Gewijzigde Verordening Percentageregeling 2008Definities Artikel1 In deze regeling wordt verstaan onder: De beheerder (van de bestemmingsreserve): het college van burgemeester en wethouders. Bestemmingsreserve; de bestemmingsreserve, op te nemen in de programmabegroting, bestemd ter uitvoering van deze verordening, genaamd “Bestemmingsreserve Realisatie Kunst in de openbare ruimte”. Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. Gebouw: elk bouwwerk, dat een toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. Werk: een inrichting, geen bouwwerk of gebouw zijnde, zoals bijvoorbeeld een autoweg, parkeerplaats, voetpad, fietspad, plein, trottoir, speelplaatsen, groenvoorzieningen, plantsoenen, parken, bermen, taluds, vijvers en singels. Beeldende kunst: ieder vormgevingsproces waarbij een beeldend kunstenaar is betrokken. Een kunstopdracht: een opdracht aan één of meer beeldend kunstenaars tot de levering c.q. het ontwerpen en/of (doen) vervaardigen van een kunstwerk in relatie tot ruimtelijke vormgeving. Een kunstwerk: een product van beeldende kunst of een bijdrage aan beeldende vormgeving. Commissie Kunstruimte: Een gemeentelijke commissie, ingesteld door het college van Burgemeester en Wethouders belast met de advisering op het gebied van kunst (in de openbare ruimte). Objecten Artikel2 1.De verordening is van toepassing op alle nieuwbouw van gemeentelijke bouwwerken en gemeentelijke gebouwen, alsmede op de aanleg van gemeentelijke werken. 2.Bij nieuwbouw en verbouw van bouwwerken en gebouwen, alsmede bij aanleg van werken, niet-zijnde gemeentelijke objecten, kan het college van burgemeester en wethouders, indien zij het wenselijk achten, en wanneer het mogelijk is, voorwaarden stellen opdat tot toepassing van beeldende kunst wordt overgegaan. Artikel3 1.In de ramingen van kosten van nieuwbouw of aanleg van gemeentelijke objecten wordt een bedrag opgenomen ten behoeve van één of meer kunstopdrachten. 2.Het in lid 1 genoemde bedrag wordt als volgt berekend: over de eerste € 230.000,-- 1,5% van het begrote bedrag en 1% over het resterende bedrag tot een maximum van € 55.378,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.