 Aanvraagperiode, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan worden ingediend door een onderneming, een stichting of een instelling met minder dan 250 werknemers of door een Friese gemeente. 2 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de in artikel 40 bedoelde activiteit plaatsvindt Aan dezelfde aanvrager wordt per kalenderjaar ten hoogste eenmaal subsidie verstrekt. 3 Bij de aanvraag wordt een begroting van de door aanvrager te maken kosten van de activiteit overgelegd met een specificatie van de kosten voor toepassing van de Friese taal. 4 Subsidie wordt aangevraagd middels een door gedeputeerde staten vastgesteld aanvraagformulier. 5 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 6 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 42 Toetsingscriteria 1 Om voor subsidie in aanmerking te komen dient een aanvraag naar het oordeel van gedeputeerde staten in voldoende mate te voldoen aan de volgende criteria: De activiteit dient: bij te dragen aan de doelstellingen van het beleidsplan ‘Frysk in Fryslân: taal tusken minsken’; gericht te zijn op een lange termijn effect van tenminste drie jaar en gericht te zijn op voor publiek toegankelijke ruimten, diensten en/of informatie. 2 Voor dezelfde activiteit wordt in het kader van deze paragraaf slechts éénmaal subsidie verstrekt. 3 Een aanvraag door of vanwege een Friese gemeente dient te passen in het door die gemeente vastgesteld taalbeleid. Artikel 43 Hoogte van de subsidie en subsidiabele kosten 1 Voor een activiteit als bedoeld in artikel 40 onderdeel a worden als subsidiabele kosten in aanmerking genomen de werkelijke en door gedeputeerde staten als redelijk beoordeelde kosten om een activiteit uit te voeren. De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 3.500,-. 2Voor een activiteit als bedoeld in artikel 40 onderdeel b worden als subsidiabele kosten in aanmerking genomen de werkelijke en door gedeputeerde staten als redelijk beoordeelde kosten voor toepassing van de Friese taal en de implementatie van een taalmodule. De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 2.500,-, waarvan maximaal € 500,- subsidie wordt verleend voor de implementatie van een taalmodule; 3 Voor een activiteit als bedoeld in artikel 40 onderdeel c worden als subsidiabele kosten in aanmerking genomen de werkelijke en door gedeputeerde staten als redelijk beoordeelde kosten voor de ontwikkeling. De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 20.000,-. 4 De hoogte van de subsidie kan worden aangepast om te voldoen aan Europeesrechtelijke bepalingen voor staatssteun. Artikel 43a Aan de subsidieverlening wordt in elk geval de verplichting verbonden dat de subsidieontvanger de activiteit uitvoert binnen 6 maanden na de subsidieverlening Paragraaf 2.5.2 Artikel 44 vervallen Artikel 45 vervallen Artikel 46 vervallen Artikel 47 vervallen Paragraaf 2.6.1 Culturele activiteiten Artikel 48 Subsidiabele activiteit 1 Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor: het organiseren van culturele manifestaties en projecten; het samenstellen van catalogi en tentoonstellingen; het uitgeven van niet Friestalige boeken; het uitgeven van kranten en muziekdragers of ontmoetingen, culturele activiteiten en studiedagen die worden georganiseerd tussen Friestaligen en buitenlandse minderheidstaalgroepen. Het bepaalde in artikel 1 onder e is niet van toepassing. 2 Geen subsidie wordt verstrekt voor activiteiten die naar het oordeel van gedeputeerde staten geacht worden te behoren tot de reguliere taak van de aanvrager. Artikel 49 Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag voor een activiteit zoals bedoeld in artikel 48 die plaatsvindt in de eerste helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar hieraan voorafgaand. Een aanvraag voor de tweede helft van het kalenderjaar kan worden ingediend vanaf 1 mei van dat kalenderjaar. 2 Gedeputeerde staten stellen voor iedere helft van het kalenderjaar een subsidieplafond vast. 3 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 4 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 50 Toetsingscriteria 1 Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag als bedoeld in artikel 48, eerste lid onder a tot en met d voldoen aan de volgende criteria: de activiteit moet worden uitgevoerd in de provincie Fryslân; de activiteit moet naar het oordeel van gedeputeerde staten een bovenlokale uitstraling hebben. 2 Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag als bedoeld in artikel 48, eerste lid onder e voldoen aan de volgende criteria: de activiteit moet zijn gericht op een duurzame uitwisseling; de activiteit moet naar het oordeel van gedeputeerde staten bijdragen aan de versterking van de Friese taal. Artikel 51 Subsidiabele kosten 1 Het bedrag waarop de subsidie ten behoeve van activiteiten als bedoeld in artikel 48, eerste lid onder a tot en met d ten hoogste kan worden vastgesteld bedraagt de naar het oordeel van gedeputeerde staten in redelijkheid te maken kosten voor de organisatie van activiteiten met een maximum van € 750,- Niet subsidiabel zijn de exploitatiekosten. 2 Het bedrag waarop de subsidie ten behoeve van activiteiten als bedoeld in artikel 48, eerste lid onder e ten hoogste kan worden vastgesteld bedraagt de naar het oordeel van gedeputeerde staten in redelijkheid te maken kosten die worden gemaakt: voor de organisatie van internationale contacten op het gebied van de tweetaligheid in Fryslân, met een maximum van € 2.250-; door vertegenwoordigers van organisaties in Fryslân die in het kader van internationale uitwisseling naar minderheidstaalgebieden in het buitenland gaan met een maximum van € 750,-. Niet subsidiabel zijn reis- en verblijfkosten van deelnemers aan internationale uitwisselingen. Paragraaf 2.6.2 Cultuurparticipatie Artikel 51a Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor: amateurkunst: actieve beoefening van kunst zonder daarmee in het levensonderhoud te voorzien. cultuureducatie: leren over cultuur door actieve of passieve cultuurdeelname volkscultuur: cultuuruitingen die verwijzen naar traditie, verleden of regionale identiteit,voor zover deze activiteiten zijn gericht op de stimulering van deelname aan het culturele leven in Fryslân, ter ontwikkeling van het cultureel bewustzijn. Artikel 51b Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan worden ingediend vanaf 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de in artikel 51a bedoelde activiteit plaatsvindt. Aan dezelfde aanvrager wordt per kalenderjaar ten hoogste eenmaal subsidie verstrekt. 2 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat wanneer de aanvrager met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvulling is ontvangen, met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst geldt. 3 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. 4 Per kalenderjaar is een bedrag van € 300.000,- gereserveerd voor de regioprofielen. Artikel 51c Beoordeling en toetsingscriteria 1 Om voor subsidie in aanmerking te komen moet een aanvraag ten minste voldoende aan één van de volgende criteria: de activiteit moet zich richten op het aanspreken van een publiek dat nog weinig door culturele uitingen is bereikt of de activiteit realiseert vernieuwing in het aanbod en maakt gebruik van nieuwe samenwerkingsverbanden en technieken op provinciale schaal. 2 Gedeputeerde staten kunnen aanvragen voor advies voorleggen aan de commissie. Artikel 51d Subsidiabele kosten Op de hoogte van de subsidie en de bepaling van de subsidiabele kosten is het Programma Fonds Cultuurparticipatie 2009-2012 van toepassing. Paragraaf 2.6.3 Brûsplakken Artikel 51e Handleiding Brûsplakken Op subsidieverstrekking op grond van deze paragraaf is de Handleiding Brûsplakken (hierna: Handleiding) van toepassing. Artikel 51f Subsidiabele activiteit Gedeputeerde staten kunnen op aanvraag subsidie verstrekken voor Brûsplakken: fysieke of virtuele plekken waar door uitwisseling tussen makers en denkers uit verschillende disciplines het artistieke debat wordt aangewakkerd, vernieuwende initiatieven worden ontwikkeld of nieuwe producten en uitingen ontstaan. Artikel 51g Aanvraag, verdeelsystematiek en beslissing 1 Een aanvraag kan het gehele jaar worden ingediend, overeenkomstig de aanvraagprocedure in de Handleiding. 2 Gedeputeerde staten stellen de aanvragen voor advies in handen van de commissie. 3 Gedeputeerde staten beslissen op volgorde van binnenkomst. 4 Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van de aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 51h Pitching 1 De aanvrager wordt door gedeputeerde staten uitgenodigd de aanvraag ten overstaan van de commissie te presenteren door middel van een pitch: een vormvrije presentatie met een afgebakende tijdsduur, die de inhoud van een plan of product op wervende en overtuigende wijze overbrengt. 2 De commissie adviseert gedeputeerde staten schriftelijk over de mate waarin de aanvragen voldoen aan criteria als bedoeld in artikel 51i. Artikel 51i Toetsingscriteria 1 Om voor subsidie in aanmerking te komen, moet een aanvraag voldoen aan de volgende drie criteria: de activiteit betreft een vernieuwend initiatief, de activiteit werkt productieklimaat versterkend doordat deze de artistieke ontwikkeling bevordert en nieuwe ideeën of producties teweeg brengt, en de activiteit bevat een cross-over naar een andere sector, zodat deze zichtbaar bijdraagt aan (een) nieuwe verbinding(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.