Verordening afvalstoffenheffing gemeente Geertruidenberg 2026De raad van de gemeente GEERTRUIDENBERG; - gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 oktober 2025; gelet op: - de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen gemeente Geertruidenberg 2026 - artikel 229, eerste lid, aanhef en onder a en b, van de Gemeentewet; - artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; BESLUIT vast te stellen de: Verordening afvalstoffenheffing gemeente Geertruidenberg 2026 HoofdstukI Algemene bepalingen Artikel1Definities In deze verordening wordt verstaan onder: Afvalpas: door de gemeente beschikbaar gestelde pas voor het openen van de verzamelcontainers voor fijn huishoudelijk afval (GFT+e, PMD, Restafval, Luiers/Incontinentiemateriaal). Bovengrondse verzamelcontainer – GFT+e: de door de gemeente aangebrachte bovengrondse verzamelcontainer waarin met behulp van een speciaal verstrekte afvalpas GFT+e kan worden aangeboden. ‘Gebruik maken’: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer. GFT+e-afval: groente, fruit- en tuinafval + etensresten. Medische indicatie: een schriftelijke verklaring van een huisarts of medisch specialist waarin wordt verklaard dat als gevolg van een chronische ziekte of handicap extra (medische) afvalstoffen moeten worden aangeboden. Minicontainer: door de gemeente verstrekt inzamelmiddel behorend bij een perceel voor de inzameling van GFT+e, PMD, Oud-papier of Fijn huishoudelijk restafval. Ondergrondse verzamelcontainer - restafval: de door de gemeente aangebrachte ondergrondse verzamelcontainer waarin met behulp van een speciaal verstrekte afvalpas fijn huishoudelijk restafval. Ondergrondse verzamelcontainer – PMD: de door de gemeente aangebrachte ondergrondse verzamelcontainer waarin met behulp van een speciaal verstrekte afvalpas PMD kan worden aangeboden. OPK: afval bestaande uit schoon, niet vervuild oud-papier en karton. PMD: afval bestaande uit verpakkingen van Plastic, Metaal en/of Drankenkartons. Restafval: huishoudelijk afval niet-zijnde afval dat wegens de verordening gescheiden ingezameld dient te worden. Sociaaleconomische indicatie: inkomensgrens voor kwijtschelding zoals bepaald in de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen gemeente Geertruidenberg 2026 Woonzorg-locatie: een perceel of groep van percelen met een gecombineerde functie van tegelijkertijd wonen en zorg, waar individuele inwoners geen of weinig invloed hebben op de manier waarop huishoudelijk afval wordt ingezameld vanwege de aard van de zorg of inrichting. HoofdstukII Afvalstoffenheffing Artikel2Aard van de belasting en belastbaar feit Onder de naam “afvalstoffenheffing” wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij horende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven: voor het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. voor het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen via zowel door het gemeentebestuur verstrekte diensten als bij voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn en primair bedoeld zijn voor de inzameling van al dan niet gescheiden ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen. Artikel3Voorwerp van de belasting Voorwerp van de belasting is een perceel. Als perceel wordt aangemerkt: de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken; de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is; een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt; een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren. het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel. Artikel4Belastingplicht De belasting wordt geheven van degene die al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel. Voor de toepassing van het eerste lid wordt: gebruikmaken van een perceel door de leden van een huishouden aangemerkt als gebruikmaken door het door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen lid van dat huishouden; gebruikmaken door degene aan wie een deel van een perceel in gebruik is gegeven aangemerkt als gebruikmaken door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, met dien verstande dat degene die het deel in gebruik heeft gegeven, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; het ter beschikking stellen van een perceel voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruikmaken door degene die dat perceel ter beschikking heeft gesteld, met dien verstande dat degene die het perceel ter beschikking heeft gesteld, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie het perceel ter beschikking is gesteld. Artikel5Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel7Wijze van heffing De belasting op basis van onderdeel 1 en 2 van de tarieventabel wordt bij wege van aanslag geheven. De belasting op basis van onderdeel 3, 4 en 5 van de tarieventabel worden geheven door middel van voldoening op aangifte en is verschuldigd op het moment van de aanvraag/aanbieding. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang De belasting op basis van onderdeel 1 van de tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Sub a. en b. zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in gebruik neemt. De belasting op basis van op basis van onderdeel 2 van de tarieventabel is verschuldigd bij aanvang van de dienstverlening en wordt berekend na afloop van het kalenderjaar. Artikel9Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk 3 maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien 10 gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt 1 maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. De belasting als bedoeld in artikel 7, tweede lid moet worden betaald ingeval de kennisgeving: Mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; Schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, nota of andere schriftuur dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening van de kennisgeving, nota of andere schriftuur. Artikel10Kwijtschelding Voor belastingplichtigen met sociaaleconomische indicatie wordt kwijtschelding verleend volgens het bepaalde in de “Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen gemeente Geertruidenberg 2026”: Artikel11Vrijstelling Voor deelnemende instellingen aan het project “afvalvrije scholen” wordt - indien de instelling via de educatieve maatregel meedoet aan het project “afvalvrije scholen” - volledige vrijstelling verleend voor de belasting als bedoeld in onderdeel 1,2,4 en 5 van de tarieventabel. Voor belastingplichtigen in een woonzorg-locatie wordt: Volledige vrijstelling verleend voor de belasting als bedoeld in onderdeel 1.3 van de tarieventabel, het aanvullend vastrecht voor bezit van een extra GFT+e container. Volledige vrijstelling verleend voor de belasting als bedoeld in onderdeel 2 van de tarieventabel, het aanbieden van restafval in een ondergrondse container of minicontainer. Voor belastingplichtigen met een medische indicatie wordt: Vrijstelling verleend voor een maximaal aantal aanbiedingen in een ondergrondse container voor restafval. Het maximaal aantal vrijgestelde aanbiedingen is opgenomen in onderdeel 2.3.1 van de tarieventabel. Vrijstelling verleend voor een maximaal aantal aanbiedingen van een 240 liter minicontainer voor restafval. Het maximaal aantal vrijgestelde aanbiedingen is opgenomen in onderdeel 2.3.1 van de tarieventabel. HoofdstukIII Aanvullende bepalingen Artikel12Overgangsrecht De "Verordening afvalstoffenheffing 2025” van 19 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing. Artikel13Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026. Artikel14Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening Afvalstoffenheffing gemeente Geertruidenberg 2026". Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van de gemeente Geertruidenberg van 13 november 2025,De raad voornoemd,de griffier, de voorzitter,G.M. Brunsveld, M.M. van ToorenburgTarieventabel behorende bij de ‘Verordening Afvalstoffenheffing gemeente Geertruidenberg 2026’ De bedragen genoemd in deze tabel zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is. AFVALSTOFFENHEFFING Vastrecht 1. De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar 1.1 Vastrecht regulier huishouden, per jaar € 201,00 1.2 Vastrecht WZ (woonzorg locatie), per jaar € 198,00 1.3 Aanvullend vastrecht voor het bezit van een extra GFT+e container, per container per jaar € 36,00 Aanbiedingen 2. De belasting bedraagt per aanbieding van: 2.1 Restafval in een ondergrondse container, per 60 liter of een gedeelte daarvan: € 3,50 2.2 Restafval in een minicontainer van 240 liter: € 14,00 2.3 Vrijstellingen 2.3.1 Het maximaal aantal vrijgestelde aanbiedingen voor belastingplichtigen die gebruik maken van de Medische regeling wordt voor het belastingjaar 2026 vastgesteld op: 24 aanbiedingen bij een ondergrondse container van 60 liter 6 aanbiedingen van een minicontainer van 240 liter let wel: het maximum aantal vrijgestelde aanbiedingen is nooit meer dan het werkelijke aantal aanbiedingen. Aanbiedingen boven het maximum worden belast tegen het tarief genoemd in artikel 2.1 en 2.2. Afval ophalen aan huis 3 Grof afval via de haalservice aan huis 3.1 Voorrijkosten, per geval € 25,00 3.2 Verwerkingskosten, per 0,5 m3 of gedeelte daarvan € 45,00 3.3 Het onder lid 3.2 genoemde bedrag is niet van toepassing op bruin- en witgoed dat valt onder de regeling Beheer elektrische en elektronische apparatuur. Afval brengen naar de milieustraat 4 Het aanbieden van afvalstoffen bij de milieustraat aan de Forellenweg te Raamsdonksveer, per kilo 4.1 Asbest, asbesthoudende en asbest gelijkende producten Auto- en motorbanden, afkomstig van personenauto’s, zonder velg, max. 5 Klein Chemisch Afval (KCA) Dakleer Elektrische en elektronische apparatuur / Wit- en Bruingoed (AEEA) Frituurvet en –olie Gips Grof snoei- en tuinafval Harde kunststoffen Hout (A+B of C-kwaliteit) Kadavers van kleine huisdieren Luier- en incontinentieafval Matrassen (schoon en droog) Metaal Oud papier en karton Piepschuim (EPS / geëxpandeerd polystyreen) Schoon puin Tapijt Textiel Verpakkingen van plastic, metaal en drankenkartons (PMD) Verpakkingen van glas Vlakglas € 0,00 4.2 Gemengd Bouw- en sloopafval Grof huishoudelijk restafval Huishoudelijk restafval, uitsluitend in gesloten vuilniszak of andere ompakking Niet gescheiden, niet herbruikbare stromen al dan niet gemengd met restafval en/of bouw- en sloopafval. De weegbrug werkt met stappen van 5 kilo, de minimale belastingplicht bedraagt dan ook 5 maal het tarief per kilo en neemt toe met stappen van 5 kilo per keer. €0,45 4.3 Indien de weegbrug inclusief de daarbij behorende programmatuur voor facturering al dan niet door een technische storing geen dienst doet, voor het achterlaten van huishoudelijk restafval, bouw- en sloopafval en/of afval dat gelijktijdig wordt aangeboden, op de door de gemeente aangewezen milieustraat, per halve kubieke meter (0,5 m3) of een gedeelte daarvan. €45,00 Overige tarieven 5. De belasting voor overige ondersteunende dienstverlening, per geval: 5.1 Het uitzetten van een extra minicontainer van enige soort, per minicontainer (met een maximum van 1 extra minicontainer per afvalsoort): €50,00 5.2 Het op aanvraag verkrijgen van een extra afvalpas (met een maximum van 1 extra afvalpas per perceel): €10,00 5.3 Het vervangen van een minicontainer van enige soort bij beschadiging, vermissing of diefstal €50,00 5.4 Het vervangen van een afvalpas bij beschadiging, vermissing of diefstal €10,00 5.5 De belasting als bedoeld in 5.3 en 5.4 wordt niet opgelegd indien de oorzaak van de beschadiging, vermissing of diefstal niet aan de belastingplichtige te wijten is.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.