← Nederland

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Terneuzen 2026 (Terneuzen)

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Terneuzen 2026 Op 11 december 2025 stelde de gemeenteraad de Verordening sociaal domein gemeente Terneuzen 2026 (verder te noemen: de verordening) vast. De datum van inwerkingtreding is 1 januari 2026. Deze verordening vormt de basis voor deze beleidsregels. De verordening is een algemeen verbindend voorschrift en is rechtstreeks bindend voor de inwoners van Terneuzen. De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) bepaalt dat de gemeente beleidsregels vaststelt. De verordening bevat een aantal hoofdregels. Een uitwerking kan in beleidsregels worden vastgelegd. Beleidsregels Beleidsregels zijn een uitwerking van de verordening. Het college stelde op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en de Wgs de beleidsregels vast. Uitvoering De uitvoering van de Wgs ligt bij het team Werk, Inkomen en Leerlingzaken en het team Support Sociaal Domein, die door het college gemandateerd zijn om de Wgs uit te voeren. Artikel1Begripsbepalingen De begrippen in artikel 1 Wgs en 1.6 van de verordening zijn ook op deze beleidsregels van toepassing. Aanvullend hierop is het volgende bepaald: In deze beleidsregels wordt verstaan onder: cliënt: persoon aan wie op grond van deze wet schuldhulpverlening wordt gegeven; crisissituatie: als ten gevolge van schulden een huisuitzetting en/of afsluiting van nutsvoorzieningen dreigt te ontstaan en/of als de inwoner in een regeling betalingsachterstand zorgpremie dreigt terecht te komen; schuldhulpverlening: het ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op de aflossing van schulden indien redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijke persoon niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, alsmede de nazorg; de wet: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. problematische schulden: een schuld is problematisch wanneer te voorzien is dat een natuurlijk persoon zijn schulden niet zal kunnen blijven betalen of is gestopt met betalen. Daaronder wordt verstaan een situatie waarin niet binnen 36 maanden alle opeisbare vorderingen betaald kunnen worden, en dus een schuldregeling wordt gestart; BKR: Bureau Kredietregistratie; CKI: Centraal Krediet Informatiesysteem; leefgebieden: thema’s die bij het bieden van schuldhulpverlening centraal staan: werk, inkomen, opleiding, spaargeld, schulden, wonen, gezin, gezondheid en sociaal netwerk; plan van aanpak: het plan, bedoeld in artikel 9 en als bedoeld in artikel 4a, eerste lid, onder a, van de wet dat zich specifiek op de inwoner richt, waarin de hulpvraag staat zoals die aan de hand van de systematische intake is vastgesteld en dat het aanbod voor de schuldhulpverlening bevat; Budgetbeheer: een vorm van financiële ondersteuning waarbij een organisatie (zoals de gemeente of een schuldhulpverleningsinstantie) tijdelijk het beheer van het inkomen van een cliënt overneemt. Het doel is om te zorgen dat vaste lasten en noodzakelijke uitgaven op tijd worden betaald, zodat er geen nieuwe schulden ontstaan. Artikel2Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening Alle inwoners van de gemeente Terneuzen met financiële zorgen of schulden. Personen die te maken hebben met bijzondere omstandigheden, als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van de wet. Het college geeft ook schuldhulpverlening aan personen die geen inwoner zijn als er sprake is van: verhuizing; detentie; of als er andere bijzondere omstandigheden zijn. Artikel3Toegang schuldhulpverlening Het college beslist op het verzoek tot toelating tot de schuldhulpverlening indien het college schuldhulpverlening noodzakelijk acht. Indien de noodzaak niet aanwezig wordt geacht door het college, kan het college een aanvraag weigeren. De vorm waarin de gemeente schuldhulpverlening aanbiedt, is van meerdere factoren afhankelijk en kan dus per situatie verschillen. Maatwerk is het uitgangspunt. De factoren die een rol kunnen spelen zijn: zwaarte en/of omvang van de schulden; individuele omstandigheden; sociale omgeving van cliënt; houding en gedrag van cliënt (motivatie). Artikel4Wacht en doorlooptijd Het eerste gesprek waarin de schriftelijke of mondelinge hulpvraag wordt vastgesteld, vindt plaats binnen vier weken nadat: een inwoner zich tot het college wendt voor schuldhulpverlening; of het college een signaal als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b van de wet heeft ontvangen, in het geval de inwoner het aanbod heeft geaccepteerd. Indien sprake is van een crisissituatie, dan geldt zowel voor schuldhulpverlening als vroegsignalering, een termijn van 3 werkdagen (artikel 4, lid 2 Wet gemeentelijke schuldhulpverlening). Artikel5Systematische intake Tijdens de systematische intake informeert het college de inwoner in elk geval over: de wijze waarop het college de inwoner ontzorgt en ondersteunt bij financiële problemen en indien mogelijk schuldenvrij en financieel zelfredzaam maakt; de persoonsgegevens die het college verwerkt om: de beschikking over de toegang tot schuldhulpverlening af te geven; het plan van aanpak op te stellen; en de beschikking in het geval van problematische schulden in het CKI van het BKR te registreren; de te verwachten doorlooptijd tussen: het eerste gesprek en de beschikking over de toegang tot schuldhulpverlening; de beschikking over de toegang tot schuldhulpverlening en het bereiken van het resultaat. het proces over: het verder aanvullen van het Plan van aanpak de periode van volgenennazorg. Als blijkt dat de inwoner een hulpvraag heeft waarvoor andere ondersteuning nodig is en de inwoner deze ondersteuning wenst, wordt de inwoner begeleid naar de afdeling binnen de gemeente die deze ondersteuning kan bieden. Artikel6Inhoud plan van aanpak Als het college toegang tot schuldhulpverlening geeft, maakt het na overleg met de inwoner een plan van aanpak als onderdeel van de toegangsbeschikking. Het plan van aanpak bevat in ieder geval: het doel van de schuldhulpverlening; het aanbod voor de schuldhulpverlening dat bestaat uit het oplossen van de schulden en de begeleidingsproducten; de verplichtingen waar de inwoner zich aan moet houden; een overzicht van de momenten die voor de schuldhulpverlening belangrijk zijn; de nazorg die geboden wordt; de beslagvrije voet, bedoeld in artikel 4a, vijfde lid, van de wet; en de afloscapaciteit, op basis van het vrij te laten bedrag. Het plan van aanpak wordt regelmatig geëvalueerd en waar nodig aangepast. Artikel7Verplichtingen De inlichtingenplicht uit artikel 6 van de wet en de medewerkingsplicht uit artikel 7 van de wet zijn van toepassing vanaf de aanvraag tot de beëindiging van de schuldhulpverlening. Het college houdt bij de beoordeling van de naleving van de inlichtingenplicht in ieder geval rekening met de tijdige aanlevering van noodzakelijke bewijsstukken voor de schuldhulpverlening en de melding van wijzigingen in de financiële situatie. Het college verstaat onder de medewerking die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van de schuldhulpverlening in elk geval: het nakomen van gemaakte afspraken en verplichtingen; het afzien van het aangaan van nieuwe schulden die het aflossen van bestaande schulden moeilijker maken; het bewust meewerken aan de begeleiding; wanneer cliënt een eigen woning bezit en er sprake is van een betalingsachterstand op de hypotheek zal het college onderzoeken hoe tot een oplossing gekomen kan worden. Het is hierbij van belang dat alleen na overleg met de hypotheekverstrekker wordt besloten om de woning te verlaten. Cliënt mag pas besluiten om te verhuizen naar een andere woonruimte, als er overleg is geweest met de hypotheekverstrekker. het zorgen voor zoveel mogelijk afloscapaciteit en die ook gebruiken om schulden af te lossen; en het volledig benutten van de arbeidscapaciteit om inkomsten te verweven, het aanvaarden van passende arbeid of het proberen te verkrijgen van passende arbeid in de mate die redelijkerwijs van de inwoner gevraagd kan worden. Het college geeft de inwoner in het gesprek en in de beschikking uitleg over de verplichtingen die voor de inwoner gelden. Artikel8Nazorg Als uit evaluatie blijkt dat alle doelen uit het plan van aanpak behaald zijn, gaat de periode waarin de inwoner ondersteund wordt over in een periode van nazorg; Het college legt in overleg met de inwoner de wijze waarop en de inhoud van de ondersteuning tijdens de periode van volgen vast; Als de inwoner in de periode van volgen terugvalt, dan gaat het college in gesprek met de inwoner en wordt het begeleidingsplan waar nodig aangepast en verder uitgevoerd. Artikel9Budgetbeheer Het college bepaalt per individueel geval hoe lang budgetbeheer noodzakelijk is. De duur is afgestemd op de financiële situatie, problematiek en zelfredzaamheid van de cliënt. Indien nodig besluit het college tot verlenging of opvolging van het traject. Budgetbeheer kan maximaal voor een periode van 3 jaar worden ingesteld. In uitzonderlijke individuele gevallen kan hiervan worden afgeweken. Het budgetbeheertraject wordt vastgelegd in de budgetbeheerovereenkomst. Er vinden tussentijdse voortgangsevaluaties plaats. De periode van nazorg (artikel 8) is een vast onderdeel van het budgetbeheertraject Voor het verstrijken van de maximale duur wordt samen met de inwoner gekeken naar welke uitstroommogelijkheden passend zijn, bijvoorbeeld de inwoner beheert de eigen financiën weer volledig zelf; overdracht naar een lichtere vorm van begeleiding of coaching; verwijzing naar langdurig of extern budgetbeheer (bijvoorbeeld beschermingsbewind). Een besluit tot beëindiging of verwijzing wordt schriftelijk medegedeeld aan de inwoner, met opgave van redenen en vervolgafspraken. Artikel10Weigeren en beëindigen Nadat alle verplichte onderdelen uit het plan van aanpak zijn afgerond, beëindigt het college na overleg met de inwoner de schuldhulpverlening en geeft het college een beëindigingsbeschikking af. Als er in een periode van zes maanden na de beëindigingsbeschikking een vroegsignaal binnenkomt, dan neemt het college contact met de inwoner op en wordt op basis van dat contact onderzocht welke hulp geboden wordt. Voor een verplichte voorziening zal het college een beschikking afgeven. Artikel11.Voortijdige beëindiging schuldhulpverlening Het college kan besluiten de schuldhulpverlening eerder te beëindigen als: de inwoner een verplichting niet of onvoldoende nakomt en: dit aan de inwoner te verwijten is; ii. er een termijn is gegeven om de verplichting alsnog na te komen; en daarvan geen gebruik is gemaakt of de verplichting alsnog niet of onvoldoende is nagekomen; of de inwoner zelf om beëindiging van de schuldhulpverlening verzoekt of de inwoner zich misdraagt tegenover personen die de schuldhulpverlening geven. De schuldhulpverlening eindigt van rechtswege bij het overlijden van de inwoner. Artikel12BKR-registratie Het college doet een melding (schuldhulpverlening) bij het BKR als een inwoner is toegelaten tot een schuldhulpverleningstraject wegens problematische schulden, zodat dit in het CKI wordt geregistreerd. Het college meldt het beëindigen van de problematische schuld bij het BKR. Artikel13Saneringskrediet Het college kan aan cliënten een saneringskrediet verlenen door het betalen van een (gedeelte van de) vordering ineens, tegen finale kwijting. Het saneringskrediet draagt bij aan het overzichtelijk maken van de totale schuldenlast van de klant. De looptijd van het saneringskrediet is maximaal 18 maanden. Het college sluit een kredietovereenkomst af, waarbij de totale schuldenlast tegen finale kwijting, op basis van betaling van een percentage van de totale schuldenlast, wordt afgekocht. Dit betekent dat er met de schuldeisers wordt afgesproken dat zij een vast percentage van hun schuld afbetaald krijgen. Artikel14Lidmaatschap NVVK De Gemeente Terneuzen is lid van de Vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren (NVVK). Het college zal zich bij de uitvoering van de schuldhulpverlening houden aan de richtlijnen en de convenanten die gesloten zijn door deze branchevereniging met verschillende partijen. Artikel15Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin deze beleidsregels niet voorzien, beslist het college. Het college handelt in overeenstemming met deze beleidsregels, tenzij dat voor een of meer inwoners gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze beleidsregel te dienen uitgangspunten en doelen. Artikel16Intrekken beleidsregels De Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Terneuzen 2025 worden ingetrokken. Artikel17Inwerkingtreding en citeertitel De beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Terneuzen 2026 treden op 1 januari 2026 met terugwerkende kracht in werking. Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Terneuzen 2026’. Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders in zijn vergadering van 27 januari 2026.Burgemeester en Wethouders van Terneuzen,gemeentesecretaris, burgemeester,Steven de Waal Franc Weerwind

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.