Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Zeewolde 2026De raad van de gemeente Zeewolde, gelezen het voorstel van de agendacommissie d.d. 20 januari 2026; gelet op de artikelen 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 97, 98, 99 van de Gemeentewet en (de artikeI(en] 3.1.1, vijfde lid, 3.1.3, eerste lid 3.1.4, eerste lid, 3.1.8, eerste lid, 3.1.9, eerste lid, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid, 3.4.1, eerste lid, en 3.4.2) en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers Besluit De nieuwe verordening rechtspositie raads- en commissieleden Zeewolde 2026 vast te stellen. Artikel1.Definitiebepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van de commissie is benoemd; griffier: de griffier bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet; raadslid: lid van de gemeenteraad. Artikel2.Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden 1.Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed: de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten; 2.Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed 3.Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. 4.De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed. Artikel3.Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie (Vertrouwenscommissie of onderzoekscommissie) 1.Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van een bedrag zoals op dat moment is bepaald in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. (De toelage is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.). 2.Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van een bedrag zoals op dat moment is bepaald in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 3.Een raadslid dat voorzitter is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van een bedrag zoals op dat moment bepaald in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Artikel4.Toelage voorzitter beeldvormende en oordeelsvormende avond 1.Een raadslid dat vaste voorzitter is van een beeldvormende of oordeelsvormende avond als bedoeld in artikel 3.1.4a, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van een bedrag zoals op dat moment is bepaald in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Artikel5.Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden 1.Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. 2.Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. 3.De kosten van deelname door een raads- of commissielid komen voor rekening van de gemeente als bedoelde deelname van algemeen belang is in verband met de vervulling van het raads- of commissielidmaatschap. 4.Voor de verantwoording hiervan wordt aangesloten bij de verantwoording van de fractievergoeding, zoals vastgelegd in artikel 5 en 6 van het Reglement van Orde van de raad van Zeewolde
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.