BESLUIT van den 16en October 1946, ter uitvoering van artikel 2 van de „Gouvernements-Werkliedenverordening 1944” (P.B. 1944 no. 197) Artikel1 Dit reglement is van toepassing op alle personen, die als werkman zijn aangesteld. Artikel2 1.Behalve de bepalingen van dit reglement zijn op den werkman van toepassing de bijzondere voorschriften, voor elken tak van dienst door het of vanwege het bevoegde gezag vastgesteld. De hier bedoelde bijzondere voorschriften zullen noch naar den letter noch naar den geest in strijd mogen zijn met de bepalingen van dit reglement. 2.Het hoofd van elke dienst zorgt, dat een exemplaar van de bijzondere voorschriften voor zijn tak van dienst en van de werkroosters, genoemd in artikel 15, steeds duidelijk zichtbaar en leesbaar zijn opgehangen op de plaatsen waar hij zulks doelmatig acht. Artikel3 Waar in dit reglement gesproken wordt van „feestdagen”, worden daarmede bedoeld; de nieuwjaarsdag; de datum vallende na de, in ieder eilandgebied afzonderlijk, gehouden Carnavalsoptocht; de Goede Vrijdag; de Christelijke tweede Paasdag; de Hemelvaartsdag; de dag waarop de verjaardag van de Koningin officieel wordt gevierd; de dag waarop dag van de arbeid (1 mei) officieel wordt gevierd; de datum 15 december (“Koninkrijksdag, dan wel Dia di Reino, dan wel Kingdom Day”). de eerste en tweede Kerstdag; de datum 18 maart voor wat betreft het eilandgebied Aruba; de datum 6 september voor wat betreft het eilandgebied Bonaire; de datum 2 juli voor wat betreft het eilandgebied Curaçao; dat datum 11 november voor wat betreft het eilandgebied Sint Maarten; dat datum 16 november voor wat betreft het eilandgebied Sint Eustatius; de eerste vrijdag in de maand december voor wat betreft het eilandgebied Saba, alsmede de dagen, welke in elk bijzonder geval uitdrukkelijk als zodanig door de Gouverneur respectievelijk het Bestuurscollege worden aangewezen. Artikel4 1.De werkman is verplicht te allen tijde en met ijver en nauwgezetheid dat hem opgedragen werkzaamheden te volbrengen, de bepalingen van dit reglement en van de bijzondere voorschriften voor den tak van dienst, waarbij hij werkzaam is na te leven en stiptelijk de bevelen, hem door de boven hem gestelden gegeven, op te volgen. 2.Ingeval de werkman verhinderd is werkzaamheden te verrichten, geeft hij hiervan zoo mogelijk v??r den aanvang van den eersten te verzuimen werktijd, doch uiterlijk binnen twee dagen, met opgave der redenen, schriftelijk kennis aan het hoofd van dienst, of aan dengene, die daarvoor bij de bijzonder voorschriften is aangewezen. 3.De werkman mag zonder vergunning van het hoofd van dienst geen loonarbeid voor anderen verrichten of handel drijven. Artikel5 1.Het bevoegde gezag kan den werkman verplichten op te wonen binnen zekeren afstand van de plaats, waar hij zijn werkzaamheden gewoonlijk heeft te verrichten. 2.De werkman, die in verband met de uitoefening van zijn dienst door het bevoegde gezagverplicht wordt te verhuizen, ontvangt een door het bevoegde gezag te bepalen vergoeding voor verhuiskosten en voor eventueele schade in verband met een door met te voren gesloten huurovereenkomst, doch te zamen tot geen hooger bedrag dan 10 procent van zijn jaarloon. 3.Aan den werkman, wien de verplichting bedoeld in het eerste lid is opgelegd, kan door het bevoegde gezag een wekelijksche vergoeding worden toegekend ten bedrage van de meerdere huurkosten, die naar diens oordeel noodzakelijk zijn. Artikel6 De werkman is verplicht als plaatsvervanger op te treden van een afwezige werkman, ongeacht de tak van dienst, waartoe laatstbedoelde behoort, met dien verstande dat hem geen werkzaamheden mogen worden opgedragen, welke in verband met zijn persoonlijkheid en omstandigheden redelijkerwijs niet van hem mogen worden gevergd. Artikel7 1.Aan de werkman wordt het voor zijn werk benodigde materiaal verstrekt. Gereedschap wordt slechts verstrekt, voorzover het Hoofd van dienst dit nodig oordeelt. Hij is voor dit gereedschap en materiaal verantwoordelijk. 2.Het hoofd van dienst bepaalt het bedrag der vergoeding wegens weggeraakt of beschadigd gereedschap en materiaal. Artikel8 1.De werkman is aansprakelijk voor alle schade door hem opzettelijk of door grove schuld veroorzaakt bij de uitoefening van den dienst. 2.Het bevoegde gezag bepaalt het bedrag der schadevergoeding bij beschikking, waarvan afschrift wordt gezonden aan de instantie belast met de comptabele administratie van de Nederlandse Antillen onderscheidenlijk het eilandgebied. Het bevoegde gezag kan de in de vorige zin bedoelde bevoegdheid aan bij beschikking aan te wijzen functionarissen overdragen. Artikel9 Het is den werkman verboden in dienst alcoholischen drank te gebruiken. Artikel10 1.De werkman, die naar het oordeel van de daartoe in de bijzondere voorschriften aangewezen ambtenaren zich hinderlijk gedraagt of tengevolge van gebruik van alcoholischen drank niet in staat is de hem opgedragen werkzaamheden uit te voeren, wordt geschorst en kan gedurende dien dag niet meer te werk worden gesteld. 2.Evenzoo kan geschorst worden de werkman, die verdacht wordt van eenig misdrijf, of die door zijn gedragingen ernstige stoornis in den gang der werkzaamheden veroorzaakt. 3.Over de werkuren, gedurende welke de werkman om reden als vorenbedoeld geschorst is geweest, ontvangt hij geen loon. Indien de schuld van den van eenig misdrijf verdachte niet is gebleken, wordt hem onder schriftelijk mededeeling daarvan, het loon geheel uitbetaald. 4.Bij verzuim van werkuren of gedeelten daarvan binnen de bij werkrooster vastgestelden tijd wordt den werkman betaling gekort over het aantal verzuimde uren. Artikel11 1. De werkman, die bericht heeft ziek te zijn, is verplicht zicht te onderwerpen aan een onderzoek door een of meer door het bevoegde gezag aangewezen geneeskundigen. Indien de werkman zich niet heeft onderwerpen aan het bovenbedoelde onderzoek, dan wel de geneeskundige(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.