← Nederland

Verordening rechtspositie raadsleden en commissieleden Raalte 2025 (Raalte)

Verordening rechtspositie raadsleden en commissieleden Raalte 2025De raad van de gemeente Raalte; gelezen het voorstel van de raadsleden in agendacommissie d.d. 10 november 2025; gelet op de artikelen 95 tot en met 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.3, eerste lid, 3.1.4, , eerste lid, , 3.3.2, 3.3.3, tweede lid, 3.3.8 en 3.4.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers; Besluit: Vast te stellen de Verordening rechtspositie raadsleden en commissieleden Raalte

  1. Artikel1.Definitiebepalingen: In deze verordening wordt verstaan onder: commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd. griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet. raadslid: lid van de gemeenteraad. presidium: het presidium zoals bedoeld in het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad. Artikel
  2. Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie
  3. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet, of een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoel in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, kan voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage worden toegekend
  4. Bij de installatie van een commissie zoals bedoel in lid 1, bepaalt de raad of er een vergoeding wordt verbonden aan het lidmaatschap van die commissie en, indien van toepassing, de hoogte van die vergoeding.
  5. De toelage voor een lid van een onderzoekscommissie is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
  6. De toelage voor een lid van een bijzondere commissie is maximaal het bedrag genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Artikel
  7. Verhoging vergoeding commissieleden (niet raadsleden) voor het bijwonen van commissievergaderingen i.v.m. bijzondere deskundigheid of zwaarte taak
  8. Een commissielid wordt een vergoeding toegekend per bijgewoonde vergadering overeenkomstig artikel 3.4.1 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdrager.
  9. De raad kan in afwijking van het bepaalde in het eerste lid bij verordening een hogere vergoeding voor commissieleden vaststellen als: het commissielid op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie is aangetrokken en/of het commissielid een vergoeding ontvangt die niet geacht kan worden in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van zijn taak en/of de omvang van de door hem te verrichten arbeid. Artikel
  10. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden
  11. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed: de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten;
  12. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.
  13. Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld.
  14. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed. Artikel
  15. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raadsleden
  16. Een raadslid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.
  17. Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.
  18. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
  19. Het presidium beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
  20. De gemeenteraad kan bij afzonderlijke verordening regels stellen met betrekking tot de maximale vergoeding.
  21. De kosten voor het lidmaatschap van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden worden rechtstreeks vergoed aan deze vereniging.
  22. Kosten van scholing die wordt georganiseerd door een beroepsvereniging als bedoeld in artikel 3.3.4 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten komen altijd voor vergoeding door de gemeente in aanmerking als voldaan wordt aan de voorwaarden genoemd in het eerste en tweede lid.
  23. Aanvragen die niet overeenkomstig de bepalingen in deze verordening worden ingediend komen niet voor vergoeding in aanmerking. Artikel
  24. Informatie- en communicatievoorzieningen raadsleden en commissieleden
  25. Een raadslid of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.
  26. Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.
  27. Een raadslid of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Artikel
  28. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel (Werkkostenregeling)
  29. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
  30. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31 a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting
  31. Artikel
  32. Betaling vaste vergoedingen Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers maandelijks plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering. Artikel
  33. Betaling en declaratie van onkosten
  34. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, of betaling vooruit uit eigen middelen.
  35. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel kan éénmaal per drie maanden ingediend worden en gaat vergezeld van een declaratieformulier en eventuele bewijsstukken.
  36. Het declaratieformulier en de eventuele bewijsstukken worden binnen vier maanden na factuurdatum of betaling door raadsleden ingediend bij de griffier. Artikel
  37. Intrekking oude verordening De ‘Verordening rechtspositie raadsleden en commissieleden Raalte 2019’ wordt ingetrokken. Artikel
  38. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari
  39. Artikel
  40. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Verordening rechtspositie raadsleden en commissieleden Raalte 2025’. Aldus besloten in de vergadering van 4 december
  41. de griffier,KarinZomerde voorzitter, Rob Zuidema

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.