De raad van de gemeente Boskoop;gelet op artikel 81o van de Gemeentewet, BESLUIT:vast te stellen de navolgende verordening:Verordening op de Rekenkamercommissie gemeente Boskoop 2005 Paragraaf1Begripsbepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Rekenkamercommissie: de commissie die is ingesteld bij besluit van de gemeenteraad en die ten doel heeft om door middel van beleidsevaluaties en doelmatigheidsonderzoeken een bijdrage te leveren aan de doeltreffendheid van het beoogde beleid, alsmede de doelmatige voorbereiding en uitvoering daarvan; Doelmatigheid of efficiëntie: het streven om met een zo beperkt mogelijk inzet van de beschikbare middelen het gewenste resultaat te bereiken; Doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin een organisatie erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde doelen of de gewenste maatschappelijke effecten te bereiken; Lid: een lid van de Rekenkamercommissie dat op basis van artikel 3, eerste lid door de raad van buiten de kring van zijn leden is aangewezen; Paragraaf2De taak, samenstelling en het lidmaatschap van de Rekenkamercommissie Artikel2Taak van de commissie 1Er is een gemeentelijke Rekenkamercommissie. 2De Rekenkamercommissie voert onderzoek uit naar de (maatschappelijke) effecten van het gemeentelijk beleid en naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid, van het gemeentelijke beheer en van de gemeentelijke organisatie, naar de rechtmatigheid van het gemeentelijk beheer, alsmede naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van instellingen waarvan de activiteiten geheel of in belangrijke mate door de gemeente worden bekostigd. Artikel3Samenstelling Rekenkamercommissie 1De Rekenkamercommissie bestaat uit drie leden, die door de raad van buiten de kring van zijn leden worden benoemd voor een periode van vier jaar. Bij aanvang van de rekenkamercommissie is de benoemingstermijn twee jaar. 2De leden leggen, voordat zij hun functie kunnen uitoefenen, in een vergadering van de raad in de handen van de voorzitter van de raad de eed (verklaring en belofte) af:“Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de Rekenkamercommissie benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gunst heb gegeven of beloofd.Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of belofte heb aangenomen of zal aannemen.Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de Rekenkamercommissie naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! (Dat verklaar en beloof ik!)” 3De rekenkamer wijst uit haar midden één van de leden als voorzitter aan. De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de vergaderingen van de Rekenkamercommissie, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitvoering van de onderzoeksopzet en de werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. Hij voert hiertoe regelmatig overleg met de onderzoekers en met het secretariaat. Artikel4Besluitvorming in de Rekenkamercommissie 1In vergaderingen van de Rekenkamercommissie wordt besloten bij meerderheid van stemmen, waarbij ieder lid één stem heeft. 2Besluiten kunnen niet worden genomen tenzij twee leden van de Rekenkamercommissie ter vergadering aanwezig zijn. 3Als de stemmen staken, is de stem van de voorzitter doorslaggevend. Artikel5Einde van het lidmaatschap 1Het lidmaatschap van een lid eindigt:a.op eigen verzoek;b.bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de Rekenkamercommissie; c.wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;d.indien het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld. 2De leden van de Rekenkamercommissie kunnen door de raad worden ontslagen wanneer zij door ziekte, gebreken of ongeschiktheid niet in staat zijn hun functie naar behoren te vervullen. Artikel6Verboden handelingen 1Het is de leden van de Rekenkamercommissie verboden de handelingen te verrichten als bedoeld in artikel 15 van de Gemeentewet. De raad kan, gehoord de Rekenkamercommissie, een lid van de Rekenkamercommissie dat heeft gehandeld in strijd met dit verbod van zijn functie ontslaan. 2De leden van de Rekenkamercommissie zijn niet werkzaam bij een bedrijf dat opdrachten uitvoert in opdracht van de gemeente of bij een door de gemeente gesubsidieerde instelling, danwel hebben geen andere (neven)betrekkingen die hun onafhankelijke positie ten aanzien van de gemeente zouden kunnen schaden. 3Leden overleggen aan de Raad halfjaarlijks een lijst met daarin opgenomen de nevenfuncties die zij op dat moment vervullen. Artikel7Vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de Rekenkamercommissie 1De leden van de Rekenkamercommissie ontvangen een vergoeding voor hun werkzaamheden. Deze vergoeding is gelijk aan 85% van het bedrag voor een raadslid in een gemeente klasse 6 dat staat vermeld in tabel I van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden zoals dat jaarlijks door de Minister van Binnenlandse Zaken is vastgesteld. 2De vergoedingen als bedoeld in het eerste lid komen ten laste van het budget van de Rekenkamercommissie als bedoeld in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.