Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 31 maart 2026, PZH-2026-888647151 tot vaststelling van het openstellingsbesluit op grond van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland voor het in stand houden en realiseren van boerenlandpaden (Openstellingsbesluit subsidie boerenlandpaden Zuid-Holland 2026)Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op artikel 1.3 van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Gelet op artikel 2.2 van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; Overwegende dat het wenselijk is boerenlandpaden in stand te houden en te realiseren omdat daarmee wordt bijgedragen aan de mogelijkheden om door het sportief en recreatief buiten te zijn en te bewegen wat bijdraagt aan het welzijn van inwoners; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Openstellingsbesluit subsidie boerenlandpaden Zuid-Holland 2026 Artikel1Begripsbepalingen In deze paragraaf wordt verstaan onder: boerenlandpad: onverhard pad over particuliere gronden die in agrarisch gebruik zijn; digitaal beheer: op zodanige wijze vastleggen, bewaren, beheren en beschikbaar stellen van digitale informatie, dat deze te raadplegen, toegankelijk en actueel is. Artikel2Subsidiabele activiteiten 1.Subsidie kan worden verstrekt voor: het beheer en onderhoud van boerenlandpaden ten behoeve van de openstelling van boerenlandpaden voor wandelaars; de aanleg van noodzakelijke voorzieningen ten behoeve van de openstelling van nieuwe boerenlandpaden of ter verbetering van bestaande paden. 2.Subsidie als bedoeld in het eerste lid onder a wordt verstrekt voor een periode van zeven jaren. 3.Subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt eenmaal in de zeven jaar verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 4.De activiteit, bedoeld in het eerste lid, leidt tot instandhouding en realisatie van boerenlandpaden. Artikel3Doelgroep Subsidie als bedoeld in artikel 2 wordt uitsluitend verstrekt aan: gemeenten; waterschappen; regionale samenwerkingsverbanden van gemeenten; rechtspersonen die zich inzetten voor routes voor wandelen, of agrarische natuurverenigingen. Artikel4Subsidievereisten 1.Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2 eerste lid in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende vereisten: de activiteit leidt tot duurzame verbetering van de kwaliteit dan wel de veiligheid van het boerenlandpad; het boerenlandpad is vrij toegankelijk; het beheer en onderhoud van het boerenlandpad, inclusief digitaal beheer, zijn aantoonbaar voor ten minste 7 jaar geregeld; de subsidie voor beheer en onderhoud komt ten goede aan de eigenaar of pachter van het boerenlandpad; er is een overeenkomst gesloten tussen de aanvrager en de eigenaar of pachter van de grond tot het openstellen van het boerenlandpad. 2.In aanvulling op het eerste lid wordt, om voor subsidie als bedoeld in artikel 2 eerste lid onder b in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten: de route wordt bewegwijzerd op basis van gestandaardiseerde routemarkering voor wandelen; het boerenlandpad en de eventuele voorzieningen worden ingericht zodanig dat deze geschikt en toegankelijk zijn voor het beoogde gebruik en de beoogde gebruikers. 3.Van het eerste lid, onder b, kan worden afgeweken, indien beperkingen in de toegankelijkheid noodzakelijk zijn voor het vogelbroedseizoen. 4.In afwijking van artikel 2.6, eerste lid, onder a, van de Asv, mag de te subsidiëren activiteit reeds in uitvoering zijn voordat de aanvraag is ingediend, maar nadat de overeenkomst, bedoeld in het eerste lid, onder e, is gesloten tussen de aanvrager en de eigenaar of pachter van de grond. Artikel5Subsidiehoogte 1.De hoogte van de subsidie voor het beheer en onderhoud van boerenlandpaden, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, bedraagt € 0,55 per meter boerenlandpad per jaar. 2.De hoogte van de subsidie voor de noodzakelijke voorzieningen ten behoeve van openstelling of verbetering van boerenlandpaden, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder b, bedraagt maximaal 100% van de subsidiabele kosten. 3.Indien toepassing van respectievelijk het eerste of tweede lid ertoe leidt dat de subsidie minder bedraagt dan € 5.000,- wordt de subsidie niet verstrekt. Artikel6Aanvraagperiode In afwijking van artikel 2.3, eerste lid van de Asv, worden subsidieaanvragen ingediend van 13 april 2026 tot en met 31 oktober
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.