Verordening materiële financiële gelijkstelling onderwijs gemeente BrummenDe gemeente stelt de verordening materiële financiële gelijkstelling onderwijs gemeente Brummen vast. Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: a burgemeester en wethouders: het college van burgemeester en wethouders; b schoolbestuur: bevoegd gezag van een volgens de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs bekostigde in de gemeente gelegen openbare of bijzondere school, of, voorzover in deze verordening is bepaald, van een nevenvestiging waarvan de hoofdvestiging is gelegen in een andere gemeente; c school: school voor basisonderwijs, speciale school voor basisonderwijs, school voor speciaal onderwijs, school voor voortgezet speciaal onderwijs, school dan wel instelling voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, school of scholengemeenschap voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, voor algemeen voortgezet onderwijs en voor voorbereidend beroepsonderwijs; d voorziening: een voorziening zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening; e aanvullende voorziening: een door burgemeester en wethouders vastgestelde nieuwe voorziening waarmee de verordening tijdelijk wordt aangevuld; f indieningsdatum: uiterste moment zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening, waarvoor een aanvraag voor een voorziening voor het eerste daaropvolgende tijdvak moet zijn ingediend; g toekenningscriteria: de omstandigheden zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening, waaronder een schoolbestuur in aanmerking komt voor een voorziening of een aanvullende voorziening; h tijdvak: periode zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening, waarvoor een voorziening wordt toegekend; i subsidieplafond: het door de raad of burgemeester en wethouders vastgestelde bedrag, voor een door de raad aange-wezen voorziening, dat ten hoogste beschikbaar is binnen een bepaald tijdvak; j feitelijke beschikbaarstelling: de beschikking van burgemeester en wethouders waarbij een voorziening of aanvullende voorziening in natura beschikbaar wordt gesteld; k subsidievaststelling: de beschikking van burgemeester en wethouders waarin het subsidiebedrag voor een voorziening of aanvullende voorziening definitief wordt vastgesteld en een recht op uitbetaling ontstaat. l subsidieverlening: de beschikking van burgemeester en wethouders waarbij een voorwaardelijke financiële aanspraak ontstaat op het subsidiebedrag voor een voorziening of een aanvullende voorziening.) Artikel2Subsidieplafond en verdelingsregels 1.De raad kan voor een voorziening een subsidieplafond vaststellen. Hierbij bepaalt de raad hoe het beschikbare bedrag wordt verdeeld. 2.De raad kan voor een voorziening het gestelde in het eerste lid overdragen aan burgemeester en wethouders. Burgemeester en wethouders nemen daarbij de gemeentebegroting in acht. 3.Burgemeester en wethouders maken het subsidieplafond en de wijze van verdeling van het beschikbare bedrag, uiterlijk zes weken voor de indieningsdatum aan de schoolbesturen bekend. Artikel3Aanvullende voorziening 1.Burgemeester en wethouders kunnen bepalen dat de verordening tijdelijk wordt aangevuld met een voorziening. 2.Burgemeester en wethouders stellen de toekenningscriteria vast waaronder aanspraak bestaat op de aanvullende voorziening. Artikel4Jaarlijks overzicht Jaarlijks voor 1 april zenden burgemeester en wethouders aan de schoolbesturen een overzicht van de op basis van deze verordening toegekende voorzieningen. Het overzicht omvat de periode van 1 januari tot en met 31 december van het jaar van toezending. Hoofdstuk2Procedures Paragraaf2.1Aanvraag voorzieningen; weigeringsgronden Artikel5Toevoegen, wijzigen en intrekken Een wijziging van de verordening die leidt tot het toevoegen, wijzigen of intrekken van een voorziening, wordt uiterlijk zes weken voor de indieningsdatum bekendgemaakt door burgemeester en wethouders. Artikel6Indiening aanvraag 1.Het schoolbestuur dat een voorziening voor het eerste daaropvolgend tijdvak wenst, dient voor de indieningsdatum een aanvraag in bij burgemeester en wethouders. De indieningsdatum is niet van toe-passing indien voor de voorziening is bepaald dat een indieningsdatum niet is voorgeschreven. Indien de aanvraag niet voor de indieningsdatum is ingediend, besluiten burgemeester en wethouders om de aanvraag niet te behandelen. De indiening van een aanvraag en de verstrekking van de gegevens dient het schoolbestuur schriftelijk aan het door burgemeester en wethouders te verzorgen. 2.De aanvraag vermeldt: a naam en adres van het schoolbestuur; b de dagtekening; c de gewenste voorziening; d de naam van de school en de onderwijssoort indien de voorziening is bestemd voor een school; e een motivering dat wordt voldaan aan de toekenningscriteria. 3.Bij het ontbreken van een of meer gegevens delen burgemeester en wethouders dit schriftelijk mee aan het schoolbestuur. Daarbij krijgt het schoolbestuur de gelegenheid om binnen drie weken na de datum van verzending van de mededeling de gegevens schriftelijk aan te vullen. Indien het schoolbestuur de ontbrekende gegevens niet binnen deze termijn verstrekt, beslissen burgemeester en wethouders de aanvraag niet te behandelen. Artikel7Beslissingstermijn 1.Burgemeester en wethouders beslissen binnen twaalf weken na de indieningsdatum op een aanvraag. Indien ten aanzien van een voorziening geen indieningsdatum is voorgeschreven, beslissen burgemeester en wethouders binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag. 2.Burgemeester en wethouders kunnen de termijn van twaalf weken met vier weken verlengen. Bij verlenging wordt uiterlijk twee weken voor het einde van de termijn van twaalf weken hiervan door burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling gedaan aan het schoolbestuur. Hierbij geven zij de reden voor de verlenging aan. 3.Burgemeester en wethouders stellen binnen twee weken na de datum van de beschikking op de aanvraag het schoolbestuur hiervan schriftelijk in kennis. 4.Het niet beslissen binnen de termijn als genoemd in het eerste of tweede lid, eerste zin, staat gelijk aan een beschikking tot toekenning van de voorziening. Artikel8Weigeringsgronden Burgemeester en wethouders weigeren de voorziening in ieder geval indien: a de gewenste voorziening geen voorziening is in de zin van de verordening; b niet is voldaan aan één van de toekenningscriteria; c door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden. Paragraaf2.2Aanvraag aanvullende voorzieningen; weigeringsgronden Artikel9Indiening aanvraag 1.Het schoolbestuur dat een aanvullende voorziening wenst, dient een aanvraag in bij burgemeester en wethouders. 2.Op de aanvraag is artikel 6, tweede en derde lid, van toepassing. Artikel10Beslissingstermijn 1.Burgemeester en wethouders beslissen binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag of binnen vier weken na de verstrekking van de aanvullende gegevens. Binnen twee weken na de datum van de beschikking stellen burgemeester en wethouders het schoolbestuur hiervan schriftelijk in kennis. 2.Het niet beslissen binnen de termijn staat gelijk aan een beschikking tot toekenning van de voorziening. Artikel11Weigeringsgronden
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.