/akn/nl/act/gemeente/2026/CVDR758171 /join/id/stop/work_006 /akn/nl/act/gm0736/2020/omgevingsvisie /join/id/stop/work_019 2026-03-04 2026-03-04 /akn/nl/act/gemeente/2026/CVDR758171/nld@2026-03-04 /join/id/proces/gm0736/2025/OmgevingsvisieDeRondeVenen15/ 2026-03-04 2026-03-04 /akn/nl/act/gm0736/2020/omgevingsvisie/nld@2026-03-03;f6d5ce9179e84948bde6558602b173de /akn/nl/act/gm0736/2020/omgevingsvisie /akn/nl/act/gm0736/2020/omgevingsvisie/nld@2026-03-03;f6d5ce9179e84948bde6558602b173de /join/id/stop/work_019 f6d5ce9179e84948bde6558602b173de Omgevingsvisie voor Gemeente De Ronde Venen Omgevingsvisie De Ronde Venen Voorwoord Beste inwoners en ondernemers van De Ronde Venen, Gemeente De Ronde Venen is in 2011 ontstaan uit een herindeling van voormalig gemeente De Ronde Venen en gemeente Abcoude. De geschiedenis van onze gemeente gaat terug naar een tijd waarin de streek uitsluitend werd bewoond door een groep turfstekers, die in cirkels het gebied ontgonnen. Vandaar de naam De Ronde Venen. Turfwinning was een belangrijke economische activiteit in de regio, waarbij veen werd afgegraven en gedroogd om als brandstof te dienen. Onze gemeente is landschappelijk gevormd door de turfwinning en inpoldering. Vanouds hadden onze dorpen een agrarisch karakter. In de jaren ’60 kwam de maakindustrie tot ontwikkeling, met name in Mijdrecht. Verspreid in het veenweidegebied liggen 8 dorpen, met ieder een eigen identiteit en is onze gemeente gegroeid naar ruim 45.000 inwoners. We zijn centraal gelegen tussen Amsterdam en Utrecht, met veel ruimte en natuur. Door onze ligging hebben we een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor inwoners en ondernemers. Onze gemeente is de afgelopen jaren veranderd en gaat de komende jaren flink groeien. Er zijn veel externe factoren die van invloed zijn op wat er mogelijk is om in de gemeente de optimale leef- en werkomstandigheden te creëren. Denk aan regels vanuit het Rijk en de provincie, maar ook aan trends en ontwikkelingen, zoals de grote behoefte aan woningen, verkeersdruk, klimaatadaptatie, meer aandacht voor gezondheid en welzijn en de behoefte aan recreatie en groen. De Ronde Venen heeft zich inmiddels ontwikkeld tot een veelzijdige gemeente. We merken ook dat groeien betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden. Keuzes met betrekking tot het ambitieniveau en hoe we met elkaar omgaan met de beschikbare schaarse ruimte. Als gemeentebestuur dienen we met elkaar de belangen van alle inwoners en ondernemers af te wegen bij toekomstige ontwikkelingen. Om dat laatste te ondersteunen is de Omgevingsvisie opgesteld: een toekomstbeeld voor het jaar 2040, waaraan beslissingen de komende jaren worden getoetst. Dit hebben wij gedaan samen met inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, andere overheden en de gemeenteraad. Voor u ligt het resultaat: een doorkijk naar De Ronde Venen 2040. Op deze manier zorgen we er met elkaar voor dat De Ronde Venen een veelzijdige gemeente blijft, waar het fijn wonen, werken, ondernemen en recreëren is. Het college van burgemeester en wethouders van gemeente De Ronde Venen Samenvatting De Omgevingsvisie De Ronde Venen 2040 schetst een beeld van hoe we willen dat De Ronde Venen er in 2040 uitziet. Het geeft duidelijkheid over de richting die de gemeente De Ronde Venen de komende jaren op wil en maakt heldere keuzes die nodig zijn om dit te realiseren. De omgevingsvisie raakt allerlei onderwerpen: waar en hoe gaan wij fijn wonen, hoe zit het met onze economie, ondernemers en duurzame energie-opwek, hoe gaan wij om met milieu, water en bodem? Hoe zorgen wij ervoor dat de gemeente De Ronde Venen in 2040 een gezonde en leefbare leefomgeving is, waar er ook fijn gecreëerd kan worden en de rijke cultuurgeschiedenis nog voelbaar is? De omgevingsvisie is ontwikkeld samen met inwoners, ondernemers, organisaties en andere overheden. Ook is de omgevingsvisie een oproep aan alle betrokkenen om actief bij te dragen aan deze toekomst, door middel van eigen initiatieven. Samen maken we De Ronde Venen een prettige plek om te wonen, werken en recreëren, ook in 2040. Lees meer over hoe en waarom de omgevingsvisie is opgesteld in hoofdstuk 1. Het werken aan de toekomst van De Ronde Venen begint bij een duidelijke stip op de horizon: wat is die gewenste toekomst precies waar we naartoe willen werken? Om die reden start de omgevingsvisie met het toekomstverhaal: een wenkend perspectief dat het gewenste beeld van De Ronde Venen in 2040 schetst. In 2040 zien we De Ronde Venen voor ons als een plek waar gezond en groen wonen en werken mogelijk blijft, in levendige dorpen waar mensen naar elkaar omkijken. Dorpen met een goede variatie in het woningaanbod, een slimme clustering van hoogwaardige voorzieningen, een verbeterde bereikbaarheid met de fiets en OV, om het bestaande wegennet te ontlasten, en een sterke en duurzame economie. Een gemeente waar een kwalitatief, open en groen buitengebied altijd dichtbij is, waar de landbouw toekomstbestendig is en waar de cultuurhistorische waarden van de Hollandse Waterlinies optimaal beleefbaar zijn. Lees meer over het toekomstverhaal van De Ronde Venen in hoofdstuk 2. De unieke kwaliteiten en kenmerken van De Ronde Venen vormen het fundament voor dit toekomstverhaal. We bouwen in de omgevingsvisie voort op de rijke geschiedenis van de gemeente: van de turfwinning en de monumentale kwaliteiten van de dorpen tot het agrarische landschap en de forten van de Hollandse Waterlinies. Van oudsher tot nu bekleedt De Ronde Venen een eigen rol binnen de regio: ook dit vormt een belangrijk vertrekpunt voor de omgevingsvisie. Lees meer over de historische ontwikkeling en ruimtelijke karakteristiek van De Ronde Venen in hoofdstuk 3. Met de omgevingsvisie geven we antwoord op de grote (ruimtelijke) uitdagingen en kansen die op De Ronde Venen afkomen. De 5 belangrijkste uitdagingen die we hierin onderscheiden zijn: a. Groeien met kwaliteit: de noodzaak om voldoende nieuwe, betaalbare en duurzame woningen toe te voegen, met aandacht voor de kwaliteit van de woonomgeving en voorzieningen. b. Werken aan een herkenbaar, weerbaar en toekomstbestendig buitengebied: de transitie naar toekomstbestendige landbouw, het tegengaan van bodemdaling en het benutten van kansen voor recreatie en cultuurhistorie. c. Borgen aantrekkelijkheid op grote schaal én lokaal profijt: het beschermen en beter benutten van de recreatieve aantrekkingskracht van de gemeente, waarbij ook lokale behoeften goed worden meegenomen en balans dient te zijn tussen rust en reuring. d. Verstevigen economisch profiel: het versterken van de lokale economie en werklocaties, met aandacht voor duurzaamheid, bereikbaarheid en het vergroten van de recreatieve potentie. e. Het creëren en stimuleren van meerdere vervoersvormen als smeermiddel van ontwikkelingen: het verbeteren van de bereikbaarheid met verschillende vervoersvormen door te investeren in fietsnetwerken, openbaar vervoer en deelmobiliteit om verkeersknelpunten te ontlasten en de bereikbaarheid te verbeteren. Lees meer over de 5 belangrijkste uitdagingen voor De Ronde Venen in hoofdstuk 4 Met het toekomstverhaal richting 2040 en de 5 belangrijkste uitdagingen in het achterhoofd zijn 3 integrale strategische kernambities geformuleerd met bijbehorende strategische keuzes. Deze kernambities zijn: a. Groen en gezond wonen in levendige en betrokken dorpen: gericht op een groei van 4.800 woningen tot 2040 met behoud van kwaliteit, verdichting binnen dorpen, koppeling met mobiliteit, klimaatadaptatie, verduurzaming van bestaande woningen en behoud van voorzieningenniveau. Hierbij wordt waar mogelijk ingezet op het bouwen van woningen binnen de contouren van de dorpen. Voor alle dorpen geldt daar waar mogelijk een ‘straatje erbij’. Bij nieuwe woningbouwlocaties wordt gekeken naar plekken buiten de rode contour die goed bereikbaar zijn met het ov, de fiets en de auto. Hier ligt de focus op geclusterde woningbouw om de impact op het groen en landelijke karakter in zijn totaliteit te beperken. Voor de periode na 2030 is gekozen voor het onderzoeken van woningbouwlocaties nabij Amstelhoek, Mijdrecht-West en Abcoude Zuidwest. b. Lokaal sterk in een dynamische regio: gericht op het versterken van het economisch profiel met onder andere een uitbreiding van 12 hectare van Bedrijventerrein Mijdrecht en de verbreding van het economische profiel naar recreatie en toerisme. Daarnaast wordt gekozen voor het verbeteren van de bereikbaarheid met meerdere vervoersvormen volgens het STOMP-principe (Stappen, Trappen, Openbaar Vervoer, Mobility as a Service, Privéauto). Hierbij vormt knooppuntontwikkeling de basis voor nieuwe (grootschalige) ontwikkelingen: wonen, werken en voorzieningen brengen we zoveel mogelijk in de nabijheid van ov-haltes of hubs. Tevens wordt maximaal ingezet op frequent vervoer langs de gestrekte ov-as als alternatief voor de auto. Daar waar de gestrekte ov-as over de N201 loopt, wordt ingezet op een verbeterde doorstroming van het openbaar vervoer. De mogelijkheden van vrijliggende infrastructuur voor het openbaar vervoer wordt daarin verkend.Ook wordt in deze strategische kernambitie ingezet op klimaatneutraliteit en circulariteit in 2050. c. Een beleefbaar, veerkrachtig en toekomstbestendig buitengebied: gericht op het behoud van landbouw als drager van de kwaliteit van het buitengebied, ondersteuning van toekomstbestendige landbouw en alternatieve verdienmodellen, aanpak van bodemdaling, natuurontwikkeling, bescherming van landschappelijke en cultuurhistorische waarden (o.a. Hollandse Waterlinies), het benutten van recreatieve potentie en de opwek van duurzame energie in de vorm van zonnevelden. Voor grootschalige zonnevelden worden op termijn de mogelijkheden onderzocht om deze te clusteren en goed te borgen dat de landschappelijke structuur altijd de basis vormt voor goede inpassing. Lees meer over de 3 integrale strategische kernambities en bijbehorende strategische keuzes voor de Ronde Venen in hoofdstuk 5. De Ronde Venen bestaat uit 8 dorpen, meerdere werklocaties en landschapstypen met ieder hun eigen kwaliteiten en opgaven. Daarom vertalen we de 3 integrale strategische kernambities en strategische keuzes naar gebiedsgerichte keuzes voor ieder deelgebied. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in de volgende gebieden: a. Dorpen: grote dorpen (Abcoude, Mijdrecht, Wilnis en Vinkeveen) en kleine dorpen (Amstelhoek, Baambrugge, De Hoef en Waverveen). b. Werklocaties: Bedrijventerrein Mijdrecht en lokale bedrijventerreinen. c. Buitengebied: droogmakerijen, veenweidelandschap, Angstel- en Geinlandschap, Plassengebied en Botshol. Lees meer over de gebiedsgerichte uitwerkingen in hoofdstuk 6. De omgevingsvisie vormt een afwegingskader voor alle nieuwe, ruimtelijke ontwikkelingen. Het is daarom opgesteld samen met bewoners, maatschappelijke en regionale partners en de provincie Utrecht. De ruimtelijke en maatschappelijke opgaven overstijgen vaak de gemeentegrenzen en daarom is het essentieel dat deze samenwerking wordt voortgezet. Waar nodig en mogelijk nemen wij hierbij een sturende of regisserende rol aan: in sommige gevallen hebben wij hiervoor instrumenten en middelen tot onze beschikking. De omgevingsvisie is een levend document. De veranderende wereld vraagt ons om regelmatig terug te blikken op deze visie en het bij te stellen voor nieuwe opgaven die op onze gemeente af komen. Daarom wordt de omgevingsvisie in ieder geval iedere 4 jaar geëvalueerd. Lees meer over de uitvoering van de omgevingsvisie in hoofdstuk 7. 1 Inleiding Het jaar 2040 lijkt nog ver weg.Toch is het in termen van ruimtelijke ontwikkeling heel dichtbij. De beslissingen die we nú nemen, bepalen mede hoe onze leefomgeving er dán uitziet. Met deze omgevingsvisie kijken we vooruit naar het jaar 2040 en schetsen we wat voor gemeente we dan willen zijn. In 2040 zien we De Ronde Venen als plek waar het groen en gezond wonen is in onze acht prachtige dorpen. Waar de lokale economische kracht is benut als schakel in een dynamische regio. Én waar het landschap, het erfgoed en het buitengebied nog steeds de parels zijn van de gemeente; veelzijdig, veerkrachtig en toekomstbestendig om zo op een passende manier het hoofd te bieden aan de opgaven die voorliggen. Hoe we willen dat onze leefomgeving er dan uitziet, welke keuzes we daartoe maken en hoe we hier met elkaar aan willen werken, staat in deze omgevingsvisie. Werken aan een duurzame en toekomstbestendige leefomgeving doe je samen. We hebben deze omgevingsvisie dan ook gemaakt samen met inwoners, ondernemers, belanghebbenden en de gemeenteraad. De visie geeft richting aan toekomstige ontwikkelingen, initiatieven en beleid van onze gemeente voor de komende jaren. Daarnaast beschrijven we hoe we daar op hoofdlijnen uitvoering aan willen geven. We willen hiermee uitnodigen, inspireren en tegelijkertijd ruimtelijke kaders stellen. We zien deze omgevingsvisie ook als een uitnodiging om samen met ons te werken aan een toekomstbestendige leefomgeving. Onze gemeente staat aan de vooravond van een groeistap van onze dorpen, maar ook ons buitengebied zal de komende jaren veranderen. Deze ontwikkelingen kunnen en willen we als gemeente niet alleen vormgeven; dat willen we samen doen met onze inwoners, agrariërs en ondernemers. Tijdens het opstellen van deze omgevingsvisie hebben we gemerkt dat er animo is in onze dorpen en het buitengebied om mee te denken over de toekomst van onze leefomgeving. Deze energie houden we graag vast – om ook richting 2040 te zorgen voor een gemeente waarin het fijn wonen, werken, ondernemen en verblijven is. 1.1 Grote opgaven vragen om een integrale visie Veel mensen vinden in De Ronde Venen een fijne plek om te wonen, werken en recreëren. Dat bleek ook uit de enquête en de vele gesprekken die de afgelopen tijd zijn gevoerd. Daar zijn we trots op en dat willen we in de toekomst zo houden. Dat is niet vanzelfsprekend, want de komende jaren krijgen we te maken met een groot aantal ontwikkelingen die effect hebben op onze leefomgeving. Ontwikkelingen op de woningmarkt en veranderingen in de bevolkingssamenstelling, zoals de vergrijzing, vragen om voldoende en passende woningen. Met name voor jongeren en ouderen in De Ronde Venen is het steeds lastiger om een passende woning te vinden. Ook ligt er een opgave om de bestaande woningvoorraad, bedrijventerreinen en de openbare ruimte te verduurzamen en klaar te maken voor de toekomst. Daarnaast zoeken we voor onze grotere en kleinere dorpen naar manieren om voorzieningen voor iedereen zo goed mogelijk bereikbaar te houden. Als we naar ons buitengebied kijken, zien we dat dit volop in beweging is. De agrarische sector, een belangrijke drager van ons buitengebied, werkt aan een omslag naar duurzame landbouw. Ook water- en klimaatopgaven vragen hier om ruimte, terwijl er tegelijkertijd een groeiende behoefte is aan recreatieve mogelijkheden in ons buitengebied. Dit vraagt aanpassingen in onze leefomgeving, zowel in ons buitengebied als in ons bebouwd gebied. Tegelijkertijd zitten we midden in de omschakeling naar meer duurzame, hernieuwbare energiebronnen. Al met al rijst de vraag hoe De Ronde Venen in de toekomst een aantrekkelijke, gezonde en veilige gemeente blijft om te wonen, werken, ondernemen en recreëren. Duidelijk is dat alle opgaven – met ieder hun afzonderlijke ruimteclaim – niet eenvoudig naast elkaar passen. We gaan in onze omgevingsvisie daarom op zoek naar slimme verbindingen en kansen voor meervoudig gebruik van ruimte. Soms zijn er kansrijke koppelingen tussen opgaven, soms vragen opgaven juist om heldere keuzes. Om onze doelen en ambities richting 2040 te realiseren, is het duidelijk dat we nu integrale keuzes en afwegingen moeten maken. Hierbij is het uitgangspunt in onze omgevingsvisie dat we recht doen aan volgende generaties, ofwel we willen niet afwentelen. Deze omgevingsvisie kijkt ver vooruit, waarbij de toekomst onzeker is. We kunnen niet precies voorspellen hoe de wereld er over 15 jaar uitziet. Dit vraagt om een flexibele houding. De omgevingsvisie van De Ronde Venen is daarom geen blauwdruk, maar een dynamisch document. Als het nodig is, kunnen we de komende jaren, samen met de samenleving en onze partners, doelen en ambities bijstellen. Hoe we dit doen beschrijven we in ons uitvoeringshoofdstuk. 1.2 Omgevingsvisie en Omgevingswet De omgevingsvisie is een beleidsinstrument voor gemeenten als onderdeel van de Omgevingswet. De Omgevingswet gaat over de ruimte waarin mensen wonen, werken en ontspannen. In de basis is het een bundeling van een groot aantal voorgaande wetten en regelingen over de fysieke leefomgeving. En veel belangrijker nog: de wet biedt lokale overheden meer integrale afwegingsruimte in regels en beleid en dus meer mogelijkheden om in overleg te gaan over plannen en initiatieven. Elke gemeente is verplicht een omgevingsvisie op te stellen voor het gehele eigen grondgebied. Een omgevingsvisie moet een integrale en strategische visie op hoofdlijnen zijn, gericht op de lange termijn en voor het hele grondgebied van de gemeente. Niet alleen gemeente De Ronde Venen stelt een omgevingsvisie op, maar ook het Rijk, provincies en gemeenten in Nederland zijn wettelijk verplicht om een omgevingsvisie op te stellen. De omgevingsvisie voor De Ronde Venen staat dan ook niet op zichzelf. Het staat altijd in relatie tot andere belangrijke gemeentelijke beleidsstukken en visies en afspraken van hogere overheden, zie figuur 2. Zo richt de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zich op de lange termijn en focust op het verbeteren van de kwaliteit van de omgeving, waarbij aspecten zoals natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid voorop staan. De omgevingsvisie van de Provincie Utrecht (POVI) schetst hoe Utrecht het groene, gezonde en slimme middelpunt van Nederland blijft, ook in 2050. Dat is vertaald in ambities op het gebied van een gezonde en veilige leefomgeving, de energietransitie, een klimaatbestendig Utrecht, Utrecht duurzaam en veilig bereikbaar en levendig landschap. Bij het opstellen van de omgevingsvisie voor De Ronde Venen is rekening gehouden met de ambities en kaders van regionaal, provinciaal en nationaal beleid. Daarnaast vormde bestaand en actueel beleid een belangrijk uitgangspunt voor de keuzes in deze omgevingsvisie. Naast het traject van de omgevingsvisie waren er binnen gemeente De Ronde Venen ook voortdurend parallelle trajecten van beleid in ontwikkeling. In de afgelopen periode was dat het geval op het gebied van wonen, bedrijventerreinen, mobiliteit en duurzaamheid. Ook zal er de komende jaren weer nieuw beleid ontwikkeld worden. Door de dynamische aard van de omgevingsvisie kunnen we de komende jaren regelmatig doelen en ambities bijstellen wanneer dit nodig blijkt te zijn. 1.3 Hoe en met wie maakten we deze omgevingsvisie We beschouwen deze omgevingsvisie als een verhaal van ons allemaal. Juist daarom hebben we gedurende het ontwikkelproces met inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, alle ambtelijke afdelingen en de gemeenteraad nagedacht en samengewerkt. Dat deden we in de vorm van digitale ophaalmomenten, fysieke werkateliers en reflectiegesprekken. In 3 fasen - gevolgd door een besluitvormende fase - is toegewerkt naar de omgevingsvisie voor De Ronde Venen. Fase 1: Verdiepen In de eerste fase hebben we de belangrijke kenmerken van gemeente De Ronde Venen op een rij gezet en is in beeld gebracht welke trends en ontwikkelingen op de gemeente afkomen. Concluderend is aangegeven wat de belangrijkste, integrale kansen en opgaven voor de gemeente zijn, waarvoor de omgevingsvisie in de toekomst een richting en handvatten moet bieden. Dit deden we via uitgebreide bureaustudie, een beleidsinventarisatie en werksessies met ambtenaren en ketenpartners van de gemeente. Daarnaast hebben we de samenleving bevraagd op hun visie op de leefomgeving. Dit gebeurde door een digitale enquête en straatgesprekken op verschillende plekken in de dorpen in de gemeente. Ook is de gemeenteraad meegenomen aan de hand van deze bevindingen. De resultaten van deze eerste, verdiepende fase zijn gebundeld in het Raamwerk De Ronde Venen 2040. Fase 2: Koers bepalen Met de opbrengsten van de eerste fase als vertrekpunt, is in de tweede fase gewerkt aan het scherpstellen van de koers van De Ronde Venen richting 2040. Hiertoe is gewerkt met 3 sporen die verschillende ‘toekomsten’ voor De Ronde Venen in beeld brachten. Ze gaven inzicht in de keuzes en gevolgen voor verschillende gebieden in De Ronde Venen. Met deze sporen als werksessiemateriaal hebben verschillende gespreksrondes plaatsgevonden, zoals met de ambtelijke organisatie en ketenpartners, de gemeenteraad, het college en met de samenleving. Met deelnemers bespraken we wat ze als voorstelbare en gewenste ontwikkelingen zagen. We hebben ook geduid welke onderdelen niet bij het toekomstbeeld van De Ronde Venen passen. Met de opbrengsten van deze gesprekken hebben we het Koersdocument De Ronde Venen 2040 opgesteld, dat is vastgesteld door de gemeenteraad. Dit koersdocument omvat het toekomstbeeld van de gemeente in 2040 en de strategische keuzes die daarbij passen. Fase 3: Ontwikkelen omgevingsvisie In de derde fase hebben we de omgevingsvisie opgesteld. De ambities en strategische keuzes uit het Koersdocument zijn vertaald in gebiedsgerichte keuzes voor 9 deelgebieden in De Ronde Venen. In werksessies met ambtenaren, ketenpartners, college en gemeenteraad hebben we geverifieerd of we voor de verschillende gebieden de juiste keuzes voor ogen hadden. In deze fase hebben we de samenleving intensiever betrokken: in 5 dorpsavonden, op verschillende plekken in de gemeente, hebben we bij inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties accenten, aandachtspunten en aanscherpingen opgehaald. Al deze gesprekken hebben geleid tot aanvullingen en aanpassingen die zijn verwerkt in de omgevingsvisie. Participatie: samen nadenken over de leefomgeving van morgen De omgevingsvisie daagt ons als gemeente, inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties uit om samen te werken aan de leefomgeving van morgen. We streven daarbij naar een gedeelde en breed gedragen visie. Daarom hebben we tijdens de totstandkoming van deze omgevingsvisie op vele momenten inzichten, perspectieven en verhalen met elkaar gedeeld. Een aantal belangrijke momenten waren: a. Digitale enquête en straatgesprekkenIn de eerste fase hebben we inwoners bevraagd op kwaliteiten, opgaven en dromen die ze voor De Ronde Venen zien. Dit hebben we gedaan door straatgesprekken en 1.647 reacties op de digitale enquête, die onder andere via het inwonerpanel is verspreid. Alle resultaten staan in het Raamwerk De Ronde Venen 2040. b. Ambtelijke werksessies In alle 3 de fases van het proces hebben ambtenaren van verschillende beleidsvelden hun inhoudelijke bijdrage geleverd aan de verschillende tussenproducten en de uiteindelijke omgevingsvisie. Hierbij waren belangrijke ketenpartners ook uitgenodigd, zoals het waterschap, woningcorporatie, de provincie Utrecht, de veiligheidsregio, de omgevingsdienst en de GGD. Tijdens deze sessies stond de integrale blik op de leefomgeving altijd centraal. c. Bewonersavonden: Ateliers De Ronde Venen 2040 Gedurende het proces om de omgevingsvisie te ontwikkelen, zijn in totaal 6 bewonersavonden georganiseerd, op verschillende plekken in de gemeente. Hier gingen inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties met elkaar in gesprek over hun visie op de leefomgeving. Deelnemers konden hun dromen, vragen, zorgen en ambities delen. Aan de hand van deze ateliers zijn keuzes in de visie bijgesteld of aangescherpt. d. Raads- en collegesessies In elke fase zijn de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders op regelmatige basis geïnformeerd en betrokken. Zo hebben er strategische sessies met het voltallige college plaatsgevonden, zijn er voorbereidende bijeenkomsten gehouden om de raad bij te praten en zijn er 2 werksessies met de raad georganiseerd om langer en dieper stil te staan bij de koers en keuzes. Op deze manier heeft het bestuur en de politiek ook haar bijdrage aan deze omgevingsvisie kunnen leveren. De resultaten van het participatietraject rondom het opstellen van deze omgevingsvisie zijn te vinden in de Nota van Participatie. 1.4 Milieu- en omgevingseffecten in beeld De verschillende ambities en keuzes die in deze omgevingsvisie worden gemaakt, leggen allemaal hun beslag op de beperkt beschikbare ruimte in De Ronde Venen. Een milieu-effectenrapport (MER, tegenwoordig ook wel omgevingseffectrapport (OER)genoemd) brengt de gevolgen van deze keuzes op het milieu en de omgeving in De Ronde Venen in beeld ten opzichte van de nulsituatie zoals in de Raamwerk De Ronde Venen staat omschreven. Zo kan het bestuur en de politiek de belangrijkste milieu-informatie meenemen in de afwegingen, keuzes en besluitvorming van de omgevingsvisie. Het uitvoeren van een MER is wettelijk verplicht voor omgevingsvisies die kaderstellend zijn voor toekomstige ontwikkelingen met een m.e.r.-plicht, zoals woningbouw. Dit geldt ook wanneer er Natura 2000-gebieden zijn, zoals Botshol, waarbij het op voorhand niet uit te sluiten is dat hier (significante) nadelige effecten optreden door ontwikkelingen die voortkomen uit de omgevingsvisie. Kortom, voor De Ronde Venen is het verplicht om een MER op te stellen. We hebben ervoor gekozen om het proces van de omgevingsvisie en het MER gelijktijdig op te laten lopen. Op deze manier konden keuzes en ambities in de concept-omgevingsvisie al beoordeeld worden op hun effecten en is de uiteindelijke omgevingsvisie op onderdelen aangescherpt om ongewenste effecten op het milieu en de omgeving van De Ronde Venen te dempen. 1.5 Leeswijzer Na dit eerste, inleidende hoofdstuk kent deze omgevingsvisie nog 6 hoofdstukken. In hoofdstuk 2 beschrijven we de stip op de horizon richting 2040 waar we met deze omgevingsvisie naartoe werken. Dit is het Toekomstverhaal van De Ronde Venen: een wenkend perspectief voor onze gemeente in 2040. In hoofdstuk 3 beschrijven we de belangrijkste ruimtelijke kwaliteiten en kernwaarden van De Ronde Venen: het vertrekpunt van deze omgevingsvisie. In hoofdstuk 4 schetsen we vervolgens op hoofdlijnen de belangrijkste opgaven waar gemeente De Ronde Venen een antwoord op moet formuleren. In hoofdstuk 5 gaan we in op onze 3 integrale kernambities richting 2040. Dit hoofdstuk sluiten we af met de kaart van de omgevingsvisie. In hoofdstuk 6 volgt een gebiedsgerichte uitwerking van het toekomstverhaal naar 9 deelgebieden. Tot slot beschrijven we in hoofdstuk 7 hoe we uitvoering gaan geven aan de omgevingsvisie en hoe we gaan samenwerken met andere partijen aan de ambities in deze visie. Ook beschrijven we hier hoe we de komende jaren vooruitgang monitoren en hoe de bekostiging eruitziet. 2 Toekomstverhaal In het toekomstverhaal beschrijven we hoe we willen dat er in 2040 ziet en wat voor gemeente we willen zijn. In 2040 is De Ronde Venen een plek waar het gezond en groen wonen en werken is, in levendige dorpen, en waar de natuur en het open landschap altijd dichtbij zijn. Het is ook een plek waar de hoogstedelijke functies in Amsterdam en Utrecht met uitstekende verbindingen nooit ver weg zijn. Hiermee biedt De Ronde Venen het beste van 2 werelden: een groenblauwe parel in de luwte van 2 metropoolregio’s. De verhaallijnen die de gemeente hebben gevormd, zijn benut om een toekomstbestendig antwoord te geven op de opgaven waar de gemeente anno 2024 voor stond. Hiervoor waren scherpe keuzes nodig. Want de complexe opgaven en transities - op het gebied van wonen, gezondheid, duurzaamheid, mobiliteit, voorzieningen, natuur, water, klimaat, erfgoed, landbouw en economie - lieten ons inzien dat doorgaan op de oude voet niet altijd mogelijk was. We hebben echt een stap naar voren gezet en zijn pro-actief aan de slag gegaan met deze opgaven én kansen. We hebben onze schouders eronder gezet en dat heeft zijn vruchten afgeworpen. We zien deze keuzes terug in het leven en landschap in De Ronde Venen in 2040. In 2040 is het nog steeds goed wonen in De Ronde Venen. Door de vele nieuwbouwontwikkelingen is de woningvoorraad gevarieerder geworden en zijn er nieuwe woonmilieus toegevoegd die aansluiten bij de behoeften van vandaag. Het woningtekort uit de jaren ‘20 voelt alweer als een ver verleden. We kozen voor een duidelijke clusteringsstrategie: bouwen op plekken die strategisch liggen, in de buurt van voorzieningen en goed bereikbaar met het openbaar vervoer en de fiets. Daardoor zijn de grotere dorpen Abcoude, Mijdrecht, Vinkeveen en Wilnis gegroeid en is het open karakter van het buitengebied goed behouden gebleven. In Amstelhoek, Baambrugge, De Hoef en Waverveen zochten we ook naar ruimte voor woningen binnen de bestaande dorpen. Daarnaast boden we via maatwerk ruimte voor kleinschalige woningbouwprojecten op goed bereikbare locaties buiten de contouren – het ‘straatje erbij’ – ten behoeve van de vitaliteit van deze hechte lokale gemeenschappen. Hierdoor onderscheiden we ons in de regio als Groene Hart-gemeente, direct omgeven door de hoogstedelijke dynamiek uit Amsterdam en Utrecht. Er zijn woningen voor starters bijgebouwd, waar zowel lokale jongeren als starters uit de regio zijn ingetrokken. Ook zijn er aantrekkelijke woonmilieus voor senioren verrezen, die op sommige plekken zijn gecombineerd met zorgvoorzieningen. Hierdoor kwam de doorstroming op gang en werden de sociale gevolgen van vergrijzing zo goed mogelijk opgevangen. Dit alles bleek van grote waarde om de dorpen vitaal te houden en mensen te binden aan onze gemeente. De sociale cohesie in zowel de grote als kleine dorpen is nog steeds hoog. Inwoners kijken naar elkaar om; oude bekenden en nieuwkomers, jong en oud. Wie in 2040 door de gemeente loopt, ziet dat Abcoude en Mijdrecht de belangrijkste voorzieningenkernen zijn. In Abcoude zijn is het dorp aan de zuidwestkant uitgebreid door ontwikkeling van de BON-gronden en is het dorpscentrum een compact en levendig voorzieningenhart in het dorp. Ook in Mijdrecht is de omgeving flink veranderd. De uitbreidingen aan de westzijde van het dorp hebben de dorpsrand aantrekkelijk afgerond met ruime, groene woonmilieus in een gevarieerd programma. Ook is er in de uitbreidingen ruimte gemaakt voor voorzieningen en openbaar vervoer. In het centrum van Mijdrecht zijn aantrekkelijke appartementen bijgebouwd, compacter en in hogere dichtheden. Het is een duidelijk centrum in de gemeente geworden, met een ruim aanbod aan voorzieningen en mobiliteitsopties nabij. Door de betere bereikbaarheid van de voorzieningen in Abcoude, Mijdrecht, Vinkeveen en Wilnis en de komst van nieuwe inwoners, is de draagkracht onder de voorzieningen vergroot. Deze voorzieningen worden ook steeds meer door de verschillende dorpen gedeeld. Hierdoor is het mogelijk gebleken om hoogwaardige voorzieningen zoals het zwembad in stand te houden, en in de grotere dorpen wordt nu zelfs gesproken over de komst van meer culturele voorzieningen, zoals een bioscoop of een nieuw theater. Vanuit Amstelhoek, Baambrugge, De Hoef en Waverveen is de (fiets)bereikbaarheid van de voorzieningen in de grote dorpen vergroot. De basisscholen zijn nog steeds dichtbij en veel dorpen zijn voorzien van een geclusterd zorgpunt. Inwoners van De Ronde Venen – zowel jong als oud – ontmoeten elkaar in het dorpshuis, op de sportvereniging of buiten in de groene openbare ruimte. De afgelopen jaren hebben we ons ingezet om de groene kwaliteiten van het buitengebied ook meer de dorpen in te trekken. Dit is goed gelukt; grote stukken asfalt en steen hebben plaatsgemaakt voor groene bermen, kleine parken en plantsoenen. Bomen zorgen voor schaduwrijke koele plekken en wadi’s zorgen voor tijdelijke waterberging tijdens piekbuien. Voor de dagelijkse boodschappen of andere korte ritten pakken inwoners van De Ronde Venen in 2040 steeds vaker de (elektrische) fiets, met dank aan de aanwezigheid van het comfortabele,veilige fietsnetwerk. Voor degenen die slecht ter been zijn, rijdt een flexibele bus een route door de dorpen. De mogelijkheden voor actieve, gezonde en duurzame mobiliteit voor korte ritjes hebben een positief effect op de gezondheid en (verkeers)veiligheid van inwoners. Dit betekent dat er stevig is geïnvesteerd in het fietsnetwerk. Hoewel veel mensen nog steeds afhankelijk zijn van de auto voor (met name) woon-werkverkeer of lange afstanden, is de keuzevrijheid voor andere vervoersvormen toegenomen. Sinds een aantal jaar is de verbinding met de regio via het openbaar vervoer van De Ronde Venen namelijk aanzienlijk verbeterd. De komst van de Uithoornlijn richting Amstelhoek heeft de reis naar Amsterdam verkort. De ov-as vanuit Uithoorn, via Mijdrecht en Vinkeveen naar Abcoude en Breukelen is de hoofdader van onze gemeente. De maatregelen om de doorstroming van het openbaar vervoer te verbeteren, hebben effect gehad, waardoor steeds meer mensen het openbaar vervoer gebruiken. We hebben ons ingezet om de directe busverbinding richting Utrecht terug te brengen. Vergeleken met de jaren ‘20 is de kwaliteit en keuzevrijheid van reizen verbeterd. Ondanks deze verruiming van de keuzevrijheid, heeft de auto in 2040 nog steeds een belangrijke functie binnen het gemeentelijk vervoerssysteem. Er zijn maatregelen genomen om de doorstroming op de N201 te verbeteren. Daarnaast is een nieuwe aansluiting op de N201 bij Mijdrecht West gerealiseerd. De ruimte voor innovatieve concepten heeft wel gezorgd voor een grotere keuzevrijheid: zo zijn nieuwbouwontwikkelingen van de afgelopen jaren grotendeels ontwikkeld met vormen van deelmobiliteit die aansluiten bij de Ronde Veense schaal en praktijk. Ook in de bestaande wijken zijn er mogelijkheden om een deelauto te gebruiken. Het zorgt voor enige verlichting van de parkeerdruk in deze wijken. Daarnaast zorgen fiets en ov ervoor dat oude doorstromingsknelpunten zoals de N201, Mijdrechtse Dwarsweg, Industrieweg en Dukaton beheersbaar zijn gebleven. Ondanks deze maatregelen is het drukker geworden op de wegen. Door de juiste maatregelen, zoals het invoeren van een 30 km/u regime op noodzakelijke plekken, is de verkeersveiligheid en leefbaarheid wel gewaarborgd. Met de wisselwerking tussen het lokale en regionale ondernemerschap enerzijds en de maakindustrie anderzijds, heeft De Ronde Venen in 2040 het beste van 2 werelden: een krachtige, toekomstbestendige economie met bovenregionale betekenis, omringd en gedragen door een hechte en betrokken samenleving. De uitbreiding van het Bedrijventerrein Mijdrecht – met voldoende ruimte voor het lokale MKB en de circulaire economie – droeg hieraan bij. Naast uitbreiding is goed ingezet op een kwaliteitsverbetering van werklocaties, via vergroening en herstructurering. We bieden nog steeds milieuruimte aan bedrijven om te blijven ondernemen. Op geschikte plekken heeft wel functiemenging plaatsgevonden, zoals op bedrijventerrein Bovenkamp. Werken, wonen en recreëren komen zo samen. Dit is zowel een voorbeeld van efficiënt omgaan met de ruimte als bevorderlijk voor de levendigheid. We liggen inmiddels ook goed op schema met onze klimaatambities. In 2040 hebben we grote stappen gezet, waarmee onze doelstelling om in 2050 klimaatneutraal en circulair te zijn, binnen handbereik is. We wekken onze eigen duurzame energie op via een beperkt aantal landschappelijk ingepaste zonnevelden en deze stroom wordt ook grotendeels lokaal gebruikt. Hiervoor waren veel ingrepen in de energie-infrastructuur nodig, maar ook slimme innovatieve oplossingen zoals het energiehub op het duurzame Bedrijventerrein Mijdrecht. Zonnedaken op de bedrijfspanden zijn nu voor een groot deel aangesloten op lokale opslagvoorzieningen, waardoor de vraag en aanbod van duurzame energie beter in balans is. De weg naar een aardgasvrije bebouwde omgeving leek in 2024 nog lang en moeilijk. We hebben samen met bewoners, corporaties en andere stakeholders de afgelopen 15 jaar de schouders eronder gezet en inmiddels zijn een aantal wijken al volledig aardgasvrij; zowel nieuwbouwwijken als bestaande bouw. De komende 10 jaar volgen de resterende wijken, en helpen we de laatste individuele huiseigenaren de stap te zetten naar aardgasvrij. In ons buitengebied kwamen veel opgaven samen. Anno 2040 zien we de waarde van de heldere keuzes en kaders die we hebben meegegeven aan ons landschap en agrarisch gebruik. Er was in de jaren ‘20 al een omslag in gang gezet richting een klimaatrobuuste en toekomstbestendige landbouw. We hebben meebewogen met de opgaven en kansen die zich voordeden en we zijn er trots op dat we nu, in 2040, nog steeds innovatieve agrariërs in ons buitengebied hebben. Zij laten zien dat onze gemeente, met haar droogmakerijen en veenweidelandschap, haar agrarische identiteit opnieuw heeft weten uit te vinden. De vernattingsopgave is aangegrepen om kwaliteit toe te voegen aan ons buitengebied. Er zijn experimentele boeren die hun bedrijfsvoering hebben aangepast op deze nieuwe condities, waarmee zij koplopers zijn geworden binnen de sector. In het Angstel- en Geinlandschap is juist samengewerkt aan een sterkere recreatieve en cultuurhistorische kwaliteit. Hier is het fijn fietsen en wandelen en de rivierlinten komen weer mooi tot hun recht. We hebben onze opgave van vrijkomende agrarische bebouwing voortvarend opgepakt en hiermee ruimte gegeven aan nieuwe functies en tevens de kwaliteiten van het landschap versterkt. Werelderfgoed Hollandse Waterlinies is nog steeds een belangrijke cultuurhistorische parel in ons buitengebied; om dit toekomstbestendig te maken koppelen we vernatting, cultuurhistorie en recreatie. Hiermee hebben we een duurzaam toeristisch-recreatief gebied gecreëerd, dat bijdraagt aan het leefklimaat van inwoners en aantrekkelijk is voor bezoekers. Zo wordt de Hollandse Waterlinie weer in volle glorie gezien en beleefd: dit stuk verleden is een vanzelfsprekend onderdeel van onze toekomst geworden. 3 Het DNA van De Ronde Venen De bestaande kwaliteiten van De Ronde Venen vormen het fundament voor het gesprek van de toekomst. Dit hoofdstuk beschrijft bondig de onderlegger van onze gemeente; het ‘ruimtelijk DNA’ waar we in de omgevingsvisie op voortbouwen. De Ronde Venen is een prachtige, groene gemeente, met betrokken gemeenschappen in hechte dorpen. Unieke landschappen wisselen af met cultuurhistorisch erfgoed van wereldformaat. Ook heeft het economische slagkracht in de luwte van Amsterdam en Utrecht. De kwaliteiten en kenmerken staan uitgebreider beschreven in het Raamwerk De Ronde Venen 2040. 3.1 De Ronde Venen door de jaren heen Het gebied dat tegenwoordig tot de gemeente De Ronde Venen behoort, kent een rijke geschiedenis. Voordat we vooruit kijken naar 2040, is het van belang te weten hoe de gemeente zich op politiek, sociaal en ruimtelijk vlak heeft ontwikkeld. Met behulp van openbare bronnen als het Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen en het Panorama Landschap van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed schetsen we een (niet uitputtend) beeld van de ontstaansgeschiedenis van De Ronde Venen in deze tijdlijn. 3.2 Ruimtelijke karakteristiek Het veenweidelandschap – dat De Ronde Venen zo kenmerkt – is een karakteristiek open, Hollands polderlandschap, met smalle percelen, lintbebouwing en veel sloten en weteringen. De Ronde Venen is onderdeel van het Nationaal Landschap het Groene Hart. Als open groen gebied tussen de omliggende grote steden, zoals Utrecht en Amsterdam, is het niet alleen een gebied met een duidelijke agrarische identiteit, maar ook voor veel mensen een plek om te recreëren. Mensen waarderen met name de ruimte voor natuur en de openheid van het landschap. Daarnaast kent het landschap de cultuurhistorisch waardevolle ontginningsstructuren, militair verdedigingslandschap en watersystemen. Het landschap is ontstaan door de veenafgraving en inpoldering. De kenmerkende stervormige verkaveling komt voort uit de manier waarop het landschap is ontgonnen. Rond het gebied liggen de rivieren de Kromme Mijdrecht, de Amstel, de Waver, de Winkel en de Angstel. Deze wateren vormen een bijna gesloten, ronde cirkel. Het veengebied werd ontgonnen vanuit een centraal groot veeneiland. Zo ontstond een cirkelvormige verkavelingsstructuur, met kavels in de vorm van pizzapunten. Na het afgraven van het veen ontstonden er veenplassen, zoals de Vinkeveense Plassen. Tegenwoordig is het een spectaculair gezicht en een van de grote redenen waarom bezoekers naar de gemeente komen. Aan de noordzijde van De Ronde Venen liggen de Hollandse Waterlinies (Stelling van Amsterdam). Dit is UNESCO Werelderfgoed. Deze waterlinie was een vernuftige verdedigingslinie waarbij met sluizen, dijken en inundatiegebieden de vijand op afstand gehouden werd. Dit weerspiegelt zich in een strategisch landschap dat nog steeds herkenbaar is – open en groen – met her en der militaire werken, zoals de forten bij Botshol, Waverveen en Abcoude. De grotere dorpen van De Ronde Venen liggen verspreid in het open polderlandschap. Mijdrecht en Wilnis vormen hierin een dubbelnederzetting, ontstaan als agrarische nederzettingen tijdens de ontginningen. Mijdrecht is ongeveer dubbel zo groot als Wilnis – met respectievelijk 16.000 en 7.500 inwoners – maar ze zijn door de jaren naar elkaar toe gegroeid via de oude ontginningsas langs de Herenweg. Mijdrecht functioneert als het bestuurscentrum en beschikt over het grootste aanbod aan voorzieningen in de gemeente. In Wilnis, Vinkeveen en Abcoude zijn ook verschillende (dagelijkse) voorzieningen aanwezig. Abcoude is vanaf de Middeleeuwen ontstaan door bewoning op de oeverwallen van de Angstel. Het heeft daardoor een historische dorpskern met tegenwoordig een beschermd dorpsgezicht. De kleine dorpen Amstelhoek, Baambrugge, De Hoef en Waverveen zijn uniek op hun eigen manier. Het pittoreske Amstelhoek, met haar imposante Fort bij Uithoorn en de Kruiskerk. De Hoef, met haar unieke ligging aan de Kromme Mijdrecht. Waverveen, omringd door de uitgestrekte weilanden en weidevogels. Baambrugge, met haar karakteristieke gevels, oude panden en buitenplaatsen, die het dorp de status van beschermd dorpsgezicht hebben gegeven, net als Abcoude. Ondanks het feit dat geen van deze dorpen meer dan 1.500 inwoners telt, draagt elk dorp op haar eigen manier bij aan de ruimtelijke karakteristiek van de gemeente. Alles bij elkaar biedt De Ronde Venen een uniek ruimtelijk aanbod: de legakkers van de Vinkeveense Plassen, het agrarische erfgoed, het veenweidelandschap en de historische linten en dorpskernen. Bijzonder zijn de buitenplaatsen en de Hollandse Waterlinies als UNESCO Werelderfgoed. 3.3 De Ronde Venen in de regio Als centraal gelegen gemeente in de Metropoolregio Utrecht (MRU) en op de grens met de Metropoolregio Amsterdam (MRA) zijn er verschillende ontwikkelingen die onze gemeente direct of indirect raken. Ondanks de ligging binnen de provincie Utrecht, heeft de gemeente een relatief sterke binding met de MRA. Zo is 40% van het woon-werkverkeer van en naar Amsterdam, verhuizen relatief veel mensen tussen de MRA-gemeenten en De Ronde Venen, en zijn veel inwoners qua voorzieningen en relaties sterk georiënteerd op Amsterdam. Binnen de provincie Utrecht behoort De Ronde Venen tot de U10-regio. De U10 is een netwerkorganisatie waarin 16 gemeenten samenwerken als antwoord op grote maatschappelijke thema's en uitdagingen, rondom thema's zoals mobiliteit, duurzaamheid en economische ontwikkeling. De Ronde Venen is in 2021 tot de U10 toegetreden. Het samenwerkingsverband heeft in 2021 haar ruimtelijke doelen vastgelegd in het Integraal Ruimtelijk Perspectief 2021-2040. Dit omvat een gezamenlijk perspectief op de aanpak van verschillende opgaven in de regio. Daarnaast werkt gemeente De Ronde Venen samen met een aantal belangrijke regionale ketenpartners. De meest relevante voor de omgevingsvisie zijn onder andere de GGD Regio Utrecht (GGDRU), de Veiligheidsregio Utrecht (VRU), het waterschap Amstel, Gooi en Vecht en de Omgevingsdienst Regio Utrecht. Het grondgebied van gemeente De Ronde Venen valt onder 3 NOVEX-gebieden: de MRU, de Schipholregio en het Groene Hart. Het eerste NOVEX-programma geeft in het ontwikkelperspectief ‘Utrecht Nabij’ aan dat de MRU een regio wil zijn waarin alle belangrijke functies dicht bij elkaar zijn. Nabijheid als leidend principe legt de focus op binnenstedelijk bouwen en transformeren, met duidelijke koppelingen met mobiliteit en de gezonde leefomgeving. De lokale centrumfunctie van MIjdrecht ende stationsomgeving van Abcoude, spelen hierin een rol. Het tweede NOVEX-programma – die van de Schipholregio – is erop gericht om een nieuwe balans te vinden tussen het belang van een internationale luchthaven voor Nederland en de kwaliteit van de leefomgeving rond de luchthaven, waartoe De Ronde Venen behoort. Binnen dit programma worden afspraken gemaakt over vermindering van emissies zoals stikstof en geluid, maar ook over nieuwe ontwikkelingen in woningbouw, natuur, infrastructuur en het elektriciteitsnet. Het derde NOVEX-programma schetst het toekomstperspectief voor Groene Hart in 2050. Opgaven op het gebied van bodem, water, klimaat en erfgoed krijgen hierin prioriteit. Voor De Ronde Venen vertaalt dit zich onder andere in de aanpak van bodemdaling en (grond)wateroverlast en in het ruimte bieden voor woningbouw en toekomstbestendige landbouw. 4 Uitdagingen en kansen voor De Ronde Venen In deze omgevingsvisie beschrijven we welke keuzes we willen maken richting 2040. Voordat we ingaan op welke keuzes dit zijn, is het goed om even stil te staan bij waarom het nodig is dat we deze keuzes maken. Verschillende trends en ontwikkelingen komen op onze gemeente af en leiden tot opgaven en uitdagingen waar we een antwoord op moeten geven. In het Raamwerk De Ronde Venen 2040 is hiervan een uitvoerige beschrijving te vinden. De 5 belangrijkste uitdagingen voor gemeente De Ronde Venen richting 2040 zijn: 1. Groeien met kwaliteit2. Werken aan een herkenbaar, weerbaar en toekomstbestendig buitengebied3. Borgen aantrekkelijkheid op grote schaal én lokaal profijt4. Verstevigen economisch profiel5. Het creëren en stimuleren van meerdere vervoersvormen als smeermiddel van ontwikkelingen Op de volgende pagina’s worden de 5 belangrijkste uitdagingen voor De Ronde Venen nader toegelicht. 1. Groeien met kwaliteitDe komende jaren heeft De Ronde Venen de uitdaging om voldoende woningen toe te voegen. Hierbij ligt zowel een opgave om te voorzien in de lokale behoefte als een ambitie om in te spelen op de regionale woningzoeker. Hiertoe zullen er tot 2040 circa 4.800 nieuwe woningen worden toegevoegd voor verschillende doelgroepen. Deze moeten betaalbaar, levensloopbestendig en duurzaam zijn. Tot 2030 zijn de locaties al goed in beeld,. Richting de verdere toekomst moeten er nog belangrijke keuzes gemaakt worden over de locaties van woningbouwprojecten. Moeten deze woningbouwlocaties bijvoorbeeld vooral gericht zijn op het versterken van de 4 grote dorpen – Abcoude, Mijdrecht, Vinkeveen en Wilnis – of juist inzetten op spreiding over alle dorpen? Niet alleen de aantallen woningen zijn belangrijk. Minstens zo belangrijk is de beoogde kwaliteit van de woningen én de woonomgeving. Hieronder valt bijvoorbeeld het voorzieningenniveau en maatschappelijk vastgoed, dat enerzijds moet meebewegen met een veranderende bevolkingssamenstelling en dat zich anderzijds steeds meer zal clusteren in de 4 grote dorpen. Ook de koppeling tussen woningbouw en mobiliteit vraagt om keuzes: laten we de groei van de gemeente sterk verbinden aan de ov-bereikbaarheid of grijpen we nieuwbouwontwikkelingen aan om mobiliteitsopties als de fiets of de elektrische auto te stimuleren? Denk ook aan het versterken van de basis onder bestaande voorzieningen. Specifiek voor de kleinere dorpen in De Ronde Venen ligt er immers een opgave om de leefbaarheid en vitaliteit van de gemeenschappen op peil te houden. Hieraan zou woningbouw ook een bijdrage kunnen leveren. Bij nieuwbouw liggen er kansen om gelijktijdig maatregelen te nemen op het gebied van verduurzaming, het versterken van de gezonde leefomgeving en klimaatadaptatie. Onderdeel van een kwalitatieve woonomgeving vormt ook een sterke openbare ruimte, waar ruimte is voor sport, bewegen en ontmoeten. Het vergroenen van bestaande openbare ruimte dan wel het groen aanleggen van nieuwe openbare ruimte kan verbindend werken om al deze functies een plek te geven. Dat is belangrijk, want er zijn steeds meer functies die een plek zoeken in de openbare ruimte, dus het inzetten op combinaties van functies is nodig. Groen biedt daarvoor tal van mogelijkheden en heeft tevens een positieve invloed op de (mentale en fysieke) gezondheid van bewoners. Met name in het kader van de toenemende vergrijzing en het dalend aantal mantelzorgers is dit essentieel. 2. Werken aan een herkenbaar, weerbaar en toekomstbestendig buitengebiedMet het herkenbare veenweidelandschap dat grotendeels voor melkveehouderijen wordt gebruikt, ligt er in het buitengebied van De Ronde Venen een belangrijke opgave om de transitie naar een duurzamere en toekomstbestendige landbouw een plek te geven. Daaronder valt ook het verlagen van de milieudruk op de omliggende beschermde natuurgebieden, zoals Botshol, alsook het tegengaan van bodemdaling en veenoxidatie, het omgaan met verzilting en het halen van waterkwaliteitsdoelen. Ook zijn er andere opgaven die ruimte vragen in het buitengebied, zoals natuurontwikkeling, woningbouw en duurzame energieopwek. Deze ontwikkelingen en opgaven vragen daarom om een integrale afweging – keuzes in de aanpak van bodemdaling hebben invloed op woningbouwontwikkelingen, en vice versa. In De Ronde Venen is de agrariër van oudsher een zeer belangrijke landschapsbeheerder. Het bieden van voldoende ruimte om deze omslag te maken is dan ook een wezenlijke opgave. Tegelijkertijd liggen hier kansrijke koppelingen met andere opgaven, zoals het versterken van recreatieve mogelijkheden, het toevoegen van bijzondere woonmilieus, het beter uitdragen van de cultuurhistorische verhaallijnen in het gebied, het vergroten van de landschapsbeleving en het invullen van vrijkomende agrarische bebouwing. Richting de toekomst valt nog een belangrijke keuze te maken in welke gebieden, en eventueel onder welke voorwaarden, welke vorm van agrarische bedrijvigheid het beste aansluit bij het halen van deze doelen. 3. Borgen aantrekkelijkheid op grote schaal én lokaal profijt Het buitengebied van De Ronde Venen is een parel van wereldformaat. Met het werelderfgoed van de Hollandse Waterlinies, de Vinkeveense Plassen en het turfontginningslandschap met de legakkers is de recreatieve aantrekkingskracht van de gemeente zeer groot. Samen met de beschermde dorpsgezichten van Baambrugge en Abcoude en de buitenplaatszone is De Ronde Venen belangrijk recreatief uitloopgebied voor de steden Amsterdam en Utrecht. Tegelijkertijd brengen deze kwaliteiten ook verplichtingen en kosten met zich mee, evenals een recreatiedruk die op plekken schuurt met natuurdoelstellingen en een druk legt op de bereikbaarheid en toegankelijkheid. Richting de toekomst ligt er een uitdaging in het duiden van de positie van het landschap. Is het bijvoorbeeld een recreatiegebied waar ook natuur te vinden is, of vice versa? Daarnaast ligt er een belangrijke kans om investeringen in landschapsbeleving en recreatieve voorzieningen nadrukkelijk ook ten goede te laten komen aan de lokale behoefte van inwoners. Denk hierbij ook aan het verbeteren van de (openbare) toegankelijkheid van de Vinkeveense Plassen voor bewoners. 4. Verstevigen economisch profiel Voor De Ronde Venen liggen er kansen om het economisch profiel richting de toekomst te versterken. Sectoren zoals de (maak)industrie, vervoer, bouw en groothandel zijn van oudsher belangrijke pijlers voor de lokale economie. De afgelopen jaren is dit verbreed. Zo is de laatste jaren de dienstverlening sterk in opkomst, wat andere voorwaarden stelt aan werklocaties. Het versterken en toekomstbestendig maken van het economische profiel en de bijbehorende (werk)locaties is een belangrijke opgave richting de toekomst. Daarbij hoort onder andere het beter benutten van de ruimte op bedrijventerreinen, net als vergroening, de opwekking van duurzame energie en het op peil houden van de bereikbaarheid. Hiermee kunnen we lokale ondernemers aan ons blijven binden en hun ruimtevraag faciliteren. Verder is de clustering van detailhandel in de centrumgebieden belangrijk voor het versterken van het economisch profiel, net als het laten groeien van de recreatieve potentie tot volwaardige pijler onder de economie van De Ronde Venen. Daarmee vallen ook goede koppelingen te leggen met lokale meerwaarde op het gebied van leefbaarheid, vitaliteit en een gezonde leefomgeving. 5. Het creëren en stimuleren van meerdere vervoersvormen als smeermiddel van ontwikkelingen Het borgen van de bereikbaarheid blijft een belangrijke voorwaarde voor geplande ontwikkelingen in De Ronde Venen. Knelpunten op het wegennet – in combinatie met de bescheiden ov-bereikbaarheid van de gemeente – kunnen de ontwikkelmogelijkheden op het gebied van woningbouw, werklocaties en recreatieve voorzieningen in de toekomst beperken. Daarnaast zetten ze ook de leefbaarheid en verkeersveiligheid onder druk. Daarom is het belangrijk om hier tijdig en strategisch op te anticiperen en fietsen en openbaar vervoer tot aantrekkelijke alternatieven voor de auto te maken. Denk hierbij aan het verbeteren van de ov-bereikbaarheid op de lange termijn, het investeren in duurzame en beweegvriendelijke infrastructuur, zoals een fijnmazig fietsnetwerk en het introduceren van nieuwe vormen van (deel)mobiliteit. Zo blijft De Ronde Venen bereikbaar voor zowel bewoners als bezoekers en werkenden en kan de gemeente haar strategische ligging tussen 2 belangrijke metropoolregio’s optimaal benutten. Tegelijkertijd hoort hierbij ook het vraagstuk of de toenemende drukte altijd kan en moet leiden tot (infrastructurele) ingrepen: tot op welke hoogte vinden we toenemende drukte acceptabel? 5 Drie integrale strategische kernambities In het Raamwerk De Ronde Venen 2040 is op 9 thema’s verkend waar we als gemeente De Ronde Venen nu staan, wat er op ons afkomt en tot welke kansen en opgaven dit leidt. Met deze informatie als vertrekpunt hebben we een aantal strategische keuzes geformuleerd waarmee we kunnen werken aan een toekomst die we wensen voor de Ronde Venen in 2040. Deze strategische keuzes zijn ondergebracht in 3 integrale kernambities: a. Groen en gezond wonen in levendige en betrokken dorpen b. Lokaal sterk in een dynamische regio c. Een beleefbaar, veerkrachtig en toekomstbestendig buitengebied De strategische kernambities staan op de volgende pagina’s weergegeven. Meer achtergrond en uitleg bij deze kernambties is te lezen in het vastgestelde Koersdocument De Ronde Venen 2040. 5.1 Groen en gezond wonen in levendige en betrokken dorpen Als gemeente De Ronde Venen zijn we trots op de manier van samenleven in onze dorpen. We hebben hechte dorpen, met een sterke sociale basis. De onderlinge netwerken, de maatschappelijke voorzieningen, het gevoel van ons-kent-ons onder de inwoners: dit zijn kernwaarden waar we de komende decennia op willen voortbouwen. Tegelijkertijd zien we de druk op de woningmarkt toenemen, zowel vanuit de lokale als de regionale woningzoeker. Ook zien we dat de samenstelling van onze bevolking naar de toekomst verder verandert: het aandeel ouderen groeit, wat leidt tot een andere woonvraag en een hogere zorgvraag. Daarnaast zien we dat het een uitdaging is om in de kleinere dorpen (Amstelhoek, Baambrugge, De Hoef) het voorzieningenniveau op peil te houden. Richting 2040 zetten we daarom in op een groei van onze gemeente ten opzichte van nu. Daarvoor gebruiken we de bestaande kwaliteiten en verschillen tussen de dorpen in onze gemeente als vertrekpunt, om te werken aan groene, gezonde en levendige dorpen. Hierbij is het uitgangspunt dat het toevoegen van nieuwe woningen altijd een bredere meerwaarde oplevert dan enkel het toevoegen van een woning. Denk aan een verduurzamingsslag, het op peil houden of zelfs verhogen van de ruimtelijke kwaliteit, de vergroening van de leefomgeving, het verbeteren van de klimaatbestendigheid van de leefomgeving, het inspelen op demografische veranderingen (zoals vergrijzing en een toenemende zorgvraag), het inspelen op de mobiliteitstransitie en het versterken van de vitaliteit, leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit. Strategische kernambitie 1 in het kort: we kiezen voor… a. Een groei met 4.800 woningen tot 2040, waarbij we duidelijke kaders meegeven om te borgen dat de kwaliteit van de leefomgeving meegroeit (Groen Groeit Mee) en het bestaande karakter van kernen wordt versterkt. Op de schaal van de hele gemeente leidt dit tot een afwisseling in meer dynamische en dorps-stedelijke woonmilieus in de grotere dorpen Mijdrecht, Abcoude, Wilnis en Vinkeveen en meer rustige en landelijke woonmilieus in de Amstelhoek, Baambrugge, De Hoef en Waverveen. b. Waar mogelijk realiseren we woningbouwlocaties binnen de contouren van de dorpen. Daarnaast kijken wij voor nieuwe woningbouwlocaties naar plekken in de gemeente die goed bereikbaar zijn met het ov, de fiets en de auto. Hier ligt de focus op geclusterde woningbouw om de impact op het groen en landelijke karakter in zijn totaliteit te beperken. Daarnaast bieden we dorpen via maatwerk de mogelijkheid voor een ‘straatje erbij’ op goed te ontsluiten locaties. c. Een stevige koppeling van de woningbouwopgave met andere opgaven, zoals de mobiliteitstransitie, klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit en biodiversiteit, gezonde leefomgeving en water en bodem sturend. Een belangrijk uitgangspunt hierbij is het Convenant Toekomstbestendig Bouwen. In alle nieuwbouwprojecten integreren we de ambities van het convenant, waarbij we minimaal streven naar ambitieniveau brons (m.u.v. de ambities rond de parkeernorm uit het Convenant). d. Het toekomstbestendig maken van de huidige woningvoorraad via een wijkgerichte aanpak. e. Behoud van het huidige voorzieningenniveau in de gemeente, via concentratie van voorzieningen in Mijdrecht, Wilnis, Abcoude en Vinkeveen en met minimaal 1 ontmoetingsplek in alle dorpen. f. Het toevoegen van meer kwalitatieve groenblauwe openbare ruimte in de dorpen, zowel ten behoeve van de (mentale) gezondheid van inwoners en als voor klimaatrobuustheid van de bebouwde omgeving. g. Een goed woon- en leefklimaat waarin we zorg dragen voor het milieu. Dit betekent onder andere voldoende aandacht voor (externe) veiligheid en een aanvaardbaar niveau van geluid-, licht- en geurhinder dat voldoet aan de wettelijke kaders. h. Het koesteren en versterken van ons erfgoed. 5.2 Lokaal sterk in een dynamische regio Als gemeente De Ronde Venen zien we de waarde van onze lokale kracht en eigenheid. Door onze strategische ligging tussen de belangrijke stedelijke regio’s van Utrecht en Amsterdam bevinden we ons tegelijkertijd in een (inter)nationaal krachtenveld. Dit vertaalt zich in een specifieke regionale dynamiek die zijn weerslag heeft op onze gemeente. Op economisch gebied is er bijvoorbeeld veel interregionaal woon-werk verkeer en is het Bedrijventerrein Mijdrecht een echte economische speler van formaat met een stevige uitbreidingsopgave. Op het gebied van mobiliteit ligt er een grote opgave in het op peil houden van de bereikbaarheid van de dorpen in De Ronde Venen; dit geldt voor zowel de dorpen onderling als voor de bereikbaarheid naar de omliggende grotere steden. Hierin ligt zowel een uitdaging voor auto- en (snel)fietsverkeer als voor openbaar vervoer. Daarnaast zijn de opgaven op het gebied van de energietransitie lokaal van aard, maar is het ook ingebed in een regionaal energiesysteem. Richting 2040 willen we deze opgaven aanpakken vanuit onze eigen kracht, maar we doen dit in synergie met (onze buren
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.