Beleidsregels Terugwerkende kracht en vereenvoudiging aanvraagprocedure gemeente Almere 2026Het college van burgemeester en wethouders van Almere, Gelet op artikel 43 lid 6, 43a en 44 lid 1 en 5 van de Participatiewet, artikel 15a en 16a lid 4 van de I.O.A.W. en artikel 15a en 16a lid 3 van de I.O.A.Z. per 1 januari 2026; Gelet op de inwerkingtreding van de Participatiewet in Balans; BESLUIT: Vast te stellen Beleidsregels Terugwerkende kracht en vereenvoudiging aanvraagprocedure gemeente Almere 2026; In te trekken de beleidsregels: moment aanvragen bijzondere bijstand (terugwerkende kracht); Ingangsdatum bijstand na afgewezen WW-aanvraag; beleidsregel Verkorte aanvraagprocedure na korte onderbreking bijstand; De Beleidsregels Terugwerkende kracht en vereenvoudiging aanvraagprocedure gemeente Almere worden als volgt ingevuld: Artikel1.Begripsomschrijving In deze beleidsregels en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: aanvraag: een aanvraag op grond van de Participatiewet, I.O.A.W. of I.O.A.Z; Bbz: Besluit bijstandverlening zelfstandigen; ingangsdatum bijstand: als bedoeld in artikel 44 lid 1 en lid 5 Participatiewet; I.O.A.W: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; I.O.A.Z: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; melding: als bedoeld in artikel 44 lid 1 Participatiewet, artikel 16a I.O.A.W en artikel 16a I.O.A.Z.; voorliggende voorziening: als bedoeld in artikel 15 Participatiewet; wet: Participatiewet Artikel2.Toekenning uitkering met terugwerkende kracht 1.Op grond van artikel 44 lid 5 Participatiewet, artikel 16a lid 4 van de I.O.A.W. en artikel 16a lid 3 van de I.O.A.Z. kan het college de uitkering toekennen vanaf de dag die maximaal drie maanden gelegen is voor de dag waarop de belanghebbende zich heeft gemeld, indien individuele omstandigheden hiertoe noodzaken. 2.Voor kosten die gemaakt zijn binnen 3 maanden voor de aanvraagdatum kan achteraf bijzondere bijstand op grond van de Participatiewet worden toegekend door het college. 3.Onder "kosten maken" als bedoeld in lid 2 verstaat het college het moment dat de aanvrager de eerste nota krijgt ter betaling van de aangevraagde kosten. Het maakt niet uit of de nota’s ten tijde van de aanvraag inmiddels al zijn betaald door aanvrager of voorgeschoten door een derde. 4.Indien het een aanvraag voor I.O.A.W. betreft, kent het college de uitkering met terugwerkende kracht toe vanaf de dag die maximaal drie maanden gelegen is voor de dag waarop de belanghebbende zich heeft gemeld voor de aanvraag en er in deze drie maanden (aanvullend) recht bestond op I.O.A.W, en als aan de voorwaarden van de I.O.A.W. wordt voldaan. 5.Indien het een aanvraag voor algemene bijstand op grond van de Participatiewet betreft, gaat de terugwerkende kracht niet verder dan het moment dat er sprake is van bijstandsbehoevende omstandigheden in de drie maanden voorafgaande aan de datum van de melding voor de aanvraag en als aan de voorwaarden voor bijstand van overheidswege is voldaan. Artikel3.Gebruik gegevens bij hernieuwde aanvraag 1.Indien na het eindigen van de algemene bijstand of I.O.A.W. wegens werkhervatting, binnen zes maanden een nieuwe aanvraag wordt gedaan en de omstandigheden van de persoon of het gezin niet zijn gewijzigd, biedt het college een verkorte aanvraagprocedure en gebruikt het college de gegevens die bij hem berusten in verband met de eerdere bijstandsverlening. 2.Het college verifieert de juistheid en actualiteit van de gegevens in de beschikbare bronnen en zo nodig bij de belanghebbende. Het college verifieert in ieder geval de bankrekening waarop de aangevraagde uitkering betaalbaar moet worden gesteld. Artikel4.Meldingsdatum Bbz, I.O.A.W., I.O.A.Z. en Voorliggende Voorzieningen 1.Indien een belanghebbende zich onverwijld na afwijzing van een aanvraag voor een uitkering op grond van de Bbz, I.O.A.W. of I.O.A.Z. meldt voor een aanvraag voor algemene bijstand, geldt de datum van melding voor de aanvraag voor die uitkering tevens als melding bedoeld in artikel 44 lid 1 Participatiewet. Andersom geldt voor de Bbz en I.O.A.W. na afwijzing van een aanvraag voor een uitkering op grond van de Participatiewet de datum van melding voor de aanvraag van de bijstand tevens als meldingsdatum voor de aanvraag Bbz en I.O.A.W. mits deze aanvraag onverwijld is ingediend. 2.Onder onverwijld verstaat het college een termijn van maximaal 10 dagen na de verzenddatum van de afwijzing. 3.Het gestelde in lid 1 en 2 is ook van toepassing op alle andere voorliggende voorzieningen die de belanghebbende heeft aangevraagd en zijn afgewezen. 4.Voor andere personen die een beroep moeten doen op bijstand, Bbz of I.O.A.W. vanwege een wijziging in hun situatie zoals een verhuizing, einde detentie, einde arbeidsovereenkomst of overlijden partner, deze moeten binnen 10 kalenderdagen vanaf die wijziging een aanvraag hebben ingediend om de meldingsdatum van de aanvraag te kunnen laten aansluiten op de wijziging van de situatie. 5.Een latere meldingsdatum kan gerechtvaardigd worden als er sprake is van bijzondere omstandigheden. Artikel5Inwerkingtreding Deze beleidsregels treden in werking op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.