Verordening rechtsbescherming provincie Drenthe 2026Provinciale Staten van Drenthe; gelezen het voorstel van Gedeputeerde Staten van Drenthe van 2 december 2025, kenmerk 5.5/2025001687; BESLUITEN: vast te stellen de Verordening rechtsbescherming provincie Drenthe 2026 HOOFDSTUK1ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen In de verordening wordt verstaan onder: wet: Algemene wet bestuursrecht (Awb); bezwaarschrift: bezwaar als bedoeld in artikel 1:5, eerste lid, Awb; beroepschrift: administratief beroep als bedoeld in artikel 1:5 tweede en derde lid Awb; klacht: een bejegeningsklacht als bedoeld in artikel 9:1, eerste lid, van de Awb; commissie: de commissie als bedoeld in artikel 4, eerste lid; secretaris: de medewerker als bedoeld in artikel 8; Kamer: de Kamer als bedoeld in artikel 18, eerste lid; verwerend bestuursorgaan: het bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen of dat verantwoordelijk is voor de gedraging waarover wordt geklaagd; Artikel2Reikwijdte Deze verordening is van toepassing op de behandeling van en advisering over bezwaarschriften, beroepschriften en klachten, voor zover niet anders in een regeling, bij een individuele zaak of mandaatbesluit door een provinciaal bestuursorgaan is besloten. Artikel3Toepasselijkheid afdeling 9.1.3 Voor de behandeling van klachten waaraan niet informeel naar tevredenheid van de klager tegemoet is gekomen, wordt de in afdeling 9.1.3 van de wet geregelde procedure gevolgd. HOOFDSTUK2DE COMMISSIE Artikel4Instelling commissie en taak 1.Er is een Commissie rechtsbescherming. Deze commissie behandelt bezwaarschriften, beroepschriften en klachten en adviseert de provinciale bestuursorganen en de Kamer over de afdoening. 2.Het eerste lid is niet van toepassing op beroepschriften waarop de commissaris van de Koning beslist. 3.De commissie adviseert tevens over verzoeken om kostenvergoeding als bedoeld in artikel 7:15 en 7:28 van de wet. 4.De commissie kan een bestuursorgaan op haar verzoek of uit eigen beweging adviseren over aangelegenheden die de rechtsbescherming op provinciaal niveau betreffen. 5.De commissie stelt jaarlijks een verslag van haar werkzaamheden op. Artikel5Samenstelling commissie 1.De commissie bestaat per zitting uit een voorzitter en twee andere leden. 2.De commissie kiest uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter. 3.De voorzitter en leden van de commissie maken geen deel uit van en zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid of in opdracht van een bestuursorgaan van de provincie Drenthe. 4.Een voorzitter of een ander lid van de commissie maakt, uit eigen beweging of op verzoek, geen deel uit van de commissie, als hij bij de voorbereiding van het bestreden besluit betrokken is geweest of een persoonlijk belang heeft bij de zaak als bedoeld in artikel 2.4 van de wet. Artikel6Lidmaatschap commissie 1.Gedeputeerde Staten benoemen, schorsen en ontslaan de voorzitter en leden van de commissie. 2.De voorzitter en leden worden benoemd voor een periode van vier jaar. Gedeputeerde Staten kunnen de voorzitter en leden van de commissie maximaal tweemaal herbenoemen. 3.Het lidmaatschap van de commissie eindigt op het moment dat de duur van de maximale benoemingstermijn is verstreken en kan voorts eindigen: op eigen verzoek van de voorzitter of het betrokken lid; bij besluit van Gedeputeerde Staten; van rechtswege indien het lid niet langer voldoet aan de voorwaarde bedoeld in artikel 5, derde lid. 4.Bij het eindigen van het lidmaatschap blijft het commissielid zijn functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien, tenzij de reden van het aftreden zich hiertegen verzet. Artikel7Vergoeding 1.De leden en de voorzitter van de commissie ontvangen per zitting een vergoeding van Gedeputeerde Staten, overeenkomstig het percentage zoals genoemd in artikel 11, tweede lid, van de Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers provincie Drenthe 2019, berekend over het tarief zoals vermeld in artikel 2.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2.Vergoeding van reiskosten vindt plaats op basis van het bepaalde in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers. Voor de berekening van de reisafstand wordt uitgegaan van de kortste route volgens de ANWB-routeplanner. Artikel8Secretaris 1.Gedeputeerde Staten dragen zorg voor het secretariaat van de commissie. 2.De commissie wordt ondersteund door een of meer secretarissen. De secretaris draagt zorg voor de voorbereiding van de hoorzittingen, neemt deel aan de beraadslagingen, voert de beslissingen van de commissie uit en treedt namens de commissie op in door de commissie te bepalen gevallen. 3.De secretaris draagt zorg voor terugkoppeling van leerpunten uit de behandeling van bezwaarschriften, beroepschriften en klachten naar de bestuursorganen en de ambtelijke organisatie. HOOFDSTUK3DE PROCEDURE Artikel9Ontvangstbevestiging 1.In de ontvangstbevestiging wordt vermeld dat een commissie over het bezwaarschrift, beroepschrift of klacht adviseert. 2.Een bezwaarschrift, beroepschrift of klacht wordt zo spoedig mogelijk aan de commissie overhandigd. Artikel10Informele behandeling De secretaris onderzoekt of het bezwaarschrift, beroepschrift of klacht via informele behandeling kan worden opgelost en verricht daartoe de nodige voorbereidende handelingen. Artikel11Vooronderzoek 1.De secretaris wint alle gewenste inlichtingen in die nodig zijn voor een zorgvuldige advisering door de commissie. 2.De secretaris kan op verzoek van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen op de hoorzitting te verschijnen. Artikel12De hoorzitting 1.De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken vóór de hoorzitting schriftelijk uit, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden of van een situatie waarin op grond van artikel 7:3, 7:17 of 9:10 van de wet van het horen kan worden afgezien. 2.De hoorzitting kan fysiek, via een videoverbinding of hybride plaatsvinden. De voorzitter bepaalt de wijze waarop de hoorzitting plaatsvindt. 3.De commissie beslist over de toepassing van artikel 7:17 van de wet. 4.De voorzitter bepaalt de orde op de zitting. 5.In afwijking van artikel 4 kan de hoorzitting bij onvoorziene omstandigheden worden gehouden door twee commissieleden, van wie er ten minste één de (plaatsvervangend) voorzitter is. 6.Wanneer toepassing is gegeven aan het vijfde lid, wordt in het advies vermeld welke commissieleden hebben deelgenomen aan de totstandkoming van het advies. Artikel13Openbaarheid hoorzitting 1.De hoorzitting van de commissie is openbaar. 2.De voorzitter beslist over een verzoek om in beslotenheid te horen. 3.De voorzitter beslist of belanghebbenden buiten elkaars aanwezigheid worden gehoord zoals bedoeld in de artikelen 7:6 en 7:20 van de wet. 4.Voor klachten vindt de zitting van de commissie in ieder geval achter gesloten deuren plaats. Artikel14Verslaglegging 1.Van de hoorzitting wordt een geluidsopname gemaakt. Het advies van de commissie geeft hetgeen tijdens de hoorzitting is behandeld beknopt weer en vermeldt wie bij de hoorzitting aanwezig waren. 2.Op verzoek van een betrokkene verstrekt het secretariaat van de commissie een beknopt schriftelijk verslag van de hoorzitting. Artikel15Nader onderzoek 1.Indien de commissie na afloop van de zitting, maar vóór het uitbrengen van het advies, van oordeel is dat nader onderzoek nodig is, vindt dit onderzoek plaats door of onder leiding van de commissie. 2.De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt, in afschrift aan de belanghebbenden en het verwerend bestuursorgaan toegezonden. 3.De voorzitter kan naar aanleiding van het nader onderzoek, al dan niet op verzoek, besluiten tot het houden van een nieuwe hoorzitting. Artikel16Raadkamer en advies 1.De commissie beraadslaagt en beslist in beslotenheid over het uit te brengen advies. 2.De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. 3.Het advies wordt uitgebracht door ten minste drie commissieleden, waaronder in ieder geval de voorzitter en het lid dat bij de hoorzitting aanwezig is geweest. 4.Het advies is gemotiveerd, bevat een voorstel voor de te nemen beslissing, en wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie. Artikel17Beslissing 1.Het provinciaal bestuursorgaan stuurt het advies mee met de beslissing op het bezwaarschrift, beroepschrift of klacht. 2.Het secretariaat van de commissie ontvangt een afschrift van de beslissing op het bezwaarschrift, beroepschrift of klacht. HOOFDSTUK4KAMER UIT GEDEPUTEERDE STATEN Artikel18Kamer 1.De Kamer als bedoeld in artikel 171, eerste lid, van de Provinciewet wordt gevormd door het college van Gedeputeerde Staten. 2.De provinciesecretaris treedt op als griffier van de Kamer. 3.De Kamer is belast met de beslissing op beroepschriften in het kader van administratief beroep en met administratieve geschillen, voor zover aan de beslissing van Gedeputeerde Staten onderworpen. 4.De Kamer doet uitspraak, na advies van de commissie. HOOFDSTUK5SLOTBEPALINGEN Artikel19Intrekking De Verordening rechtsbescherming provincie Drenthe 2021, zoals bekendgemaakt op 16 december 2020, Provinciaal Blad 2020, nummer 9711, wordt ingetrokken en vervalt met ingang van 1 maart
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.