Verordening cliëntenparticipatie Wmo 2007 De raad van de gemeente Beemster, Graft-De Rijp en Schermer en Zeevang; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 september 2007,Nr. 2007-054; gelet op artikel 9, 11 en 12 van de Wet maatschappelijke ondersteuning; B E S L U I T: vast te stellen de verordening cliëntenparticipatie Wmo Artikel1Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder:
- cliëntenparticipatie Wmo: de gestructureerde wijze waarop de gemeente de zelforganisaties en/of vertegenwoordigende organisaties van belanghebbenden betrekt in de beleidsvorming, uitvoering en evaluatie van de Wmo;
- Wmo-cliëntenraad: de door burgemeester en wethouders als zodanig aangewezen en in deze gemeente actief zijnde vertegenwoordigers van zelforganisaties van belanghebbenden en/of belanghebbende vertegenwoordigende organisaties op het gebied van de Wmo. De vertegenwoordigers zijn voor deze taak voorgedragen door de zelforganisaties, door een de belanghebbende vertegenwoordigende organisatie of door de Wmo-cliëntenraad. Artikel2Doelstellingen De cliëntenparticipatie Wmo heeft de volgende doelstellingen:
- het bewerkstelligen dat belanghebbenden bij de Wmo vanuit onafhankelijke positie optimaal betrokken zijn bij de voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het Wmo-beleid;
- het bijdragen aan de totstandkoming en verbetering van het Wmo-beleid Artikel3Beleidsterreinen 1Het gemeentelijk beleid met betrekking tot de Wmo bestaande uit; beleidsvoorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het gemeentelijk beleid. Bovendien de bijbehorende procedures en regelingen met betrekking tot de Wmo. 2Advisering met betrekking tot gemeentelijk personeels- en organisatiebeleid in het kader van de Wmo en over klachten, bezwaarschriften en andere zaken die betrekking hebben op individuele cliënten, behoren niet tot het werkterrein van de Wmo-cliëntenraad. Artikel4Werkwijze 1In het kader van de cliëntenparticipatie Wmo dienen burgemeester en wethouders de cliëntenraad om advies te vragen. 2De Wmo-cliëntenraad is ook gerechtigd uit eigen beweging advies uit te brengen aan burgemeester en wethouders. 3Burgemeester en wethouders vragen de Wmo-cliëntenraad in ieder geval om advies bij de onderwerpen als bedoeld in artikel
- 4Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat het van wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit. 5Het advies van de Wmo-cliëntenraad wordt aan de gemeenteraad gestuurd. In het geval burgemeester en wethouders in een voorstel aan de gemeenteraad afwijken van het advies van de Wmo-cliëntenraad, wordt in het betreffende voorstel aangegeven op welke gronden van het advies van de Wmo-cliëntenraad is afgeweken. 6Burgemeester en wethouders voorzien de cliëntenraad van begrijpelijke informatie ten behoeve van het naar behoren kunnen functioneren van de Wmo-cliëntenraad. Het betreft hier alle informatie die noodzakelijk is om beleid en uitvoering te begrijpen en om te kunnen reageren op plannen voor ontwikkelingen en wijzigingen. De informatie wordt desgevraagd in speciale vorm aangeleverd. 7Tussen Burgemeester en wethouders en de Wmo-cliëntenraad vindt minimaal 1 keer per jaar een structureel overleg plaats, waarvoor beide partijen punten kunnen agenderen. 8Als één van beide partijen om een gesprek vraagt, geeft de andere partij daar gehoor aan. 9Van overleg en afspraken met de Wmo-cliëntenraad doen burgemeester en wethouders binnen redelijke termijn schriftelijke rapportage aan de Wmo-cliëntenraad. Daarbij wordt in ieder geval aangegeven wat er met de door de Wmo-cliëntenraad gegeven adviezen is of wordt gedaan. 10De gemeente wijst een vaste contactambtenaar aan als aanspreekpunt voor de Wmo-cliëntenraad. De Wmo-cliëntenraad en de contactambtenaar hebben minimaal 4 keer per jaar structureel overleg. 11De samenwerking tussen de gemeente en de Wmo-cliëntenraad wordt jaarlijks geëvalueerd. 12Indien er geen Wmo-cliëntenraad binnen de gemeente functioneert, zullen burgemeester en wethouders de totstandkoming van een Wmo-cliëntenraad actief bevorderen. 13De Wmo-cliëntenraad bewerkstelligt dat de doelgroepen die zij vertegenwoordigen regelmatig worden geraadpleegd en bij hun werkzaamheden worden betrokken. Artikel5Samenstelling en benoeming 1De Wmo-cliëntenraad bestaat uit maximaal 12 en minstens 8 leden. 2De leden van de Wmo-cliëntenraad mogen zich bij verhindering laten vervangen. 3De Wmo-cliëntenraad heeft een voorzitter, die gekozen wordt door de leden van de raad. 4De leden van de Wmo-cliëntenraad en de voorzitter worden benoemd door het college. 5De Wmo-cliëntenraad en de daarin vertegenwoordigde organisaties doen een voordracht voor door het college te benoemen leden van de raad. 6Bij de samenstelling van de Wmo-cliëntenraad wordt gestreefd naar een vertegenwoordiging van alle in de Wet maatschappelijke ondersteuning genoemde doelgroepen en naar een evenredige vertegenwoordiging van de vier gemeentes. Artikel6Zittingsduur 1De leden en voorzitter van de Wmo-cliëntenraad worden benoemd voor een periode van 3 jaar. 2De leden en voorzitter treden af volgens een rooster zoals vastgelegd in het huishoudelijk reglement. 3Leden en voorzitter kunnen voor herbenoeming worden voorgedragen. Artikel7Huishoudelijk reglement De Wmo-cliëntenraad stelt een huishoudelijk reglement vast. In dit huishoudelijk reglement kunnen onder meer nadere regels worden opgenomen met betrekking tot stemprocedures, het aftreedschema, het aantal vergaderingen, de consultatie van de achterbannen/doelgroepen, de plaatsvervangende leden enz. Artikel8Faciliteiten 1Burgemeester en wethouders stellen aan de Wmo-cliëntenraad zodanige middelen ter beschikking dat de raad redelijkerwijze in staat kan worden geacht om in het kader van de uitvoering van deze verordening haar taken uit te voeren. Hierbij zijn in ieder geval vergoedingen voor de volgende onkosten inbegrepen: speciale faciliteiten vanwege beperking, presentiegeld, deskundigheidsbevordering, documentatie, ondersteuning, kantoorkosten, overleg achterban, PR, overleg met andere doelgroepen. 2De middelen als bedoeld in het eerste lid worden jaarlijks toegekend op basis van een begroting en vastgesteld na indiening van een financieel jaarverslag. 3Voor niet reguliere activiteiten kan de Wmo-cliëntenraad bij burgemeester en wethouders een projectsubsidie aanvragen. Artikel9Slotbepalingen 1In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet met betrekking tot de Wmo beslist het gemeentebestuur samen met de Wmo-cliëntenraad. 2Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening cliëntenparticipatie Wmo
- 3Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
- Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Graft-De Rijp, gehouden op 27 september 2007 de griffier, de voorzitter, B.A.F.M. Meijland H.R. Oosterop-van Leussen