Toeslagenverordening WWB De raad van de gemeente Maasgouw; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; gelet op de artikelen 8, eerste lid, onderdeel c en 30 van de Wet werk en bijstand; BESLUIT: vast te stellen de volgende: Toeslagenverordening WWB Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1 Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand en de Algemene wet bestuursrecht. In deze verordening wordt verstaan onder: a. de wet: de Wet werk en bijstand; b. gehuwdennorm: de norm als bedoeld in artikel 21, onderdeel c, van de wet. Artikel2 De bepalingen van deze verordening gelden alleen voor belanghebbenden van 21 jaar of ouder doch jonger dan 65 jaar. In geval van gehuwden gelden de bepalingen van deze verordening alleen indien beide echtgenoten 21 jaar of ouder doch jonger dan 65 jaar zijn. De bepalingen in hoofdstuk 2 en 3 laten de toepassing artikel 18, eerste lid, van de wet onverlet. Hoofdstuk2Criteria voor het verhogen van de bijstandsnorm Artikel3Toeslagen
- De toeslag als bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet bedraagt 20 procent van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en alleenstaande ouder in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft;
- De toeslag als bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet bedraagt 10 procent van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en alleenstaande ouder in wiens woning een of meer anderen het hoofdverblijf hebben;
- Voor de toepassing van dit artikel worden de volgende personen niet in aanmerking genomen als een ander die in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft: a. kinderen van 18 jaar of ouder doch jonger dan 21 jaar met een inkomen van ten hoogste de norm als bedoeld in artikel 20, onder a, van de wet vermeerderd met 10 procent van de gehuwdennorm; b. meerderjarige kinderen met studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000; c. meerderjarige kinderen met een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten. Artikel4Toeslag alleenstaanden van 21 en 22 jaar De toeslag als bedoeld in artikel 29 van de wet bedraagt voor een belanghebbende van 21 jaar, in afwijking van artikel 3 van deze verordening, nihil; De toeslag als bedoeld in artikel 29 van de wet bedraagt voor een belanghebbende van 22 jaar, in afwijking van artikel 3 van deze verordening, 10% van de gehuwdennorm; In afwijking van lid 1 en lid 2 wordt de toeslag vastgesteld op de hoogte van de op grond van artikel 3 toegekende toeslag indien deze toeslag minder bedraagt dan de toeslag waartoe toepassing van lid 1 en 2 zou leiden. Hoofdstuk3Criteria voor het verlagen van de bijstandsnorm of toeslag Artikel5Verlaging gehuwden De verlaging als bedoeld in artikel 26 van de wet bedraagt 10 procent van de gehuwdennorm voor gehuwden die een woning delen met één of meer anderen. Het derde lid van artikel 3 is van overeenkomstige toepassing. Artikel6Verlaging woonsituatie De verlaging als bedoeld in artikel 27 van de wet bedraagt: a. 20 procent van de gehuwdennorm indien een woning wordt bewoond waaraan voor belanghebbende geen kosten van huur of hypotheeklasten verbonden zijn; b. 20 procent van de gehuwdennorm indien geen woning bewoond wordt. Artikel7Verlaging Schoolverlaters De verlaging als bedoeld in artikel 28 van de wet bedraagt 25 procent van de gehuwdennorm. Artikel8Anti-cumulatiebepaling Indien voor de belanghebbende meer dan één verlaging op grond van artikel 5 tot en met 7 geldt, bedraagt de verlaging niet meer dan 25% van de gehuwdennorm. Hoofdstuk4Slotbepalingen Artikel9Uitvoering De uitvoering van deze verordening berust bij het college van burgemeester en wethouders. Artikel10Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als: Toeslagenverordening WWB Artikel11Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
- Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Maasgouw van 2 januari 2007.