← Nederland

Verordening op de heffing en invordering van brandweerrechten 2011 (Waterland)

Verordening op de heffing en invordering van brandweerrechten 2011De raad van de gemeente Waterland, gelezen het voorstel van het college van burgemeeser en wethouders; gelet op artikel 229 , eerste lid, aan hef en onderdelen an en b, van de Gemeentewet; Besluit: tot vaststelling van de volgende Verordening op de heffing en invordering van brandweerrechten 2011: Artikel1Belastbaar feit Onder de naam "brandweerrechten" worden geheven: rechten voor het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde bezittingen van de gemeentelijke brandweer of van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen die bij de gemeentelijke brandweer in beheer of in onderhoud zijn; rechten voor het genot van door de gemeentelijke brandweer verstrekte diensten. Geen rechten als bedoeld in het eerste lid worden geheven ter zake van: het voorkomen, beperken en bestrijden van brand; het beperken van brandgevaar; het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand; al hetgeen met de onderdelen a,b en c verband houdt; het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan brand; de bestrijding en beperking van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de Rampenwet. Artikel2Belastingplicht Belastingplichtig is: degene die gebruik maakt van de bezittingen, werken of inrichtingen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a; degene die een dienst aanvraagt dan wel degene te wiens behoeve een dienst is verleend, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b. Artikel3Maatstaf van heffing en tarief De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde tijdsduur als een volle tijdsduur aangemerkt. Artikel4Belastingjaar Voor zover in de bij deze verordening behorende tarieventabel tarieven zijn opgenomen die per jaar worden geheven, is het belastingjaar gelijk aan een aaneengesloten periode van twaalf maanden, die aanvangt op de datum waarop het belastbare feit zich voor het eerst voordoet en eindigt op de dag voorafgaande aan de hiervoor genoemde datum één jaar later. Artikel5Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang De rechten waarop artikel 4 van toepassing is, zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 7,

  1. Belastingbedragen van € 7,95 of minder worden niet geheven. Artikel6Wijze van heffing De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Indien zich ten aanzien van eenzelfde belastingplichtige meerdere belastbare feiten voordoen, kunnen de rechten ter zake daarvan worden geheven bij wege van één gedagtekende schriftelijke kennisgeving. Artikel7Termijn van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald op het moment van uitreiking van de in artikel 6 bedoelde kennisgeving, danwel ingeval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na dagtekening van de kennisgeving. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel8Kwijtschelding Bij de invordering van brandweerrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel9Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de brandweerrechten. Artikel10Tijdstip van ingang van de heffing en citeertitel De verordening brandweerrechten 2010 van 5 november 2009 wordtingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  2. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening brandweerrechten 2011". Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Waterland, gehouden op 25 november 2010De raad voornoemd,De griffier, (Drs. E.G.H. Dijk) De voorzitter,(Mr. E.F. Jongmans)Tarieventabel, behorende bij de “ Verordening Brandweerrechten 2010 ”AlgemeenAlle in deze verordening opgenomen tarieven zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is. A. Bewakings- en andere dienstenHet tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot: bewakingsdiensten: per daartoe ingezet personeelslid per uur werkzaamheden die niet tot de wettelijke taken behoren: per daartoe ingezet personeelslid per uur Voor de tarieven onder 1 en 2 wordt verwezen naar de vergoedingstabel betreffende de vrijwilligers bij de gemeentelijke brandweer. (CAO gemeente, advies VNG, College van arbeidszaken). B. Beschikbaar stellen van rollend materiaal Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beschikbaar stellen van een: tankautospuit per uur € 94,05 hulpverleningsvoertuig per uur € 79,55 motorspuit op aanhanger per uur € 23,60 overig rollend brandweermaterieel per uur € 9,50 Voor het onder punt 1, 2, 3 en 4 genoemde materieel worden minimaal zes personeelsleden ingezet. De onder B genoemde rechten worden hiervoor met de onder A genoemde rechten verhoogd C. Beschikbaar stellen van materialen en uitrustingenHet tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beschikbaar stellen, per etmaal , van een: handbrandblusapparaat, per apparaat € 11,00 persluchttoestel, per apparaat € 13,30 brandslang, per slang € 14,85 straalpijp, per stuk € 3,00 opzetstuk, per stuk € 3,00 verdeelstuk, per stuk € 3,00 olieabsorberende c.q oliescheidende materialen voor vervuilingen op verhardingen van 0-2 m2 € 68,05 voor iedere volgende m2 € 10,235 olieabsorberende materialen voor vervuilingen op water per strekkende meter oil-boom € 18,95 D. Advisering, opstellen plannen/rapporten,het geven van instructie etc. per uur € 91,45 Behorend bij besluitnummer 144-5 van 25 november 2010 De griffier, Drs. E.G.H. Dijk De voorzitter, Mr. E.F. Jongmans

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.