Mandaatregeling gemeente Zederik 2010 De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Zederik, elk voor zover bevoegd;Overwegende dat het wenselijk is een nieuwe mandaatregeling vast te stellen;gelet op artikel 160 van de Gemeentewet en afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;BESLUITENvast te stellen de Mandaatregeling gemeente Zederik 2010 Artikel 1 Definities In deze regeling wordt verstaan onder: a. Mandaat: de bevoegdheid om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen, waaronder tevens de voorbereiding en de uitvoering ervan wordt verstaan; b. Mandaatgever: het bestuursorgaan dat de betreffende bevoegdheid heeft verleend; c. gemandateerde: degene die de bevoegdheid namens het bestuursorgaan uitoefent; d. ondermandaat: de gemandateerde verleent mandaat aan een ander. Voor het verlenen van ondermandaat is toestemming van de oorspronkelijke mandaatgever noodzakelijk; e. volmacht: de bevoegdheid om in naam van het bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten. Artikel 2 Mandaatregister, mandaat, volmacht en machtiging
(3)TMTJMJMMilieudienstZHZ Het ondermandaat geldt niet indien :- voor de bouw-vergunning eenontheffing is vereist (dus alleen ondermandaat bijgebonden beschik-kingen). In die geval-len heeft de front-officemedewerkerVergunningen Atekenmandaat.- Bij weigeringen: dan alleenondertekenings-mandaatovereenkomstig het door het college genomen besluit.Ondermandaat aan de MilieudienstZHZ is beperkt tot de milieuvergunningof melding. 9.3 Het verdagen van de beslistermijn omtrent een aanvraag om een reguliere bouwvergunning dan wel overeenkomstig artikel 56a van de Woningwet omtrent een aanvraag om bouwvergunning eerste of tweede fase op grond van artikel 46, tweede lid van de Woningwet. Woningwet, artikel 46 lid 2, College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 9.4 Het aanhouden van de aanvraag bouwvergunning en het eventueel doorbreken van de aanhouding. Woningwet,artikel 50 lid 1 en lid 3, artikel 50a, artikel 51 lid 1 en 3, artikel52 lid 1en lid 3en lid 4 en lid 6,artikel 52a lid 1, lid 3 en lid 4,artikel 53 lid 1, lid 3, lid 4 enlid 6, artikel 54, lid 1, lid 3 en lid4, artikel 55, lid 1, lid 3 en lid 4en lid 5 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM Het weigeren van de bouwvergunningis niet ge-mandateerd. Wel heeft hetafdelingshoofd PZtekenmandaat overeenkomstig hetdoor het college ge-nomen besluit. 9.5 Welstandsadvies bouw-aanvraag. Woningwet, artikel 48 lid 1 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 9.6 Het verbinden van voor-waarden aan een bouw-vergunning (daaronder begrepen de voorwaarde met betrekking tot eenexploitatiebijdrage). Woningwet, artikel 56 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 9.7 Het besluiten op en het stellenvan voorwaarden aan eenbouwvergunning in twee fasen (en intrekking eerste fase). Woningwet, artikel 56a lid 1 t/m lid 3,lid 6, lid 8 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 9.8 Het aanhouden van de beslissing op een aanvraag bouwvergunning tweede fase. Woningwet, artikel 56b lid 1 en lid 2 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 9.9 Het geheel of gedeeltelijk intrekken van de bouw-vergunning anders dan op eigen aanvraag van de vergunninghouder ofrechtsverkrijgende. En het intrekken van bouw-vergunningen op verzoek van de vergunninghouder. Woningwet, artikel 59 lid 1en lid 2 en 4.1.Bouwverordening Zederik, art. 56a lid 6 woningwet (1e fase) College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM - Bij intrekken op eigen aanvraag van de vergunninghouder heeft het afd. hoofd PZmandaat en heeft de frontofficemedewerkervergunningen Atekenmandaat- Bij Intrekking anders dan op eigen aanvraagvan de vergunninghouder, is het besluit daaroverniet gemandateerd. Wel heeft hetafdelingshoofd PZin dat geval ondertekeningsmandaatovereenkomstig het door het college genomen besluit. 9.10 Het overschrijven van een:1. bouwvergunning2. gebruiksvergunning3. sloopvergunning. Bouwverordening, art.10.3 College Afdelings-hoofd PZ (1,4) TMTJMJM Ondertekenings-mandaat aan frontoffice medewerker vergunningen Aovereenkomstig hetdoor het collegegenomen besluit. 9.11 Het beslissen op een principeverzoek waarvoor ontheffingvan het bestemmingsplan is vereist. College Afdelings-hoofdenPZ en B&S TMTJMJM Alleen onder-tekeningsmandaatovereenkomstig het door het collegegenomen besluit.In geval van een principeverzoek overhet nemen van een project- besluittevens onder-tekeningsmandaat aan afdelingshoofd B&S overeenkomstig het door het collegegenomen besluit. 9.12 Het vrijgeven en ter inzage leggen van een (voor)ontwerp bestemmingsplan Wro, artikel 3.1 College Afdelings-Hoofd B&S 9.13 het voeren van overleg in het kader van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (verder: Bro) Bro, artikel 3.1.1. College Afdelings-Hoofd B&S Beleids-medewerkerMilieu enMilieudienstZHZ 9.14 Verlenen bouwvergunning met tijdelijke binnenplanseontheffing van een bestemmingsplanA: nadat het college het voornemen heeft kenbaar gemaakt de ontheffing te verlenen en geen ziens-wijzen zijningediend;B: nadat door het college positief is gereageerd op een principeverzoek en geen zienswijzen zijn ingediend. Wro, artikel 3.22 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM tekenmandaat aan front officemedewerker vergunningen A 9.15 Het beslissen op een verzoek om binnen-planse vrijstellingen/ontheffing op grond van artikel 3.6, lid 1 van de Wro Wro, artikel 3.6 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM Let op! Indien een deskundige negatiefadviseert over het verlenen van ontheffing, dan neemt het college het besluit. Tekenmandaat aan front office mede-werker vergunningen A. 9.16 Verlenen bouwvergunning met buitenplanse ontheffing van een bestemmingsplan:A: nadat het college het voornemen heeft kenbaar gemaakt de ontheffing te verlenen en geen zienswijzen zijn ingediend;B: nadat door het college positief is gereageerd op eenprincipeverzoek en geen zienswijzen zijn ingediend. Wro, artikel 3.23 jo. 4.1.1.Bro College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM tekenmandaat aan front office mede-werker vergunningen A 9.17 Het nemen van besluiten over (tijdelijke) aanleg-vergunningen (verlenen, weigeren). Wro, artt. 3.16 lid 1, 3.17 lid1, 3.18 lid 1, lid 2, lid 4, lid5, lid 7 en 3.19 en 3.38 lid 6Wro jo.; hetbestemmings-plan College Geen mandaatverleend 9.18 Het verlenen van een sloop-vergunning zoals bedoeld inartikel 3.20 van de Wro op basis van:een bestemmingsplaneen voorbereidingsbesluiteen beheersverordening, Wro, artikel 3.20 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM Geen mandaat verleend voorweigering sloop-vergunning. 9.19 Het verlenen of weigeren van een ontheffing van het verbodtot wijziging van het gebruik. Wro, artikel 3.7 lid 4 College Afdelings-hoofd B&S 9.20 Het beslissen op een verzoek om een ontheffing o.g.v.artikel 6.12 lid 6 Wro Awb, artikel 4:5 College Afdelings-hoofd B&S 9.21 Alle beslissingen en handelingen aangaande het verlenen van een sloop-vergunning of aangaande het instemmen met een sloop-melding op grond van de Bouwverordening . Bouwverordening Zederik 2005 (incl. wijzigingen) College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 9.22 Het beoordelen van het bodem-onderzoek en het beoordelenvan de gehele of gedeeltelijke vrijstelling van bodemonderzoek. Besluit indienings-vereistenaanvraag bouwvergunning,artikel 2.1.5. College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 9.23 De bevoegdheid tot het vaststellen van een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluids-belasting. Wet geluidhinder, artikel 110a College Afdelings-hoofd B&S MilieudienstZHZ 9.24 Het beslissen over verlenen, weigeren, of intrekken van eenmonumentenvergunning College Afdelings-hoofd B&S Geenmandaatverleend. 9.25 Het beslissen over een wijzigingsvergunning voor eengemeentelijke monument. College Afdelings-hoofd B&S Geen mandaatverleend. 9.27 Het nemen van een besluit met betrekking tot een aan-vraag om:- een vergunning tot onttrekking, samenvoeging, omzetting, dan wel splitsing van woonruimte;- toestemming voor overdracht van woningen ingevolge de Algemene voorwaarden Huisvestings-wet, Huisvestings-verordening2005 College Afdelings-hoofd B&S Beleids-MedewerkerRO 9.28 Het nemen van besluiten over een woonvergunning. Woningwet. Artikel 60 College Afdelings-hoofdB&S Beleids-MedewerkerRO 9.29 Het overschrijven van een woonvergunning. Bouwverordening College Afdelings-hoofd B&S Beleids-MedewerkerRO 9.30 Afgifte huisvestingsvergunning ingevolge de Huisvestingswet en -verordening voor huur-woningen van Goed Wonen Zederik inclusief de inschrijving als woning-zoekende. Huisvestingswet en Huisvestings-verordening2005 College Afdelings-hoofd B&Sen directeur/bestuurder van Goed WonenZederik (GWZ) medewerkerGWZ 9.31 Afgifte huisvestings-vergunning ingevolge deHuisvestingswet en verordening voor koop-woningen en particuliere huurwoningen Huisvestingswet en Huisvestingsverordening2005 College Afdelings-hoofd B&Sen directeur/bestuurder van GWZ medewerkerGWZ enbeleidsmedewerkerRO 9.32 Het beslissen op aanvragen om vergunningen en/ofontheffingen voor horeca-, slijtersbedrijven enparacommerciële instellingen, en het verbinden van voor-schriften aan de vergunning of ontheffing Drank- en Horecawetartikelen 3, 4 lid 1 en 4, 5,27, 28 College Afdelingshoofd PZ 9.33 Intrekken van een vergunning op basis van de Drank- enHorecawet Drank- en Horecawet,artikelen 31 lid 1 t/m 3, 32 College - Geen mandaat verleend. 9.34 Het beslissen op een aanvraag voor ontheffing van het verbod voor het ver-strekken van zwak-alcohol houdende drank bij een bij-zondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen Drank- en Horecawet artikel 35 College Afdelingshoofd PZ 9.35 Het beslissen op een aan-vraag om een loterij-vergunning Wet op de Kansspelen,artikel 3 College Afdelingshoofd PZ 9.36 Het beslissen op een aanvraag om een vergunning voor hetaanwezig hebben van een speelautomaat, zoals bedoeld in artikel 30b, in samenhang met artikel 30d en 30e van deWet op de Kansspelen, met inachtneming van hetgeen in de artikelen 2 en 3, eerste en tweede lid van de Verordeningspeelautomaten(hallen) is bepaald Wet op de Kansspelen,artikel 30b, 30d en 30 e;Verordeningspeel-automaten(hallen),artikelen 2 en 3, eerste en tweede lid; Burge-meester Geen mandaatverleend. 9.37 Het beslissen of een ver-klaring van geen bezwaar wordt verleend ten behoeve van het opstijgen of doenbeslissen van een vrije ballon Besluit inrichting en gebruik van niet aangewezenluchtvaart-terreinen, artikel 10 lid 2 College Afdelings-hoofd PZ 9.38 Het beslissen of een ver-klaring van geen bezwaar wordt verleend ten behoeve van het doen opstijgen en doen landen van kabel-ballonnen en vrije ballonnen Besluit inrichting en gebruik van niet aangewezenluchtvaart-terreinen, artikel 9 onder 2 College Afdelings-hoofd PZ 9.39 Het opvragen van justitiële documentatie ten behoeve vanhet nemen van besluiten ten behoeve van het nemen vanbesluiten op grond van: Wet op de kansspelen, artikelen30d, 30 e lid 1 en 2, 30 f leden 1, 2, 3 en 4 Drank en Horecawet, artikelen 3 en 35 lid 1 Wet op de justitiële enstrafvorderlijke gegevens,artikelen 9 t/m 13 Besluit justitiële gegevensartikel 13/ Besluit eisen redelijk gedrag. Burge-meester Afdelings-hoofd PZ Juridischmedewerker 9.40 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod zich te begeven of te bevinden op terreinen, wegen of weggedeelten die door of vanwege het bevoegd gezag in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van wanordelijk-heden zijn afgezet art. 2.1.1.1 lid 4 APV Burge-meester Afdelings-hoofd PZ 9.41 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om gedrukte stukken of afbeeldingen te verspreiden art. 2.1.3.1 lid 3 APV College Afdelings-hoofd PZ 9.42 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om op te treden als straatartiest etc. art. 2.1.4.3 lid 2 APV Burge-meester Afdelings-hoofd PZ 9.43 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om voorwerpen te plaatsen op of aan de weg in strijd met de publieke functie van de weg art. 2.1.5.1 lid 1 APV College Afdelings-hoofd PZ 9.44 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ver-gunning voor het aanleggen, beschadigen of veranderen van de weg art. 2.1.5.2 lid 1 College Afdelingshoofd B&O Beleidsmedewerkerverkeer envervoer. 9.45 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ver-gunning voor het organiseren van een evenement art. 2.2.2 lid 1 APV Burge-meester Afdelings-hoofd PZ Het mandaat geldt niet voor groteevenementen zoals wielerrondes,dorpsfeesten en evenementen metmeer dan 100 bezoekers. 9.46 Het nemen van een besluit door middel van eenvergunningvoorschrift andere sluitingstijden vast te stellenvoor een afzonderlijk horecabedrijf art 2.3.1.4 lid 3 Burge-meester Geen mandaatverleend. 9.47 Het nemen van een besluit om in het belang van deopenbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid, of in geval van bijzondere omstandigheden voor één of meer horecabedrijven tijdelijk andere dan de krachtens 2.3.1.8 geldende sluitingstijden vaststellen of tijdelijk algehele sluiting bevelen (lid 1) en eenhorecabedrijf, al dan niet voor een bepaalde termijn,gesloten verklaren, indien sprake is van een van devermelde omstandigheden (lid 3)" art. 2.3.1.5 lid 1 en lid 3APV Burge-meester - Geen mandaat. 9.48 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om plantsoenen e.d. te betreden art. 2.4.5 lid 2 College Afdelingshoofd B&O 9.49 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om bijen te houden binnen een afstand van 30 meter vanaf een woning of andere gebouwen waaroverdag mensen verblijven, of binnen een afstand van 30 meter van de weg. art. 2.4.24 lid 5 College Afdelingshoofd B&O Publieks-zaken 9.50 Het nemen van een besluit op een aanvraag voor het ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk in de uitoefening van een bedrijf art. 2.6.2 APV College Afdelings-hoofd PZ 9.51 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om geluidshinder te veroorzaken art. 4.1.5 APV College Afdelings-hoofd PZ 9.52 Het nemen van een besluit op een aanvraag voor eenkapvergunning, met inbegrip van het opleggen vanbijzondere voorwaarden en voorschriften ex 4.3.5 en 4.3.6 van de APV hoofdstuk 4afdeling 3 e.v. APV College Afdelings-hoofd PZ Het mandaat geldt niet voor beeld-bepalende bomen. Altijd overleggen met afdeling B&O (scorelijst). 9.53 Het stellen van eisen aan het kappen van iepen met iepziekte, zoals bedoeld in artikel 4.3.8 van de APV hoofdstuk 4afdeling 3 e.v. APV College Afdelings-hoofd PZ Het mandaat geldt niet voor het toe-kennen van schade-vergoeding opgrond van dit artikel. 9.54 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om meer dan drie voertuigen van auto-bedrijven e.d. op de weg te parkeren art. 5.1.2 lid 4 APV College Afdelingshoofd B&O 9.55 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om een voertuig aan de weg te parkeren met het kennelijke doel het te koop aan te bieden art. 5.1.2a lid 2 APV College Afdelingshoofd B&O 9.56 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om langer dan drie dagen een caravan e.d. op aangewezen wegen te plaatsen of op een aan-gewezen plaats te par-keren, waar dit schadelijk is voor het uiterlijk ervan art. 5.1.5 lid 2 APV College Afdelingshoofd B&O 9.57 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om voertuigen met uitingen van handels-reclame te parkeren met het doel om daarmeehandelsreclame te maken art. 5.1.6 lid 2 APV College Afdelingshoofd B&O 9.58 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om een groot voer-tuig te parkeren waar dat buitensporig is art. 5.1.7 lid 4 APV College Afdelingshoofd B&O 9.59 Het nemen van een besluit op een aanvraag om ont-heffing te verlenen van het verbod om met een voertuig of (brom)fiets door een park of een plantsoen te rijden of deze daar te laten staan art. 5.1.10 lid 3 APV College Afdelingshoofd B&O 9.60 Het nemen van een besluit op een aanvraag voor eenvergunning voor het open-baar inzamelen van geld ofgoederen Art. 5.2.1. APV College Afdelingshoofd PZ 9.61 Het nemen van een besluit op een aanvraag voor eenvergunning voor het in-nemen of hebben van eenstandplaats art. 5.2.3.2 APV College AfdelingsHoofd PZ front-officemedewerkervergunningen B 9.62 Wijzigen van aanvraagformulieren met betrekking tot de APV College AfdelingsHoofd PZ Juridischadviseur 9.63 Het nemen van besluiten inzake het innemen, hebben,beschikbaar stellen of op-zeggen van een ligplaats voor een vaartuig. Art. 5.3.2 APV College Geen mandaat Er kunnen nadere regels en/ofbeperkingen gesteld worden. 9.64 Het geven van aanwijzingen inzake het innemen,veranderen of gebruiken van een ligplaats voor eenvaartuig. Art. 5.3.3 APV College Geen mandaat(zie opmerkingbijzonderevoorwaarden) Het geven van aanwijzingen is formeel geen besluit maar een feitelijkehandeling die door medewerker kanworden uitgeoefend, doch enkel inovereenstemming met door het collegegenomen besluiten. 9.65 Het nemen van een besluit over een aanvraag voor een stookontheffing.Beslissen over het opleggen en opheffen van een stookverbod APV, 5.5.1Wet Milieu-beheer, art. 10.2en 10.63 art. 125 Gemeentewetart. 5:21 Awbart. 1A lid 1 Woningwet art.2.1.1 lid 5 (sub b)Besluit Brandveilig GebruikBouwwerken College Afdelings-Hoofd PZ - coördinator en mede-werkerToezicht enhandhaving.- Juridischadviseurhandhaving. 9.66 Het beslissen op aan-vragen om gehandicapten-parkeerkaarten Besluit administratievebepalingen inzake hetwegverkeer, artikel 49;Reglement verkeersregelsen verkeers-tekens 1990,artikel 26 College Gemeentesecretaris / Algemeen directeur Leerdam - Afdelingshoofd Burgers & Voorzieningen - kwaliteiteitsmedewerker - beleidsmedewerker voorzieningen 9.67 Het beslissen op verzoeken om het aanwijzen en hetopheffen van een gehandicapten-parkeerplaats Wegen-verkeerswet, artikel 18;Besluit administratievebepalingen inzake hetwegverkeer, artikel 12 College Afdelings hoofd B&O 9.68 Het beslissen op een aanvraag om ontheffing op grond van artikel 87 van het RVV 1990 Reglement verkeersregelsen verkeers-tekens 1990,artikel 87 juncto 25 College Afdelings hoofd B&O 9.69 Beslissing op aan-vragen om verkeers-ontheffing Reglement Verkeersregelsen Verkeers-tekens 1990,artikel 87 College Afdelings hoofd B&O 9.70 Het nemen van tijdelijke verkeers-besluiten Wegen-verkeerswet, artikel 18,Besluit administratievebepalingen inzake hetwegverkeer (Babw), artikel12 College Afdelings hoofd B&O 9.71 Het besluiten tot het verhalen danwel het ten laste brengenvan kosten, zoals bedoeld in artikel 29 en 33 Babw Besluit administratievebepalingen inzake hetwegverkeer (Babw), artikel29 en 33 College Afdelings hoofd B&O 9.72 Het tijdelijk plaatsen of toepassen van verkeers-tekens en het tijdelijk uitvoeren van maatregelen, zoals bedoeld in artikel 34 en 37 van het Babw Besluit administratievebepalingen inzake hetwegverkeer (Babw), artikel34 en 37 College Afdelings hoofd B&O 9.73 Het verlenen of weigeren van een instemmings-verklaring Tele-communicatiewet, artikel 5.3 College Afdelings hoofd B&O 10. Omgevingsvergunning (geldig vanaf de datum van in werkingtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht)De volgende afkortingen worden gebruikt:TM = technisch backoffice medewerker team vergunningenTJM = technisch-juridisch backoffice medewerker team vergunningenJM = juridisch backoffice medewerker team vergunningenMZHZ = Milieudienst Zuid Holland ZuidMedewerker team Vergunningen = TM, TJM, JM, front-office medewerker A en B Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan Ondermandaat Bijzondere voorwaarden 10.1 Het beslissen op aanvragen om een enkelvoudige of meervoudige omgevingsvergunning,met uitzondering vanhet beslissen op een aanvraag voor een (enkelvoudige)omgevingsvergunning bij of krachtens de Wabo, die uitsluitend betrekking heeft op: de milieuvergunning of –melding. Wabo,art. 2.1, lid 1 onder a, b, c,d, f, g, h en iart. 2.2art. 2.5 (twee fasen)art.. 2.12, lid, sub c(voorbereidings-besluit)art. 2.12, lid 1 sub a onder 1 (binnenplanse- ontheffing)art. 2.12, lid 1 sub a onder 2 (buitenplans)art. 2.12, lid 2 (tijdelijke)art. 2.12, lid 1, sub a onder 3 (buitenplans) College Afdelinghoofden PZ,B&S, B&O Uitsluitend voorpositiefbeslissen(verlenen) aan:TMTJMJMBeleids-medewerkerROBeleids-MedewerkerverkeerJuridischmedewerkerFront-officemedewerker B 1. Het mandaat van hetAfdelingshoofd B&S is beperkt tot hetbeslissen (enkelvoudige)omgevingsvergunning bij of krachtens de Wabo, dieuitsluitend betrekking opmonumenten.2. Het mandaat van hetAfdelingshoofd B&O is beperkt tot het beslissen(enkelvoudige)omgevingsvergunning bij of krachtens de Wabo, dieuitsluitend betrekking heeft op het verbieden van het maken of veranderen van een uitweg n.a.v. een melding.Het ondermandaat van de medewerkers van devakafdeling is beperkt tot de hierboven genoemdeenkelvoudigeomgevingsvergunningen voor zover die betrekking heeft op het terrein van zijn/haar vakafdeling. 10.2 Het beslissen op een (enkelvoudige)omgevingsvergunningbij of krachtens de Wabo, die uitsluitend betrekking heeft op een milieuvergunning of –melding. Wabo, artikel 2.1. onder e College AfdelingshoofdB&S MZHZ 10.3 Beslissen op een aanvraag om een omgevingsvergunningeerste en/of tweede fase (beide beschikkingen; tezamen deomgevingsvergunning) Wabo, artikel 2.5 lid 2 College Afdelings-hoofden PZ,B&S, B&O TMTJMJM 1. Het mandaat van hetAfdelingshoofd B&S is beperkt tot hetbeslissen (enkelvoudige)omgevingsvergunning bij ofkrachtens de Wabo, dieuitsluitend betrekking opmonumenten2. Het mandaat van hetAfdelingshoofd B&O is beperkt tot het beslissen(enkelvoudige)omgevingsvergunning bij ofkrachtens de Wabo, dieuitsluitend betrekking heeft op het verbieden van het maken of veranderen van een uitweg n.a.v. een melding.3. Het ondermandaat van demedewerkers van de vakafdeling is beperkt tot de hierboven genoemde enkelvoudige omgevingsvergunningenvoor zover die betrekking heeft op het terrein van zijn/haar vakafdeling. 10.4 Het intrekken van een verleende beschikking eerste / tweede fase Wabo, artikel 2.5 lid 5 College Afdelings-hoofden PZ,B&S, B&O TMTJMJM 1. Het mandaat van hetAfdelingshoofd B&S is beperkt tot hetbeslissen (enkelvoudige)omgevingsvergunning bij of krachtens de Wabo, dieuitsluitend betrekking opmonumenten2. Het mandaat van hetAfdelingshoofd B&O is beperkt tot het beslissen(enkelvoudige)omgevingsvergunning bij ofkrachtens de Wabo, dieuitsluitend betrekking heeft ophet verbieden van het makenof veranderen van een uitweg n.a.v. een melding. 3. Het ondermandaat van demedewerkers van de vakafdeling is beperkt tot de hierboven genoemdeenkelvoudige omgevings-vergunningen voor zover die betrekking heeft op hetterrein van zijn/haar vakafdeling. 10.5 Het bepalen dat een omgevingsvergunning wordt aangevraagd met betrekking tot de in artikel 2.6 lid 1 genoemde gevallen (veranderen inrichting of mijnbouwwerk) Wabo, artikel 2.6 lid 1 College Afdelings-hoofden PZ,B&S. TMTJMJMMZHZ 10.6 Het besluiten om aanvragen met betrekking tot de betrokken activiteit die geen betrekking heeft op de in artikel 2.6 lid 1 genoemde activiteiten niet te behandelen. Wabo, artikel 2.6 lid 2 College Afdelings-hoofden PZen B&S. TMTJMJMMZHZ 10.7 Het in de gelegenheid stellen van het bestuursorgaan dat zorg draagt voor het beheer van hetzuiveringstechnisch werk of het oppervlaktewater waarop het afvalwater vanuit die voorziening wordt gebracht, omadvies uit te brengen. Wabo,artikel 2.26 lid 1 College Afdelings-hoofden PZen B&O. Medewerkervan teamVergunningenen B&O. 10.8 Het in de gelegenheid stellen van de bij algemene maatregel van bestuur en,in gevallen als bedoeld in artikel 2.2, de bij de betrokken verordening aangewezen bestuursorganen of andere instanties in gevallen die behoren tot een bij die maatregel, onderscheidenlijk verordening aangewezen categorie advies uit te brengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning. Wabo, artikel 2.26 lid 3 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 10.9 Het verzoeken aan een als adviseur aangewezen bestuursorgaan om naar aanleiding van een aanvraag om een omgevingsvergunning advies uit te brengen over:a. de bij de beslissing op de aanvraag te betrekken gegevens, b. aan de vergunning te verbinden voorschriften, met betrekking tot activiteiten die zullen plaatsvinden binnen het grondgebied van de rechtspersoon waartoe het betrokken bestuursorgaan behoort en ten aanzien waarvan dat orgaan bijzondere deskundigheid bezit. Wabo, artikel 2.26 lid 4 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 10.10 Voor zover de omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, het regelmatig bezien of de voorschriften die aan een omgevingsvergunning zijn verbonden, nog toereikend zijn gezien de ontwikkelingen op het gebied van de technische mogelijkheden tot bescherming van het milieu en de ontwikkelingen met betrekking tot de kwaliteit van het milieu. Wabo, artikel 2.30 lid 1 College Afdelings-hoofd PZ MZHZ 10.11 Het wijzigen van voorschriften van een omgevingsvergunning Wabo, artikel 2.31 College Afdelings-hoofd PZ MZHZ Het ondermandaat omvat uitsluitend milieu-aspecten. 10.12 Het intrekken van een omgevingsvergunning Wabo, artikel 2.33 College Afdelings-hoofd PZ Bij intrekken op eigen aanvraag van de vergunninghouder heeft het afd. hoofd PZmandaat en heeft de front-office medewerker vergunningen A tekenmandaat.Bij Intrekking anders dan op eigenaanvraag van de vergunninghouder,is het besluit daarover niet gemandateerd. Wel heeft hetafdelingshoofd PZin dat geval ondertekeningsmandaat overeenkomstig het door het collegegenomen besluit. 10.13 Het doen van een schriftelijke mededeling aan Onze Minister van de wijze waarop gevolg is gegeven aan een aanwijzing. Wabo, artikel 2.34 lid 3 College Afdelings-hoofd PZ 10.14 Het onverwijld toezenden van een bewijs van ontvangst van de aanvraag aan de aanvrager, waarin de datum staat vermeld, waarop het deaanvraag heeft ontvangen. Wabo, artikel 3.1 lid 2 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.15 Het onverwijld toezenden van een bericht aan de aanvrager waarin wordt vermeld dat het college bevoegd is op de aanvraag te beslissen en waarin tevens worden vermeld:a. de procedure die ter voorbereiding van de beslissing zal worden gevolgd,b. welke beslistermijn van toepassing is, enc. de beschikbare rechtsmiddelen om tegen de beschikking op te komen. Indien op de voorbereiding van de beslissing titel 3.2 van de Awb toepassing is, vermeldt het bevoegd gezag tevens dat de gevraagde beschikking van rechtswege is gegeven, indien niet tijdig op de aanvraag is beslist. Wabo, artikel 3.1 lid 3 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.16 Voor zover het belang van de veiligheid van de Staat dat vereist het geheel of gedeeltelijk achterwege laten van de toepassing van afdeling 3.4 en artikel 3:44 van de Algemene wet bestuursrecht en van de artikelen 2.26 en 3.19, daarbij valt te denken aan overstromingen of terrorisme. Wabo, artikel 3.2 College Afdelings-hoofd PZ 10.17 Het aanhouden van de beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning. Wabo, artikel 3.3 leden 1 en 4Wabo, artikel 3.4Wabo, artikel 3.5 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.18 Het verlenen van de omgevingsvergunning (doorbereken van de aanhoudingsplicht). Wabo, artikel 3.3 lid 3Wabo, artikel 3.3 lid 6 College Afdelings-hoofd PZ TMTJMJM 10.19 Het doen van mededeling aan de aanvrager over de aanhouding op grond van artikel 3.3 en artikel 3.5 van de Wabo. Wabo, artikel 3.6 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.20 Het onverwijld kennis geven van de aanvraag om een omgevingsvergunning in een of meer dag-, nieuws- of huis-aan-huisbladen of op een andere geschikte wijze. Wabo,artikel 3.8 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.21 Tegelijkertijd met of zo spoedig mogelijk na de bekendmaking van het besluit op de aanvraag om een omgevingsvergunninga. mededeling doen van die beschikking op de wijze waarop het overeenkomstig artikel 3.8 kennis heeft gegeven van de aanvraag, enb. zenden van een afschrift van die beschikking in bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorieën gevallen aan de daarbij aangewezen bestuursorganen. Wabo, artikel 3.9 lid 1 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.22 Het zo spoedig mogelijk mededeling doen van de bekendmaking, bedoeld in artikel 4:20c van de Algemene wet bestuursrecht, op de wijze waarop het overeenkomstig artikel 3.8 kennis heeft gegeven van de aanvraag. Wabo, artikel 3.9 lid 4 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.23 Het bepalen dat de toepassing van artikel 3.1 of afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht geheel of gedeeltelijk achterwege blijft. Wabo, artikel 3.10 lid 2 College Afdelings-hoofd PZ 10.24 Het onverwijld toezenden van een exemplaar van de aanvraag en de daarbij gevoegde stukken aan het bestuursorgaan dat bevoegd is eenverklaring te geven alsbedoeld in artikel 2.27. Wabo, artikel 3.11 lid 1 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.25 Het onverwijld toezenden van zienswijzen die mede betrekking hebben op het ontwerp van de verklaring aan het bestuursorgaan dat de verklaring geeft. Wabo, artikel 3.11 lid 3 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.26 Het, op verzoek van het bestuursorgaan dat bevoegd is de verklaring te geven, verlengen van de termijn waarbinnende beslissing op de aanvraag moet worden genomen met toepassing van artikel 3:18, tweede lid, van de Algemenewet bestuursrecht in samenhang met artikel 3.12, zevende en achtste lid. Wabo, artikel 3.11 lid 4 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.27 Het zenden van het ontwerpbesluit met de daarop betrekking hebbende stukken die redelijkerwijs nodig zijn voor een beoordeling van het ontwerpbesluit, alsmede een afschrift van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning aan het orgaan dat bevoegd is een verklaring te geven en in bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen categorieën gevallende daarbij aangewezen bestuursorganen. Wabo, artikel 3.12 lid 4 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.28 1. Het doen van mededeling van de beschikking tot wijzigingvan een omgevingsvergunning of voorschriften van een omgevingsvergunning of tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning in dag-, nieuws-of huis-aan-huisbladen of op een andere geschikte wijze;2. Het zenden van een afschrift van die beschikking aan in bij algemene maatregel van bestuur aangewezenbestuursorganen. Wabo, artikel 3.15 lid 1 College Afdelings-hoofd PZ Medewerkervan teamVergunningen 10.29 Het geheel of gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning, indien de krachtens artikel 6.2 van de Waterwet verleende vergunning geheel of gedeeltelijk wordt ingetrokken. Wabo, artikel 3.23 College Afdelings-hoofd PZ 10.30 In gevallen als bedoeld in het eerste lid, onder a van artikel 4.1: het bepalen tot welk bedrag het verhaal neemt op de zekerheid bij het niet-nakomen van een verplichting. Wabo, artikel 4.1 lid 3 College Afdelings-hoofd PZ 10.31 Het toekennen van een naar billijkheid te bepalen vergoeding in de gevallen genoemd in artikel 4.2, lid 1. Wabo, artikel 4.2 lid 1 College Afdelings-hoofd PZ 10.32 Het zenden van een exemplaar van het advies aan de belanghebbende. Wabo, artikel 4.2 lid 3 College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerteamVergunningen 10.33 Het behandelen van klachten die betrekkinghebben op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de betrokken wetten met betrekking tot het uitvoeren van het betrokken project. Wabo, artikel 5.2 lid 1 College Afdelings-hoofd B&S Medewerkervan teamToezicht enHandhaving 10.34 Geheel of gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning bij wijze van sanctie Wabo, artikel 5.19 College 11 Wet Basisregistratie voor Adressen en Gebouwen (Wet BAG) Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan Ondermandaat Aan Bijzondere voorwaarden 11.1 Het uitgeven, herbenoemen en intrekken van naamgeving openbare ruimte (inclusief huisnummering) Verordening straatnaamgeving en huisnummering,Mandaat Raadsbesluitd.d. 5 maart 2009 Raad College CoördinatorteaminwonerszakenHeffingsambtenaar 1. ondermandaat mits geen sprake is van hernummering2. besluit ter kennisname aan Raad 11.2 Het indelen van gemeentelijk grond gebied in woonplaatsen, wijken en buurten Verordening straatnaamgevingen huisnummering, Mandaat Raadsbesluit d.d. 5 maart 2009. Raad College Tekenmandaat aan medewerker BAG. Besluit ter kennisname aan Raad. 11.3 Als beheerder van de basisregistraties adressen en gebouwen aan te wijzen Wet BAG, artikel 2 College Coördinator WOZ/belastingen 11.4 Als plaatsvervangend beheerder(
- s)van de basisregistraties adressen en gebouwen aan te wijzen Wet BAG, artikel 2 College Beheerder Vastgoed 11.5 Aan de beheerder wordt mandaat verleend om de volgende taken en bevoegdheden uit te voeren: a. het opstellen van de ‘ambtelijke verklaringen’ behalve die bedoeld onder 11.8; b. het toetsen van (overige) brondocumenten aan de vereisten voor inschrijving ingevolge artikel 11 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; c. het uitgeven van inschrijfnummers en identificatienummers; d. het, op grond van het bepaalde in artikel 10, tweede lid, van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, inschrijven van de in of op grond van artikel 10, eerste lid van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen aangewezen brondocumenten in het adressenregister dan wel het gebouwenregister; e. het ingevolge artikel 9 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen verzorgen van een zodanige opzet van het adressenregister en het gebouwenregister, dat de inhoud daarvan duurzaam kan worden bewaard en te allen tijde binnen een redelijke termijn raadpleegbaar en beschikbaar is; f. het, ingevolge artikel 14 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, zorg dragen voor een goede beschikbaarheid, werking en beveiliging van de adressenregistratie respectievelijk de gebouwenregistratie; g. het op basis van de brondocumenten opnemen van gegevens in de adressenregistratie en de gebouwenregistratie overeenkomstig de voorschriften uit de artikelen 14A en 15 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; h. het ontvangen, doorgeleiden en afhandelen van meldingen zoals bedoeld in artikel 37 en verzoeken zoals bedoeld in artikel 38 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, inclusief de verwerking daarvan zoals bedoeld in de artikelen 31, 39, 40 en 41 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; i. het onderhouden dan wel doen onderhouden van het berichtenverkeer met de Landelijke Voorziening basisregistraties adressen en gebouwen zoals bedoeld in artikel 31 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen; j. het op verzoek aan eenieder verlenen van inzage in het adressenregister, het gebouwenregister, de adressenregistratie en de gebouwenregistratie, alsmede het aan eenieder verstrekken van de in de adressenregistratie respectievelijk de gebouwenregistratie opgenomen gegevens zoals bedoeld in artikel 32, eerste lid onder a van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen;k. het bevorderen van de nakoming van de gemeentelijke verplichtingen in het kader van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, met inbegrip van de inrichting van de processen, de conformiteit van het gebruikte informatiesysteem en de beveiligingsmaatregelen alsmede het rapporteren over die nakoming daarvan aan burgemeester en wethouders; Wet BAG, artikel 2 College Bag beheerder 11.6 Als ambtenaren aangewezen voor de vaststelling van de definitieve geometrie van panden en verblijfsobjecten, zoals bedoeld in artikel 8 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, aan te wijzen: Wet BAG, artikel 8 College Bag beheerder/Beheerder vastgoed 11.7 Als ambtenaren bevoegd tot het opmaken van processen-verbaal van constatering, zoals bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder b van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, aan te wijzen: Wet BAG, artikel 2 en artikel 10, lid 1b College Bag beheerder / Toezichthouder / Administratief medewerker toezicht en handhaving/Handhaver-plantoetser 11.8 Als ambtenaren bevoegd tot het opmaken van schriftelijke verklaringen, strekkende tot het signaleren van een wijziging in de feitelijke situatie, die van invloed is op een of meer in de gebouwenregistratie opgenomen gegevens en die niet voortvloeit uit een krachtens de Wet basisregistraties adressen en gebouwen aangewezen brondocument, aan te wijzen: Wet BAG, artikel 2 College Toezichthouder / Administratief medewerker toezicht en handhaving/ Handhaver-plantoetser 12 Waterwet Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan Bijzondere voorwaarden 12.1 Het nemen van besluiten en verrichten van (privaatrechtelijke) (rechts-)handelingen inzake het toepassen van bestuursdwang in spoedeisende gevallen, zoals bedoeld in artikel 5:31, lid 2 Awb, om terstond de nadelige invloed van de lozing op de doelmatige werking van (zuiverings-)technische werken of de kwaliteit van het oppervlakte water zoveel mogelijk te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken. Gemeentewet, art. 160Awb, artt. 5:11 en 10:4Waterwet, artt. 3.8 en 8.3 lid 4 Invoeringswet Waterwet, art. 2.25b (en vanaf het moment van de inwerking- treding van de WABO, artt. 5.10, lid 3 en5.20 van deze wet)MandaatbesluittoezichthoudersWaterschap Rivierenlandd.d. 25-02-2010 College De doorWaterschapRivierenlandaangewezentoezichthouders Het betreft mandaat, volmacht en machtiging. 12.2 Het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens: de Waterwet, de WABO (vanaf het moment dat deze wet in werking treedt). Gemeentewet, art. 160Awb, artt. 5:11 en 10:4Waterwet, artt. 3.8 en 8.3 lid 4 Invoeringswet Waterwet,art. 2.25b (en vanaf het moment van deinwerking- treding van de WABO, artt. 5.10, lid 3 en5.20 van deze wet)MandaatbesluittoezichthoudersWaterschap Rivierenlandd.d. 25-02-2010 College De doorWaterschapRivierenlandaangewezentoezichthouders De bevoegdheden van de toezichthouders zijn omschreven in hoofdstuk 5 van de Awb. 12.3 Het behandelen, beoordelen en het nemen van besluiten op een aanvraag om vergunning en ontheffing, dan wel het geven van advies aan de gemeente. Gemeentewet, art. 160Awb, artt. 5:11, 10:1 t/m 10:12 Waterwet, artt. 3.8 en 8.3, lid 4Wet milieubeheer,artt.10.30, 10.63, lid 1 en 2 en art. 18.4, lid 3Invoeringswet Waterwet, art. 2.25ben vanaf het moment van de inwerking- treding van de WABO, artt. 5.10, lid 3 en 5.20 van deze wet) (Ontwerp)besluit lozen buiten inrichtingenMandaatbesluit Indirecte lozingen binnen en buiten inrichtingen d.d. 03-12-2009 College MilieudienstZHZ 12.4 Het behandelen, beoordelen en accepteren van een melding dan wel het geven van advies aan de gemeente daarop. Idem. College MilieudienstZHZ 12.5 Het direct toepassen van bestuursdwang in geval van calamiteiten of andere uitzonderlijke omstandigheden waarbij spoedshalve maatregelen genomen moeten kunnen worden ter waarborging van de goede werking van de gemeentelijke riolering of onderdelen daarvan dan wel terafwending van risico’s voor het oppervlaktewater, zulks met inachtneming van de daarvoor voorgeschreven wettelijke procedures. Idem. College MilieudienstZHZ 12.6 Het aanwijzen van toezichthouders en het uitoefenen van toezicht op het bepaalde bij of krachtens de Waterwet. Idem. College Directeur vandeMilieudienstZHZ 12.7 Het verlenen van ondermandaat. Idem. College MilieudienstZHZ 13 Personele aangelegenheden Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan Bijzondere voorwaarden 13.1 Aanstellen van medewerkers m.u.v. afdelingshoofden. art. 2:1 CAR-UWO College Gemeente-secretaris 1. Gemeentesecretarismeldt de aanstelling inde B&w vergadering.2. De vakwethoudermaakt kennis met de(eind-) kandita(a)t(en)voorafgaand aan deaanstelling. 13.2 Gratificatie bij ambtsjubilea art. 3:5 CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ medewerkersP&O 13.3 Arbeidsduur en werktijden hfdst. 4 CAR-UWO College Afdelings-hoofden Na overleg met P&O 13.4 Uitwisselen van arbeidsvoorwaarden hfdst. 4a CAR-UWO College Gemeente-secretaris 13.5 Seniorenmaatregelen hfdst. 5 CAR-UWO College Gemeente-secretaris 13.6 Buitengewoon verlof art. 6:4 CAR-UWO College Afdelings-hoofden Na overleg met P&O 13.7 Uitvoering verlof- of vakantiekaarten art. 6:2 CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerP&OConsulenteP&O 13.8 Zorgverlof art. 6:4:3 CAR-UWO College Afdelings-hoofden 13.9 Betaald ouderschapsverlof art. 6:5 CAR-UWO College Afdelings-hoofden 13.10 Zwangerschaps- en bevallingsverlof art. 6:7 CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerP&OConsulenteP&O 13.11 Aanspraken bij ongeschiktheid wegens ziekte of gebrek hfdst. 7 CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ 13.12 Ontslag op verzoek of wegens ouderdomspensioen artt. 8:1 en 8:2 CAR-UWO College Gemeentesecretaris 13.13 Overlijdensuitkering art. 8:16:2 CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ Beleids-medewerkerP&OMedewerkersalarisadministratie 13.14 Bovenwettelijke werkloosheidsuitkering hfdst. 10a CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ Beleids-medewerker P&OMedewerkersalarisadministratie 13.15 Uitkering bij ontslag hfdst. 11 CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ Beleids-medewerker P&O 13.16 Registratie nevenwerkzaamheden art. 15:1 e CAR-UWO College Gemeente-secretaris Afdelings-hoofden 13.17 Tegemoetkoming studie-kosten voor opleidingenopgenomen in het persoonlijk ontwikkelings-splan. art. 17:1:1 CAR-UWO College Afdelings-Hoofden Over niet in het opleidingsplan opgenomen opleidingen beslist het MT. 13.18 Verplaatsingskosten hfdst. 18 CAR-UWO College Afdelings-hoofd PZ Beleids-medewerker P&O Medewerkersalarisadministratie 13.19 Toekenning reiskostenwoonwerkverkeer Regeling reiskostenwoon- werkverkeergemeente Zederik College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerP&OMedewerkersalarisadministratie 13.20 Overschrijving tekort/overschot vakantieuren College Afdelings-hoofden 13.21 Gratificatie / lik-op-stuk-beleid College Gemeente-secretaris 13.22 Aanmeldingen ABP College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerP&OConsulenteP&O 13.23 Open sollicitaties College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerP&OConsulenteP&O In overleg met het desbetreffendeafdelingshoofd. 13.24 Inhuren van tijdelijk personeel binnen het budget voortijdelijke medewerkers (Mandaatbesluit inhuur tijdelijk personeel d.d. 6 juli 2010) College Gemeente-secretaris 1. inhuur moet worden afgestemdmet de portefeuille-houder P&O.2. toestemming voor inhuur vindtplaats na goedkeuring van het MT3. het college wordt maandelijks geïnformeerd over de stand van zaken. 13.25 Aanbieden stageplaatsen College Gemeente-secretaris Afdelings-hoofden 13.26 Aanvragen WW-uitkering College Afdelingshoofd PZ MedewerkerP&O 13.27 Her)keuring brandweerpersoneel; uitnodigen op spreekuur bedrijfsarts College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerP&O 13.28 Besluiten op verzoeken voor een opleiding Gemeentesecretaris Afdelings-hoofden Over niet in het opleidingsplanopgenomen opleidingen beslist het MT. 13.29 Aangifte afdrachten ABP en belastingdienst College Afdelings-hoofd PZ Medewerkersalaris-administratie Na controle en parafering door de afdeling PZ. 13.30 Uitvoering Verordening spaarloon Verordening spaarloon College Afdelings-hoofd PZ MedewerkerP&OMedewerkersalarisadministratie 13.31 Ondernemingsraad College Gemeente-secretaris Beleids-medewerkerP&OConsulenteP&O 13.32 Georganiseerd overleg College Portefeuille-houder P&O Beleids-medewerker P&O 14 Welzijn (WMO, Leerlingenvervoer, Kinderopvang) Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan Ondermandaat Aan Bijzondere voorwaarden 14.1 De uitoefening van de bevoegdheden van het college in het kader van de Verordening leerlingenvervoer gemeente Zederik met uitzondering van die genoemd in artikel 28(beslissen in gevallen waarin de verordening niet voorziet) en artikel 29 (afwijken van de verordening). Verordeningleerlingenvervoer College AfdelingsHoofdB&S BeleidsmedewerkerWelzijn Het mandaat omvat tevens het aangaanvan contracten met derden over vervoeren over de bijbehorende uitoefening vanbevoegdheden ingevolge de verordening. 14.2 Besluiten op een aanvraag om voorzieningen ingevolge de WMO Wet maatschappelijkeondersteuning (WMO),Verordeningmaatschappelijkeondersteuning Zederik2010 en het Besluitmaatschappelijkeondersteuning Zederik2010. College Gemeentesecretaris / Algemeen directeur Leerdam - Afdelingshoofd Burgers & Voorzieningen - kwaliteitsmedewerker - beleidsmedewerker voorzieningen Mandaat geldt niet voor: - een toekennend besluit voor een woningaanpassing waarvan de kosten hoger zijn dan € 20.420,00; - besluiten waar naar verwachting een precedent werking vanuit zal gaan. 14.3 Het voeren van correspondentie over handhaven vankwaliteitseisen voor kinderopvang inclusief aanwijzing en vooraankondiging Wet Kinderopvang College AfdelingshoofdB&S Beleids-medewerkerWelzijnCoördinatorteam Toezichten Handhaving 14.4 Het ondertekenen van de registratie van gastouders enkinderopvanginstellingen in het Landelijk Register Wet kinderopvang, art.160 Gemeentewet en artt.10:1 t/m 10:12 Awb College AfdelingshoofdB&S BeleidsmedewerkerWelzijn 14.5 Het beslissen over een aanvraag van gastouders enkinderopvanginstellingen voor registratie in het LandelijkRegister kinderopvang Wet kinderopvang, art.160 Gemeentewet enartt.10:1 t/m 10:12 Awb College AfdelingshoofdB&S BeleidsmedewerkerWelzijn 14.6 De uitoefening van de bevoegdheden van de Verordening Wet kinderopvang gemeente Zederik. Verordening Wetkinderopvang gemeenteZederik College AfdelingshoofdB&S BeleidsmedewerkerWelzijn 15 Subsidies Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan Ondermandaat Aan Bijzondere voorwaarden 15.1 Toekennen van subsidie ingevolge de Subsidieverordeninggemeentelijke monumenten en rieten daken 2005 Subsidieverordeninggemeentelijkemonumenten en rieten daken 2005 College Afdelingshoofd B&S BeleidsmedewerkerRO 15.2 Besluiten ingevolge het subsisiebeleid ensubsidieprogramma (bevoorschotting, verlening, vaststelling incl. ontheffing eisen rondom subsidie-verstrekking) en uitvoering tarieven- en accomodatiebeleid College Afdelingshoofd B&S BeleidsmedewerkerWelzijn 15.3 Nemen van besluiten inzake het verstrekken van subsidies voor in de begroting opgenomen posten College Afdelingshoofd B&S 16 Planning, control en financiën Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan OndermandaatAan Bijzondere voorwaarden 16.1 Het doen van aangiften voor Rijksbelastingen en BTW. College Invorderings-ambtenaar 16.2 Het aangaan, wijzigen en opzeggen vanverzekeringsovereenkomsten. Gemeentewet, art. 231, lid 2 aanhef en onder d College AfdelingshoofdPZ 16.3 Het aanmelden en afwikkelen van schadegevallen waarvoor of waartegen de Gemeente mogelijk verzekerd is. College AfdelingshoofdPZ 16.4 Het treffen van betalingsregelingen en het verlenen vanuitstel van betaling. College AfdelingshoofdPZ,Invorderings-ambtenaar Uitstel van betaling in overleg metportefeuillehouder boven € 20.000.- 16.5 Het doen van aanmaningen en de incasso van openstaandevorderingen. Awb, WOZ, gemeentewet College Invorderings-ambtenaar 16.6 Het aanwijzen van een heffingsambtenaar. Gemeentewet, art. 231,lid 2 aanhef en onder d College Geenmandaatverleend. 16.7 Het beslissen op ingediende bezwaarschriften tegen gemeentelijke belastingen en heffingen Awb, WOZ, gemeentewet Heffings -ambtenaar De bevoegdheid van deheffingsambtenaar is geengemandateerde bevoegdheid. De heffingsambtenaar is op grond van deGemeentewet een ZBO. 16.8 Het toepassen van artikel 63, 66 Awr en cassatie instellenbij de Hoge Raad in belastingprocedures College AfdelingshoofdPZ 16.9 Het innen van leges die betrekking hebben op de productenvan de Afdeling Publiekszaken Burgerlijk wetboekLegesverordening Heffingsambtenaar AfdelingshoofdPZ,Medewerkersinwonerszaken De bevoegdheid van deheffingsambtenaar is geengemandateerde bevoegdheid.De heffingsambtenaar is op grond van deGemeentewet een ZBO.Ondermandaat aan afdelingshoofd PZmedewerkersinwonerszaken geldt uitsluitend voorleges die specifiek betrekking hebben opinwonerszaken en WMO (paspoorten,rijbewijzen, gehandicapten-parkeerkaarten etc). 16.10 Aanslagen, nota’s, declaraties en kennisgevingenvaststellen, verzenden en uitreiken. College Invorderings-ambtenaar 16.11 Het doen van aangifte bij het Openbaar Ministerie bijverdenking van strafrechtelijke feiten (bijv. fraude). 10.3 Algemene wetbestuursrecht College AfdelingshoofdPZ 16.12 Het verrichten van werkzaamheden zoals het afschrijvenvan vorderingen en het verrekenen van gelden met derden College AfdelingshoofdPZ 16.13 Het indienen van declaraties, bij bijvoorbeeld de provincieen ministeries College Financieelconsulent 16.13 Het doen van een aanmaning in het kader vanbestuursrechtelijke vorderingen Artikel 4:112, eerste enderde lid, van de Awb College AfdelingshoofdPZ 16.14 Beschikking tot het in rekening brengen vanaanmaningskosten Artikel 4:113 van deAwb College Invorderingsambtenaar 16.15 Uitvaardigen dwangbevel ivm leges/gemeentelijke heffingen Artikel 4:115 van deAwb jo. betreffendegrondslag College Deurwaarder De deurwaarder (van Cannock Chase) zijn tevens aangesteld tot onbezoldigdambtenaar der gemeentelijke belastingenOgv art. 231 lid2 sub e van de gemeentewet en art. 1:2 CAR-UWO. 16.16 Beslissen omtrent de invordering van de opgelegdedwangsom en aanmanen tot betaling van de dwangsom, enhet bij dwangbevel invorderen van een geldsom. Artikel 5:37 AwbArtikel 5:10 Awb College AfdelingsHoofd PZ Deurwaarder ofincassobureauinvoorkomendegevallen. Afdelingshoofd PZkan in specifiekegevallen ondermandaat geven aan deurwaarder of incassobureau. 16.17 Nemen van beslissingenen uitvoering van takenop grond van het Treasury-statuut gemeente Zederik2011, conform de man-daten genoemd in debijlage bij het Treasury-statuut. Treasurystatuutgemeente Zederik2011 B&W Zie bijlage bij hetTreasurystatuut Zie bijlage bijhet Treasury-statuut 17. Brandweer (mandaten vervallen bij 1e wijziging 2011) Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan Onder mandaatAan Bijzondere voorwaarden 17.1 Het verlenen van ontheffing van eisen met betrekking totverbindingsweg en/of opstelplaatsen voor brandweerauto’s. Bouwverordening, art.2.5.3, lid 6 College 17.2 Ontheffing verlenen van de eisen voor brandmeldinstallatiesen ontruimingsinstallaties. Bouwverordening, art.2.6.1, lid 3 en 2.6.5, lid 3 College 17.3 Eisen dat in het kader van de brandveiligheid een communicatiesysteem voor publieke hulpverleningsdienstenwordt aangebracht. Bouwbesluit, art. 1.1Bouwverordening, art.2.6.12 College 17.4 Beslissen over de vraag of sprake is van gelijkwaardigheid als bedoeld in artikel 1.5 van het Bouwbesluit. Bouwbesluit, art. 1.5Bouwverordening, art.2.6.11 College 18. Grondzaken en onroerend goed Nr. Bevoegdheid Rechtsgrond Bevoegdorgaan Mandaat aan OndermandaatAan Bijzondere voorwaarden 18.1 Afwikkelen van college-besluiten inzake onroerend goedtransacties Gemeentewet, art.160,lid 1, onder e. College Afdelingshoofd B&S 18.2 Vertegenwoordiging van de gemeente Zederik bij het passeren van notariële akten die betrekking hebben op het werkterrein van de afdeling Gemeentewet, art.171 Burgemeester - Geen mandaat. 18.3 Optreden als vertegenwoordiger van de gemeente Zederikbij grensaanwijzingen en inmetingen in inhet kadaster Afdelingshoofd B&S 18.4 Behandelen van aanvragen van burgers tot de aankoop vanrestgroen/snippergroen en beslissen over verkoop vanperceeltjes restgroen. BW, gemeentewet College Afdelingshoofd B&S In overleg met de portefeuillehouder 18.5 Het voeren van het technisch beheer over en onderhoudvan gemeentelijk onroerend goed (dorpshuizen, sportzalen,multifunctioneel centrum, brandweerkazerne etc). College Afdelingshoofd IO Beheerdergebouwen Besluit Plaatsvervanging samenwerking Giessenlanden, Leerdam, Zederik 2011 2 De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Giessenlanden, elk voorzover bevoegd; De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Leerdam, elk voorzover bevoegd; De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Zederik, elk voorzover bevoegd;Gelet op artikel 160 van de Gemeentewet en afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrechtOverwegende dat,a. de drie gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik hebben besloten tot samenwerking; b. daartoe per 1 januari 2011 de afdelingen juridische Zaken, P&O, brandweer en ICT van de drie gemeenten in GLZ-verband zijn samengevoegd ; c. het in de nieuwe situatie zinvol is om te regelen dat medewerkers van de gemeenten Leerdam, Giessenlanden en Zederik elkaar over en weer kunnen vervangen en elkaars plaats kunnen innemen in geval van afwezigheid of ontstentenis van de gemandateerde ; d. vooruitlopend op een nieuwe mandaatregeling in het kader van de GLZ samenwerking nu wordt voorzien in een tijdelijke aanvulling op de drie mandaatregelingen door middel van een plaatsvervangingsregeling.BESLUITEN:Vast te stellen het besluit plaatsvervanging samenwerking GLZ 2011.- De gemeente Giessenlanden stelt in aanvulling op het Mandaatbesluit gemeente Giessenlanden 2010 dit “Besluit plaatsvervanging samenwerking GLZ 2011” vast; - De gemeente Leerdam stelt in aanvulling op het Algemeen mandaat- volmacht en Machtigingsbesluit Leerdam 2008 en de daarbij behorende mandaatlijsten dit “Besluit plaatsvervanging samenwerking GLZ 2011” vast; - De gemeente Zederik stelt in aanvulling op de Mandaatregeling gemeente Zederik 2010 en het bijbehorende mandaatregister dit “Besluit plaatsvervanging samenwerking GLZ 2011 vast.Artikel 1 in geval van afwezigheid of ontstentenis van de gemandateerde, treden de hierna - in de onderdelen A, B, C en D - aangewezen vervangers in de plaats.Onderdeel A: plaatsvervanging Juridische Zaken. - De senior adviseur ABJZ (Leerdam), de juridisch beleidsmedewerker (Leerdam), de junior juridisch medewerker (Leerdam), de juridisch adviseur (Zederik) en de juridisch adviseur (Giessenlanden) treden op als elkaars plaatsvervangers. - De secretarissen van de commissies bezwaarschriften van de gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik treden op als elkaars plaatsvervangers. - De hoofden van de afdelingen BMO van de gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik treden op als elkaars plaatsvervangers.Onderdeel B: plaatsvervanging P&O - Het hoofd van de afdeling BMO van de gemeenten Zederik en Leerdam en het hoofd van de afdeling P&O van de gemeente Giessenlanden treden op als elkaars plaatsvervangers.- Senior adviseur P&O (Leerdam) en de en de Medewerker (adviseur) P&O (Giessenlanden), Beleidsmedewerker P&O (Zederik) en de consulent P&O (Zederik) treden op als elkaars plaatsvervangers.- De medewerkers salarisadministratie van de gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik treden op als elkaars plaatsvervangers.Onderdeel C: plaatsvervanging Brandweer - De brandweercommandanten van de gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik treden op als elkaars plaatsvervangers. - De preventisten van de gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik treden op als elkaars plaatsvervangers.- De preparatisten van de gemeenten Giessenlanden, Leerdam en Zederik treden op als elkaars plaatsvervangers.Voor wat betreft toezichthoudende taken van de preventisten en preparatisten gelden de mandaten onder voorbehoud van een geldig aanwijzingsbesluit voor de de desbetreffende gemeente.Onderdeel D: plaatsvervanging ICT voor wat betreft GLZ aangelegenheden- Erwin Franken treedt op als plaatsvervanger van het afdelingshoofd IZ voor wat betreft ICT aangelegenheden.- Erwin Franken wordt mandaat verleend voor het besluiten tot het aanbesteden van en het aangaan van ICT- gerelateerde privaatrechtelijke rechtshandelingen en het uitvoeren van die besluiten- met inbegrip van ondertekening van overeenkomsten onder de voorwaarden dat:a. financiële dekking aanwezig moet zijn in de vorm van een daartoe bestemd(
- e)GLZ- ICT budget/begrotingspost enb. het aangaan van de rechtshandeling rechtstreeks voortvloeit uit de dienstverleningsovereenkomst GLZ- ICT.Artikel 2 Inwerkingtreding, publicatie en duur. 1. Dit besluit treedt in werking op de dag na publicatie. 2. Dit besluit wordt gepubliceerd in een huis aan huis blad in de gemeente Leerdam, Giessenlanden en Zederik.3. Dit besluit geldt tot het moment dat de plaatsingsbesluiten van de medewerkers GLZ van de afdelingen Juridische Zaken, P&O, Brandweer en ICT onherroepelijk zijn.Artikel 3 CiteertitelDit besluit kan worden aangehaald als: Besluit plaatsvervanging samenwerking GLZ 2011.Aldus vastgesteld in de vergadering van 25 januari 2011door de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Giessenlanden door de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Leerdam door de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Zederik Toelichting 1 Artikelgewijze toelichting Toelichting bij artikel 2Lid 1 en 2: In dit artikel wordt mandaat en volmacht verleend. De verleende mandaten zijn opgenomen in het mandaatregister. Naast bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke rechtshandelingen verricht de gemeente ookfeitelijke handelingen. Dit zijn de gewone dagelijkse handelingen die geen rechtsgevolgen hebben. Voorbeelden daarvan zijn: het planten van een boom, het voeren van verweer bij de rechtbank, het uitoefenen van toezicht in de stad, het verstrekken van informatie aan burgers of het aanleggen van een uitrit. Een machtiging wordt verleend in het geval dat er geen sprake is van een besluit, maar ook niet van een privaatrechtelijke rechtshandeling.Lid 3: De bevoegdheden gaan als het ware van hoog naar laag. Om die reden is bepaald dat de gemeentesecretaris alle bevoegdheden heeft die door het college zijn gemandateerd. Lid 4: Volmacht kan worden beschouwd als het privaatrechtelijke equivalent van mandaat. Op het verlenen van volmacht zijn dan ook de bepalingen omtrent mandaat (zowel in deze regeling als in de Algemene wet bestuursrecht) van overeenkomstige toepassing. De regeling gaat ervan uit dat degene die publiekrechtelijk bevoegd is tot het nemen van de beslissing (de gemandateerde), tevens gerechtigd is de benodigde privaatrechtelijke uitvoeringshandelingen te verrichten.Lid 5: Om de verantwoordelijkheid te kunnen waarmaken, die de mandaatgever heeft voor het in mandaat genomen besluit, dient hij steeds instructies te kunnen geven, c.q. aanwijzingen te geven, dan wel voorwaarden te stellen. De mandaatgever kan dit in algemene zin aangeven, middels de bij de regeling behorende bijlagen, maar ook per individueel geval heeft hij deze bevoegdheid. De mandaatgever blijft bevoegd de gemandateerde bevoegdheden zelf uit te oefenen.Toelichting bij artikel 3 Onder ondermandaat wordt verstaan de bevoegdheid van de gemandateerde om door te mandateren aan een derde. Aangezien bij mandaat de mandaatgever de verantwoordelijkheid voor de uitoefening van de bevoegdheid behoudt, dient het bestuursorgaan toestemming te verlenen voor ondermandaat. Er geldt dus geen algemene toestemming van het bestuursorgaan voor het verlenen van ondermandaat voor degenen aan wie mandaat is verleend. Verder doormandateren vergt toestemming van het bestuursorgaan. De verleende ondermandaten worden ook vastgelegd in het mandaatregister. Overigens is het niet noodzakelijk dat in de ondertekening van het (onder)gemandateerde besluit alle tussenschakels worden genoemd. Van belang is dat duidelijk is namens welk bestuursorgaan de gemandateerde handelt.Toelichting bij artikel 4 In de mandaatregeling worden bevoegdheden aan medewerkers toegekend om bepaalde besluiten te nemen en deze uit te voeren. Ter uitvoering van hun functie en de bijbehorende mandaten dienen medewerkers over budget te kunnen beschikken. Dit is geregeld in de geldende budgetregeling. De mandaatregeling en de budgetregeling houden verband met elkaar. Daarom wordt in dit artikel een koppeling gelegd tussen beide regelingen. Hoofdregel is: zonder budget geen bevoegdheid om besluiten met financiële gevolgen te nemen.Toelichting artikel 5 en artikel 6 en artikel 7Een mandaatregeling dient zo mogelijk geen “vage” bepalingen te bevatten. Duidelijk moet zijn op welk niveau welke besluiten mogen worden genomen. Voorkomen dient te worden dat formuleringen voor verschillende uitleg vatbaar zijn, zodat besluiten worden genomen die een bestuursorgaan niet voor zijn rekening zou willen nemen of niet waar kan maken. Een bevoegdheid in mandaat wordt alleen uitgeoefend conform de bij mandaatverlening gestelde voorwaarden. Van een gemandateerde bevoegdheid wordt voorts geen gebruik gemaakt indien overschrijding dreigt van kredieten of begrotingsposten, als wordt afgeweken van regelgeving of bestaand beleid en als sprake is van politieke of bestuurlijke gevoeligheid. Deze opsomming neemt niet weg dat een gemandateerde zich altijd zal moeten afvragen of het bestuursorgaan (burgemeester of college) niet zelf het besluit zal willen nemen omdat bijvoorbeeld, er rekening mee gehouden moet worden, dat het college op zijn verantwoordelijkheid voor het te nemen besluit zal worden aangesproken, en/of uit het te nemen besluit grote bestuurlijke, beleidsmatige en/of financiële consequenties (kunnen) voortvloeien. In artikel 6 zijn omstandigheden benoemd wanneer de gemandateerde het bestuursorgaan vooraf of achteraf moet informeren op eigen initiatief. De verplichting geldt altijd bij besluiten waarvan hij moet aannemen dat deze van belang zijn voor het bestuursorgaan om over geïnformeerd te zijn.Artikel 7 benoemt nog eens klip en klaar wat een gemandateerde in elk geval niet mag. Toelichting artikel 8 Dit artikel bepaalt wie het mandaat mag uitoefenen bij afwezigheid van de gemandateerde. Omdat de organisatie geen functies met een plaatsvervanger kent is als hoofdregel gekozen voor horizontale vervanging oftewel vervanging door de collega-leidinggevende van de gemandateerde. Bij afwezigheid van een collega-leidinggevende kan het mandaat ook altijd door de gemeentesecretaris worden uitgeoefend.