← Nederland

Geheimhoudingsprotocol gemeente Kerkrade 2025 (Kerkrade)

Geheimhoudingsprotocol gemeente Kerkrade 2025lntitulé Geheimhoudingsprotocol gemeente Kerkrade 2025 Gelet op de artikelen 23, 24, 54, 87, 88 en 89 van de Gemeentewet, Artikel 2:5 Algemene wet bestuursrecht, de Wet open overheid en art. 272 van het Wetboek van Strafrecht; Hoofdstuk1:Algemeen Artikel1:1Definities In dit protocol wordt verstaan onder: a. De wet: de Gemeentewet; b. Bestuursorgaan: de raad van de gemeente Kerkrade, het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Kerkrade en de burgemeester van de gemeente Kerkrade; c. Commissie: commissies zoals bedoeld in hoofdstuk V Gemeentewet; d. Niet-openbaar: informatie die nog niet openbaar is gemaakt, of waarbij een grondslag uit de Wet open overheid of een andere wettelijke grondslag zich verzet tegen openbaarmaking; e. Vertrouwelijk: niet-openbare informatie die niet gedeeld mag worden; f. Geheim: geheimhouding zoals bedoeld in hoofdstuk Va Gemeentewet; g. Embargo: informatie met uitgestelde openbaarmaking tot aan een bepaalde datum; h. Woo: Wet open overheid; i. Anderen: niet-zijnde gemeentelijke- of bestuursorganen. Artikel1:2Uitgangspunten 1.Openbaarheid is het uitgangspunt in het openbaar bestuur, geheimhouding wordt slechts in uitzonderlijke gevallen opgelegd. 2.Geheimhouding wordt zo veel mogelijk op onderdelen van een document toegepast. De voorkeursvolgorde van tabel 1 wordt gevolgd. 3.De duur van de geheimhouding is zo kort mogelijk. 4.De verplichting tot geheimhouding geldt voor iedereen die van die informatie kennis heeft genomen. Hoofdstuk2:Opleggen geheimhouding Artikel2:1Bevoegdheid 1.Bestuursorganen en commissies zijn bevoegd tot het opleggen van geheimhouding op documenten die bij het betreffende orgaan berusten. 2.Geheimhouding kan alleen worden opgelegd op niet-openbare informatie, waarbij sprake is van een belang uit art. 5.1 leden 1 en 2 Woo. Artikel2:2Opleggen geheimhouding 1.Het besluit tot het opleggen van geheimhouding bevat een motivatie waarom het betreffende belang uit art. 5.1 leden 1 en 2 Woo aan de orde is. (Tabel 2 en 3) 2.Wanneer er sprake is van een belang uit art. 5.1 lid 2 Woo, dient het belang dat aan de orde is zwaarder te wegen dan het belang van openbaarheid. Deze belangenafweging is niet summier en enkel verwijzen naar het Woo artikel is onvoldoende. Het belang van openbaarheid weegt daarbij zwaar. 3.Het besluit tot het opleggen van geheimhouding bevat een vervaldatum, of aangewezen feiten en omstandigheden waaronder geheimhouding wordt opgeheven. Slechts in uitzonderlijke gevallen duurt geheimhouding voor onbepaalde tijd. De duur wordt in het besluit gemotiveerd. 4.Een bestuursorgaan dat voornemens is om geheimhouding op te leggen, kan zich daarover ambtelijk laten adviseren. 5.Geheime documenten worden voorzien van een voorblad dat geen geheime informatie prijsgeeft. Dat voorblad bevat: a. Een duidelijke vermelding van het woord 'geheim'; b. De grondslag en motivatie voor de geheimhouding; c. Welke onderdelen van het document geheim zijn. Artikel2:3Mondelinge informatie Alles wat gedurende een besloten vergadering is besproken, is geheim op grond van art. 23 van de wet. Hoofdstuk3:Delen van geheime informatie Artikel3:1Delen van schriftelijke geheime informatie 1.Bestuursorganen en commissies kunnen informatie waarop zij geheimhouding hebben opgelegd delen met elkaar, en de rekenkamer. 2.Wanneer geheime informatie aan een commissie wordt gedeeld waarin leden van de raad zitting hebben, moet die informatie aan de gehele raad worden verstrekt. Individuele raadsleden van geheime schriftelijke informatie voorzien is niet toegestaan. 3.Het delen van geheime informatie met de raad gebeurt via de griffier. De griffier legt geheime informatie op het griffiekantoor ter inzage. Er mogen alleen aantekeningen met pen en papier gemaakt worden. 4.Wanneer geheime informatie gedeeld is met de raad, kan de raad die informatie via de griffier delen met anderen, wanneer dat noodzakelijk is voor het functioneren van de gemeente. 5.Het college en de burgemeester kunnen geheime informatie, nadat het verstrekt is met de raad, delen met anderen voor zover dat noodzakelijk is voor het dagelijks bestuur van de gemeente. De raad wordt daarover zo spoedig mogelijk ingelicht, met motivatie voor het delen van die informatie. 6.Het delen van geheime informatie met anderen gebeurt onder vermelding dat het geheime informatie betreft, en dat de verplichting tot geheimhouding in acht moet worden genomen. Artikel3:2Delen van mondelinge geheime informatie 1.Raads- commissieleden mogen een lid dat afwezig was bij een besloten vergadering, inlichten over hetgeen dat tijdens die vergadering ter sprake kwam. Artikel3:3Kring van geheimhouders 1.Personen die vallen binnen de kring van geheimhouders zijn: a. Leden van het bestuursorgaan of de commissie die de geheimhouding heeft opgelegd; b. Leden van het bestuursorgaan waarmee de geheime informatie is gedeeld; c. Anderen waarmee de geheime informatie is gedeeld. 2.Personen binnen de kring van geheimhouders kunnen geheime informatie met elkaar bespreken, wanneer dat zorgvuldig gebeurt zonder dat anderen daar kennis van kunnen nemen. 3.De griffier en de leidinggevende beoordelen welke ambtenaren geheime stukken mogen inzien. Hoofdstuk4:De besloten vergadering Artikel4:1Agenda 1.Geheime onderwerpen worden op de openbare raadsagenda geplaatst met een onderwerpomschrijving die het belang dat als grondslag dient voor de geheimhouding niet schaadt, met vermelding dat het een besloten agendapunt betreft. 2.Wanneer er sprake is van een openbare versie van de stukken bij het betreffende agendapunt, worden deze op gebruikelijke wijze toegevoegd. Artikel4:2Het sluiten van de deuren 1.Vergaderingen van de raad en commissies openen altijd in openbaarheid. 2.De deuren worden gesloten wanneer de voorzitter dat nodig oordeelt, of wanneer een vijfde deel van de leden die de presentielijst getekend heeft daarom verzoekt. 3.De voorzitter en de griffier doen een voorstel wie er naast de raads- of commissieleden, en de griffier aanwezig mogen zijn. 4.De voorzitter verzoekt de aanwezigen die de besloten vergadering niet bij kunnen wonen om de zaal te verlaten. 5.De griffier stopt de uitzending en sluit de deuren. Artikel4:3Vergaderen met gesloten deuren 1.De volgende gebeurtenissen zijn uitsluitend mogelijk in een besloten vergadering: a. Beraadslaging en besluitvorming over geheime informatie; b. De uitvoering van art. 61 leden 3 en 4 van de wet, bij de benoeming van de burgemeester; c. De uitvoering van art. 61a leden 3 en 4 van de wet, bij herbenoeming van de burgemeester; d. De uitvoering van art. 61b lid 3, bij ontslag van de burgemeester. 2.Na het sluiten van de deuren wordt het al dan niet daadwerkelijk voortzetten van de besloten vergadering in stemming gebracht. Wanneer de raad of commissie in meerderheid voor stemt, blijven de deuren gesloten. 3.De aanwezigen worden door de voorzitter geattendeerd op het feit dat er van rechtswege geheimhouding rust op al het besprokene gedurende de besloten vergadering, vanaf het moment dat de deuren gesloten zijn. 4.Schriftelijke stukken of andere documenten in welke vorm dan ook, vereisen een expliciet besluit tot het opleggen van geheimhouding wanneer dat nodig is. 5.Na afloop van de beraadslaging attendeert de voorzitter de aanwezigen wederom over de consequenties van vergaderen in beslotenheid. De raad krijgt de gelegenheid om de geheimhouding over het besprokene, of een gedeelte daarvan, op te heffen. Artikel4:4Verslaglegging 1.Van het besloten deel van de vergadering worden op grond van art. 23 van de wet een apart verslag en besluitenlijst opgesteld. Dit verslag bevat in ieder geval: a. Een samenvatting van het besprokene; b. De namen van alle aanwezigen; c. Een vermelding van de stukken waarop een expliciet besluit tot geheimhouding op is opgelegd. 2.Het verslag van de besloten vergadering is niet-openbaar, totdat de verplichting tot geheimhouding over het besprokene gedurende die vergadering opgeheven wordt. 3.De besluitenlijst van de besloten vergadering wordt openbaar gemaakt, tenzij er geheimhouding op is gelegd of wanneer openbaarmaking in strijd is met het openbaar belang. Hoofdstuk5:Opheffen geheimhouding Artikel5:1Opheffen geheimhouding 1.Het bestuursorgaan of de commissie dat de verplichting tot geheimhouding heeft opgelegd, is bevoegd die verplichting op te heffen. 2.Wanneer een commissie geheimhouding heeft opgelegd, is naast die commissie ook het bestuursorgaan dat die commissie ingesteld heeft, bevoegd om geheimhouding op te heffen. Artikel5:2Verstrekt aan raad 1.Wanneer geheime schriftelijke informatie gedeeld is met de raad, beschikt de raad over de exclusieve bevoegdheid tot het opheffen van de geheimhoudingsverplichting, in afwijking van art. 5:1 van dit protocol. 2.De vervaltermijn van de geheimhoudingsverplichting zoals bedoeld in art. 2:2 lid 3, is leidend tenzij de gemeenteraad dit opnieuw bij raadsbesluit vaststelt. 3.Als de raad op grond van artikel 89, vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd. Artikel5:3Woo-verzoeken m.b.t. geheime informatie 1.Een verzoek tot openbaarmaking op grond van art. 4.1 Woo, is tevens een verzoek tot het opheffen van de geheimhouding. 2.Woo-verzoeken worden behandeld door het orgaan dat bevoegd is om de geheimhouding op te heffen. Wanneer de raad daartoe exclusief bevoegd is, wordt het verzoek door de griffier behandeld. De griffier stelt een voorstel tot opheffen op voor de raad wanneer dat nodig is. Artikel5:4Publicatie 1.Het orgaan dat de verplichting tot geheimhouding heeft opgelegd, draagt zorg voor een document dat na opheffing van de geheimhouding volgens de gemeente gebruikelijke wijze openbaar gemaakt kan worden. 2.Bij het openbaar maken van die informatie wordt de Woo in acht genomen. Hoofdstuk6:Vertrouwelijkheid Artikel6:1Vertrouwelijke informatie 1.Vertrouwelijk en geheim dragen dezelfde juridische lading. iedereen die kennis neemt van vertrouwelijke informatie is verplicht tot het geheimhouden daarvan. 2.Informatie waarbij een grondslag uit de Woo, of een andere wet zich verzet tegen openbaarmaking, of wanneer er nog geen formele geheimhouding volgens de wet op is opgelegd, kan vertrouwelijk zijn. 3.Vertrouwelijkheid kan blijken uit een verklaring, en uit de aard van de informatie. Daarbij kan het gaan om: a. Persoonlijke aangelegenheden; b. Interne aangelegenheden; c. Integriteitskwesties; d. Informatie met een hoog onzekerheidsmarge. 4.Vertrouwelijkheid mag niet gebruikt worden wanneer de met meer waarborg omklede procedure tot het opleggen van geheimhouding uit art. 87 van de wet mogelijk is. Artikel6:2Embargo 1.Wanneer geheimhouding niet noodzakelijk of mogelijk is, maar het wel wenselijk is dat informatie vertraagd openbaar wordt, kan het college of de burgemeester informatie onder embargo verstrekken aan de raad. 2.Wanneer informatie onder embargo gedeeld wordt, wordt daarbij vermeld wanneer openbaarmaking volgt. Hoofdstuk7:Registratie Artikel7:1Geheimhoudingregister 1.De griffier houdt een register bij van alle documenten: a. Waarop de raad of commissies geheimhouding hebben opgelegd; b. Die onder geheimhouding met de raad zijn gedeeld. 2.De griffier houdt een register bij van de raads- en commissievergaderingen die in beslotenheid zijn gehouden, waarbij de geheimhouding over het besprokene niet is opgeheven. De datum van de vergadering wordt daarbij vermeld. 3.Het register uit lid 1 bevat: a. De datum van oplegging van de geheimhouding; b. De grondslag van de geheimhouding; c. De vervaltermijn. 4.De griffier legt de registers uit leden 1 en 2 ter op verzoek ter inzage voor de raad. 5.De griffier stelt indien nodig jaarlijks een verzamelbesluit op voor de opheffing van geheimhouding op documenten waarbij geheimhouding niet meer noodzakelijk is. 6.De gemeentesecretaris houdt een register bij van alle documenten waarop het college geheimhouding heeft opgelegd. Hoofdstuk8:Sanctiebepalingen Artikel8:1Aangifte 1.Het schenden zowel de geheimhoudingsverplichting uit de wet, als de geheimhoudingsverplichting uit de Algemene wet bestuursrecht is een ambtsmisdrijf, strafbaar gesteld in art. 272 Wetboek van Strafrecht. 2.Er wordt ten alle tijden aangifte gedaan van het schenden van de geheimhoudingsverplichting. Artikel8:2Lokale maatregelen 1.Een raads- of commissielid dat de geheimhoudingsverplichting uit de wet schendt, kan bij raadsbesluit ten hoogste 3 maanden worden uitgesloten van het ontvangen van informatie waarop een verplichting tot geheimhouding geldt. 2.Het schenden van geheimhouding in het algemeen is tevens in strijd met regel 4.2 van de gedragscode. Dat leidt tot inwerkintreding van het protocol voor de omgang met (vermoedens van) integriteitsschending. Hoofdstuk9:Slotbepalingen Art. 9:1 Slotbepalingen 1.Dit protocol treedt in werking op de dag na die van bekendmaking. 2.Dit protocol draagt de status van een beleidsregel en kan worden aangehaald als: Geheimhoudingsprotocol gemeente Kerkrade

  1. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 4 november 2025 De voorzitter, De griffier, Dr. T.P. Dassen-Housen mr. drs. D.G.M.G. FranssenTabellen Tabel 1 1 Het gehele document is openbaar. 2 Er is een openbare en een geheime versie van het stuk. In de openbare versie worden bepaalde onderdelen onleesbaar gemaakt. 3 Er is een openbaar stuk met een geheime bijlage. 4 Het volledige stuk is geheim. Tabel 2, art. 5.1 lid 1 Woo: Het openbaar maken van informatie blijft achterwegen voor zover dit: c. Bedrijfs- en fabricagegevens die in vertrouwelijkheid aan de gemeente zijn meegedeeld; Gegevens over de financiële of technische bedrijfsvoering, het productieproces dan wel de afzet van de producten of de kring van afnemers en leveranciers. Bij gegevens die niet in vertrouwelijkheid zijn verstrekt, is de grond van lid 2 onderdeel b van toepassing. d. Het bijzondere persoonsgegevens betreft, tenzij de betrokkene uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven of door de betrokkene openbaar zijn gemaakt; Persoonsgegevens waaruit ras of etnische afkomst, politieke opvattingen, religieuze of gegeven of levensbeschouwelijke overtuigingen, of het lidmaatschap van een vakbond blijken, en verwerking van genetische gegevens, biometrische gegevens met het oog op de unieke identificatie van een persoon, of gegevens over gezondheid, of gegevens met betrekking tot iemands seksueel gedrag of seksuele gerichtheid. e. Nummers betreft die dienen ter identificatie van personen, tenzij openbaarmaking kennelijk geen inbreuk op de persoonlijke levenssfeer maakt. Bijvoorbeeld een burgerservicenummer. Onderdelen a en b zijn buiten beschouwing gelaten, aangezien deze niet voorkomen in de gemeentelijke praktijk. Art. 5.1 lid 1 Woo bevat absolute uitzonderingsgronden, deze worden nooit openbaar gemaakt. Tabel 3, Art. 5.1 lid 2 Woo: Het openbaar maken van informatie blijft achterwegen voor zover het belang van openbaarmaking niet opweegt tegen de volgende belangen: b. De economische of financiële belangen van de gemeente; Uit de belangenafweging moet blijken hoe openbaarmaking de onderhandelingspositie van de gemeente negatief beïnvloedt. d. de inspectie, controle en toezicht door de gemeente; Gericht op het geheimhouden van methoden die gebruikt worden om de mate van naleving van overheidsregels vast te stellen, niet strafbare feiten. Slechts wanneer de gebruikte methoden zodanig verweven zijn met de uitkomst, kan de uitkomst geheim zijn. e. de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, tenzij betrokkene instemt met openbaarmaking; Informatie over of herleidbaar tot personen. Informatie over het beroepsmatig handelen valt hier niet onder. Ambtenaren die niet wegens hun functie in openbaarheid optreden, kunnen worden beschermd door deze grond. Er moet sprake zijn van een vrees voor de gevolgen van openbaarmaking, met een aannemelijk risico dat die gevolgen kunnen intreden. f. De bescherming van concurrentiegevoelige bedrijfs- en fabricagegevens; Anders dan in lid 1, onderdeel c ziet deze grond toe op gegevens die niet in vertrouwelijkheid zijn verstrekt. Het belang van de bescherming van die gegevens dient zwaarder te wegen dan het belang van openbaarheid. i. het goed functioneren van de gemeente. Informatie uit onderzoeken, of uit overleg tussen de gemeente en derden wat niet onder intern beraad valt. Bijvoorbeeld wanneer derden bij openbaarmaking terughoudender worden in het verlenen van medewerking. Gemotiveerd moet worden hoe openbaarmaking schadelijk is voor het functioneren van de gemeente, en daarmee het belang van openbaarheid overtreft. Tabel ziet toe op de belangen die het meeste voorkomen in de gemeentelijke praktijk. De gronden uit art. 5.1 lid 2 Woo zijn relatieve uitzonderingsgronden die zich kunnen verzetten tegen openbaarmaking. Daarvoor is een belangenafweging vereist waaruit blijkt dat bescherming van het genoemde belang zwaarder weegt dan het belang van openbaarmaking. Bijlage: Artikelsgewijze toelichting, Protocol geheimhouding gemeente Kerkrade Artikel 1:2 Uitgangspunten Naar vaste jurisprudentie dient een document per alinea te worden beoordeeld. Wanneer er na toepassing van de uitzonderingsgronden geen begrijpelijke informatie overblijft, mag openbaarmaking geheel geweigerd worden. *1 *1 AbRvS 31 januari 2018, ECLl:NL:RVS:2018:314, par. 5.2 Artikel 2:1 Bevoegdheid Art. 87 Gemeentewet: "De raad, het college, de burgemeester en een commissie als bedoeld in hoofdstuk V kunnen op grond van een belang, genoemd in artikel 5.1, eerste en tweede lid, van de Wet open overheid, een verplichting tot geheimhouding opleggen ten aanzien van informatie die bij dat orgaan berust." Ziet toe op schriftelijke informatie, in welke vorm dan ook, bijv. presentaties. Artikel 2:2 Opleggen geheimhouding (Lid 1): Er zijn een aantal grondslagen die ertoe leiden dat informatie niet openbaargemaakt kan worden. Uit art. 87 Gemw volgt dat van die grondslagen, alleen art. 5.1 leden 1 en 2 grondslagen bieden voor geheimhouding in de zin van de Gemeentewet. De toelichting uit tabellen 2 en 3 zijn afgeleid van Kamerstukken I 2021/22,
  2. AB, p. 85 e.v. (Lid 2) Art. 5.1 lid 2: "Het openbaar maken van informatie blijft eveneens achterwege voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen:" De belangen die het meest voorkomen in de gemeentelijke praktijk zijn toegelicht. (Lid 3): Lokale maatregel die het belang van openbaarheid waarborgt. Geheimhouding moet niet onnodig lang voortduren. (Lid 4): Lokale maatregel die de rechtmatigheid en zorgvuldigheid in het proces van het opleggen van geheimhouding moet waarborgen. Het opleggen van geheimhouding is complex. Wanneer in het geval van een Woo-verzoek de regels onjuist zijn toegepast, of de motivatie niet deugt, kan dat leiden tot juridische problemen. (Lid 5): Art. 89 lid 1, eerste zin: "Een verplichting tot geheimhouding wordt vermeld op het stuk ten aanzien waarvan de geheimhouding geldt." Artikel 2:3 Mondelinge informatie Art. 23 lid 4 Gemeentewet: "Indien met gesloten deuren wordt vergaderd, geldt een verplichting tot geheimhouding omtrent informatie die in die vergadering ter kennis van de aanwezigen komt. De verplichting duurt voort, totdat de raad haar opheft." Ziet enkel toe op het besprokene. Artikel 3:1 Delen van geheime informatie (Lid 1): Art. 88 lid 1 Gemeentewet: "De raad kan informatie ten aanzien waarvan krachtens artikel
  3. vierde lid. een verplichting tot geheimhouding geldt of hij een verplichting tot geheimhouding heeft opgelegd. verstrekken aan het college, de burgemeester, de rekenkamer en een commissie als bedoeld in hoofdstuk V." Art. 88 lid 2 Gemeentewet: "Het college kan informatie ten aanzien waarvan hij een verplichting tot geheimhouding heeft opgelegd, verstrekken aan de raad, de rekenkamer en een commissie als bedoeld in hoofdstuk V." Art. 88 lid 3 Gemeentewet: "De burgemeester kan informatie ten aanzien waarvan hij een verplichting tot geheimhouding heeft opgelegd, verstrekken aan de raad, het college, de rekenkamer en een commissie als bedoeld in hoofdstuk V." Art. 88 lid 4 Gemeentewet: "Een commissie als bedoeld in hoofdstuk V kan informatie ten aanzien waarvan zij een verplichting tot geheimhouding heeft opgelegd, verstrekken aan de raad, het college, de burgemeester en de rekenkamer." *De rekenkamer is op grond van art. 183 Gemeentewet bevoegd om alle documenten van het gemeentebestuur te onderzoeken. Dus ook geheime informatie. (Lid 2): Art. 88 lid 5: "Indien het college of de burgemeester overeenkomstig het tweede of derde lid informatie verstrekt aan een commissie waarin leden van de raad zitting hebben. verstrekt het college of de burgemeester die informatie tevens aan de raad." De wet biedt geen mogelijkheid om individuele raadsleden van geheime informatie te voorzien. Dat ondermijnt de gelijke informatiepositie. (Lid 4): Art. 88 lid 6 Gemeentewet, eerst zin: "Indien het college, de burgemeester of een commissie overeenkomstig het tweede, derde of vierde lid informatie verstrekt aan de raad, kan de raad die informatie verstrekken aan anderen." Voorwaarde is dat de raad de informatie ontvangen heeft. (Lid 5): Art. 88 lid 6 Gemeentewet, tweede zin: "De raad kan regels stellen over het verstrekken van informatie ten aanzien waarvan een verplichting tot geheimhouding is opgelegd door het college, de burgemeester of een commissie en die tevens aan de raad is verstrekt." Bepaalde in lid 5 geeft invulling aan de regels die de raad kan stellen. Zonder die bepaling dient het college of de burgemeester telkens een voorstel in te dienen om geheime informatie te delen met anderen (bijvoorbeeld een advocaat, notaris, accountant, auditor e.d.). Dat belemmert het gemeentebestuur. Bepaling is afkomstig van het ministerie BZK.*2 Vereist is dat de informatie met de raad is gedeeld, voorafgaand het verstrekken aan anderen. (Lid 6): Art. 89 lid 2 Gemeentewet: "Een verplichting tot geheimhouding wordt in acht genomen door allen die van de informatie kennis dragen." *2 Kamerstukken J 2021/22, 33328, AB, p
  4. Artikel 3:3: Kring van geheimhouders Onder 'anderen' kan worden verstaan ambtenaren of externen die meegewerkt hebben in de voorbereiding of uitvoering. (Lid 2): Bijvoorbeeld ter oordeelsvorming in een fractieoverleg. Sluit aan bij het bepaalde in art. 3:
  5. Er zijn tot op heden geen bepalingen binnen gemeente Kerkrade die fractieondersteuners een rechtspositie toekennen. De eed/ verklaring en belofte is door hen niet afgelegd, en de gedragscode is niet op hen van toepassing. Artikel 4:1 Agenda Uit art. 19 Gemeentewet volgt dat de raadsagenda openbaar is. Artikel 4:2 Het sluiten van de deuren (Lid 1): Art. 23 lid 1 Gemeentewet: "De vergadering van de raad wordt in het openbaar gehouden." (Lid 2): Directe overname art. 23 lid 2 Gemeentewet. Doorgaans van toepassing wanneer het besloten agendapunt aan de orde komt. Procedure van art. 23 Gemeentewet gaat verder in art. 4:3 lid
  6. Artikel 4:3 Vergaderen met gesloten deuren. (Lid 1): Het opgesomde onder lid 1 is volgens art. 61c lid 1 Gemeentewet uitsluitend mogelijk in een besloten vergadering. (Lid 2): Art. 23 lid 3 Gemeentewet: "De raad beslist vervolgens of met gesloten deuren zal worden vergaderd." Voor het daadwerkelijk vergaderen in beslotenheid is een raadsbesluit vereist. (Lid 3): Art. 23 lid 4 Gemeentewet: "Indien met gesloten deuren wordt vergaderd, geldt een verplichting tot geheimhouding omtrent informatie die in die vergadering ter kennis van de aanwezigen komt. De verplichting duurt voort, totdat de raad haar opheft." *Geldt alleen voor mondelinge informatie, en vereist geen toetsing aan Woo-gronden. Art. 89 lid 1 Gemeentewet, tweede zin: "Indien de geheimhouding geldt ten aanzien van informatie anders dan in schriftelijke vorm, wordt de verplichting op een passende wijze kenbaar gemaakt." Attenderen op geheimhouding is een noodzakelijke stap. Artikel 4:4 Verslaglegging Art. 23 lid 5 Gemeentewet: "Van een vergadering met gesloten deuren wordt een afzonderlijk verslag opgemaakt, dat niet openbaar wordt gemaakt tenzij de raad besluit de verplichting, bedoeld in het vierde lid, op te heffen." De status van het verslag is gekoppeld aan het besprokene. Zolang er geheimhouding rust op het besprokene van een vergadering, is het verslag niet-openbaar. Het verslag komt daarmee in aanmerking voor vertrouwelijkheid, waarvoor de regels uit hoofdstuk 2, 3 en 5 niet van toepassing zijn. Artikel 5:1 Opheffen geheimhouding Art. 89 lid 3 Gemeentewet: "Een verplichting tot geheimhouding duurt voort totdat het or aan dat de verplichting heeft opgelegd haar opheft. Indien de verplichting tot geheimhouding is opgelegd door een commissie, kan die verplichting tevens worden opgeheven door het orgaan dat de commissie heeft ingesteld." Artikel 5:2 Verstrekt aan raad (Lid 1): Art. 89 lid 4: "Indien informatie ten aanzien waarvan een verplichting tot geheimhouding geldt aan de raad is verstrekt, duurt die verplichting in afwijking van het derde lid voort totdat de raad haar opheft." Na verstrekken aan de raad, wordt de raad "eigenaar" van die geheime informatie, en is daarmee als enige bevoegd tot het opheffen van de geheimhouding. (Lid 2): De raad krijgt hiermee de mogelijkheid om een eigen afweging te maken. (Lid 3): Bepaling afkomstig uit art. 44 RvO raad. Artikel 5:3 Woo-verzoeken (Lid 1): Op basis van vaste jurisprudentie is een Woo-verzoek een verzoek tot het opheffen van de geheimhouding.*3 (Lid 2): Woo-verzoeken moeten worden behandeld door het orgaan dat bevoegd is de geheimhouding op te heffen.*4 In het geval dat de raad daartoe exclusief bevoegd is, wordt het verzoek op grond van mandaat door de griffier behandeld. *5 Opheffen dient wel te gebeuren volgens raadsbesluit. *3 ABRvS 20 november 2016, ECLl:NL:RVS:2016:3140 *4 Kamerstukken I 2021/22, 33328, AB, p.
  7. * 5 Aanwijzingsbesluit en mandaatbesluit Wet open overheid gemeenteraad gemeente Kerkrade, 12 juli 2024 Artikel 5:4 Publicatie Het opheffen van geheimhouding betekent niet dat informatie direct openbaar is. Het openbaar maken van informatie gebeurt zoals de Woo dat voorschrijft. Artikel 6:1 Vertrouwelijke informatie (Lid 1): Art. 2:5 Awb: "Een ieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt. is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot mededeling ver licht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit.*6 Het verschil zit in het feit dat het informatie betreft die niet openbaar kan worden gemaakt op grond van een ander belang uit de Woo. dan uit art. 5.1 Leden 1 en 2 Woo. Dan is geheimhouding onmogelijk. De begrippen 'vertrouwelijk' en 'geheim' moeten dezelfde betekenis worden toegekend.*7 *6 De vereisten voor het delen van vertrouwelijke informatie. Regels Gemeentewet niet van toepassing. *7 HR 26 oktober 2010, ECLl:NL:HR:2010:BM2422, par.
  8. (Lid 2): Voorbeelden van vertrouwelijkheid: Artikel 5.2 Woo, Persoonlijke beleidsopvattingen: "In geval van een verzoek om informatie uit documenten, opgesteld ten behoeve van intern beraad, wordt geen informatie verstrekt over daarin opgenomen persoonlijke beleidsopvattingen. Onder persoonlijke beleidsopvattingen worden verstaan ambtelijke adviezen, visies, standpunten en overwegingen ten behoeve van intern beraad, niet zijnde feiten, prognoses, beleidsalternatieven, de gevolgen van een bepaald beleidsalternatief of andere onderdelen met een overwegend objectief karakter." Documenten die onder intern beraad vallen: nota's van ambtenaren aan hun politieke en ambtelijke chefs, concepten van stukken, agenda's, notulen, samenvattingen en conclusies van interne besprekingen en rapporten van ambtelijke adviescommissie. Artikel 5.4a Woo: Ondersteuning raadsleden "In afwijking van de artikelen 5.1 en 5.2 is niet openbaar de informatie betreffende de ondersteuning van individuele leden van {. . .) de gemeenteraad door ambtenaren werkzaam bij ( .. .) de griffie van de gemeenteraad. (Lid 4): Verbod op détournement de procédure (misbruik van procedure). een rechtsregel die bestuursorganen verbiedt een lichtere procedure te volgen wanneer er een met meer waarborg omklede procedure mogelijk is. Bij geheimhouding op grond van art. 2:5 Awb zijn de regels uit hoofdstukken 2, 3 en 5 van dit protocol namelijk niet van toepassing, die regels gelden voor geheimhouding op grond van art. 87 en 23 gemeentewet. Artikel 6:2 Embargo Art. 5.1 lid 4 Woo, eerste zin: "Openbaarmaking kan tijdelijk achterwege blijven, indien het belang van de geadresseerde van de informatie om als eerste kennis te nemen van de informatie dit kennelijk vereist." Bijvoorbeeld een gemeentelijke onderscheiding. Artikel 7:1 Registratie Heeft geen wettelijke grondslag, maar draagt bij aan de zorgvuldigheid van de informatiehuishouding. Tevens een maatregel om geheimhouding niet onnodig lang voort te laten duren. Artikel 8:1 Aangifte Art. 272 Sr: "Hij die enig geheim waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat hij uit hoofde van ambt. beroep of wettelijk voorschrift dan wel van vroeger ambt of beroep verplicht is het te bewaren. opzettelijk schendt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie(€ 25.750)." Opzet is een bestanddeel voor vervolging op art. 272 Sr. Het is daarom noodzakelijk dat personen altijd op de hoogte zijn dat het geheime informatie betreft. Artikel 8:2 Lokale maatregelen (Lid 1): Art. 89 lid 5 Gemeentewet: "Een lid van de raad of van een door de raad ingestelde commissie als bedoeld in hoofdstuk V dat in strijd handelt met het tweede lid kan bij besluit van de raad ten hoogste drie maanden worden uitgesloten van het ontvangen van informatie ten aanzien waarvan een verplichting tot geheimhouding geldt." Geen punitieve sanctie, maar een ordemaatregel. Deze kan dus tegelijkertijd met de aangifte worden opgelegd.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.