Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld 2011 De raad van de gemeente Gennep; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 9 november 2010; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld 2011 (Verordening marktgeld 2011) Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: marktverordening: de in de gemeente Gennep geldende marktverordening; marktdag: de dag en tijd gedurende welke de in de marktverordening bedoelde markten worden gehouden; maand: een kalendermaand; kwartaal: een kalenderkwartaal; half jaar: een periode van zes maanden aanvangende op 1 januari of op 1 juli van enig jaar; jaar: een kalenderjaar. Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam 'marktgeld' wordt een recht geheven voor het ter beschikking stellen van een standplaats op een markt als bedoeld in de marktverordening, daaronder begrepen de diensten welke in verband hiermee door de gemeente worden verleend. Artikel 3 Belastingplicht Het marktgeld wordt geheven van degene aan wie een standplaats ter beschikking is gesteld. Artikel 4 Maatstaf van heffing en tarief 1 Het marktgeld wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2 Voor de berekening van het marktgeld wordt een gedeelte van een marktdag aangemerkt als een gehele marktdag. Artikel 5 Belastingtijdvak Het belastingtijdvak is de periode waarvoor een vergunning voor een standplaats is afgegeven, met dien verstande dat bij een vergunning voor meer dan twaalf maanden het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar. Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1 Het marktgeld is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak. 2 Indien van een standplaats waarvoor een vergunning voor meer dan een maand is verleend door omstandigheden buiten de wil van belanghebbende geen gebruik is gemaakt dan wel gedurende een kortere periode gebruik is gemaakt dan waarvoor de vergunning is verleend, wordt op aanvraag van belanghebbende teruggaaf van het marktgeld verleend. De teruggaaf wordt berekend door het voor het betreffende belastingtijdvak gevorderde bedrag te verminderen met het bedrag dat volgens de tarieventabel verschuldigd is voor de periode waarin gebruik is gemaakt van de standplaats. 3 Indien van een standplaats waarvoor een vergunning voor meer dan een maand is verleend gedurende een of meer marktdagen geen gebruik kan worden gemaakt omdat het marktterrein voor andere activiteiten in gebruik is, bestaat aanspraak op teruggaaf, tenzij door het college van burgemeester en wethouders een andere plaats voor het houden van de markt is aangewezen. De teruggaaf wordt berekend door het voor het betreffende belastingtijdvak gevorderde bedrag te verminderen met het bedrag dat volgens de tarieventabel verschuldigd is voor de periode waarin gebruik is gemaakt van de standplaats, 4 De in het tweede en derde lid bedoelde teruggaaf wordt niet verleend indien deze minder bedraagt dan € 4,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.