← Nederland

Verordening forensenbelasting gemeente Lochem 2026 (Lochem)

Verordening forensenbelasting gemeente Lochem 2026De raad van de gemeente Lochem; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 21 oktober 2025, nr. 2209658; gelet op artikel 223 van de Gemeentewet; B E S L U I T : vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting gemeente Lochem

  1. Artikel1Definities Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning: een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet. Artikel2Belastbaar feit en belastingplicht Onder de naam 'forensenbelasting' wordt een directe belasting geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Artikel 3 Vrijstellingen Niet belastingplichtig is de persoon die ter tijdelijke waarneming van een openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een algemeen vertegenwoordigend lichaam, waarvan hij het lidmaatschap bekleedt, dan wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de gemeente van zijn hoofdverblijf vertoeft. Artikel4Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting bedraagt per woning € 396,
  2. Artikel5Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld De belasting is verschuldigd op het moment dat de gemeubileerde woning meer dan 90 dagen in het belastingjaar beschikbaar is gehouden als bedoeld in artikel
  3. Artikel 7a Aangifte In afwijking van artikel 237, eerste lid, van de Gemeentewet geschiedt het uitnodigen tot het doen van aangifte door het uitreiken of toezenden van een aangiftebrief waaruit blijkt de wijze van het doen van aangifte, een omschrijving van de gevraagde gegevens of bescheiden en de termijn waarbinnen aangifte moet worden gedaan. In afwijking van artikel 237, tweede lid, van de Gemeentewet wordt aangifte gedaan door het op de in de aangiftebrief aangegeven wijze inleveren of toezenden van de gevraagde gegevens of bescheiden. De aangiftebrief kan langs elektronische weg verzonden worden. Artikel8Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de eerste maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, als het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dat € 50,-, maar minder is dan € 10.000,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel9Overgangsrecht De Verordening forensenbelasting 2025, vastgesteld op 25 november 2024, wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2026, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 10 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari
  4. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  5. Artikel10Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening forensenbelasting gemeente Lochem
  6. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Lochem op 8 december 2025.de griffier,P. de Boerde voorzitter,F.T.J.M. Backhuijs Toelichting Verordening forensenbelasting gemeente Lochem 2026 De wijzigingen ten opzichte van de verordening 2025 zijn hieronder toegelicht. Artikel 4 Het tarief gaat in 2026 omhoog. In dit geval gaat het om een inflatiecorrectie. Die correctie is dezelfde als bij de overige belastingen. Dit leidt naar het oordeel van de raad niet tot een daadwerkelijke lastenverzwaring, waarbij een meer uitgebreide belangenafweging moet plaatsvinden (vgl. Hoge Raad 13 september 2024, ECLI:NL:HR:2024:1178, r.o. 4.4.2, slotzin). Daarbij speelt ook mee dat de verordening voorziet in de mogelijkheid om de belasting in 10 maandelijkse termijnen te betalen. De last kan dus worden gespreid. Artikel 8, tweede lid De betaaltermijn bij automatische incasso is verruimd naar altijd 10 maandelijkse termijnen. Tot nu toe was dat doorgaans 7 maandelijkse termijnen. Dat heeft te maken met het moment van versturen van de aanslagen. Doorgaans is dat in mei. Dan resteren nog 7 maanden in het jaar waarin betaald kon worden.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.