Mandaatbesluit beleidsproducten c.a. projecten en vaststelling Regeling budgethouders begroting en kredieten 2009Het college van burgemeester en wethouders van Steenwijkerland; overwegende, dat het uit een oogpunt van doelmatigheid gewenst is de uitoefening van de hen toekomende bevoegdheden met betrekking tot het beheer van in de begroting per beleidsproduct c.q. project vermelde budgetten en het ter zake nemen van besluiten op te dragen aan de gemeentesecretaris in de hoedanigheid van master-budgethouder en hem wordt toegestaan ondermandaat te verlenen; dat het voorts gewenst is ter zake van de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden bijzondere instructies te geven in de vorm van een budgethoudersregeling; gelet op de artikelen 10:3, 10:5, 10:6 en 10:9 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 160 van de Gemeentewet en artikel 26 van de Financiële verordening gemeente Steenwijkerland; b e s l u i t e n : de uitoefening van de bevoegdheden ten aanzien van de in de programmabegroting door de gemeenteraad en de in de beleidsbegroting door het college vastgestelde budgetten voor baten en lasten per beleidsproduct c.q. project, met inbegrip van de ondertekening van stukken, op te dragen aan de gemeentesecretaris, in de hoedanigheid van master-budgethouder; de gemeentesecretaris in de hoedanigheid van master-budgethouder en de door hem aan te wijzen budgethouders toe te staan ten aanzien van de onder de beleidsproducten c.q. projecten ressorterende administratieve producten c.q. projecten ondermandaat te verlenen; vast te stellen de in bijlage I van dit besluit opgenomen Regeling budgethouders begroting en kredieten 2009; ten aanzien van de uitoefening van de (onder)gemandateerde bevoegdheden de Regeling budgethouders begroting en kredieten 2009, alsmede de algemene instructies (het mandaatstatuut d.d. 29 april 2008) van toepassing te verklaren; te bepalen dat dit besluit in werking treedt op de dag volgende op die waarop het is bekendgemaakt. Burgemeester en wethouders voornoemd, de secretaris, drs. A.F. Peterson de burgemeester, drs. H.H. Apotheker REGELING BUDGETHOUDERS BEGROTING EN KREDIETEN GEMEENTE STEENWIJKERLAND 2009 BIJLAGE 1 Bijlage 1 behorend bij het mandaatbesluit beleidsproducten c.q. projecten d.d. .. .. …. Regeling budgethouders begroting en kredieten 2009 Artikel1Begripsbepalingen. In deze regeling wordt verstaan onder: Budget: een deel van de begroting tot uitdrukking komend in baten respectievelijk lasten verbonden aan een programma, (administratief) product c.q. project, met de daarbij behorende taakstelling per programma, (administratief) product c.q. project. Master-budgethouder: de gemeentesecretaris, die krachtens mandaat bevoegd is in naam van burgemeester en wethouders besluiten te nemen ten aanzien van alle door de gemeenteraad per programma vastgestelde budgetten. Budgethouder: een door de master-budgethouder aangewezen functionaris die belast is met het beheer van een of meer van de onder de beleidsproducten c.q. projecten ressorterende administratieve producten en aan wie ter zake krachtens ondermandaat de bevoegdheid is verleend om in naam van burgemeester en wethouders besluiten te nemen. Deel-budgethouder: een door een budgethouder aangewezen functionaris die belast is met het beheer van een of meer van de onder de beleidsproducten c.q. projecten ressorterende administratieve producten en aan wie ter zake krachtens ondermandaat de bevoegdheid is verleend om in naam van burgemeester en wethouders besluiten te nemen. Toeleverancier: het hoofd van een organisatie-onderdeel, die activiteiten verricht ten behoeve van een (administratief) product c.q. project waarvoor het hoofd geen budgethouder is. Senior medewerker administratie: de functionaris die belast is met het systematisch verzamelen, vastleggen en verwerken van gegevens gericht op het verstrekken van door het bestuur, het management en/ of de burger gevraagde informatie. (Onder)mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen. Dienstverleningsovereenkomst (DVO): een bijzondere vorm van ondermandaat, waarbij de budgethouder afspraken maakt met de toeleverancier over de te leveren diensten. Artikel2Master-budgethouder a.De master-budgethouder is voor het college van burgemeester en wethouders aanspreekbaar en verantwoording verschuldigd voor alle aan hem toevertrouwde budgetten. b.De master-budgethouder ziet er op toe, dat middels het jaarlijks door de master-budgethouder vast te stellen afdelingsplan voor alle (administratieve) producten c.q. projecten (deel)budgethouders worden aangewezen en dat deze (deel)budgethouders worden geregistreerd in het afdelingsplan en in de financiële administratie. c.Ingeval van afwezigheid van de master-budgethouder wordt door de master-budgethouder een vervanger aangewezen. Artikel3Ondermandaat a.Het verlenen van ondermandaat is uitsluitend mogelijk aan medewerkers op het hiërarchisch naastlagere niveau. b.Onverminderd het bepaalde in het vorige lid kan door middel van het aangaan van een dienstverleningsovereenkomst ondermandaat worden verleend aan een toeleverancier. c.De toeleverancier kan binnen zijn organisatie-onderdeel ondermandaat verlenen. d.Met uitzondering van de master-budgethouder is voor elk ondermaat de instemming nodig van het hiërarchisch naasthogere niveau. Artikel4Budgethouder en deel-budgethouder a.De budgethouder is voor de master-budgethouder aanspreekbaar en verantwoording verschuldigd voor alle aan hem toevertrouwde budgetten per beleidsproduct c.q. project. b.De deel-budgethouder is voor de budgethouder aanspreekbaar en verantwoording verschuldigd voor alle aan hem toevertrouwde budgetten per administratief product c.q. project. c.Een (deel)budgethouder conformeert zich aan de opzet van de indeling van de (administratieve) producten c.q. projecten. Indien hij voor een adequate budgetbewaking een aanvullende indeling wenst, komt hij dit overeen met de senior medewerker administratie. Artikel5Verplichtingen a.De (deel)budgethouder draagt zorg voor een adequate organisatie en interne controle van de processen en activiteiten nodig voor het realiseren van het (administratief) product c.q. project. b.De (deel)budgethouder rapporteert bij (dreigende) budgetoverschrijding ingevolge een voorgenomen aanbesteding of opdrachtverlening aan het college. Deze beslist of tot aanbesteding of opdrachtverlening mag worden overgegaan. c.De (deel)budgethouder maakt in de eerstvolgende managementrapportage melding van de resultaten van de aanbestedingsprocedure. d.Onverminderd het bepaalde in lid b, mogen verplichtingen slechts worden aangegaan nadat de (deel)budgethouder heeft geconstateerd dat er sprake is van een toereikend budget en het aangaan van die verplichtingen direct verband houdt met de taakstelling. e.Verplichtingen mogen alleen worden aangegaan met inachtneming van geldende gemeentelijke regelingen. f.De (deel)budgethouder is verantwoordelijk voor de uitgaven respectievelijk inkomsten die voortvloeien uit de door hem aangegane verplichtingen, respectievelijk rechten, zulks met inachtneming van te stellen eisen aan de interne controle, functiescheiding en overige zaken de administratieve organisatie betreffende. g.Bestedingen ten laste van een budget kunnen alleen plaatsvinden met schriftelijke toestemming, in de vorm van een elektronische paraaf, van de aangewezen (deel)budgethouder c.q. toeleverancier. Daarbij wordt aangegeven ten laste c.q. ten gunste van welk administratief product c.q. project en kostensoort de betalingsopdracht/ inningsopdracht moet worden geboekt. h.De (deel)budgethouder zorgt voor een bedrijfseconomische inzet van de ter beschikking gestelde middelen en legt verantwoording af in het kader van de budgetcyclus. i.De toeleverancier is verantwoordelijk voor de te verrichten activiteiten tegen de maximaal afgesproken kosten en kwaliteit van de toelevering. j.De toeleverancier verstrekt al of niet op verzoek tijdige en betrouwbare informatie aan de budgethouder ten einde de budgethouder in de gelegenheid te stellen verantwoording af te leggen overeenkomstig deze regeling. Artikel6Overige instructies a.De budgethouder draagt zorg dat in zijn budget ruimte is opgenomen voor de toelevering en draagt daarvoor de verantwoordelijkheid. b.De master-budgethouder kan ondermandaat verlenen aan het hoofd van een afdeling voor het verrichten van activiteiten ten behoeve van een (administratief) product c.q. project, waarvoor het hoofd geen budgethouder is. c.De budgethouder kan ondermandaat verlenen aan een deel-budgethouder, die niet tot zijn organisatie-onderdeel behoort als er op basis van een bestuursopdracht sprake is van een project en in de bestuursopdracht is vastgelegd dat de deel-budgethouder is aangewezen als projectleider. d.De (deel)budgethouder draagt er zorg voor dat hij permanent inzicht heeft in de omvang van de verplichtingen die door hem zijn aangegaan. e.De (deel)budgethouder is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van prestatiegegevens, zoals normen, kengetallen etc. en verschaft hieromtrent de nodige informatie. Hij is tevens verantwoordelijk voor de kwaliteit van de te realiseren beleidsproducten. f.De (deel)budgethouder is verplicht voorcalculaties te leveren ten aanzien van het (administratieve) product c.q. project met bijbehorend budget waarvoor hij verantwoordelijk is. g.De budgethouder maakt via de DVO afspraken met de toeleverancier wat toegeleverd zal worden en tegen welke kosten en kwaliteit die toelevering zal geschieden. h.De (deel)budgethouder ziet er op toe, dat op de juiste wijze tijdsinzicht wordt verkregen ten aanzien van de verrichte activiteiten. i.De deelbudgethouder kan slechts ondermandaat verlenen voor de aan hem toevertrouwde budgetten voor zover het de operationele inkoopfunctie betreft. Artikel7Informatie master-budgethouder De master-budgethouder draagt overeenkomstig de budgetcyclus zorg voor het verstrekken van periodieke informatie aan het college van burgemeester en wethouders. Artikel8Condities/ beperkingen a.Bevoegdheden ten aanzien van het budget zijn ondeelbaar in die zin dat het niet is toegestaan dat twee of meer (deel)budgethouders dezelfde integrale bevoegdheid hebben ten aanzien van een (administratief) product c.q. project. b.De functie van (deel)budgethouder is onverenigbaar met de functies van senior medewerker administratie, inkoop-coördinator en kassier, alsmede met de registrerende functie. c.Per organisatie-onderdeel en/ of per (deel)budgethouder kunnen - voor zover niet strijdig met deze regeling en/ of andere algemene regels - aan de uitoefening van het budgethouderschap condities en beperkingen worden aangebracht. d.Bij afwezigheid van de budgethouder worden de bevoegdheden ten aanzien van de budgetten uitgeoefend door de master-budgethouder of door een door de master-budgethouder aan te wijzen vervanger. e.Bij afwezigheid van de deel-budgethouder worden de bevoegdheden ten aanzien van de budgetten uitgeoefend door de naasthogere budgethouder of door een door de budgethouder aan te wijzen vervanger. Artikel9Budgetregistratie De senior medewerker administratie is verantwoordelijk voor: een adequate registratie van de budgetten overeenkomstig de opzet van de begroting en eventuele nadere afspraken die overeenkomstig artikel 4 zijn gemaakt; de kwaliteit van informatievoorziening in verband met de registratie van budgetten. Een en ander met inachtneming van - uit een oogpunt van deugdelijke administratieve organisatie - te stellen eisen aan interne controle en functiescheiding, alsmede van de geldende voorschriften. Artikel10Aanwijzing a.Medewerkers worden uit hoofde van hun functie master-budgethouder, budgethouder of deel-budgethouder. b.In de begrotingen wordt aangegeven welke functionaris (deel)budgethouder is, alsmede de budgetten die aan deze functionaris zijn toegekend. c.De in de begrotingen opgenomen (deel)budgethouders worden jaarlijks bij afzonderlijk besluit aangewezen. In het aanwijzingsbesluit vindt een verwijzing plaats naar de specificatie zoals die in de begrotingen opgenomen is. Op het niveau van de master-budgethouder wordt één besluit genomen (zie bijlage 2) en op het niveau van de budgethouders zoveel besluiten als er afdelingen zijn (zie bijlage 3). Van ieder besluit wordt één exemplaar door de betreffende functionarissen ondertekend. Door ondertekening wordt formeel vastgelegd dat de mandaatgever instemt met de in de begroting opgenomen ondermandatering en dat de gemandateerde kennis neemt van de ondermandatering. Het ondertekende besluit wordt bewaard door de senior medewerker administratie en in kopie verstrekt aan de betreffende functionarissen en de afdeling Burger en Bestuur. d.Structurele wijzigingen of aanvullingen op de aanwijzingsbesluiten worden doorlopend genummerd en ondertekend. Daarna worden deze toegevoegd aan de officiële exemplaren die in bewaring zijn bij de senior medewerker administratie en in kopie verstrekt aan de betreffende functionarissen en de afdeling Burger en Bestuur. e.Iedere budgethouder is zelf verantwoordelijk voor het tijdig aanleveren van de ondertekende versie van het aanwijzingsbesluit en wijzigingen / aanvullingen daarop. Uitsluitend op basis van de ondertekende versie is de senior medewerker administratie gemachtigd om in overeenstemming daarmee een betalingsopdracht/ inningsopdracht te verwerken. f.Bij ziekte of vervanging van de (deel)budgethouder is artikel 8 van deze regeling van toepassing. In die gevallen kan volstaan worden met een schriftelijke mededeling omtrent de vervanging van de naasthogere budgethouder aan de senior medewerker administratie. Die mededeling wordt toegevoegd aan de officiële exemplaren die in bewaring zijn bij de senior medewerker administratie. g.De aanwijzing van toeleveranciers vindt plaats in de betreffende DVO. De artikelen 10c tot en met 10f zijn hierop van overeenkomstige toepassing. Artikel11Overige regelingen De (deel)budgethouders en toeleveranciers dienen tevens rekening te houden met de regelen zoals die in het kader van de beschrijving van de administratieve organisatie en interne controle zijn gesteld en alle overige regelingen betrekking hebbend op de organisatie van de administratie en het beheer van vermogenswaarden. Artikel12Geschillen Geschillen tussen de budgethouder en de toeleverancier worden door de budgethouder onverwijld voorgelegd aan de algemeen directeur. De algemeen directeur neemt of een beslissing of legt het geschil voor aan het college van burgemeester en wethouders. Burgemeester en wethouders voornoemd, de secretaris, drs. A.F. Peterson de burgemeester, drs. H.H. Apotheker Artikelsgewijze toelichting regeling budgethouders begroting en kredieten. Artikel1Begripsbepalingen Budget: Budgetten kunnen betrekking hebben op baten en lasten van zowel de exploitatie, de kostenplaatsen als de investeringen. Wat betreft “ de daarbij behorende taakstelling” wordt opgemerkt dat wordt geopteerd voor een situatie waarbij de koppeling van middelen aan inhoudelijke taakstellingen (te realiseren prestaties, activiteiten, kostendekkingspercentages, kengetallen en normen) zo concreet mogelijk is. De aan het budget verbonden prestaties of activiteiten dienen zoveel mogelijk in het budget c.q. de begroting te worden opgenomen en aansluitend in de registratie en bewaking van het budget te worden betrokken. Senior medewerker administratie: De toegevoegde waarde van de administratie bestaat uit het faciliteren en het (doen) beheren van een gecertificeerde en gedigitaliseerde registratie, archivering en beschikbaarstelling van financiële en niet-financiële effect-, prestatie- en productiegegevens in overeenstemming met de door het bestuur, het management en/ of de burger gespecificeerde vraag. De senior medewerker administratie is verantwoordelijk voor het realiseren van deze toegevoegde waarde. Artikel2Master-budgethouder De master-budgethouder onderscheidt zich van een (deel)budgethouder door de omstandigheid dat hij rechtstreeks door het college van burgemeester en wethouders wordt aangewezen. De master-budgethouder draagt zijn bevoegdheden met betrekking tot de uitvoering van de aan zijn budgetten verbonden werkzaamheden op aan de afdelingshoofden, die daarmee als budgethouder optreden. Het verlenen van bevoegdheden leidt ertoe dat tussen de master-budgethouder en de budgethouder duidelijkheid ontstaat over taakstellingen, budgetten en randvoorwaarden. Onder een afdelingsplan wordt verstaan een ontwikkelingsplan voor de middellange termijn met daarin opgenomen een werkplan. Het werkplan is een voortschrijdend jaarplan voor de direct productieve uren per afdeling, dat aansluit bij de begrotingen en een opsomming bevat van primaire activiteiten met bijbehorende capaciteitsplanning, met een detaillering op het niveau van het werkoverleg/ acties voor de eerste twee kwartalen. Artikel3Ondermandaat Dit artikel biedt de mogelijkheid om te komen tot decentralisatie van bevoegdheden voor het financiële beheer naar lagere niveaus in de organisatie, waarbij die bevoegdheden nog juist op een verantwoorde wijze kunnen worden uitgeoefend. Ook wordt aandacht besteed aan de positie van een toeleverancier in het geval van een dienstverleningsovereenkomst. Door het verlenen van ondermandaat aan de (deel)budgethouder wordt deze bevoegd tot bijvoorbeeld het aangaan van overeenkomsten tot levering van goederen, aanneming en/ of verlening van diensten binnen het hem toegekende budget etc. Kortom de (deel)budgethouder is verantwoordelijk voor de uitoefening van zijn krachtens ondermandaat verkregen bevoegdheid. Deze bevoegdheid kan hij: ondermandateren aan een eigen medewerker neerleggen bij een toeleverancier in de vorm van een DVO. Ondermandatering aan een medewerker van een andere afdeling is ook mogelijk bij projecten; zie daarvoor artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.