Verordening forensenbelasting 2026Besluit van de raad van de gemeente Woensdrecht tot vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting Woensdrecht 2026 De raad van de gemeente Woensdrecht; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2025; gelet op artikel 223 van de Gemeentewet; BESLUIT vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting Woensdrecht 2026 Artikel1Definitie Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: woning: een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet. Artikel2 Belastbaar feit en belastingplicht Onder de naam 'forensenbelasting' wordt een directe belasting geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Artikel3 Vrijstellingen Niet belastingplichtig is degene die ter tijdelijke waarneming van een openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een algemeen vertegenwoordigend lichaam, waarvan hij het lidmaatschap bekleedt, dan wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de gemeente van zijn hoofdverblijf vertoeft; De belasting wordt niet geheven ter zake van een gemeubileerde woning waarin gelegenheid tot verblijf wordt geboden terzake waarvan verblijfsbelasting is verschuldigd. Artikel4 Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerendezaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld. In afwijking van het eerste lid wordt de belasting geheven naar de waarde, indien de heffingsmaatstaf voor de onroerendezaakbelastingen voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken. In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerendezaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde. De vaststelling van de waarde bedoeld in het tweede en derde lid geschiedt overeenkomstig de artikelen 220 tot en met 220d van de Gemeentewet, met dien verstande dat daarbij artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken niet wordt toegepast. Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. Het percentage bedraagt 0,2930%. De belasting bedraagt minimaal € 100,00 en maximaal € 1.217 per woning. Artikel5 Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6 Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel7 Ontstaan van de belastingschuld De belasting is verschuldigd op het moment dat de gemeubileerde woning meer dan 90 dagen in het belastingjaar beschikbaar is gehouden als bedoeld in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.