Verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2026De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 4 november 2025; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; b e s l u i t : vast te stellen de Verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2026 Artikel1Definities In deze verordening wordt verstaan onder: algemeen graf: een graf, keldergraf daaronder begrepen, bij de gemeente in beheer waarin de gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven en begraven houden van een overledene; asbus: een bus of een asbox ter berging van as van een overledene; begraafplaatsen: de bij de gemeente Súdwest-Fryslân in eigendom, beheer en onderhoud zijnde gemeentelijke begraafplaatsen in Bolsward, Hindeloopen (oud en nieuw), IJlst (oud en nieuw), Koudum, Molkwerum, Skarl, Sneek, Stavoren, Ypecolsga, Raerd, Poppenwier, Workum en Wommels; beheerder: de medewerker die belast is met de exploitatie en de dagelijkse aansturing van de gemeentelijke begraafplaatsen of degene die hem vervangt; begraven: het ter aarde bestellen van een overledene in een particulier graf of een algemeen graf; het plaatsen van urnen of bussen met as van een gecremeerde overledene: in of op een particulier graf of een particulier urnengraf; in een algemeen graf of een urnengraf; in een urnennis; columbarium: een urnengalerij met urnennissen; dubbeldiepgraf: een particulier graf waarin de mogelijkheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van twee overledenen in hetzelfde graf; dubbeldiep natuurgraf: een onderhoudsvrij particulier graf met voorwaarden ten aanzien van de grafbedekking waarin de mogelijkheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van twee overledenen in hetzelfde graf; enkeldiepgraf: een particulier graf waarin de mogelijkheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van een overledene; familiegraf: twee naast elkaar gelegen particuliere graven met de mogelijkheid tot het aanbrengen van een gezamenlijke grafbedekking; gebruiker: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een algemeen graf is verleend, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden; graf: gegraven kuil of gemetselde of ommuurde, al dan niet ondergrondse, ruimte dienend tot laatste rustplaats van een overledene; grafbedekking: grafbeplanting of gedenkteken die op het graf, de gedenkplaats of de urnenplaats zijn geplaatst; grafrecht: het gebruiksrecht op het gebruik van een ruimte in een algemeen graf en het uitsluitend recht op een particulier (kelder-)graf, urnengraf, urnenplaats, urnennis of gedenkplaats; keldergraf: een graf met een betonnen of kunststof constructie die in de grond is geplaatst en afgedekt is met een sluitplaat; kindergraf: een particulier graf waarin gelegenheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van een overleden kind beneden de leeftijd van twaalf jaar; kindernatuurgraf: een onderhoudsvrij particulier graf met voorwaarden ten aanzien van de grafbedekking waarin gelegenheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van een overleden kind beneden de leeftijd van twaalf jaar; natuurgraf: een onderhoudsvrij particulier graf met voorwaarden ten aanzien van de grafbedekking; natuururnengraf: een onderhoudsvrij particulier urnengraf met voorwaarden ten aanzien van de grafbedekking; nis: uitholling in een urnenwand of columbarium voor het plaatsen van asbussen, met of zonder sierurnen; particulier graf: een graf, een keldergraf daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen begraven en begraven houden van overledenen en/of het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; urnengraf: een particulier urnengraf, kelderurnengraf daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; gedenkplaats: een particuliere plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het plaatsingsrecht is verleend voor het plaatsen van een gedenkteken om overledenen te gedenken; rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier (urnen-)graf of kelder, een particuliere urnenplaats of urnennis, of een particuliere gedenkplaats, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden; schudden: het op verzoek van de rechthebbende leeg maken van één of meerdere lagen in een graf waarbij de stoffelijke resten onder de onderste laag worden samengebracht; ruimen: het verwijderen van de grafbedekking na afloop of na afstand van het grafrecht en in een latere fase van het volledige graf, waarbij de stoffelijke resten worden overgebracht naar een verzamelgraf; verstrooiplaats: door de beheerder aan te wijzen plaatsen of een begraafplaats waar as van een overledene kan worden verstrooid; urn: een voorwerp ter berging van één (of meer) asbus(sen) of asbox(en); urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; urnenplaats: een particuliere bovengrondse plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor het plaatsen van en geplaatst houden van asbussen in een object (waaronder begrepen een kunstwerk); urnentuin: een op een begraafplaats aangelegde ruimte uitsluitend bestemd voor urnengraven; vlinder: gedenkteken in de vorm van een vlinder van 5x4 tot 11x10 centimeter dat op een vlinderrots kan worden geplaatst; Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor diensten van de gemeente in verband met de begraafplaats. Artikel3Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Vrijstellingen De rechten worden niet geheven voor: het lichten van een lijk op rechtelijk gezag; het begraven van een lijk van een levenloos of pasgeboren kind, dat tegelijk met de bij, of kort na de bevalling overleden moeder in dezelfde grafruimte wordt begraven. Artikel5Maatstaf van heffing en belastingtarief De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een eenheid in de tarieventabel als een volle eenheid aangemerkt. Artikel6Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De onderhoudsrechten in hoofdstuk 8 en 9 van de tarieventabel, worden geheven per aanslag. Andere rechten, anders dan de onderhoudsrechten in hoofdstuk 8 en 9 van de tarieventabel, worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld De onderhoudsrechten in hoofdstuk 8 en 9 van de tarieventabel, zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar. De rechten, anders dan de onderhoudsrechten in hoofdstuk 8 en 9 van de tarieventabel, zijn verschuldigd bij aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel9Termijnen van betaling De aanslagen moeten worden betaald in twee gelijke termijnen. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 vervalt de eerste termijn op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. De tweede termijn vervalt twee maanden later. De verschuldigde bedragen kunnen ook door middel van automatische betalingsincasso worden afgeschreven overeenkomstig de voorwaarden gesteld in het 'Reglement voor de automatische incasso van de gemeentelijke belastingen in de gemeente Súdwest-Fryslân'. De aanslagen moeten dan worden betaald in acht gelijke maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de termijnen in de voorgaande leden. Artikel10Kwijtschelding Bij de invordering van de grafrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Inwerkingtreding en citeertitel Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.