BELEIDSREGELS VRIJWILLIGERSACTIVITEITEN GEMEENTE ZAANSTAD Het college van de gemeente Zaanstad, Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3, lid 1 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Zaanstad, Overwegende dat: de raad van de gemeente Zaanstad op 26 juni 2008 het Beleidskader vrijwilligersactiviteiten heeft vastgesteld; de activiteiten die bijdragen aan de doelstellingen geformuleerd in dit beleidskader voor een subsidie in aanmerking moeten komen; het wenselijk is om nadere regels voor subsidiëring van deze activiteiten vast te stellen, besluit vast te stellen de volgende regeling: ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1Begripsomschrijvingen Behoudens de begripsomschrijvingen in artikel 1 van de verordening, wordt in deze beleidsregels verstaan onder: Activiteitensubsidie: Subsidie ten behoeve van vrijwilligersactiviteiten die betrekking hebben op de doelstellingen en doelgroepen zoals omschreven in het Beleidskader vrijwilligersactiviteiten. De vrijwilligersactiviteiten kunnen periodiek of incidenteel van karakter zijn. Contact: Ontmoeting en dialoog door en tussen verschillende bevolkingsgroepen; jong/oud, allochtoon/autochtoon, mensen met en zonder beperking, enzovoort. Integratie: Het bevorderen van een gelijke positie en gelijkwaardige deelname op sociaaleconomisch terrein, het bevorderen van de Nederlandse taal en van waarden, normen en gedragspatronen. Herdenkingsactiviteit Activiteit die zich richt op de herdenking van de tweede wereldoorlog en het vieren van de bevrijding door middel van een georganiseerde bijeenkomst. Herdenkingslocaties Een historisch gegroeide locatie waar jaarlijks op 4 mei een herdenkingsactiviteit plaatsvindt, meestal een monument. Jeugd: Mensen tot en met 23 jaar. Maatschappelijke participatie: Het betrekken en betrokken houden van mensen bij de samenleving. Mensen met een beperking: Mensen met lichamelijke of geestelijke handicaps, alsmede met psychische of psychosociale problemen. Normbedrag: Een door het college jaarlijks vast te stellen bedrag. Ouderen: Mensen vanaf 65 jaar. Vernieuwingssubsidie: Incidentele subsidie voor de uitvoering van een voor de gemeente Zaanstad nieuw initiatief op het gebied van vrijwilligersactiviteiten dat betrekking heeft op de doelstellingen en doelgroepen zoals omschreven in het Beleidskader vrijwilligersactiviteiten. Verordening: De Algemene Subsidieverordening gemeente Zaanstad. Vrijwilligersactiviteit: Een werkzaamheid die iemand onbetaald en onverplicht verricht. Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning. Zelfredzaamheid: Het op eigen kracht in het leven kunnen staan en daar richting aan kunnen geven in lichamelijk, sociaal, emotioneel, praktisch en economisch opzicht en het voorkomen van sociaal isolement. Artikel2Reikwijdte beleidsregels Deze beleidsregels zijn van toepassing op periodieke en incidentele activiteiten subsidies en vernieuwingssubsidies ten behoeve van vrijwilligersactiviteiten die betrekking hebben op de Wmo, zoals beschreven in het Beleidskader vrijwilligersactiviteiten, en tevens op waarderingssubsidies voor herdenkingsactiviteiten georganiseerd door herdenkingscomités. Artikel3Verdeling beschikbare middelen 1.Voor de subsidies gelden jaarlijkse subsidieplafonds. Voor incidentele activiteitensubsidies en vernieuwingssubsidies is dit subsidieplafond verdeeld in twee gelijke bedragen die het subsidieplafond vormen voor de eerste en de tweede helft van het jaar. 2.Aanvragen voor periodieke activiteitensubsidies van aanvragers die al drie of langer een periodieke activiteitensubsidie van de gemeente Zaanstad hebben ontvangen, worden met voorrang behandeld. Indien daarna nog middelen beschikbaar zijn, worden de overige aanvragen in volgorde van binnenkomst behandeld. Artikel4Aanvraag subsidie 1.Een subsidie in het kader van deze beleidsregels kan aangevraagd worden door volledig rechtsbevoegde rechtspersonen. 2.Indien het aan te vragen subsidiebedrag maximaal € 2.000 bedraagt, kan een subsidie tevens aangevraagd worden door informele verenigingen en natuurlijke personen. 3.Een aanvraag voor een activiteitensubsidie voor periodieke activiteiten en een waarderingssubsidie voor herdenkingsactiviteiten wordt ingediend voor 1 juli van het jaar voorafgaand aan het tijdvak waarop de aanvraag betrekking heeft. 4.Een aanvraag voor een activiteitensubsidie voor incidentele activiteiten en een vernieuwingssubsidie wordt ingediend minstens 17 weken voordat de activiteit plaatsvindt. 5.Voor het aanvragen van subsidie dient een daartoe vastgesteld formulier gebruikt te worden. 6.In aanvulling op het bepaalde in artikel 6 van de verordening, dient bij de aanvraag tevens te worden overgelegd: indien van toepassing een opgave van bij andere bestuursorganen of organisaties ingediende aanvragen voor subsidie of vergoeding ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken met betrekking tot de beoordeling van die aanvragen; een uitleg met betrekking tot de wijze waarop door de aanvrager is getracht om voldoende fondsen, bijdragen van deelnemers of andere bronnen van inkomsten te genereren; indien voor de eerste keer een subsidie boven € 2.000 wordt aangevraagd door een rechtspersoon: een recent exemplaar van de statuten en een uittreksel van de Kamer van Koophandel. Artikel5Weigeringsgronden Subsidie kan, in aanvulling op artikel 4:25 en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 9 van de verordening, geweigerd worden op de volgende gronden: 1.dezelfde soort activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd, wordt al vervuld door een andere instelling; SUBSIDIABELE ACTIVITEITEN Artikel6Activiteiten die bijdragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen van de Wmo en de door de gemeente aangewezen doelgroepen 1.Een activiteitensubsidie kan worden verstrekt ten behoeve van activiteiten die bijdragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen van de Wmo en de door de gemeente aangewezen aandachtsgroepen. 2.De activiteit moet gericht zijn op minimaal één van de onderstaande onderwerpen: a.zelfredzaamheid; b.maatschappelijke participatie; c.integratie; of d.contact. 3.De activiteit moet daarnaast gericht zijn op minimaal één van de door de gemeente aangewezen aandachtsgroepen: jeugd; ouderen; allochtonen; mensen met een beperking; of mantelzorgers. 4.De activiteiten dienen een bereik te hebben van minimaal 10 personen. 5.De activiteiten worden uitgevoerd voor, met of door inwoners van de gemeente Zaanstad. 6.De activiteiten vinden plaats binnen de grenzen van de gemeente en zijn zichtbaar en openbaar toegankelijk voor Zaanse burgers. 7.De organisatie van de activiteiten wordt voor minimaal 75% bedreven door vrijwilligers. 8.Aan een nieuw initiatief dat voldoet aan de in lid 1 tot en met 7 gestelde eisen kan een vernieuwingssubsidie worden verstrekt. Artikel7Herdenkingsactiviteiten georganiseerd door herdenkingscomités 1.Een waarderingssubsidie kan worden verstrekt ten behoeve van herdenkingsactiviteiten georganiseerd door de herdenkingscomité’s 4 mei van Westzaan, Zaandam, Krommenie, Koog aan de Zaan, Assendelft, Wormerveer en het stedelijk 4 en 5 mei comité Zaanstad. 2.Aan het stedelijk 4 en 5 mei comité Zaanstad wordt jaarlijks een waarderingssubsidie verstrekt voor het vijfjaarlijks organiseren van het bevrijdingsdag jubileum. 3.De activiteiten richten zich op de herdenking van de tweede wereldoorlog en het vieren van de bevrijding door middel van georganiseerde bijeenkomsten. 4.De organisatie van de activiteiten wordt voor minimaal 75% bedreven door vrijwilligers. 5.De activiteiten worden uitgevoerd voor, met of door inwoners van de gemeente Zaanstad. 6.De activiteiten vinden plaats binnen de grenzen van de gemeente en zijn zichtbaar en openbaar toegankelijk voor Zaanse burgers. Artikel8Berekening subsidiebedrag 1.Voor de berekening van de hoogte van een periodieke of incidentele activiteitensubsidie en een vernieuwingssubsidie wordt een puntensysteem gehanteerd dat de subsidiëring van een activiteit koppelt aan de doelstellingen van de Wmo, de door de gemeente aangewezen aandachtsgroepen zoals omschreven in artikel 6, lid 2 en 3 en het bereik van de activiteit. Het puntensysteem ziet er als volgt uit: Te behalen punten A. doelstellingen Wmo participatie 10 zelfredzaamheid 10 integratie 10 contact 10 Totaal A (moet >0, anders niet subsidiabel) B. aangewezen doelgroepen mantelzorgers 10 jongeren 10 ouderen 10 allochtonen 10 mensen met een beperking 10 Totaal B (moet >0, anders niet subsidiabel) C. bereik <10 --> niet subsidiabel X 10 t/m 50 0 > 50 10 Totaal C Totaal A + B + C Maximaal te halen punten 100 De hoogte van een activiteitensubsidie wordt als volgt berekend: het aantal punten berekend op basis van lid 1 wordt vermenigvuldigd met het normbedrag. Een waarderingssubsidie voor herdenkingsactiviteiten als beschreven in artikel 7 lid 1 wordt berekend op basis van een door het college vastgesteld normbedrag. Een waarderingssubsidie voor herdenkingsactiviteiten als beschreven in artikel 7 lid 2 wordt berekend op basis van een door het college vastgesteld bedrag. Artikel9Beperkingen aan subsidiëring 1.Het toe te kennen subsidiebedrag bedraagt maximaal 50% van de kosten van de te subsidiëren activiteit. 2.De maximale hoogte van alle activiteitensubsidies aan eenzelfde aanvrager of organisatie in een kalenderjaar bedraagt € 10.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.