Besluit van de raad van de gemeente Baarle-Nassau van 18 februari 2026 houdende het vaststellen van gevallen van activiteiten waarin participatie van en overleg met derden verplicht is voordat een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit kan worden ingediend (Aanwijzingsbesluit vroegtijdige publieksparticipatie omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit Baarle-Nassau 2026)DE RAAD VAN DE GEMEENTE BAARLE-NASSAU; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders nr. 1079974; gelet op het bepaalde in artikel 16.55, zevende lid van de Omgevingswet; besluit vast te stellen: Artikel1Gevallen van activiteiten waarin vroegtijdige publieksparticipatie verplicht is 1.Participatie van en overleg met derden, voorafgaand aan het indienen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarvoor het college van burgemeester en wethouders het bevoegd gezag is, is verplicht indien de aanvraag betrekking heeft op één of meerdere gevallen van activiteiten als vermeld in het tweede lid; 2.Als gevallen van activiteiten als bedoeld in het eerste lid worden onderscheiden: het oprichten van een of meer gebouwen met een woonfunctie; het oprichten van een of meer hoofdgebouwen anders dan gebouwen met een woonfunctie; de uitbreiding van een gebouw met ten minste 100 m² bruto-vloeroppervlakte of met een of meer gebouwen met een woonfunctie; het oprichten van een gebouw dat geen hoofdgebouw als bedoeld onder b is, met ten minste 100 m² bruto-vloeroppervlakte; de verbouwing en wijziging van de gebruiksfunctie van een of meer aaneengesloten gebouwen met andere gebruiksfuncties dan een woonfunctie tot gebouwen met een woonfunctie, mits het ten minste vijf woonfuncties betreft; de verbouwing en wijziging van de gebruiksfunctie van een of meer aaneengesloten gebouwen met andere gebruiksfuncties dan een kantoorfunctie, een winkelfunctie of een bijeenkomstfunctie voor het verstrekken van consumpties voor het gebruik ter plaatse tot gebouwen met een of meer van deze gebruiksfuncties, mits de cumulatieve bruto-vloeroppervlakte van de nieuwe gebruiksfuncties ten minste 100 m² bedraagt; het wijzigen van de gebruiksfunctie van een gebouw en/of een aaneengesloten terrein van meer dan 100 m² naar een bedrijfsfunctie met een hoge milieuhinder voor de omgeving (vgl. met bedrijven behorende tot milieucategorie 3.1 of hoger op grond van de VNG-publicatie “Bedrijven en milieuzonering”
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.