← Nederland

Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2011 (Kampen)

Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2011 De raad van de gemeente Kampen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders inzake de wijziging van de verordening met ingang van 1 januari 2011; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN LIJKBEZORGINGSRECHTEN 2011. Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: begraafplaats: de zeven

(7)begraafplaatsen binnen de gemeente Kampen: één
(1)begraafplaats te respectievelijk Kampen, Grafhorst, Kamperveen, Zalk en Wilsum en twee
(2)begraafplaatsen te IJsselmuiden. eigen graf: een graf, een grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; eigen kindergraf: een graf, een grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot: het doen begraven en begraven houden van lijken van kinderen tot twaalf jaar; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken voor bepaalde of onbepaalde tijd; eigen urnengraf: een graf, een grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; eigen urnennis: een nis, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; eigen herdenkingsplaats: een plaats op een speciaal daarvoor monument, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor bepaalde of onbepaalde tijd tot het aanbrengen van een herdenkingsplaatje na een asverstrooiïng; asbus: een bus ter berging van as van een overledene; urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; verstrooiingsplaats: een daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid. Artikel 2 Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Artikel 3 Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel 4 Vrijstellingen De rechten worden niet geheven voor:a. het lichten van een lijk op rechterlijk gezag;b. het begraven van doodgeboren kinderen of van zuigelingen die met de overleden moeder in één kist worden begraven. Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief
  1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
  2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel 6 Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Met betrekking tot de rechten genoemd in hoofdstuk 5.2 van de tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht. Artikel 7 Wijze van heffing De onderhoudsrechten, bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel, worden geheven bij wege van aanslag. Andere rechten als die bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten De onderhoudsrechten, als bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt zijn de rechten bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, naar aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 50,
  3. Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten Andere rechten dan die bedoeld in hoofdstuk 5.1 en 5.2 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichting. Artikel 10 Termijn van betaling De aanslagen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, zijn invorderbaar in één termijn, die vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet staat vermeld. De gedagtekende schriftelijke kennisgeving als bedoeld in artikel 7, tweede lid, zijn invorderbaar in één termijn, die vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving staat vermeld. Voor de aanslagen als bedoeld in artikel 7, lid 1 waarvan de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, bedraagt de incassotermijn één maand. De termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. Voor automatische incasso geldt voor de op het aanslagbiljet verzamelde aanslagen een maximumbedrag van € 1.750,
  4. Ten aanzien van het derde lid is het “Incassoreglement 2010” van toepassing, zoals door het college van burgemeester en wethouders op 18 december 2009 vastgesteld of zoals deze laatstelijk is gewijzigd. Artikel 11 Kwijtschelding Bij de invordering van lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de lijkbezorgingsrechten. Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel De “Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2010” van de gemeente Kampen, vastgesteld op 17 december 2009, wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. In afwijking in zoverre van het in voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  5. Deze verordening kan worden aangehaald als de “Verordening lijkbezorgingsrechten 2011”. Besloten in de vergadering van 11-11-2010 BIJLAGE behorende bij Verordening lijkbezorgingsrechten 2011 [Klik hier om het document te downloaden] Tarieventabel verordening lijkbezorgingsrechten 2011

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.