Verordening op de heffing en inning van Brandweerrechten 2010Artikel1Belastbaar feit 1 Onder de naam “brandweerrechten” worden geheven: rechten voor het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde bezittingen van de gemeentelijke brandweer of van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen die bij de gemeentelijke brandweer in beheer of in onderhoud zijn; rechten voor het genot van door de gemeentelijke brandweer verstrekte diensten. 2 Geen rechten als bedoeld in het eerste lid worden geheven ter zake van: het voorkomen, beperken en bestrijden van brand; het beperken van brandgevaar; het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand; al hetgeen met de onderdelen a, b en c verband houdt; het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand; de bestrijding en beperking van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de Wet rampen en zware ongevallen. Artikel2Belastingplicht Belastingplichtig is: degene die gebruik maakt van de bezittingen, werken of inrichtingen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a; degene die een dienst aanvraagt dan wel degene te wiens behoeve een dienst is verleend, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b. Artikel3Maatstaf van heffing en tarief De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel4Belastingjaar Voorzover in de bij deze verordening behorende tarieventabel tarieven zijn opgenomen die per jaar worden geheven, is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel5Ontstaan van de belastingschuld en hfiing naar tijdsgelang De rechten waarop artikel 4 van toepassing is, zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, zijn de rechten, in zoverre in afwijking van artikel 3, tweede lid, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor de dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,
- Voor belastingbedragen tot € 10,00 vindt geen invordering plaats. Artikel6Wijze van heffing De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Indien zich ten aanzien van eenzelfde belastingplichtige meerdere belastbare feiten voordoen, kunnen de rechten ter zake daarvan worden geheven bij wege van één gedagtekende schriftelijke kennisgeving. Artikel7Termijn van betaling De rechten moeten worden betaald op het moment van uitreiking van de in artikel 6 bedoelde kennisgeving. Ingeval de kennisgeving wordt toegezonden, moeten de rechten worden betaald binnen een maand na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete zijn het eerste en tweede lid van overeenkomstige toepassing. Artikel8Kwijtschelding Bij de invordering van brandweerrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel9Inwerkingtreding en citeertitel De Verordening brandweerrechten Zwijndrecht 2009 van 16 december 2008 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Deze verordening kan worden aangehaald als de 'Verordening brandweerrechten Zwijndrecht 2010' Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 3 november
- De griffier, De voorzitter,BijlageTarieventabel 2010 Algemeen Alle in deze tabel opgenomen tarieven zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is. Hoofdstuk 1 Wacht- en controlediensten 1.
- Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot: 1.1.1 het verrichten van wacht- en waakdiensten € 38,75 per personeelslid, per uur; 1.1.2 het verrichten van controlediensten € 38,75 per personeelslid, per uur; 1.1.3 het ter beschikking stellen van personeel als bedoeld in hoofdstuk 6 van deze tabel € 38,75 per personeelslid, per uur; Hoofdstuk 2 Behandeling brandslangen 2.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot: 2.1.1 het reinigen en persen van brandslangen € 7,90 per slang; 2.1.2 het vulcaniseren van brandslangen € 5,35 per pleister; 2.1.3 het bendelen van brandslangen € 8,40 per bendel. Hoofdstuk 3 Beschikbaar stellen van brandblusmiddelen 3.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beschikbaar stellen, per etmaal, van een: 3.1.1 brandslang, per 20 meter en incl. gebruik koppelingen € 9,60 3.1.2 handbrandblusapparaat € 8,10 3.1.3 verdeelstuk € 6,80 3.1.4 straalpijp € 6,
- Hoofdstuk 4 Verrichten van rookproeven 4.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verrichten van een rookproef € 193,
- Hoofdstuk 5 Verrichtingen ten behoeve van de adembescherming 5.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot: 5.1.1 het controleren en reinigen van een gelaatstuk € 10,30; 5.1.2 het controleren/repareren van een ademluchtcilinder € 18,20; 5.1.3 het vullen van een ademluchtcilinder per liter tot 200 bar € 0,80; 5.1.4 het vullen van een ademluchtcilinder per liter tot 300 bar € 1,05; 5.1.5 het ontsmetten en reinigen van duikpakken en apparatuur per set € 22,
- Hoofdstuk 6 Verrichten van diensten 6.
- Voor zover daarvoor niet elders in deze tabel een tarief is opgenomen bedraagt het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het ter beschikking stellen met personeel, per kwartier of gedeelte daarvan van: 6.1.1 een bestelwagen (excl. personeel) € 24,85 6.1.2 een tankautospuit incl. 4 personen € 57,00; incl. 6 personen € 76,35; 6.1.3 een autoladder € 49,60; 6.1.4 een duikvoertuig t.b.v. het verrichten van duikwerkzaamheden door twee duikers en een assistent (drie personen) € 72,60 Hoofdstuk 7 Overige diensten 7.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot: 7.1.1 het ter beschikking stellen van een leslokaal € 15,40 per uur; 7.1.2 het verrichten van diensten met een motorzaag incl. personeel € 48,20 per uur; 7.1.3 het verrichten van diensten met een lichtaggregaat € 31,50 per uur; inclusief personeel € 70,20 per uur; 7.1.4 het verrichten van metingen € 68,50 per meting; 7.1.5 het verrichten van diensten in geval van storing in een perceel (incl. personeel en materiaal) € 50,90 per kwartier; 7.1.6 het verrichten van diensten in geval van opheffing van de afsluiting van een perceel (incl. personeel en materiaal) € 50,90 per kwartier; 7.1.7 het verrichten van verwijderings- en schoonmaakwerkzaamheden, exclusief schoonmaakmiddel per liter verbruikt schoonmaakmiddel € 219,50 per uur; € 9,
- Behoort bij raadsbesluit van 3 november 2009 De griffier van Zwijndrecht,