Verordening jeugdhulp gemeente Best 2025De raad van de gemeente Best, gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; gelet op de artikelen 2.9, 2.10, 2.11 en 8.1.1. derde lid van de Jeugdwet; overwegende dat: de Jeugdwet de verantwoordelijkheid voor het organiseren van goede en toegankelijke jeugdhulp bij de gemeente heeft neergelegd; het uitgangspunt is dat de verantwoordelijkheid voor het gezond en veilig opgroeien van jeugdigen allereerst bij de ouders en de jeugdige zelf ligt; het noodzakelijk is om regels vast te stellen over: de door de gemeente te verlenen individuele voorzieningen en algemene voorzieningen; de voorwaarden voor toekenning, de wijze van beoordeling van de hulpvraag en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening; de wijze waarop de toegang tot en de toekenning van een individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen; de wijze waarop de hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld; de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van een individuele voorziening of een persoonsgebonden budget, alsmede misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet; de waarborging van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van jeugdhulp of de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan; onder welke voorwaarden met een persoonsgebonden budget een persoon uit het sociale netwerk kan worden ingekocht, besluit: vast te stellen de "Verordening jeugdhulp gemeente Best 2025" Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen 1.In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: algemene voorziening: jeugdhulpvoorziening op grond van de Jeugdwet die vrij toegankelijk is zonder voorafgaand diepgaand onderzoek naar de behoeften en persoonskenmerken van de jeugdige en/of zijn gezinssysteem; andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de Jeugdwet, op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning of werk en inkomen; budgethouder: de persoon die een persoonsgebonden budget krijgt en zorg ontvangt op grond van de Jeugdwet; Gl: Gecertificeerde Instelling; gezinshuisouder: een professional die in zijn of haar eigen huis professionele zorg en begeleiding biedt aan jeugdigen die tijdelijk of langdurig niet bij hun ouders kunnen wonen; gemeente: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Best; gezinssysteem: een leefverband van één of meer volwassenen die verantwoordelijkheid dragen voor de verzorging en opvoeding van één of meer jeugdigen. Hieronder vallen bijvoorbeeld: een traditioneel gezin, een éénoudergezin, samengesteld gezin, een pleeggezin en/of een adoptiegezin; GGZ: Geestelijke Gezondheidszorg die zich richt op het voorkomen en behandelen van psychische aandoeningen; hulpvraag: behoefte van een jeugdige en/of de ouder aan jeugdhulp in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en/of stoornissen; individuele voorziening: op de jeugdige en zijn ouder toegesneden voorziening die door de gemeente in natura of in de vorm van een persoonsgebonden budget wordt verstrekt; onderzoeksrapportage: het schriftelijk resultaat van een onderzoek met uitkomsten waarin de ondersteuningsbehoefte van de jeugdige en/of ouder is vastgelegd, samen met de doelen (beoogde resultaten) en hoe deze te bereiken; ouder: gezaghebbende ouder, adoptiefouder, stiefouder of een ander die een jeugdige als behorend tot zijn gezin verzorgt en opvoedt, niet zijnde een pleegouder; pgb: het persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 8.1.1 van de Jeugdwet, zijnde een door de gemeente verstrekt budget aan een jeugdige of ouder waarmee zij de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort bij derden kunnen inkopen; pgb plan: een door de jeugdige en/of de ouder opgesteld plan waarin uitgelegd wordt op welke wijze het persoonsgebonden budget besteed wordt; sociaal netwerk: een familielid, huisgenoot, (voormalig) echtgenoot of andere personen met wie de jeugdige of het gezinssysteem een sociale relatie onderhoudt; wet: Jeugdwet. 2.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet, het Besluit Jeugdwet en de Algemene wet bestuursrecht. Hoofdstuk2Algemene voorzieningen Artikel2Toegang algemene voorziening Een algemene voorziening is vrij toegankelijk zonder diepgaand voorafgaand onderzoek naar de behoeften en persoonskenmerken van de jeugdige en/of zijn gezinssysteem. Artikel3Beschikbare algemene voorzieningen 1.De volgende algemene voorzieningen zijn beschikbaar: activiteiten zoals training, cursus, themabijeenkomst; ambulante begeleiding van de jeugdige en/of het gezinssysteem; organisaties die een korte periode ondersteuning geven in of gericht op de jeugdige en/of het gezinssysteem; cliëntondersteuning; gezins- en jongeren coaching; informatie- en opvoedadvies: organisaties die informatie en adviezen geven over het opvoeden en opgroeien van jeugdigen; jongerenwerk; praktijkondersteuning Huisarts — Jeugd (POH-Jeugd) ; Preventieve in zet van Ondersteuningsteam Best d.m.v. informatie en advies en trainingen gericht op persoonlijke ontwikkeling. 2.De gemeente kan in beleidsregels de in het eerste lid genoemde algemene voorzieningen nader uitwerken. Hoofdstuk3Individuele voorzieningen Artikel4Beschikbare individuele voorzieningen 1.De volgende individuele voorzieningen zijn beschikbaar: Hoog specialistisch Individueel Specialistisch Regionaal in de vorm van Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (middel); Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (zwaar); Jeugdhulp ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (middel); Jeugdhulp ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (zwaar); Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (middel); Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (zwaar); Multi Systeem Therapie; Regionale gezinstherapie (RTG); Intensieve ambulante gezinsbehandeling (IAG); Intensieve ambulante gezinsbehandeling GGZ (IAG GGZ); FACT; Hoog specialistisch Dagbehandeling in de vorm van: Dagbehandeling Jeugd groep opgroei- en opvoedproblematiek; Dagbehandeling Jeugd groep (L)VB; Dagbehandeling groep Jeugd GGZ; Specialistisch Individueel Specialistisch Lokaal: Vaktherapie; Diagnostiek; Controle psychofarmaca; Diagnostiek en behandeling van ernstige enkelvoudige dyslexie (ED); Jeugdhulp ambulant regulier GGZ; Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (licht); Begeleiding: Zelfstandig leven Jeugd — Individueel licht; Zelfstandig leven Jeugd — Individueel; Zelfstandig leven Jeugd - Persoonlijke verzorging; Zelfstandig leven Jeugd — groepsbegeleiding; Zelfstandig leven Jeugd — dagbesteding; Specialistische naschoolse opvang 4-13 jaar (BSO+); Logeren: Logeren; Respijtzorg; Verblijf Pleegzorg: Pleegzorg; Gezinshuizen: Gezinshuis; Begeleiding naar zelfstandig wonen; Jeugdhulp Verblijf (middel); Jeugdhulp Verblijf (middelzwaar); Jeugdhulp Verblijf (zwaar); Jeugdhulp Verblijf (extra zwaar); Crisishulp Ambulante spoedhulp Ambulante spoedhulp Jeugd; Ambulante spoedhulp Jeugd (GGZ) Crisis verblijf Spoedhulp Verblijf Jeugd; Spoedhulp verblijf Jeugd GGZ; Pleegzorg crisis Jeugd; Gezinshuis crisis Jeugd;. Vervoer 2.De gemeente kan in beleidsregels de individuele voorziening nader uitwerken. Artikel5Hoog specialistisch Individueel Specialistisch Regionaal 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Hoog specialistisch Individueel Specialistisch Regionaal beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (middel); Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (zwaar); Jeugdhulp ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (middel); Jeugdhulp ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (zwaar); Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (middel); Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (zwaar); Multi Systeem Therapie; Regionale gezinstherapie (RTG); Intensieve ambulante gezinsbehandeling (IAG); Intensieve ambulante gezinsbehandeling GGZ (IAG GGZ); FACT; 2.Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (middel): voor de jeugdige (0-18 jaar) indien er sprake is van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van psychische en/of psychiatrische problematiek of stoornis in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoedstress. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen kind en ouders staat onder druk en/of is grotendeels verstoord. De doelen van jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (middel) zijn: gericht op herstel; het teweegbrengen van gedragsverandering; het organiseren van perspectief; het versterken opvoedvaardigheden van het systeem en netwerk; het leren omgaan met gedrag van het kind en hierop toezicht houden; het organiseren van terugvalpreventie. 3.Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (zwaar): voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie er sprake is van een aaneenschakeling van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van psychiatrische problematiek of stoornis in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoednood. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en ouders is verstoord. De jeugdige en het netwerk heeft weinig vertrouwen in de hulpverlening en/of is beperkt leerbaar. Er is een hoog risico op crisis. De intensieve behandeling is altijd multidisciplinair ingebed en systeemgericht. De doelen van jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (zwaar) zijn: in geval van crisis gericht op stabiliseren crisis en verergering voorkomen; gericht op herstel; het teweegbrengen gedragsverandering; het organiseren van perspectief; het versterken opvoedvaardigheden van het netwerk en systeem; het leren omgaan met gedrag van het kind en hierop toezicht houden; het sturing geven en organiseren van terugvalpreventie. 4.Jeugdhulp ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (middel): voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie sprake is van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van gedragsproblematiek in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoedstress. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en ouders staat onder druk en/of is grotendeels verstoord. De intensieve behandeling is altijd multidisciplinair ingebed en systeemgericht. De doelen van Jeugdhulp ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (middel) zijn: gericht op herstel; het teweegbrengen van gedragsverandering; het organiseren van perspectief; het versterken opvoedvaardigheden van het systeem en netwerk het leren omgaan met gedrag van het kind en hierop toezicht houden; het organiseren van terugvalpreventie. 5.Jeugdhulp ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (zwaar): voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie sprake is van een aaneenschakeling van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van gedragsproblematiek in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoednood. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en ouders is verstoord. De jeugdige en het netwerk heeft weinig vertrouwen in de hulpverlening en/of is beperkt leerbaar. Er is een hoog risico op crisis. De behandeling is zeer intensief, altijd multidisciplinair ingebed en systeemgericht. De doelen van ambulant specialistisch opgroei- en opvoedproblematiek (zwaar) zijn: in geval van crisis gericht op stabiliseren crisis en verergering voorkomen; gericht op herstel; het teweegbrengen gedragsverandering; het organiseren van perspectief; het versterken opvoedvaardigheden van het netwerk en systeem; het leren omgaan met gedrag van het kind en hierop toezicht houden; het sturing geven en organiseren van terugvalpreventie. 6.Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (middel): voor een jeugdige (0-18 jaar) bij wie sprake is van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van een ontwikkelingsachterstand, en/of een beperking in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoedstress. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en ouders staat onder druk en/of is grotendeels verstoord. De jeugdige is beperkt leerbaar. De intensieve behandeling is altijd multidisciplinair ingebed en systeemgericht. De doelen van Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (middel) zijn: gericht op herstel; het teweegbrengen van gedragsverandering; het voorkomen van verergering; het organiseren van perspectief; het versterken opvoedvaardigheden van het systeem en netwerk; het leren omgaan met gedrag van het kind en hierop toezicht houden; het sturing geven en organiseren van terugvalpreventje. 7.Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (zwaar): voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie sprake is van een aaneenschakeling van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van een ontwikkelingsachterstand en/of een beperking in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoednood. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en ouders is verstoord. De jeugdige en het netwerk heeft weinig vertrouwen in de hulpverlening en/of is beperkt leerbaar. Er is een hoog risico op crisis. De behandeling is zeer intensief, altijd multidisciplinair ingebed en systeemgericht. De doelen van Jeugdhulp ambulant specialistisch LVB (zwaar) zijn: in geval van crisis gericht op stabiliseren crisis en verergering voorkomen; gericht op herstel; het teweegbrengen van gedragsverandering; het organiseren van perspectief; het versterken opvoedvaardigheden van het netwerk en systeem; het leren omgaan met gedrag van het kind en hierop toezicht houden; het sturing geven en organiseren van terugvalpreventie. 8.Multi Systeem Therapie: voor de jeugdige (12-18 jaar) met de meest complexe gedragsproblemen. De jeugdige vertoont (ernstig) grensoverschrijdend en antisociaal gedrag. Denk aan: agressiviteit, spijbelen, het plegen van delicten, druggebruik, liegen, bedriegen en weglopen. De problemen doen zich voor op meerdere levensgebieden (gezin, school, vrienden, buurt). Hierdoor dreigt een uithuisplaatsing. De doelen van Multi Systeem Therapie zijn: het bieden van intensieve gezinsgerichte behandeling volgens een vast protocol ter voorkoming van uithuisplaatsing bij ernstige gedragsproblematiek van jeugdigen; het terugdringen van de ernstige gedragsproblemen waarmee de jeugdige is aangemeld; zorgen dat het gezin en zijn omgeving in staat zijn eventuele toekomstige problemen zelfstandig het hoofd te bieden. 9.Regionale gezinstherapie (RGT): voor de jeugdige (12-18 jaar) met ernstig externaliserend probleemgedrag. Het betreft jeugdigen met oppositioneel-opstandig en agressief gedrag (ODD, normoverschrijdende gedragsstoornis, periodiek explosieve stoornis), al dan niet gecombineerd met hyperactiviteit (ADHD). Er is regelmatig sprake van ongewenst gedrag dat door de omgeving als storend wordt ervaren. Te denken valt aan driftbuien, openlijk agressief gedrag (pesten, vechten en niet doen wat autoriteiten van je vragen) en heimelijk agressief gedrag (stelen, liegen en vernielen). Er kan ook sprake zijn van delinquent gedrag en politiecontacten. Verder zijn er gezinsproblemen (problemen in communicatie, conflicthantering, probleem oplossen en opvoeding). Er zijn problemen op het gebied van relaties met leeftijdsgenoten (negatieve beïnvloeding), school (spijbelen, slechte prestaties, conflict met leerkrachten), vaardigheden en agressie. De jeugdige woont thuis of keert terug naar huis. De doelen van Regionale gezinstherapie (RTG) zijn: het bieden van intensieve gezinsgerichte behandeling volgens een vast protocol ter voorkoming van uithuisplaatsing bij ernstige gedragsproblematiek van jongeren; het motiveren voor behandeling; het aanleren van relevante vaardigheden om de gezinsinteracties te verbeteren; het toepassen van de vaardigheden buiten het gezin en terugvalpreventie. 10.Intensieve ambulante gezinsbehandeling (IAG): voor de jeugdige (0-23 jaar) en gezinnen waarbij de jeugdige ernstig externaliserend probleemgedrag vertoond. Het betreft jeugdigen met oppositioneel-opstandig en agressief gedrag (ODD, normoverschrijdende gedragsstoornis, periodiek explosieve stoornis), al dan niet gecombineerd met hyperactiviteit (ADHD). Er is regelmatig sprake van ongewenst gedrag dat door de omgeving als storend wordt ervaren. Te denken valt aan driftbuien, openlijk agressief gedrag (pesten, vechten en niet doen wat autoriteiten van je vragen) en heimelijk agressief gedrag (stelen, liegen en vernieling). Er kan ook sprake zijn van delinquent gedrag en politiecontacten. Verder zijn er gezinsproblemen (problemen in communicatie, conflicthantering, probleem oplossen en opvoeding). Er zijn problemen op het gebied van relaties met leeftijdsgenoten (negatieve beïnvloeding), school (spijbelen, slechte prestaties, conflict met leerkrachten), vaardigheden en agressie. De doelen van Intensieve ambulante gezinsbehandeling (IAG) zijn: dat de jeugdige in het gezin blijft wonen of kan terugkeren naar huis; het verminderen van gedragsproblemen van de jeugdige; het vergroten van de opvoedvaardigheden van ouders; het meer betrekken van het sociaal netwerk bij het gezin. 11.Intensieve ambulante gezinsbehandeling GGZ (IAG GGZ): voor gezinnen met minimaal één jeugdige tot 18 jaar (verstandelijke beperking 23 jaar) die kampen met meervoudige en complexe problemen op verschillenden terreinen, en die (mogelijk) moeilijk toegankelijk zijn voor hulpverleners. Er is sprake van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van gedragsproblematiek of een ontwikkelingsachterstand, en/of een beperking in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoedstress. De doelen van Intensieve ambulante gezinsbehandeling GGZ (IAG GGZ) zijn: dat de jeugdige in het gezin kan blijven wonen of kan terugkeren naar huis; het verminderen van gedragsproblemen van kinderen; het vergroten van de opvoedvaardigheden van ouders; het meer betrekken van het sociaal netwerk bij het gezin. 12.FACT: voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie sprake is van ernstige psychiatrische problematiek en/of een licht verstandelijke beperking, vaak in combinatie met opvoed- en opgroeiproblemen. De jeugdige en/of het gezin loopt om verschillende redenen vast in het leven. Bijvoorbeeld op het gebied van werk, relaties, financiën, verslaving, de opvoeding en gezondheid. Deze jeugdige vindt onvoldoende aansluiting bij de reguliere hulpverlening. De doelen van FACT zijn: het voorkoming van uithuisplaatsing bij ernstige problematiek; het vergroten van de zelfredzaamheid van de jeugdige en het gezinssysteem. Artikel6Hoog specialistisch Dagbehandeling 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Hoog specialistisch Dagbehandeling beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Dagbehandeling Jeugd groep opgroei- en opvoedproblematiek; Dagbehandeling Jeugd groep (L)VB; Dagbehandeling groep Jeugd GGZ; 2.Dagbehandeling Jeugd groep opgroei- en opvoedproblematiek: voor de jeugdige (0-18 jaar) met problemen in de ontwikkeling of een (dreigende) ontwikkelingsachterstand. Deze problemen zijn met name van opvoedkundige aard, maar het gaat ook om psychische en psychiatrische problemen. Bij de jeugdige zijn ernstige problemen ontstaan in de lichamelijke, sociale en/of psychische/psychiatrische ontwikkeling en opvoeding. Denk aan emotionele problemen, zoals driftbuien en stemmingswisselingen, veel ruzie maken en problemen op het gebied van de omgang met leeftijdsgenoten. Ook kan er sprake zijn van problemen op het gebied van de spraaktaal- of de zintuigelijke ontwikkeling. Vaak gaat het om een combinatie van problemen op meerdere leefgebieden. Er is nagenoeg altijd sprake van systeemproblematiek. Ouders hebben veel vragen over de opvoeding, de onderlinge relaties in het gezin en met de omgeving. Er is daarom vaak begeleiding bij de opvoeding nodig. De jeugdige kan zich niet verder ontwikkelen en niet deelnemen of toe zijn aan leeftijdsadequate activiteiten zoals onderwijs. Zij vallen uit in het 'normale' leven: kinderopvang, sport, school et cetera. De jeugdige heeft een dagbehandelingsprogramma nodig dat is gericht op de ontwikkeling. Alleen een ambulante behandeling is niet voldoende. De doelen van Dagbehandeling Jeugd groep opgroei- en opvoedproblematiek zijn: de ontwikkeling te bevorderen dan wel het proces van ontwikkelingsstagnatie te keren; werken aan voorbereiding op en/of terugkeer naar onderwijs (tenzij er voor de jeugdige een ontheffing van de leerplicht is of als de jeugdige al onderwijs volgt); toewerken naar de maximale ontwikkelingsmogelijkheden en verkenning naar het alternatief wanneer onderwijs geen mogelijkheid is. 3.Dagbehandeling Jeugd groep (L)VB: voor de jeugdige (0-18 jaar) met een forse stagnatie in de ontwikkeling dan wel (dreigende) ontwikkelingsachterstand en problemen door een (ernstige) verstandelijke en/of meervoudige beperking. Er kan sprake zijn van aanvullende problematiek zoals gedrags-, hechtings- of psychische/psychiatrische problematiek. Er zijn veelal forse problemen op het gebied van de communicatie. De jeugdige kan zich niet verder ontwikkelen en niet deelnemen of toe zijn aan leeftijdsadequate activiteiten zoals onderwijs. Zij vallen uit in het 'normale' leven: kinderopvang, sport, school et cetera. Zij ontwikkelen zich niet zoals verwacht. Deze jeugdigen hebben ontwikkelingsgerichte behandeling en begeleiding nodig om zich verder te ontwikkelen of het proces van stagnatie te keren. Een ambulante behandeling is hiervoor niet toereikend. De doelen van Dagbehandeling Jeugd groep (L)VB zijn: de ontwikkeling bevorderen dan wel het proces van ontwikkelingsstagnatie te keren; een school voorbereidend en/of school vervangend programma aanbieden voor zover passend; toewerken naar de maximale ontwikkelingsmogelijkheden en verkenning naar het alternatief wanneer onderwijs geen mogelijkheid is. 4.Dagbehandeling groep Jeugd GGZ: voor de jeugdige (0-18 jaar) met een autisme spectrum stoornis en bijkomende psychiatrische problematiek die is gestagneerd in onderwijs en op diverse andere levensgebieden (wonen, sociaal netwerk, tijdbesteding, gezondheid en financiën). De jeugdige heeft een dagbehandelingsprogramma nodig dat is gericht op ontwikkeling op de vijf levensgebieden (wonen, sociaal netwerk, dag invulling, gezondheid, psychisch/lichamelijk/seksueel/fjnancieel) en waar mogelijk voorbereid op een terugkeer naar het onderwijs. Ambulante behandeling is ontoereikend, samenwerking met ambulante begeleiders/behandelaars is noodzakelijk om de geleerde vaardigheden te generaliseren en toe te passen in verschillende contexten. De doelen van Dagbehandeling groep Jeugd GGZ zijn: het keren van de ontwikkelingsstagnatie en bevorderen van verdere ontwikkeling; Na een observatie-/onderzoeksfase, een behandelfase en inoefenfase is het doel het stapsgewijs realiseren van een vervolg op maat wat betreft onderwijs, begeleiding, ambulante behandeling. Artikel7Specialistisch Individueel Specialistisch Lokaal 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Specialistisch Individueel Specialistisch Lokaal beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Vaktherapie; Diagnostiek; Controle psychofarmaca; Diagnostiek en behandeling van ernstige enkelvoudige dyslexie (ED); Jeugdhulp ambulant regulier GGZ; Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (licht); 2.Vaktherapie: voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie er sprake is van psychische dan wel psychosociale problematiek en/of een vastgelopen ontwikkeling en/of ingrijpende ervaringen, gebeurtenissen, veranderingen en/of beperkingen die leiden tot klachten op het gebied van emotieregulatie, contact met het eigen gevoelsleven en zelfbeeld, omgaan met stress of op het sociaal functioneren. Dit kan zich bijvoorbeeld uiten in: gedragsproblemen, psychosomatische klachten, leer- en ontwikkelingsproblemen of communicatieproblemen. Er is sprake van een complexe of verstoorde relatie tussen ouder en jeugdige en/of het gezinssysteem en/of ouders/verzorgers hebben moeite om de jeugdige te begrijpen en te begeleiden en hebben behoefte aan ondersteuning. Vaktherapie is alleen bedoeld voor de jeugdige bij wie vaktherapie als een op zichzelf staande behandeling wordt aangeboden. Wanneer vaktherapie onderdeel is van een breder behandelingstraject dan valt de inzet en bekostiging ervan onder één van de producten jeugdhulp ambulant of verblijf. De doelen van vaktherapie zijn: het opheffen, verminderen of accepteren van psychosociale problematiek; herstellen van de veerkracht van de ouder. Contra indicatie: bij matige tot en met ernstige klachten of wanneer de veiligheid van het kind en/of de behandelaar in het geding is, moet worden doorverwezen naar de basis-GGZ of specialistische GGZ. Vaktherapie kan dan niet (meer) als los product worden ingezet. Als er een indicatie is afgegeven dan vervalt die. Als er wel vaktherapie nodig is als onderdeel van de behandeling dan kan, indien de vaktherapeut niet werkzaam is bij een GGZ-jeugdhulpaanbieder, dit worden georganiseerd in onderaannemerschap bij de betreffende jeugdhulpaanbieder. 3.Diagnostiek: voor de jeugdige (0-18) bij wie een vermoeden bestaat dat er iets met de jeugdige en/of het gezinssysteem aan de hand is, maar de aard en de ernst van het probleem nog niet voldoende duidelijk is, kan diagnostiek ondersteuning bieden om de hulpvraag te verhelderen. Verwijzers kunnen om diagnostiek vragen bij jeugdhulpaanbieders. De doelen van Diagnostiek zijn: het vaststellen van een stoornis of probleem; het beoordelen of er wel of geen behandeling nodig is. 4.Controle psychofarmaca: voor jeugdigen (0-18 jaar) die na afsluiting van een behandeling ondersteuning nodig hebben bij het eventueel wijzigen van psychofarmaca en de controle daarop. Medicatiecontrole wordt uitgevoerd om onder andere te onderzoeken of het voorgeschreven middel goed werkt, of er bijwerkingen zijn en om eventueel de dosis of het middel te wijzigen. De medicatiecontrole maakt geen onderdeel (meer) uit van een breder behandeitraject. Het doel van Controle psychofarmaca is: het bieden van ondersteuning en controle bij het gebruik van psychofarmaca na afsluiting van een behandeltraject. 5.Diagnostiek en/of behandeling van ernstige dyslexie (ED): voor de jeugdige (7-13 jaar) die basisonderwijs volgt bij de start van dit traject en bij wie een vermoeden is van ED. De doelen van Diagnostiek en/of behandeling van enkelvoudige dyslexie (ED) zijn: het stellen van de diagnose; het bieden van behandeling gericht op opheffen van de ondersteuningsvraag van de jeugdige. 6.Jeugdhulp ambulant regulier GGZ: voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie met regelmaat sprake is van meestal enkelvoudige, niet complexe klachten op een beperkt aantal leefgebieden. Dit is het gevolg van psychische problematiek, vaak in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders door opgroei- en opvoedspanning. De doelen van Jeugdhulp ambulant regulier GGZ zijn: het bieden van kortdurende behandeling binnen de basis-GGZ, gericht op de enkelvoudige, niet complexe ondersteuningsvraag van de jeugdige; gericht op herstel; gericht op het teweegbrengen van gedragsverandering; stimuleren van de ontwikkeling. 7.Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (licht): voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie sprake is van veelal meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van psychische problematiek of stoornis in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoedspanning. Klachten uiten zich in internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en de ouder kan complex/verstoord zijn. De doeten van Jeugdhulp ambulant specialistisch GGZ (licht) zijn: het bieden van (relatief) kortdurende behandeling binnen de specialistische GGZ, gericht op de ondersteuningsvraag van de jeugdige; gericht op herstel; het teweegbrengen van gedragsverandering; het organiseren van perspectief; het leren omgaan met gedrag van het kind en hierop toezicht houden; het organiseren van terugvalpreventie. Artikel8Specialistisch Begeleiding 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Specialistisch Begeleiding beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Zelfstandig leven Jeugd — Individueel licht; Zelfstandig leven Jeugd — Individueel; Zelfstandig leven Jeugd - Persoonlijke verzorging; Zelfstandig leven Jeugd — groepsbegeleiding; Zelfstandig leven Jeugd — dagbesteding; Specialistische naschoolse opvang 4-13 jaar (BSO+); 2.Begeleiding Jeugd individueel (licht): voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie sprake is van met name praktische ondersteuningsvragen op één of twee leefgebieden als gevolg van klachten door psychosociale problematiek, een beperkte ontwikkelingsachterstand, een verstandelijke beperking of gedragsproblematiek. Vaak leven er opvoedvragen bij de ouder. Er is sprake van beperkte zelfredzaamheid van de jeugdige en/of het gezinssysteem. Het gezin moet ondersteund worden om met de situatie om te kunnen gaan. De jeugdige heeft ondersteuning nodig om zich verder te kunnen ontwikkelen. De doelen van Begeleiding Jeugd individueel (licht) zijn: gericht op bij het uitvoeren en structureren van algemeen dagelijkse handelingen en vaardigheden in het opgroeien en opvoeden; het bevorderen van de zelfredzaamheid van de jeugdige en zijn gezinssysteem; het behouden van structuur in en regie over het persoonlijk leven en vaardigheden in het opgroeien en opvoeden; het adviseren en ondersteunen bij psychosociale en praktische opvoedvragen; ondersteuning bij begeleide omgang of bezoekregeling bieden; het stabiel houden van kwetsbare gezinssituaties. 3.Begeleiding Jeugd individueel: voor de jeugdige (0-18 jaar) en het gezin die kampen met complexe en meervoudige problematiek op verschillende leefgebieden in het opvoeden en opgroeien. De jeugdige is beperkt zelfredzaam en heeft klachten door psychische problematiek en/of een ontwikkelingsachterstand, en/of een verstandelijke beperking en/of gedragsproblematiek. De ontwikkeling wordt bedreigd. Er is gespecialiseerde ondersteuning nodig, mogelijk op meerdere levensdomeinen. Ouders/verzorgers en/of het netwerk heeft beperkte mogelijkheden om ondersteuning te bieden. De aard en ernst van de problematiek vraagt specifiek om begeleiding in een individuele setting. De doelen van Begeleiding Jeugd individueel zijn: het stimuleren van de ontwikkeling en gedragsverandering; het stimuleren van het probleemoplossend vermogen; het versterken van zelfcontrole, zelfvertrouwen, zelfbeeld; het door de jeugdige en/of gezinssysteem toepassen, oefenen en inslijpen van aangeleerde vaardigheden en gedrag voor uitvoering van en/of regievoering over algemeen dagelijkse handelingen. 4.Persoonlijke verzorging Jeugd: voor de jeugdige (0-18 jaar) bij wie er een tekort is aan of verminderde zelfredzaamheid op het gebied van de zelfzorgactiviteiten door een ontwikkelingsachterstand en/of psychische aandoening en/of een verstandelijke, lichamelijke, zintuiglijke en/of meervoudige beperking. Het gaat hier bijvoorbeeld om problemen bij het wassen, aankleden, eten en drinken. Het betreft zelfzorgactiviteiten die onder de algemeen dagelijkse levensverrichtingen vallen, gericht op zelfredzaamheid. Geneeskundige verzorging of een hoog risico daarop (vanwege een medische aandoening) valt onder de Zorgverzekeringswet. De doelen van Persoonlijke verzorging Jeugd zijn: het ondersteunen bij, stimuleren van, het aanleren van of het overnemen van activiteiten op het gebied van de persoonlijke verzorging, gericht op het opheffen van een tekort aan zelfredzaamheid; het vergroten van de zelfredzaamheid van de jeugdige eventueel met ondersteuning van ouders/verzorgers; advies, instructie en voorlichting beiden aan de jeugdige en het gezin die in directe relatie staan met de persoonlijke verzorging. 5.Groepsbegeleiding Jeugd: voor de jeugdige (4-18 jaar) bij wie sprake is van zware internaliserende (bijv. depressie, automutilatie, zeer laag zelfbeeld) en/of zware externaliserende gedragsproblematiek (bijv. agressie, overactief gedrag, schreeuwen, schelden, vrijwel geen emotieregulatie). Er is sprake van co morbiditeit (denk bijv. aan combinatie van autisme, ADHD en hechtingsproblematiek). De jeugdige krijgt vaak ook behandeling (mogelijk bij een andere aanbieder) of heeft al een behandelingstraject doorlopen. De doelen van groepsbegeleiding Jeugd zijn: gericht op gedragsverandering en/of stimuleren probleemoplossend vermogen van de jeugdige; het aanbrengen en behouden van structuur in en regie over het dagelijks leven (denk aan: hulp bij plannen van activiteiten, hulp bij het zich aan regels/afspraken houden, hulp bij de dagelijkse routine); het ondersteunen bij praktische vaardigheden/handelingen ter vergroting van de zelfredzaamheid van de jeugdige en het gezin (denk aan: hulp bij het uitvoeren van geleerde vaardigheden, hulp bij uitvoeren of indien nodig overnemen van taken/activiteiten); het bieden van toezicht (toezicht op- en het aansturen van gedrag thuis of elders, bijv. op school). 6.Dagbesteding Jeugd: voor de jeugdige (4-18 jaar) die emotionele, psychische en/of gedragsproblemen, een licht verstandelijke beperking of meervoudige beperkingen (al dan niet in combinatie met gedragsproblemen) heeft en kan daardoor (tijdelijk) niet (volledig) deelnemen aan onderwijs. Er is zinvolle dagbesteding inclusief begeleiding nodig. En/of: voor de jeugdige die klachten heeft op meerdere leefgebieden door psychische problematiek of stoornis, en/of een dreigende ontwikkelingsachterstand, en/of een beperking en/of gedragsproblemen. Er is behoefte aan tijdelijke ontlasting van de ouder door opgroei- en opvoedspanning. De ouder dreigt overbelast te raken of zijn dat al. De jeugdige heeft een grote ondersteuningsbehoefte en een grote behoefte aan structuur en regelmaat. De jeugdige heeft een hoge prikkelgevoeligheid en daarom kan er met regelmaat behoefte zijn aan een prikkelarme omgeving. De doelen van dagbesteding Jeugd zijn: het bieden van dagbesteding als respijtzorg of ter (gedeeltelijke) vervanging van onderwijs; gedeeltelijke of volledige dagbesteding; terugkeer naar school, mits dit binnen de mogelijkheden van de jeugdige ligt. Indien duidelijk is of wordt dat terugkeer naar school geen optie is, en de jeugdige in staat is om een traject te volgen in het kader van toeleiding naar werk, dan wordt toeleiding naar werk aangeboden vanuit de participatiewet; gericht op het stimuleren van zelfredzaamheid en persoonlijke- en sociale ontwikkeling. 7.Specialistische naschoolse opvang 4-13 jaar* (BSO+) voor de jeugdige (4 jaar tot de 1e dag van de maand waarop de jeugdige naar het voortgezet onderwijs gaat) bij wie er sprake is van een of meer van de volgende kenmerken, die tot effect hebben dat de jeugdige (tijdelijk) niet (volledig) naar een reguliere voorziening voor naschoolse opvang kan: gedragsproblematiek; ontwikkelingsachterstand; (licht) verstandelijke beperking of GGZ problematiek. Eventueel in combinatie met medische problemen. De doelen van specialistische naschoolse opvang zijn: opvang van de jeugdige met een extra ondersteuningsbehoefte; gericht op het vergroten van de zelfredzaamheid, het versterken van (sociale) vaardigheden en het functioneren in een groep; aanbrengen en behouden van structuur in en regie over het dagelijks leven (denk aan: hulp bij plannen van activiteiten, hulp bij het zich aan regels/afspraken houden, hulp bij de dagelijkse routine); Bieden van toezicht; Het kunnen functioneren in een groep. Artikel9Specialistisch Logeren 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Logeren beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Logeren; Respijtzorg. 2.Logeren: voor de jeugdige (0-18 jaar) die klachten heeft op meerdere leefgebieden door psychische problematiek of stoornis, en/of een dreigende ontwikkelingsachterstand en/of een beperking en/of gedragsproblemen. Daardoor is er behoefte aan tijdelijke ontlasting van de ouder door opgroei- en opvoedspanning. De jeugdige heeft een grote ondersteuningsbehoefte en een grote behoefte aan structuur en regelmaat. De jeugdige heeft een hoge prikkelgevoeligheid en daarom kan er met regelmaat behoefte zijn aan een prikkelarme omgeving. De doelen van logeren Jeugd zijn: gericht op de tijdelijke overname van zorg binnen het gezin om de ouder een adempauze te geven; gericht op zo lang mogelijk thuis blijven wonen van de jeugdige; ontwikkelingsgericht. Er wordt voorzien in adviezen om het systeem (o.a. ouders en verzorgers) buiten het iogeren om in haar kracht te zetten; gericht op het vergroten van de zelfredzaamheid van de jeugdige; de inzet van zwaardere zorg te voorkomen. 3.Respijtzorg Jeugd: voor de jeugdige (0-18 jaar) die klachten heeft op meerdere leefgebieden door psychische problematiek of stoornis en/of dreigende ontwikkelingsachterstand en/of een beperking en/of gedragsproblematiek. Hierdoor is de behoefte ontstaan aan een tijdelijke ontlasting van de ouders/verzorgers en/of het gezin ten gevolge van opgroei- en opvoedspanning. De doelen van respijtzorg Jeugd zijn: ontlasten van het gezin; zo lang mogelijk thuis blijven wonen van de jeugdige. Artikel10Verblijf (pleegzorg) 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Verblijf (pleegzorg) beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vorm: Pleegzorg. 2.Pleegzorg: voor de jeugdige (0-23) die door ouder- en/of kindfactoren (tijdelijk) niet thuis wonen, volledig of in deeltijd, doordat de draagkracht van het gezin onvoldoende is om een stabiele thuissituatie te bieden. Het kan gaan om jeugdigen met gedrags-, trauma- of hechtingsproblematiek, een beperking of psychiatrische problematiek of een combinatie hiervan, waarbij de draagkracht van het gezin onvoldoende is om een stabiele thuissituatie te bieden. Het kan ook gaan om jeugdigen zonder problematiek waarbij de draagkracht van het gezin onvoldoende is door ouderfactoren of de ouders geen gezag meer hebben (jeugdbeschermingsmaatregel). De doelen van Pleegzorg zijn: het bieden van een woon- en opvoedomgeving in een gezinssituatie om de ontwikkeling van de jeugdige zo goed mogelijk te laten verlopen als een jeugdige door omstandigheden (tijdelijk) niet thuis kan blijven wonen; bevordering van de ontwikkeling van de jeugdige; waarborgen van de veiligheid van de jeugdige. Artikel11Verblijf (gezinshuizen) 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Verblijf (gezinshuizen) beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Gezinshuis; Begeleiding naar zelfstandig wonen; Jeugdhulp Verblijf (middel); Jeugdhulp Verblijf (middelzwaar); Jeugdhulp Verblijf (zwaar); Jeugdhulp Verblijf (extra zwaar); 2.Gezinshuis: voor de jeugdige (0-21) bij wie de ontwikkeling en veiligheid in gevaar is gekomen vanwege de gezinssituatie. Er is gedwongen of vrijwillig tot een uithuisplaatsing besloten. Er kan sprake zijn van complexe problematiek. De problematiek vraagt om professionele begeleiding. De doelen van Gezinshuis zijn: een basisgevoel van veiligheid ervaren voor de jeugdige door middel van een 'gewoon' leven in een gezin; voldoende zelfvertrouwen en vaardigheden ontwikkelen om mee te doen in de maatschappij. 3.Begeleiding naar zelfstandig wonen: voor de jeugdige (16-18) die om verschillende redenen, kind- en/of oudergebonden problematiek, niet meer thuis kan wonen. Jeugdige is leerbaar en heeft begeleiding nodig om vervolgens zelfstandig in staat te zijn om zelf invulling te geven aan dagbesteding, zelfzorg sociale redzaamheid en financiën. Er kan sprake zijn van een complexe gezinssituatie: ouders hebben onvoldoende opvoedvaardigheden en/of de draagkracht/ draaglast van het gezinssysteem is niet in verhouding. Uiterlijk bij het bereiken van de 17jarige leeftijd van de jeugdige wordt met de jeugdige en alle betrokken partijen in gesprek gegaan om te horen wat de behoefte van de jeugdige is en wordt een perspectiefplan opgesteld. De doelen voor Begeleiding naar zelfstandig wonen zijn: gericht op het ontwikkelen van vaardigheden om op eigen benen te kunnen staan; het bieden van tijdelijk en indien noodzakelijk langdurig verblijf als vaste, stabiele en veilige woonplek; gericht op het in staat stellen van de jeugdige om op eigen kracht invulling te geven aan dagbesteding (school, werk, sport), zelfzorg (o.a. koken, schoonmaken, persoonlijke verzorging), sociale zelfredzaamheid (oplossingsvaardigheden en communicatie) en financiën. 4.Verblijf (middel): voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van psychische problematiek of een psychische stoornis en/of ontwikkelingsachterstand en/of een (verstandelijke) beperking en/of gedragsproblematiek en/of hechtingsproblematiek. Klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en ouders is grotendeels verstoord en/of de ouder is overbelast. Tijdens het verblijf vindt intensieve behandeling plaats. Behandeling kan mogelijk in combinatie met ambulante ondersteuning thuis worden uitgevoerd, is altijd multidisciplinair ingebed. De doelen voor Verblijf (middel) zijn: gericht op herstel, een gedragsverandering teweegbrengen; voorkomen van verergering van de problematiek; organiseren van perspectief, waar mogelijk versterken van opvoedvaardigheden van het systeem en netwerk en leren omgaan met het gedrag van de jeugdige; toezicht houden en sturing geven, organiseren van terugvalpreventie; volgen van passend onderwijs door de jeugdige en mocht dat niet mogelijk zijn dan wordt ervoor gezorgd dat de jeugdige een dagbesteding heeft. 5.Verblijf (middelzwaar): voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van psychische problematiek of een psychische stoornis en/of ontwikkelingsachterstand en/of een (verstandelijke) beperking en/of gedragsproblematiek en/of hechtingsproblematiek. Klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen jeugdige en ouders is grotendeels verstoord en/of de ouder is overbelast. Het netwerk is onvoldoende toegerust voor ondersteuning om de jeugdige te bieden wat noodzakelijk is. Tijdens het verblijf vindt intensieve behandeling plaats. Behandeling is altijd multidisciplinair ingebed. De doelen van Verblijf (middelzwaar) zijn: het bieden van intensieve ondersteuning om ervoor te zorgen dat de jeugdige weer terug kan naar de thuissituatie; gericht op: herstel, een gedragsverandering teweegbrengen; voorkomen van verergering; organiseren van perspectief, waar mogelijk versterken van opvoedvaardigheden van het systeem en netwerk en leren omgaan met het gedrag van de jeugdige; toezicht houden en sturing geven, organiseren van terugvalpreventie; volgen van passend onderwijs door de jeugdige en mocht dat niet mogelijk zijn dan wordt ervoor gezorgd dat de jeugdige een dagbesteding heeft. 6.Verblijf (zwaar): voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van een aaneenschakeling van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van psychiatrische problematiek of een psychiatrische stoornis en/of ontwikkelingsachterstand en/of een (verstandelijke) beperking en/of gedragsproblematiek en/of hechtingsproblematiek in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoednood. De jeugdige loopt door deze problematiek vast op alle leefgebieden en kan daarom niet aan reguliere onderwijs Ot reguliere vrijetijdsbesteding deelnemen. Er is een gemiddeld risico op zelfbeschadigend gedrag en/of suïcidaliteit. Klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen. De relatie tussen kind en ouders is verstoord. Er is continu 24-uurs toezicht, sturing en nabijheid nodig, vanwege de crisis gevoeligheid en complexiteit. Soms is overname nodig, inzet van middelen & maatregelen en/of domotica (deuralarm/afsluiten elektronica/water etc. indien noodzakelijk). Het netwerk staat open voor ondersteuning, maar is in sommige gevallen beperkt in mogelijkheden. Tijdens het verblijf vindt zeer intensieve behandeling plaats. Behandeling is altijd multidisciplinair. Behandeling is altijd gericht op drie leefgebieden: zowel ten aanzien van wonen, onderwijs als vrijetijdsbesteding. Dit kan zowel in een open als een besloten setting. Er worden op deze drie leefgebieden heldere perspectieven geformuleerd en gerealiseerd. De doelen van Verblijf (zwaar) zijn: 24-uurs toezicht; en is gericht op het voorkomen van een crisis en voorkomen van verergering; gericht op herstel, een gedragsverandering teweegbrengen; organiseren van perspectief, versterken van opvoedvaardigheden van het netwerk en leren omgaan met gedrag van de jeugdige; toezicht houden en sturing geven en organiseren van terugvalpreventie; volgen van passend onderwijs door de jeugdige en mocht dat niet mogelijk zijn dan wordt ervoor gezorgd dat de jeugdige een dagbesteding heeft. 7.Verblijf (extra zwaar): voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van een aaneenschakeling van zware meervoudige klachten op meerdere leefgebieden ten gevolge van psychiatrische problematiek of een psychiatrische stoornis en/of ontwikkelingsachterstand en/of een (verstandelijke) beperking en/of gedragsproblematiek en/of hechtingsproblematiek in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoednood. De jeugdige loopt door deze problematiek vast op alle leefgebieden. De jeugdige kan niet naar de gewone school, naar een reguliere vrijetijdsbesteding. Er is sprake van een gemiddeld tot hoog risico op zelfbeschadigend gedrag en/of suïcidaliteit. Tevens kan de jeugdige een gevaar voor zijn/haar omgeving zijn. Klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen en vragen vanuit veiligheidsrisico's een besloten behandelsetting. De relatie tussen jeugdige en ouders is verstoord. Er is continu 24uurs toezicht, sturing en nabijheid nodig, vanwege de hoge crisisgevoeligheid en hoge complexiteit. • Soms is er overname nodig, inzet van middelen & maatregelen en/of domotica (deuralarm / afsluiten elektronica/water etc. indien noodzakelijk). Tijdens het verblijf vindt zeer intensieve behandeling plaats. Behandeling is altijd multidisciplinair. Behandeling is altijd gericht op de drie leefgebieden: zowel ten aanzien van wonen, onderwijs als vrijetijdsbesteding en een combinatie hiervan. Er worden op deze drie leefgebieden heldere perspectieven geformuleerd en gerealiseerd. Indien nodig wordt het netwerk van de jeugdige extra toegerust om met de veiligheidsaspecten om te gaan. De doelen van Verblijf (extra zwaar) zijn: gericht op het voorkomen van een crisis en voorkomen van verergering; gericht op herstel, een gedragsverandering teweegbrengen; organiseren van perspectief, versterken van opvoedvaardigheden van het netwerk en leren omgaan met gedrag van het kind; toezicht houden en sturing geven, organiseren van terugvalpreventie volgen van passend onderwijs door de jeugdige en mocht dat niet mogelijk zijn dan wordt ervoor gezorgd dat de jeugdige een dagbesteding heeft. Bieden van intensieve begeleiding in de thuissituatie. Artikel12Crisishulp 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Crisishulp beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Ambulante Spoedhulp Jeugd; Ambulante Spoedhulp Jeugd (GGZ). 2.Ambulante spoedhulp Jeugd: voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van een crisissituatie waarbij de consequentie van uitblijvende zorg binnen 24 tot 48 uur zal leiden tot onaanvaardbare gezondheids- of veiligheidsrisico's. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen en een onveilige situatie voor de jeugdige en/of de omgeving. De relatie tussen jeugdige en ouder is verstoord. Intensieve behandeling is altijd multidisciplinair. De doelen van Ambulante spoedhulp Jeugd zijn: gericht op het beslechten van de crisis en de inzet van juiste vervolgondersteuning; gericht op voorkomen van uithuisplaatsing. 3.Ambulante spoedhulp Jeugd GGZ: voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van een crisissituatie met GGZproblematiek waarbij de consequentie van uitblijvende zorg binnen 24 tot 48 uur zal leiden tot onaanvaardbare gezondheids- of veiligheidsrisico's. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen en een onveilige situatie voor de jeugdige en/of de omgeving. Er kan ook sprake zijn van psychotische ontregeling vanuit middelengebruik. Er is sprake van psychosociale problemen. Intensieve behandeling is altijd multidisciplinair ingebed. De veiligheid van de jeugdige en het gezin staat voorop. Stabilisatie vindt zoveel mogelijk in de eigen omgeving en het eigen systeem van de jeugdige plaats. De doelen van Ambulante spoedhulp Jeugd GGZ zijn: gericht op het voorkomen of verkorten van een opname; het tijdelijk ondersteunen van het ambulante behandelteam om behandeling zo goed mogelijk te continueren; gericht op het beslechten van de crisis en de inzet van juiste vervolgondersteuning. Artikel13Crisis Verblijf 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Crisishulp beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vormen: Spoedhulp Verblijf Jeugd; Spoedhulp verblijf Jeugd GGZ; Pleegzorg crisis Jeugd; Gezinshuis crisis Jeugd. 2.Spoedhulp verblijf Jeugd: voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van een crisissituatie waarbij de consequentie van uitblijvende 24-uurs zorg binnen 24 tot 48 uur zal leiden tot onaanvaardbare gezondheids- of veiligheidsrisico's. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen en een onveilige situatie voor de jeugdige en/of de omgeving. De relatie tussen jeugdige en ouder is verstoord. De zeer intensieve behandeling is altijd multidisciplinair ingebed. De veiligheid van de jeugdige en het gezin staat voorop. Het doel van Spoedhulp verblijf Jeugd is gericht is op het beslechten van de crisis en de inzet van juiste vervolgondersteuning. 3.Spoedhulp verblijf Jeugd GGZ: voor de jeugdige (0-18) waarbij sprake is van een crisissituatie met GGZproblematiek waarbij de consequentie van uitblijvende 24-uurs zorg binnen 24 tot 48 uur zal leiden tot onaanvaardbare gezondheids- of veiligheidsrisico's. De klachten uiten zich in ernstige internaliserende en/of externaliserende gedragsproblemen en een onveilige situatie voor de jeugdige en/of de omgeving. De relatie tussen jeugdige en ouders is verstoord. De zeer intensieve behandeling is altijd multidisciplinair ingebed. De veiligheid van de jeugdige en het gezin staat voorop. Het doel van Spoedhulp verblijf Jeugd GGZ is gericht is op het beslechten van de crisis en de inzet van juiste vervolgondersteuning. 4.Pleegzorg crisis Jeugd: voor de jeugdige (0-23) waarbij sprake is van een crisissituatie waarbij de consequentie van uitblijvende 24-uurs zorg binnen 24 tot 48 uur zal leiden tot onaanvaardbare gezondheids- of veiligheidsrisico's. Het is nodig een gezinssituatie te bieden aan de jeugdige die door acute omstandigheden niet thuis kan wonen. De doelen van Pleegzorg crisis Jeugd zijn: gericht op het beslechten van de crisis; het bieden van een veilige en stimulerende opgroeisituatie voor de jeugdige en het gezin; het starten van het gezinsonderzoek. gericht op herstel van het contact met de ouders en het netwerk en daar waar mogelijk terugkeer naar huis; stabilisatie van de crisis en begeleiding terug naar huis of begeleiding naar vervolghulp; Zoveel mogelijk in stand houden van het "gewone leven" van de jeugdige (bijv. volgen van onderwijs en invulling vrije tijd). 5.Gezinshuis crisis Jeugd: voor de jeugdige (0-21) waarbij sprake is van een crisissituatie waarbij de consequentie van uitblijvende 24-uurs zorg binnen 24 tot 48 uur zal leiden tot onaanvaardbare gezondheids- of veiligheidsrisico's. De ontwikkeling en veiligheid van de jongere is in gevaar gekomen vanwege de gezinssituatie. De problematiek vraagt om professionele begeleiding. De doelen van Gezinshuis crisis Jeugd zijn: stabilisatie van de crisis en begeleiding terug naar huis of begeleiding naar vervolghulp; een basisgevoel van veiligheid ervaren en voldoende zelfvertrouwen en vaardigheden ontwikkelen om mee te doen in de maatschappij; gericht op herstel van het contact met de ouders en het netwerk; waar mogelijk terugkeer naar huis; in stand houden van het "gewone leven" van de jeugdige (bijv. volgen van onderwijs en invulling vrije tijd). Artikel14Vervoer 1.In dit artikel wordt de individuele voorziening Vervoer beschreven. Deze individuele voorziening bestaat uit de volgende vorm Vervoer Jeugd. 2.Vervoer Jeugd: voor de jeugdige (0-18), als er een medische noodzaak is en/of de jeugdige en het gezin/netwerk zijn structureel beperkt zelfredzaam, waardoor het in het eigen netwerk van de jeugdige niet mogelijk is om vervoer te organiseren. Het openbaar vervoer biedt geen uitkomst. De gemeentelijke toegangsteams bepalen met input van de zorgaanbieder en cliënt of er sprake is van bovenstaande. Het vervoer van en naar de locatie waar jeugdhulp wordt geboden betreft niet enkel het vervoer vanuit de woonlocatie van de jeugdige, maar kan bijvoorbeeld ook vervoer vanuit school of een dagbestedingslocatie betreffen. Het doel van Vervoer is het bieden van vervoer aan de jeugdige om op locatie van de jeugdhulpaanbieder te komen indien er een medisch noodzaak is of als er beperkingen zijn in de zelfredzaamheid van het gezin en netwerk m.b.t. vervoersmogelijkheden. Hoofdstuk4Toegang Artikel15Toegang gecontracteerde jeugdhulpaanbieder via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts 1.De gemeente draagt zorg voor de inzet van jeugdhulp na verwijzing door de huisarts, medisch specialist of jeugdarts. 2.De huisarts, medisch specialist of jeugdarts mogen alleen naar gecontracteerde jeugdhulpaanbieders verwijzen. 3.De jeugdhulpaanbieder beoordeelt, na een algemene verwijzing, welke specifieke vorm van jeugdhulp nodig is en/of wat de omvang en de duur van de jeugdhulp is. De jeugdhulpaanbieder houdt zich daarbij aan de regels in deze verordening, het protocol medische verwijsroute: toegang tot jeugdhulp via de huisarts, de medisch specialist en de jeugdarts en de afspraken die hij met de gemeente heeft gemaakt in het contract. 4.De gemeente legt na een externe verwijzing de te verlenen individuele voorziening vast in een beschikking als de jeugdige of de ouder hierom verzoekt. 5.De gemeente kan in beleidsregels de procedure voor toegang via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts nader uitwerken. Artikel16Toegang jeugdhulp via de Gl, de rechter, het openbaar ministerie en de justitiële jeugdinrichting in het kader van het jeugdstrafrecht 1.De gemeente draagt zorg voor de inzet van jeugdhulp die de Gl nodig vindt bij de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering. Ook draagt de gemeente zorg voor de inzet van jeugdhulp die de rechter, het openbaar ministerie of de directeur of selectiefunctionaris van de justitiële jeugdinrichting nodig vindt bij de uitvoering van een strafrechtelijke beslissing. 2.De gemeente is verantwoordelijk voor de betaling van de jeugdhulp waarnaar is verwezen. De gemeente verstrekt geen beschikking. Artikel17Toegang en aanvraag jeugdhulp via de gemeente 1.Een vraag wordt niet als aanvraag aangemerkt indien het enkel een informatieverzoek betreft dat direct beantwoord kan worden. 2.Een vraag wordt niet als aanvraag aangemerkt indien uit het aanmeld- en verdeeloverleg blijkt dat een gerichte doorverwijzing naar het voorliggend veld nodig is. Het aanmeld- en verdeeloverleg vindt wekelijks op donderdag plaats en bestaat uit verschillende deskundigen. 3.De jeugdige of de ouder kan alsnog een aanvraag indienen als zij het niet eens zijn met de doorverwijzing naar het voorliggend veld. 4.Een jeugdige of de ouder kan na het aanmeld- en verdeeloverieg schriftelijk een aanvraag indienen door ondertekening van het aanmeldformulier. 5.Indien de jeugdige en/of de ouder direct een aanvraag wil indienen, dan kan dit via het daarvoor bestemde aanvraagformulier. 6.De gemeente wijst de aanvrager op de mogelijkheid gebruik te maken van gratis onafhankelijke cliëntondersteuning. 7.De ouder(s) en/of jeugdige kunnen zelf een familiegroepsplan opstellen, waarin zij samen met hun netwerk aangeven hoe ze de opvoed- en opgroeisituatie kunnen verbeteren. En waarin zij een oplossing kunnen aandragen om de problemen van de jeugdige in eigen kring op te lossen. De jeugdige en/of de ouder krijgt gedurende 7 dagen na de aanvraag de gelegenheid om aan te geven of zij gebruik willen maken van de mogelijkheid tot het opstellen van het familiegroepsplan. 8.De gemeente kan beleidsregels vaststellen over de procedure voor de aanvraag van jeugdhulp. Hoofdstuk5Behandeling van een aanvraag om een individuele voorziening; onderzoek en besluitvorming via de gemeente Artikel18Onderzoek en opstellen onderzoeksrapportage 1.De gemeente onderzoekt in een gesprek met de jeugdige en/of de ouder zo spoedig mogelijk de noodzaak voor het treffen van een voorziening op het gebied van jeugdhulp. Hierbij wordt rekening gehouden met de behoeften, persoonskenmerken, voorkeuren, veiligheid, ontwikkeling en gezinssituatie van de jeugdige en/of de ouder. De gemeente doet dit middels het stappenplan dat daarvoor is vastgesteld door de Centrale Raad van Beroep: stap 1: de gemeente stelt vast wat de hulpvraag is van de jeugdige en/of zijn ouder; stap 2: de gemeente stelt vast of er sprake is van opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en/of stoornissen en zo ja, welke problemen en stoornissen dat zijn; stap 3: wanneer de gemeente de problemen en stoornissen heeft vastgesteld, kan worden bepaald welke hulp naar aard en omvang nodig is voor de jeugdige om, rekening houdend met zijn leeftijd en ontwikkelingsniveau, gezond en veilig op te groeien, te groeien naar zelfstandigheid en voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren; stap 4: nadat de noodzakelijke hulp in kaart is gebracht, wordt onderzocht of en in hoeverre de eigen kracht en het probleemoplossend vermogen van de ouder en van het sociale netwerk toereikend zijn om zelf de nodige hulp en ondersteuning te kunnen bieden; stap 5: de gemeente onderzoekt de mogelijkheden om de hulpvraag op te lossen door het inzetten van een algemene voorziening of een andere voorziening; stap 6: slechts voor zover die mogelijkheden ontoereikend zijn, verleent de gemeente een voorziening van jeugdhulp. 2.Ter voorbereiding van het gesprek verstrekken de jeugdige en/of de ouder alle gegevens en stukken die naar het oordeel van de gemeente voor het onderzoek nodig zijn en waarover de jeugdige en/of ouder(s) beschikken. 3.De gemeente kan, met instemming van de jeugdige en/of de ouder, informatie opvragen bij andere instanties, zoals de huisarts, en met deze in gesprek gaan over de problemen en de meest passende hulp. 4.Na het gesprek onderzoekt de gemeente de hulpvraag van de jeugdige. Als het nodig is vraagt de gemeente daarbij om advies van een deskundige. 5.De gemeente kan in overleg met de jeugdige en/of ouder afzien van een gesprek. De gemeente legt de uitkomsten van het onderzoek vast in de onderzoeksrapportage. In voorkomende gevallen kan de gemeente afzien van een onderzoeksrapportage. 6.De gemeente kan in beleidsregels het onderzoek nader uitwerken. Artikel19Deskundig oordeel, advies en voorbereiding van de besluitvorming 1.De gemeente wint, met in achtneming van artikel 2.1, van het Besluit Jeugdwet, een specifiek deskundig oordeel en advies in, als het onderzoek of de beoordeling van een aanvraag dit vereist. 2.Het in het eerste lid bedoelde advies wordt uitgebracht door of onder verantwoordelijkheid van een adviseur die beschikt over een registratie als professional: bij de Stichting Kwaliteitsregister Jeugd in het kwaliteitsregister jeugd; bij het Nederlands Instituut van Psychologen in het register Kinder- en Jeugdpsychologen; of op grond van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg in het BIG-register. Artikel20Criteria voor een individuele voorziening 1.De jeugdige en/of de ouder komt slechts in aanmerking voor een individuele voorziening wanneer de gemeente of een andere verwijzer vaststelt dat: er sprake is van concrete opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en/of stoornissen bij de jeugdige, en inzet noodzakelijk is om de jeugdige gelet op deze problemen in staat te stellen: gezond en veilig op te groeien, te groeien naar zelfstandigheid, voldoende redzaam te zijn en maatschappelijk te participeren, en de jeugdige en/of ouder zelf of met hun sociale netwerk geen passende oplossing voor de hulpvraag kunnen vinden (eigen kracht). Wanneer hiervan sprake is, staat in artikel 21 van deze verordening, en een algemene voorziening geen oplossing biedt voor de hulpvraag, en de jeugdige en/of ouder geen aanspraak kan maken op een andere voorziening om de hulpvraag op te lossen. 2.Overeenkomstig de definitie van jeugdhulp uit artikel 1.1, van de wet wordt geen individuele voorziening verstrekt voor hulp of ondersteuning aan een jeugdige die niet noodzakelijk is op grond van een psychisch probleem of stoornis, psychosociaal probleem, gedragsprobleem of beperking, maar die voortkomt uit een behoefte die past bij de normale ontwikkeling van de jeugdige van een bepaalde leeftijd. De beoordeling hiervan is geïnspireerd op informatie uit de Ontwikkelmeter Jeugd. Een product van Pleegzorg Advies Nederland
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.