Verordening inzake de behandeling van bezwaarschriftenGEWIJZIGDE VERORDENING (geconsolideerde versie) De raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Losser; ieder voor zoveel het hun bevoegdheden betreft; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van de gemeente Losser van 12 februari 2002; gelet op het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet (art. 140 en volgende); BESLUITEN: vast te stellen de volgende verordening: VERORDENING INZAKE DE BEHANDELING VAN BEZWAARSCHRIFTEN Hoofdstuk1BEGRIPSBEPALING Artikel1 In deze verordening wordt verstaan onder: verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften; wet: wet van 4 juni 1992 (Stbl. 1992, 315) houdende algemene regels van bestuursrecht (Algemene wet bestuursrecht). Hoofdstuk2BEHANDELING VAN DE BEZWAARSCHRIFTEN Paragraaf1De commissie Artikel2Inleidende bepaling 1.Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op gemaakte bezwaren en ingestelde administratieve beroepen als bedoeld in artikel 1:5 van de wet. 2.De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van: belastingwetgeving (Hoofdstuk XV van de Gemeentewet en de daarop gebaseerde gemeentelijke verordeningen) en de Wet waardering onroerende zaken; [vervallen] ambtenarenwetgeving (onder meer Algemeen Ambtenarenreglement en regeling functiewaardering gemeente Losser c.a.). Artikel3Samenstelling van de commissie 1.De commissie bestaat uit één voorzitter, een waarnemend voorzitter en minimaal vier leden. 2.Zij worden benoemd, geschorst en ontslagen door het college. 3.De voorzitter, de waarnemend voorzitters en de leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan. 4.De voorzitter en de waarnemend voorzitter zijn elk voorzitter van een kamer. Artikel3aVerdeling in kamers 1.De commissie bestaat uit twee kamers, te weten: de kamer Sociale Zekerheid; de kamer Ruimtelijke en overige zaken; 2.Iedere kamer bestaat uit twee leden en een voorzitter. 3.De voorzitters vervangen elkaar onderling en de leden vervangen elkaar onderling, met dien verstande dat er slechts één vervanger kan zijn. 4.Een voorzitter van een kamer kan beslissen, na overleg met de voorzitter van een andere kamer, de behandeling van een bezwaarschrift aan die andere kamer over te dragen. Artikel4Secretaris 1.De secretaris van de commissie (en haar kamers) is een door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaar. 2.Burgemeester en wethouders wijzen tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris aan. Artikel5Zittingsduur 1.De voorzitter en de (plaatsvervangende) leden van de commissie treden af op de dag van het aftreden van de gemeenteraad. 2.De voorzitter en de (plaatsvervangende) leden van de commissie kunnen op ieder moment ontslag nemen. 3.De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Paragraaf2Procedure Artikel6Ingediend bezwaarschrift 1.Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. 2.Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld. 3.Bij het bericht van ontvangst als bedoeld in artikel 6:14 van de wet wordt vermeld dat een commissie over het bezwaar zal adviseren. Artikel7Overdracht bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de artikelen - 2:1, tweede lid, - 6:6, voor wat betreft het de indiener stellen van een termijn waarbinnen het verzuim in de zin van niet voldoen aan de vereisten als gesteld in artikel 6.5 van de wet, kan worden hersteld, - 6:14 eerste lid, het bevestigen van de ontvangst van het bezwaarschrift; - 6:17, voor zover het betreft de verzending van stukken tijdens de behandeling door de commissie, - 7:4, tweede lid, - 7:6, vierde lid, - 7:10, derde en vierde lid, verdagen van de beslissing op bezwaar, voorzover het bezwaarschrift nog in behandeling is bij de commissie bezwaarschriften, - 7:18, tweede en zesde lid, en - 7:20 vierde lid, van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie. Artikel8Vooronderzoek 1.De voorzitter van de commissie is in verband met de voorbereiding van de behandeling van het bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen. 2.De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en dezen zo nodig uitnodigen daartoe in de zitting te verschijnen. Indien een deskundige wordt uitgenodigd dan zal dit tijdig worden medegedeeld aan betrokkenen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester en wethouders vereist. Artikel9Hoorzitting 1.De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen horen. 2.De voorzitter beslist over de toepassing van de artikelen 7:3 van de wet. 3.Indien de voorzitter op grond van de in het tweede lid genoemde artikel besluit van het horen af te zien doet hij daarvan mededeling aan: de belanghebbende(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.