Reïntegratieverordening Wet werk en bijstandHoofdstuk 1 - Algemene bepalingen Artikel 1 - Begripsomschrijvingen deze verordening wordt verstaan onder: uitkeringsgerechtigden: personen met een uitkering ingevolge de Wet werk en bijstand; Anw-ers: personen met een uitkering volgens Algemene nabestaandenwet die ingeschreven zijn bij het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI); Nugger: de persoon die als werkzoekende is geregistreerd bij het CWI en die geen uitkeringsgerechtigde is (niet uitkeringsgerechtigde); voormalige WIW-ers en ID-ers: degenen die op 31 december 2003 werkzaam waren in een WIW-dienstbetrekking respectievelijk ID-baan en op grond van artikel 10 lid 2 WWB aanspraak kunnen maken op ondersteuning bij arbeidsinschakeling. jongeren: uitkeringsgerechtigden en Nuggers niet ouder dan 23 jaar; voorzieningen: voorzieningen bedoeld in artikel 7 lid 1 onder a van de WWB; de wet: de Wet werk en bijstand; het college: het college van burgemeester en wethouders; uitvoeringsbesluit: door het college op basis van de verordening vast te stellen uitvoeringsregels; arbeidsinschakeling: het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een voorziening als bedoeld in artikel 7, lid 1 onder a van de wet; sociale activering: het verrichten van onbeloonde activiteiten gericht op arbeidsinschakeling of, als arbeidsinschakeling nog niet mogelijk is, op zelfstandige maatschappelijke participatie; arbeidsplan: een ontwikkelgericht plan, toegesneden op de persoonlijke omstandigheden van de belanghebbende waarin opgenomen zijn: klantgegevens, klantprofiel, zoekprofiel, doel van het traject, in te zetten voorzieningen en afspraken over ontwikkeling, begeleidingstijd en voortgangsrapportage. Hoofdstuk 2 - Beleid en financiën Artikel 2 - Opdracht college Het college biedt aan uitkeringsgerechtigden, ANW-ers en Nuggers alsmede aan personen als bedoeld in artikel 10, tweede lid van de wet, ondersteuning bij de arbeidsinschakeling aan en, voor zover het college dat noodzakelijk acht, een voorziening gericht op die arbeidsinschakeling. Artikel 40, eerste lid van de wet is van overeenkomstige toepassing. Bij de keuze van de mogelijkheden van ondersteuning en het aanbieden van voorzieningen wordt door het college een afweging gemaakt, waarbij gekeken wordt of de ondersteuning of de voorziening, gelet op de mogelijkheden en capaciteiten van een cliënt, het meest doelmatig is met het oog op inschakeling in de arbeid. Het college draagt zorg voor voldoende diversiteit in het aanbod aan ondersteuning en voorzieningen. Artikel 3 - Reïntegratiebeleidsplan De gemeenteraad stelt ter nadere uitvoering van deze verordening jaarlijks een reïntegratiebeleidsplan vast, waarin beleidsprioriteiten worden aangegeven, alsmede de hoogte en wijze van financiering. Dit plan omvat in elk geval: een omschrijving van het beleid ten aanzien van de verschillende doelgroepen en de prioritering binnen en tussen die groepen, waarbij een evenwichtige aanpak als uitgangspunt wordt genomen; de wijze waarop de aanbesteding wordt vormgegeven; een omschrijving van het beleid ten aanzien van de sluitende aanpak; een verdeling van de beschikbare middelen over de verschillende voorzieningen; de criteria voor het ontheffingenbeleid ten aanzien van de arbeidsverplichting, waarbij in het bijzonder aandacht wordt besteed aan de uitkeringsgerechtigde van 57,5 jaar en ouder en de alleenstaande ouder waar het gaat om de combinatie van arbeid en zorg; het flankerend beleid ten aanzien van zorg en hulpverlening; de wijze waarop nazorg en nazorg met scholing wordt vormgegeven; de wijze waarop bemiddeling en matching naar (regulier) werk wordt vormgegeven; de wijze waarop oriëntatie en ontwikkeling wordt vormgegeven; de wijze waarop zorg en ondersteuning wordt vormgegeven. Het college zendt eenmaal per jaar aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het beleid. Dit verslag wordt vormgegeven conform het verslag als bedoeld in artikel 77 van de wet. Het beleidsplan als bedoeld in het eerste lid alsmede het verslag als bedoeld in het derde lid bevat het oordeel van de cliëntenraad. Artikel 4 - Aanspraak op ondersteuning Uitkeringsgerechtigden, ANW-ers, Nuggers, alsmede personen als bedoeld in artikel 10, tweede lid van de wet, hebben aanspraak op ondersteuning bij arbeidsinschakeling en op de naar het oordeel van het college noodzakelijk geachte voorziening gericht op arbeidsinschakeling. Het college doet een aanbod dat past binnen de criteria die gesteld zijn in deze verordening, het in artikel 3 genoemde reïntegratiebeleidsplan. Artikel 5 - Persoonsgebonden budget Het college kan aan, in het reïntegratiebeleidsplan aangewezen groepen, een subsidie verstrekken in de vorm van een op arbeidsinschakeling gericht persoonsgebonden reïntegratiebudget. Onder een persoonsgebonden reïntegratiebudget wordt verstaan een subsidie ter voldoening van de noodzakelijk te maken kosten van werkzaamheden die zijn gericht op arbeidsinschakeling. Het college stelt bij uitvoeringsbesluit regels met betrekking tot de uitvoering van dit artikel. Artikel 6 - Budget- en subsidieplafonds Het college kan bij uitvoeringsbesluit een of meer subsidie- of budgetplafonds vaststellen voor de verschillende voorzieningen. Een door het college ingesteld subsidie- of budgetplafond vormt een weigeringsgrond bij de aanspraak op een specifieke voorziening. Het college kan een plafond instellen voor het aantal personen dat in aanmerking komt voor een specifieke voorziening. Artikel 7 - Verplichtingen van de cliënt Een persoon die door het college een voorziening wordt aangeboden is verplicht hiervan gebruik te maken. Een persoon die deelneemt aan een voorziening is gehouden aan de verplichtingen die voortvloeien uit de wet, de IOAW, de IOAZ en de Wet Structuur Uitvoering Werk en Inkomen, deze verordening, alsmede aan de verplichtingen die het college aan de aangeboden voorziening heeft verbonden. Indien een uitkeringsgerechtigde die deelneemt aan een voorziening, niet voldoet aan het gestelde in het tweede lid, dan kan het college een uitkering verlagen conform hetgeen hierover is bepaald in de afstemmingsverordening. Indien de persoon niet zijnde een uitkeringsgerechtigde, die gebruik maakt van een voorziening, niet voldoet aan het gestelde in het tweede lid, kan het college de kosten van de voorziening dan wel de subsidie geheel terugvorderen. Hoofdstuk 3 - Voorzieningen Artikel 8 - Algemene bepalingen over voorzieningen In het reïntegratiebeleidsplan als bedoeld in artikel 3 wordt vastgelegd welke voorzieningen het college in ieder geval kan aanbieden alsmede de voorwaarden die daarbij gelden voor zover daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen. Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien uit de wet en deze verordening, aan een voorziening nadere verplichtingen verbinden. Het college kan een voorziening beëindigen: indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in artikel 9 van de wet niet nakomt; indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van de wet; indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening; indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling. Bij uitvoeringsbesluit kan het college ten aanzien van de voorzieningen, bedoeld in artikel 10 van de wet, met inachtneming van hetgeen daarover in het beleidsplan is bepaald, nadere regels stellen. Deze regels kunnen in ieder geval betrekking hebben op: de voorwaarden waaronder een voorziening wordt aangeboden; de weigeringsgronden bij het aanbieden van voorzieningen; de intrekking of wijziging van de subsidieverlening of -vaststelling; de aanvraag, van en de besluitvorming over subsidies en premies; de betaling van subsidies en het verlenen van voorschotten; het vragen van een eigen bijdrage; overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het verstrekken van subsidies. Hoofdstuk 4 - Specifieke voorzieningen Artikel 9 - Loonkostensubsidies gericht op reïntegratie Het college kan subsidie verstrekken aan werkgevers die met een persoon bedoeld in artikel 1 lid a, d en e een arbeidsovereenkomst sluiten gericht op arbeidsinschakeling. Bij uitvoeringsbesluit stelt het college regels ten aanzien van de duur van de subsidie, de hoogte, en de verplichtingen die aan de subsidie worden verbonden. De subsidie wordt alleen verstrekt indien hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing plaatsvindt. Artikel 10 - Loonkostensubsidies gericht op participatie Het college kan subsidie verstrekken aan werkgevers die met een persoon bedoeld in artikel 1 lid a, d en e een arbeidsovereenkomst sluiten gericht op participatie. Bij uitvoeringsbesluit stelt het college regels ten aanzien van de duur van de subsidie, de hoogte, en de verplichtingen die aan de subsidie worden verbonden. De subsidie wordt alleen verstrekt indien hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing plaatsvindt. Artikel 11 - Overige vergoedingen Het college kan een vergoeding verstrekken voor kosten die gemaakt zijn in het kader van een voorziening zoals bedoeld in artikel 7 van de wet. Het gaat hierbij in ieder geval om: verhuiskosten; reiskosten; kosten voor kinderopvang. Artikel 12 - Overgangsbepalingen De uitkeringsgerechtigde die, op 31 december 2004, op grond van artikel 8 van de in de raad van december 2003 vastgestelde Reïntegratieverordening Wet Werk en Bijstand een activeringspremie ontvangt, behoudt het recht op de activeringspremie: tot het moment waarop de deelname aan sociale activering van een reïntegratietraject op basis van het arbeidsplan wordt afgesloten; tot het moment waarop de op basis van het arbeidsplan te volgen scholing is afgerond; Hoofdstuk 5 - Slotbepalingen Artikel 13 - Hardheidsclausule Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen in deze verordening, indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel 14 - Beslissing burgemeester en wethouders in gevallen waarin de verordening niet voorziet In gevallen, de uitvoering van deze verordening betreffende, waarin deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester en wethouders. Artikel 15 - Inwerkingtreding Deze verordening treedt op 1 januari 2005 in werking. Artikel 16 - Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als "Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad der gemeente Dantumadeel, gehouden in het gemeentehuis te Damwoude op 21 december
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.