met als hoofdtaak het vaststellen van het vergaderschema van de gemeenteraad. burgerraadslid: een op grond van artikel 82 van de Gemeentewet door de raad als zodanig benoemde persoon, die namens een fractie deelneemt aan informatie- en debatbijeenkomsten. commissie: commissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet. commissie van de geloofsbrieven: commissie ingesteld door de raad die de geloofsbrieven van nieuw benoemde raadsleden, kandidaat-burgerraadsleden en kandidaat-wethouders onderzoeken en de raad adviseert over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad en de benoeming van burgerraadsleden en wethouders. fractie: groep van een of meerdere raadsleden, behorende tot dezelfde politieke groepering. fractievoorzitter: voorzitter van een groep zoals beschreven in lid e. griffier: griffier van de gemeenteraad of diens plaatsvervanger. hem/zijn: respectievelijk persoonlijk en bezittelijk voornaamwoord. Daar waar hem of zijn staat kunnen ook andere persoonlijke en bezittelijke voornaamwoorden gelezen worden. initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een verordening of ander voorstel. initiatief tot raadsuitspraak: een initiatief tot een verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken. Artikel2.Vergadermodel 1.Er worden informatie- en debatbijeenkomsten gehouden gericht op het voorbereidend raadswerk en het in overleg te treden met het college of de burgemeester. 2.Informatie- en debatbijeenkomsten gedurende een vergaderdag worden in totaliteit beschouwd als één commissievergadering in de zin van artikel 82 van de Gemeentewet. 3.Iedere informatie- en debatbijeenkomst valt onder één of meerdere van de volgende woordvoerderschappen, welke zijn bedoeld ter specialisering van het raadswerk: Bestuur, samenwerking, dienstverlening en digitalisering; Financiering en algemene dekkingsmiddelen; Veiligheid; Mobiliteit; Economie en recreatie; Onderwijs; Sport en Gezondheid; Cultuur; Maatschappelijke ondersteuning; Jeugdzorg; Sociale samenhang en toegang tot zorg; Werk en inkomen; Klimaat en energie; Groen en water; Wonen, ruimtelijke ordening en stedelijke ontwikkeling; 4.Er kunnen ook bijeenkomsten worden gehouden die niet vallen onder de naam informatie- of debatbijeenkomst en/of onder de woordvoerderschappen, maar wel gericht zijn op voorbereidend raadswerk. 5.Onder deze bijeenkomsten worden in ieder geval de bijeenkomsten onder de volgende naam beschouwd: Expertmeetings Gecombineerde / combi informatie- en debatbijeenkomst Volggroepen 6.De bijeenkomsten zoals beschreven in lid 4 worden als informatie- of debatbijeenkomsten beschouwd in de zin van lid 1 indien zij voldoen aan de vereisten die de Gemeentewet stelt ten aanzien van vergaderingen op grond van artikel 82 van deze wet. Artikel3.Samenstelling 1.Elke fractie kan met één raadslid of burgerraadslid als woordvoerder vertegenwoordigd zijn in de informatie- en debatbijeenkomsten. 2.De agendacommissie wijst de voorzitter aan van de informatie- en debatbijeenkomsten. 3.De voorzitter is niet-stemhebbend lid van de informatie- en debatbijeenkomsten. Artikel4.Burgerraadsleden 1.Burgerraadsleden hebben het recht om volwaardig deel te nemen aan informatie- en debatbijeenkomsten van de raad. 2.Een fractievoorzitter kan maximaal twee burgerraadsleden voordragen. 3.Fractievoorzitters van fracties die één of meerdere voorzitters leveren voor de informatie- en debatbijeenkomsten mogen één extra burgerraadslid voordragen. 4.De benoeming geschiedt door de gemeenteraad voor de zittingsperiode van de raad. 5.Aan het burgerraadlidmaatschap zijn vergelijkbare vereisten verbonden als aan het raadslidmaatschap met uitzondering van de minimaal vereiste leeftijd, zoals beschreven in artikel 10 van de Gemeentewet met dien verstande dat voor “lidmaatschap van de raad” en “toelating als lid tot de gemeenteraad” “burgerraadslidmaatschap” gelezen wordt, dat voor “achttien jaar” “zestien jaar” gelezen wordt en dat “lid van de raad” “burgerraadslid” gelezen wordt. 6.De bepalingen voor raadsleden ten aanzien van nevenfuncties, onverenigbare betrekkingen, het afleggen van de eed en belofte, en verboden handelingen gelden ook voor burgerraadsleden, zoals beschreven in artikel 11 t/m 15 lid 1 van de Gemeentewet met dien verstande dat voor “lidmaatschap van de raad” en “toelating als lid tot de gemeenteraad” “burgerraadslidmaatschap” gelezen wordt en dat voor “raadslid”, “lid van de raad” en “leden van de raad” respectievelijk “burgerraadslid”, “burgerraadslid” en ”burgerraadsleden” gelezen wordt. 7.De raad kan een burgerraadslid ontheffing geven van het aangaan van bepaalde rechtstreekse of middellijke overeenkomsten met de gemeente, zoals beschreven in artikel 15 lid 2 van de Gemeentewet met dien verstande dat voor “kunnen gedeputeerde staten” “kan de gemeenteraad” gelezen wordt. 8.Een burgerraadslid kan tussentijds door de raad worden ontslagen op eigen verzoek of op voorstel van de fractievoorzitter. 9.Zodra onherroepelijk is komen vast te staan dat een burgerraadslid een van de vereisten voor het lidmaatschap niet bezit of dat hij een met het lidmaatschap onverenigbare betrekking vervult houdt hij op lid te zijn. 10.Een burgerraadslid dat een verboden handeling pleegt kan door de raad op voorstel van de voorzitter worden ontslagen, niet nadat het burgerraadslid in de gelegenheid is gesteld zich schriftelijk te verdedigen. 11.Een kandidaat-burgerraadslid dient voor zijn benoeming een verklaring omtrent het gedrag te overleggen aan de commissie van de geloofsbrieven. Artikel5.Vergaderschema 1.Vergaderingen en andere bijeenkomsten worden door de agendacommissie gepland conform het vastgestelde vergaderschema. 2.De agendacommissie kan besluiten tot een gecombineerde informatie- en debatbijeenkomst, met een markering van de overgang van de informatie naar de debatfase. 3.De agendacommissie stelt in week 3 van elke vergadercyclus de agenda's voor de komende vergadercyclus vast. Daarbij worden de onderwerpen zo veel mogelijk geclusterd naar de thema’s Sociaal / Bestuur en Fysiek / Economie. In bijzondere gevallen, zulks ter beoordeling van de agendacommissie, kan de agendacommissie de planning tussentijds bijstellen. 4.De agendacommissie kan een debatbijeenkomst laten vervallen, als daar aanleiding voor is, op basis van de informatiebijeenkomst. 5.De agendacommissie bepaalt het verloop van de informatie- en debatbijeenkomsten. 6.De griffier draagt er zorg voor dat de raadsleden en burgerraadsleden 10 dagen vóór de vergaderdatum van de agendacommissie, waarop de agenda's worden vastgesteld, in kennis worden gesteld van de geplande vergaderingen en bijeenkomsten, de onderwerpen en de vergaderstukken en dat de vergaderingen en bijeenkomsten, met inachtneming van de regels omtrent geheimhouding, openbaar worden gepubliceerd. Artikel6.Voorzitter 1.Informatie- en debatbijeenkomsten worden voorgezeten door één van de door de raad benoemde voorzitters. 2.Indien bij verhindering van alle voorzitters ook geen raadslid, niet zijnde een voorzitter, het voorzitterschap op zich neemt zal de bijeenkomst geen doorgang vinden. Artikel7.Deelname aan de vergaderingen 1.De griffier of een door hem aan te wijzen vertegenwoordiger is secretaris van de informatie- en debatbijeenkomsten. 2.Tenzij zwaarwichtige redenen zich daartegen verzetten, worden de collegeleden tot wiens portefeuille de te bespreken onderwerpen behoren, uitgenodigd voor de informatie- en debatbijeenkomsten en, op uitnodiging van de voorzitter, het woord te voeren. 3.De collegeleden kunnen zich hierbij steeds doen vergezellen van ambtelijke adviseurs. 4.De raadsleden en burgerraadsleden kunnen alle informatie- en debatbijeenkomsten bijwonen. Artikel8.Voorbereiding bijeenkomsten 1.Raadsleden en burgerraadsleden kunnen tot uiterlijk vier dagen voor de bijeenkomst (tot 12.00 uur), door tussenkomst van de griffie, informatieve vragen stellen aan het college of de burgemeester. 2.Deze vragen worden voor de bijeenkomst beantwoord, tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden. 3.De vragen en de beantwoording hierop worden gepubliceerd bij de vergaderstukken. Artikel9.Ambtelijke ondersteuning 1.De griffier wijst voor elke informatie- of debatbijeenkomst een secretaris aan. 2.De secretaris ondersteunt de voorzitter bij al zijn werkzaamheden. 3.De secretaris draagt zorg voor beknopte vastlegging van de afspraken, die in de informatie- en debatbijeenkomsten worden gemaakt. 4.De secretaris kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen in vergaderingen deelnemen. Artikel10.Vragenuur 1.De agendacommissie stelt in het vergaderschema tweewekelijks om 18.00 uur een vragenuur vast voor het stellen van vragen door (burger)raadsleden aan het college met een duur van 45 minuten. De agendacommissie kan hiervan gemotiveerd afwijken. 2.De volgende vragen kunnen niet aan de orde komen in het vragenuur: Zuiver technische / informatieve vragen; vragen over onderwerpen die voor de korte termijn op termijnagenda staan; vragen over onderwerpen die het laatste half jaar op de agenda van de raad hebben gestaan (informerend, debat of besluit), tenzij er sprake is van het feit dat er nieuwe en/of aanvullende informatie bekend is geworden ten opzichte van de eerder verstrekte informatie door het college c.q. de burgemeester; vragen over een onderwerp waarover al schriftelijke vragen zijn gesteld, tenzij de beantwoording naar gemotiveerd oordeel van de indiener van de mondelinge vragen niet voldoende is of de steller van de mondelinge vragen een aanvullende vraag op de reeds beantwoorde schriftelijke vragen wil stellen; vragen over zaken die onderwerp zijn in een juridische procedure waarbij de gemeente als één van de partijen betrokken is; vragen over informatie die op grond van artikel 5.1 lid 1 en 2 van de Wet open overheid niet openbaar is. 3.In aanvulling op de absolute uitsluitingscriteria zoals benoemd onder lid 2, zijn de volgende relatieve toetsingscriteria van toepassing op de ingediende vragen: actualiteit van het onderwerp en herkenbaarheid hiervan onder inwoners van de stad; stadsbreedheid van het onderwerp, in de zin of het onderwerp relevant is van een (groot) deel van de gemeente; beperkte complexiteit van het onderwerp, in de zin dat de vragen binnen één werkdag inhoudelijk kunnen worden beantwoord; potentie tot het ontlokken van discussie van het onderwerp tussen (burger)raadsleden onderling en met het college tijdens het vragenuur. 4.Er wordt een maximumaantal van drie sets vragen geagendeerd voor het vragenuur, waarbinnen er geen maximumaantal per fractie is. 5.De vragen dienen uiterlijk voor 9 uur ’s ochtends op de dag dat het vragenuur gehouden wordt te worden ingediend bij de griffier. Vragen die later worden ingediend kunnen pas worden behandeld in een volgende vragenuur. 6.De afweging welke vragen worden geagendeerd voor het vragenuur, hierbij gelet op de bepalingen onder de leden 2, 3, 4 en 5, is ter beoordeling van de griffier. 7.De griffier maakt uiterlijk om 11:00 uur kenbaar welke vragen worden behandeld in het later die dag te houden vragenuur. Paragraaf2.Taak Artikel11.Algemene taak informatie- en debatbijeenkomsten 1.Informatiebijeenkomsten als technische sessies zijn bedoeld voor het verkrijgen van informatie van het college en de ambtelijke organisatie, organisaties of experts ter voorbereiding op eventuele debatbijeenkomsten en de besluitvorming. 2.Informatiebijeenkomsten als inspraakbijeenkomsten zijn bedoeld om informatie te verkrijgen van inwoners en/of organisaties (artikel 15) ter voorbereiding op eventuele debatbijeenkomsten en besluitvorming. 3.Een informatiebijeenkomst als technische sessie of inspraakbijeenkomst wordt als vervolgstap gevolgd door een debatbijeenkomst, ook als de agendacommissie hierin niet heeft voorzien, indien ten minste een vijfde van de leden van de raad en/of 3 fracties, hierom verzoekt/verzoeken. 4.Debatbijeenkomsten zijn bedoeld voor onderling debat ter voorbereiding van de besluitvorming, alsmede voor het voeren van overleg met het college en de burgemeester over: voorstellen, die het college, de burgemeester, een commissie, de Rekenkamer, het presidium of een raadslid aan de raad voorlegt; initiatiefvoorstellen en initiatieven tot raadsuitspraken, die aan de raad zijn aangeboden; wensen en bedenkingen over ontwerpbesluiten van het college, als bedoeld in de artikelen 160, lid 2, 165 en 169, lid 4 van de Gemeentewet; ongevraagd advies uitbrengen en voorstellen doen, alsmede het vragen van informatie en inlichtingen aan het college en de burgemeester, voor zover deze niet een informatief karakter hebben. 5.De wensen en bedenkingen over ontwerpbesluiten van het college, als bedoeld in de artikelen 160, lid 2, 165 en 169, lid 4 van de Gemeentewet, worden altijd ter besluitvorming aan de raad voorgelegd. Paragraaf3.Werkwijze Artikel12.Agenderingsverzoeken 1.Een raadslid of een burgerraadslid, het presidium, de auditcommissie, het college, de burgemeester, de rekenkamer, of de raadsgriffie (namens derden) kan de agendacommissie gemotiveerd verzoeken een onderwerp op de agenda van een informatie- of debatbijeenkomst te plaatsen. 2.De agendacommissie kan besluiten om een onderwerp niet te agenderen, indien: het onderwerp al op de agenda staat tijdens de komende of lopende vergadercyclus of het laatste half jaar op de politieke agenda heeft gestaan; over de aangelegenheid bezwaar of beroep open staat of heeft open gestaan of op een andere wijze onder de rechter is; het een gedraging betreft waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend; de aangelegenheid geen betrekking heeft op de huishouding van de gemeente; de aangelegenheid een privébelang betreft; het agenderingsverzoek onvolledig of onduidelijk is. de verzochte informatie van beperkte omvang is, met als gevolg dat het verzoek schriftelijk kan worden afgedaan. het agenderingsverzoek ingediend is door minder dan drie fracties en de indienende fracties getalsmatig minder dan één-vijfde van het aantal leden van de raad bevatten. Artikel13.Debatbijeenkomsten 1.Debatbijeenkomsten worden ingepland: Rechtstreeks door de agendacommissie; Door de agendacommissie op verzoek van de woordvoerders van het woordvoerderschap waartoe het onderwerp behoort aan het einde van een informatiebijeenkomst of een andere bijeenkomst zoals bedoeld in artikel 2 lid 4 tot en met
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.