← Nederland

Beleidsregel Sociaal Medische Indicatie Kinderopvang – Gemeente Noordoostpolder 2026 (Noordoostpolder)

Beleidsregel Sociaal Medische Indicatie Kinderopvang – Gemeente Noordoostpolder 2026Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht stelt het college van burgemeester en wethouders deze beleidsregel vast. Voor de toepassing van deze beleidsregel wordt aangesloten bij de begripsbepalingen zoals opgenomen in de Wet kinderopvang (Wko), voor zover deze relevant zijn voor sociaal medische indicatie. Artikel1– Begripsomschrijvingen Aanbieder: de kinderopvangorganisatie die de kinderopvang aanbiedt; College: het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder; Kinderopvang: een in het LRK geregistreerde kinderopvangorganisatie, gesitueerd in Noordoostpolder, waar kinderen van 0 tot en met 12 jaar worden opgevangen; Kinderopvangtoeslag: financiële bijdrage van de belastingdienst waarmee ouder(

  1. s)een deel van de kosten voor geregistreerde kinderopvang kunnen betalen. LRK: Landelijk Register Kinderopvang; Ouder(s): gezaghebbende ouder(
  2. s)/ pleegouder(
  3. s)/ verzorger(
  4. s)woonachtig in de gemeente Noordoostpolder; Plan van aanpak: document waarin wordt beschreven hoe wordt toegewerkt naar een structurele oplossing voor de kinderopvang, zonder gebruik te maken een tegemoetkoming op grond van een SMI; SMI: Sociaal Medische Indicatie; een indicatie, afgegeven door het college, op basis waarvan de gemeente de kosten van de kinderopvang vergoedt; Voorliggende voorziening: elke mogelijkheid om buiten deze beleidsregel in kinderopvang te voorzien waarop door de ouder(
  5. s)aanspraak kan worden gemaakt; Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning. Artikel2– Doel De SMI is bedoeld voor ouders die geen kinderopvangtoeslag van de belastingdienst ontvangen en voor wie voorliggende voorzieningen, zoals benoemd in artikel 5, niet voldoende zijn. De SMI is een tijdelijke voorziening en heeft twee doelen: Het tijdelijk ontlasten van ouders met een ziekte of beperking; Het ondersteunen van kinderen die door de thuissituatie een ontwikkelingsachterstand oplopen of dreigen op te lopen. Artikel3– Doelgroep De regeling is van toepassing op ouder(
  6. s)en kind(eren) die aan alle onderstaande voorwaarden voldoen: zij wonen in de gemeente Noordoostpolder en staan aldaar ingeschreven in de Basisregistratie Personen, en zij verblijven rechtmatig in Nederland; één of beide ouders hebben een aantoonbare lichamelijke, zintuiglijke, verstandelijke of psychische beperking; vanwege deze beperking is tijdelijke kinderopvang noodzakelijk ter ontlasting van de ouder(s), of is tijdelijke kinderopvang noodzakelijk in het belang van een goede en gezonde ontwikkeling van het kind; de betreffende kinderen voor wie opvang wordt gevraagd, zijn thuiswonend; het kind is tussen de 0 en 13 jaar oud, of zit in groep 8 van de basisschool tot ten hoogste de eerste dag van de maand waarin het kind naar het voortgezet onderwijs gaat; de ouders hebben geen recht op kinderopvangtoeslag. Artikel4– Voorwaarden aanbieder De aanbieder moet ingeschreven zijn in het Landelijk Register Kinderopvang. Artikel5– Weigeringsgronden 1.De tegemoetkoming is niet van toepassing op tussenschoolse opvang; 2.Het college weigert een SMI als er sprake is van een voorliggende voorziening. Tot een voorliggende voorziening wordt in ieder geval gerekend: De Wet Kinderopvang; Voorziening peuteropvang of voorschoolse educatie; Jeugdwet; Zorgverzekering; Mogelijkheden voor informele opvang in het eigen netwerk. Artikel6– Melding en aanvraag 1.De ouder doet een melding bij het Sociaal Loket van de gemeente Noordoostpolder. 2.Het Sociaal Loket draagt de melding onverwijld over aan een klantmanager Wmo. 3.Onderzoek en indiening van de aanvraag; De klantmanager Wmo neemt binnen 10 werkdagen na ontvangst van de melding contact op met de ouder en maakt een afspraak voor een persoonlijk gesprek. Tijdens dit gesprek onderzoekt de klantmanager of een sociaal-medische indicatie noodzakelijk is. 4.Indien de ouder een aanvraag wil indienen, wordt de aanvraag tijdens dit gesprek opgemaakt en ondertekend. 5.De aanvraag bevat in ieder geval; Een door de ouder ondertekend aanvraagformulier SMI; Inkomensspecificaties van de laatste drie maanden; Een (concept)contract van de kinderopvangorganisatie, met daarin: het aantal uren kinderopvang per kind; de kostprijs per uur; de beoogde aanvangs- en einddatum van de opvang; een ondertekend plan van aanpak. 6.Indien dit noodzakelijk is voor het beoordelen van de noodzaak tot een sociaal-medische indicatie, kan de klantmanager Wmo een medisch onderzoek laten uitvoeren door een daartoe bevoegd deskundige. De termijn voor besluitvorming wordt in dat geval opgeschort tot het advies is ontvangen. 7.Het college beslist binnen 8 weken na ontvangst van een ondertekend aanvraagformulier. Artikel7– Omvang en duur 1.Een tegemoetkoming in de kosten voor kinderopvang op basis van een SMI is mogelijk voor maximaal: twee dagen kinderopvang per week, of; twee dagdelen buitenschoolse opvang per week. 2.De tegemoetkoming wordt verstrekt voor maximaal 12 maanden, ingaande datum aanvang kinderopvang. 3.Drie maanden voor de einddatum vindt een evaluatie plaats. 4.Verlenging is eenmalig mogelijk voor maximaal 6 maanden indien een structurele oplossing nog niet is bereikt. Artikel8– Hoogte van de tegemoetkoming 1.Het landelijk vastgestelde maximum uurtarief kinderopvang wordt gehanteerd, of lager indien de aanbieder een lager tarief rekent. 2.De tegemoetkoming wordt vastgesteld volgens de methodiek van de kinderopvangtoeslagtabel van de Belastingdienst, rekening houdend met het toetsingsinkomen van de ouder en diens eventuele partner. 3.Betaling vindt rechtstreeks plaats aan de aanbieder. 4.De eigen bijdrage wordt door de aanbieder rechtstreeks aan de ouder gefactureerd. Artikel9– Verplichtingen van ouders 1.Ouders doen al het mogelijke om de inzet van kinderopvang zo beperkt mogelijk te houden. Hiervoor wordt een plan van aanpak opgesteld. Dit plan van aanpak bevat in ieder geval: Een omschrijving van de redenen van de SMI; De wijze waarop wordt toegewerkt naar een structurele oplossing voor de kinderopvang; Het evaluatiemoment; Ondertekening van de ouders. 2.Ouders werken mee aan afspraken uit het plan van aanpak. 3.Ouders werken mee aan medisch onderzoek zoals omschreven in art.6 lid 6 indien dit noodzakelijk is om de belastbaarheid vast te stellen. 4.Ouders melden uit eigen beweging of op verzoek alle feiten en omstandigheden die van invloed kunnen zijn op het recht op SMI of de hoogte van de tegemoetkoming. Artikel10– Hardheidsclausule Mochten zich onvoorziene omstandigheden of ontwikkelingen voordoen die tot onevenredige nadelige situaties leiden voor de ouders of het kind, dan kan het college van burgemeester en wethouders besluiten van deze beleidsregel af te wijken. Artikel11– Intrekking oude beleidsregel De Beleidsregel inzake tegemoetkoming kinderopvang sociaal medisch geïndiceerde, vastgesteld op 15 april 2008, wordt ingetrokken. Slotbepaling Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking en wordt aangehaald als: Beleidsregel Sociaal Medische Indicatie Kinderopvang – Gemeente Noordoostpolder 2026. Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van 17 maart 2026.De secretaris,de burgemeesterAlgemene toelichting Deze beleidsregel is opgesteld om duidelijkheid te bieden over de voorwaarden waaronder ouders met een sociaal-medische indicatie aanspraak kunnen maken op kinderopvang. Het doel is om een vangnet te creëren voor gezinnen die door medische of sociale omstandigheden tijdelijk niet in staat zijn om volledig voor hun kinderen te zorgen. De regeling voorkomt dat kinderen in hun ontwikkeling worden belemmerd en ondersteunt ouders bij het vinden van een structurele oplossing. Juridisch is de beleidsregel gebaseerd op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, dat bestuursorganen de bevoegdheid geeft beleidsregels vast te stellen. Voor begripsbepalingen wordt aangesloten bij de Wet kinderopvang (Wko). De beleidsregel is aanvullend op bestaande voorzieningen en wordt alleen toegepast als er geen andere passende oplossing beschikbaar is. Bijlage– Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 – Begripsomschrijvingen Geen toelichting nodig. Artikel 2 – Doel De voorziening is zowel gericht op het welzijn van de ouder als op het voorkomen van schade aan de ontwikkeling van het kind. Artikel 3 - Doelgroep Dit artikel bepaalt wie in aanmerking komt voor een Sociaal Medische Indicatie. Het gaat om ouders die door medische of sociale omstandigheden tijdelijk niet in staat zijn om volledig voor hun kinderen te zorgen. Kinderopvangtoeslag is uitgesloten om dubbele bekostiging te voorkomen. Artikel 4 – Voorwaarden kinderopvangaanbieder Dit waarborgt dat de opvang voldoet aan wettelijke kwaliteitseisen en toezicht door de GGD. Artikel 5 – Weigeringsgronden De SMI is een vangnetvoorziening. Als er andere wettelijke of informele voorzieningen beschikbaar zijn, is dat reden om de aanvraag voor een SMI af te wijzen. Artikel 6 – Melding en aanvraag In overeenstemming met de aanvraag van andere voorzieningen binnen Noordoostpolder, dient eerst een melding te worden gedaan bij het Sociaal Loket. Vervolgens wordt de aanvraag gedaan bij een klantmanager WMO tijdens een keukentafelgesprek. Artikel 7 – Omvang en duur De voorziening is tijdelijk en bedoeld om een overbruggingsperiode te faciliteren. Evaluatie en verlenging zorgen voor maatwerk en voorkomen langdurige afhankelijkheid. Artikel 8 – Hoogte van de tegemoetkoming De berekening sluit aan bij landelijke normen om consistentie en rechtvaardigheid te waarborgen. Ouders betalen een inkomensafhankelijke eigen bijdrage. Artikel 9 – Verplichtingen van ouders Het plan van aanpak is een belangrijk onderdeel van deze beleidsregel. Het heeft als doel om de inzet van kinderopvang zo doelmatig mogelijk te maken en te zorgen dat deze aansluit bij de specifieke situatie van het gezin. Het plan beschrijft welke stappen worden gezet om de tijdelijke noodzaak van kinderopvang te verminderen en toe te werken naar een structurele oplossing. Als ouders medische behandeling of begeleiding nodig hebben om hun situatie te verbeteren, wordt dit vastgelegd in het plan van aanpak. Het plan van aanpak wordt opgesteld in overleg tussen de klantmanager van de gemeente en de ouder(s), zodat afspraken helder zijn en er gezamenlijk verantwoordelijkheid wordt genomen voor het traject. Artikel 10 – Hardheidsclausule Geen toelichting nodig. Artikel 11 – Intrekking oude beleidsregel Geen toelichting nodig. Slotbepaling De slotbepaling regelt de inwerkingtreding en citeertitel van de beleidsregel.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.