← Nederland

Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid (Graft-De Rijp)

De raad van de gemeente Graft-De Rijp, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 24 februari 1998; gelet op de bepalingen over het op overeenstemming gericht overleg in de Wet op het basisonderwijs; gelezen het inhoudelijk oordeel van de schoolbesturen; overwegende dat het noodzakelijk is een regeling vast te stellen voor het overleg tussen de gemeente en de schoolbesturen over het lokaal onderwijsbeleid; besluit vast te stellen de volgende:Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid. Hoofdstuk1BEGRIPSBEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan ondera. schoolbestuur: het bevoegd gezag van een volgens de Wet op het basisonderwijs bekostigde openbare of bijzondere school voor basisonderwijs, die gelegen is op het grondgebied van de gemeente;b. advies: het advies van de Onderwijsraad als bedoeld in de Wet op het basisonderwijs;c. burgemeester en wethouders: het college van burgemeester en wethouders. Hoofdstuk2OVERLEG Paragraaf2.1Overlegorgaan lokaal onderwijsbeleid Artikel2Functie overlegorgaan 1Er is een overlegorgaan lokaal onderwijsbeleid waarin burgemeester en wethouders met de vertegenwoordigers van alle schoolbesturen overleg voeren over de voorbereiding en uitvoering van het lokaal onderwijsbeleid. 2In het overlegorgaan komen aan de orde:a. de onderwerpen waarop het op overeenstemming gericht overleg van toepassing is als bedoeld in de Wet op het basisonderwijs;b. overige onderwerpen van overleg aangaande het lokaal onderwijsbeleid. 3Op de onderwerpen, als genoemd in het tweede lid onder b, is artikel 9 niet van toepassing. Artikel3Samenstelling overlegorgaan 1De schoolbesturen kunnen zich laten vertegenwoordigen in het overlegorgaan. Een schoolbestuur wijst daartoe drie vertegenwoordiger(

  1. s)aan, die namens dit schoolbestuur het overleg voeren. 2Schoolbesturen kunnen zich gezamenlijk laten vertegenwoordigen in het overlegorgaan. Zij wijzen daartoe vier vertegenwoordigers aan. 3De portefeuillehouder onderwijs vertegenwoordigt burgemeester en wethouders in het overlegorgaan. De portefeuillehouder onderwijs fungeert als voorzitter van het overlegorgaan. Artikel4Derden Derden kunnen, indien de voorzitter van het overlegorgaan dit wenst of een vertegenwoordiger van de schoolbesturen, genoemd in artikel 3, dit wenst, deelnemen aan het overleg. Paragraaf2.2Voorbereiding overleg Artikel5Uitnodiging 1Alvorens burgemeester en wethouders een voorstel aan de raad doen over een onderwerp wordt de voorgenomen inhoud van dit voorstel met een toelichting daarop en de inventarisatie als bedoeld in artikel 7, toegezonden aan alle schoolbesturen. 2De toezending geschiedt onder bekendmaking van de plaats, de datum en het tijdstip waarop het bestuurlijk overleg hierover zal aanvangen. Tussen de datum van de toezending van het voorstel en de datum van het overleg liggen ten minste twee weken. 3De schoolbesturen die niet deelnemen aan het overleg kunnen voor de datum van dit overleg hun zienswijzen schriftelijk kenbaar maken aan burgemeester en wethouders. Burgemeester en wethouders stellen de deelnemers aan dit overleg hiervan in kennis. Artikel6Secretariaat Burgemeester en wethouders voeren het secretariaat van het overlegorgaan. Artikel7Voorbereiding Burgemeester en wethouders kunnen een voorbereidend overleg tussen vertegenwoordigers van de schoolbesturen en burgemeester en wethouders instellen dat vooraf gaat aan het overleg in het overlegorgaan. Dit voorbereidend overleg wordt afgerond met een inventarisatie van de onderwerpen waarover wel en waarover geen overeenstemming is bereikt. Per onderwerp wordt aangegeven of het gaat om een onderwerp als bedoeld in artikel 2, tweede lid onder a. Artikel8Agendaoverleg 1Burgemeester en wethouders kunnen een agendaoverleg instellen. Hierin wordt nagegaan welke onderwerpen op welk tijdstip in het overlegorgaan aan de orde kunnen komen. Op grond hiervan stellen burgemeester en wethouders de agenda op. 2Aan het agendaoverleg nemen de portefeuillehouder onderwijs en vertegenwoordiger(
  2. s)van schoolbesturen deel. Paragraaf2.3Uitvoering overleg Artikel9Advies Onderwijsraad 1Indien een of meer schoolbesturen of burgemeester en wethouders een advies wensen over een onderwerp waarop het op overeenstemming gericht overleg van toepassing is, maken ze dit uiterlijk kenbaar in het overleg waarin het onderwerp in finale zin aan de orde is. Dit gebeurt aan de hand van een schriftelijk gemotiveerde omschrijving van het onderwerp waarover het advies wordt verwacht. Hierbij wordt tevens het verband aangegeven tussen het onderwerp en de vrijheid van richting en de vrijheid van inrichting van het onderwijs. 2Alle vertegenwoordigers krijgen in het overleg de gelegenheid gesteld hun zienswijzen naar voren te brengen over het verzoek om advies. 3Burgemeester en wethouders zijn belast met de indiening van een verzoek om advies. Zij doen dit uiterlijk twee weken na afloop van het overleg. Daarbij wordt de Onderwijsraad tevens geïnformeerd over de in het tweede lid bedoelde zienswijzen. 4De wettelijke termijn voor het uitbrengen van het advies wordt opgeschort met ingang van de dag waarop de Onderwijsraad burgemeester en wethouders uitnodigt het verzoek voor het uitbrengen van het advies aan te vullen met de gegevens die hij nodig heeft voor een goede vervulling van zijn taak tot de dag waarop het verzoek is aangevuld. 5De raad neemt gedurende de termijn voor het uitbrengen van het advies geen besluit over het onderwerp waarover advies is gevraagd. 6Een afschrift van het uitgebrachte advies wordt zo spoedig mogelijk door burgemeester en wethouders toegezonden aan alle schoolbesturen. Indien het geheel of gedeeltelijk opvolgen van het advies zou leiden tot een of meer inhoudelijke bijstellingen van het voorstel over een onderwerp waarover advies is gevraagd, worden de schoolbesturen bij de toezending van het afschrift van het advies uitgenodigd voor een nader overleg. In alle andere gevallen beoordelen burgemeester en wethouders of nader overleg over het advies wenselijk is. Burgemeester en wethouders geven dit aan bij de toezending van het afschrift van het advies. 7Het overleg als bedoeld in het vorige lid vindt binnen twee weken plaats nadat het advies is uitgebracht. Burgemeester en wethouders informeren de raad over dit overleg in de vorm van een aanvulling op het verslag als bedoeld in artikel 10. Artikel10Verslaglegging; informeren raad 1Van het overleg wordt door burgemeester en wethouders een verslag gemaakt. 2Het verslag bevat een overzicht van de besproken onderwerpen, waarbij per onderwerp wordt aangegeven:a. of het bepaalde in artikel 2, tweede lid, onder a of b van toepassing is;b. of volledige, geen volledige of geen overeenstemming is bereikt;c. de in het overleg door de deelnemers naar voren gebrachte zienswijzen en – indien van toepassing – de zienswijzen als bedoeld in artikel 5, derde lid;d. de door de portefeuillehouder onderwijs in het overleg toegezegde wijzigingen in het oorspronkelijke voorstel.Indien artikel 9, eerste lid van toepassing is, wordt hiervan eveneens een weergave opgenomen in het verslag. 3Het overlegorgaan stelt het verslag vast. In afwijking hiervan kunnen burgemeester en wethouder spoedheidshalve het verslag ter commentaar toezenden aan de schoolbesturen. Binnen 10 dagen na de dag waarop het conceptverslag is toegezonden, maken de schoolbesturen die deel hebben genomen aan het overleg schriftelijk hun opmerkingen over het concept van het verslag kenbaar. Vervolgens stellen burgemeester en wethouders, met inachtneming van de opmerkingen, het verslag definitief vast. 4Burgemeester en wethouders brengen het verslag gelijktijdig met het voorstel het onderwerp ter kennis van de raad. Voor zover door burgemeester en wethouders is afgeweken van de in het overleg naar voren gebrachte zienswijzen, wordt hiervan in het voorstel aan de raad melding gemaakt. Daarbij worden de redenen voor het niet of niet geheel overnemen van deze zienswijzen aangegeven. Artikel11Heropening overleg 1Indien uit het oordeel van de betrokken raadscommissie over het voorgenomen voorstel aan de raad over een onderwerp blijkt dat de meerderheid van de raadscommissie of een deel van raadscommissie dat volgens burgemeester en wethouders geacht kan worden een meerderheid in de raad te vertegenwoordigen, van oordeel is dat het voorstel inhoudelijk bijstelling behoeft, dan kan een heropening van het overleg plaatsvinden. Burgemeester en wethouders beslissen daarover. Het overleg wordt in ieder geval heropend indien de inhoudelijke bijstelling betrekking heeft op een onderwerp als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, waarover overeenstemming in het overleg was bereikt. 2Indien burgemeester en wethouders het overleg heropenen dan roepen zij het overlegorgaan zo spoedig mogelijk bijeen, doch uiterlijk vóór het moment waarop de raad een definitief besluit neemt over het onderwerp. In het overleg worden de vertegenwoordigers in de gelegenheid gesteld hun zienswijze te geven op het in het eerste lid genoemde oordeel. Burgemeester en wethouders informeren de raad over het resultaat van dit overleg in de vorm van een aanvulling op het verslag als bedoeld in artikel 10. De raad betrekt de in dit aanvullend verslag neergelegde zienswijzen bij zijn definitieve besluitvorming over het onderwerp. Hoofdstuk3SLOTBEPALINGEN Artikel12Beslissing burgemeester en wethouders in gevallen waarin de verordening niet voorziet In gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester en wethouders, gehoord de vertegenwoordigers van de schoolbesturen in het overleg. Artikel13Citeertitel; inwerkingtreding 1De verordening kan worden aangehaald als: Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid gemeente Graft-De Rijp. 2Deze verordening treedt, onder gelijktijdige intrekking van de verordening procedure overleg huisvesting, in werking met ingang van de dag na de bekendmaking. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 maart 1998. De voorzitter, De secretaris,

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.