tikel 1, onder g van de Monumentenverordening 2005; besluit vast te stellen het navolgende: Reglement commissie monumenten & cultuurhistorie Artikel1Instelling commissie monumenten & cultuurhistorie 1.Het college stelt een commissie monumenten & cultuurhistorie in. 2.De commissie monumenten & cultuurhistorie draagt zorg voor: het adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988 en de Monumentenverordening 2005 in de gemeente Voorst en, het uitbrengen van advies aan en het voeren van overleg met het college over het te voeren beleid op het terrein van de cultuurhistorie in de meest ruime zin van het woord. 3.Het college geeft de commissie monumenten & cultuurhistorie voldoende gelegenheid zich over de tot zijn taak behorende onderwerpen te beraden en zijn adviezen en aanbevelingen te formuleren. Artikel 2 Taken De commissie monumenten & cultuurhistorie heeft de volgende taken: het uitbrengen van advies aan het college over aanvragen om vergunning als bedoeld in artikel 11 van de Monumentenwet 1988; het uitbrengen van advies aan het college over de aanwijzing van een onroerend goed tot gemeentelijk monument en de wijziging of intrekking van een dergelijke aanwijzing; het uitbrengen van advies aan het college over aanvragen om vergunning als bedoeld in artikel 10 van de Monumentenverordening; het desgevraagd adviseren en doen van aanbevelingen aan het college over het in artikel 1, tweede lid, onder b genoemde onderwerp. Artikel 3 Samenstelling De commissie monumenten & cultuurhistorie bestaat uit ten minste drie en ten hoogste vijf leden. De secretaris-deskundige van de welstandscommissie als bedoeld in de Woningwet is in elk geval lid van de commissie monumenten & cultuurhistorie. Daarnaast wordt bij de benoeming van de leden gestreefd naar deskundigheid op het terrein van kennis van (lokale) historie; kennis van architectuur en bouwhistorie; bouwkundige deskundigheid en kennis van restauraties; kennis op het gebied van de historische geografie; kennis op archeologisch gebied; kennis van stedenbouw en/ landschapsarchitectuur. Artikel 4 Voorzitter De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door en uit de commissie monumenten & cultuurhistorie aangewezen. De voorzitter is belast met: het leiden van de vergadering; het handhaven van de orde; het doen naleven van dit reglement; hetgeen dit reglement hem verder opdraagt. Indien bij enige stemming de stemmen staken beslist de stem van de voorzitter. Artikel 5 Zittingsduur en vacatures De zittingsperiode van een lid eindigt in ieder geval op de dag waarop de benoeming van wethouders op grond van artikel 37 van de Gemeentewet overeenkomstig het bepaalde in artikel 38 van de Gemeentewet ingaat. Het college kan een lid ontslaan. Het college kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger uit diens hoedanigheid ontslaan. Een lid kan te allen tijde ontslag nemen. Hij doet daarvan schriftelijk mededeling aan het college. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als zijn opvolger is benoemd. Indien een vacature ontstaat, beslist het college zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming van artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.